Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-201822054 nr. 298

22 054 Wapenexportbeleid

Nr. 298 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN EN VOOR BUITENLANDSE HANDEL EN ONTWIKKELINGSSAMENWERKING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 1 juni 2018

Op 18 mei jl. verzocht de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken om een schriftelijke reactie over de uitvoering motie Karabulut en Van Ojik over communicatieapparatuur uit Nederland in tanks van Saudi-Arabië1.

Deze motie, door uw Kamer op 24 april jl. aangenomen (Handelingen II 2017/18, nr. 77, item 26), verzoekt het kabinet om te onderzoeken of (1) communicatieapparatuur in tanks van Saudi-Arabië is terechtgekomen en of (2) maatregelen genomen kunnen worden om dit in de toekomst te voorkomen.

Het eerste verzoek is ter hand genomen en het onderzoek is gaande. Hierbij geeft het kabinet al op voorhand aan dat het zeer goed mogelijk is dat de communicatieapparatuur in tanks van Saudi-Arabië is ingebouwd. Het betreft een niet vergunningplichtig intercomsysteem, dat meerdere toepassingen kent, zowel militaire als civiele (bijvoorbeeld in treinen).

Ten aanzien van het tweede verzoek, verwijs ik graag naar de brief2 van 24 juni 2016 waarin werd aangegeven dat de lijst van militaire goederen en conventioneel militaire dual-use goederen wordt vastgesteld in multilateraal verband, in dit geval in het Wassenaar Arrangement. Ook is toentertijd door Nederland een eventuele vergunningplicht van het Sotas-systeem besproken met Wassenaar regimepartners. Hieruit bleek dat er geen draagvlak voor een vergunningplicht bestond, met als belangrijkste argument: het Sotas-systeem is gebaseerd op vrij verkrijgbare, volwassen technologie die breed wordt toegepast in vele civiele sectoren.

Het kabinet zal een mogelijke vergunningplicht van het Sotas-systeem opnieuw met Wassenaar regimepartners bespreken. Het kabinet acht de kans op een positieve uitkomst echter niet groot, gezien die hierboven geschetste achtergrond.

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok

De Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, S.A.M. Kaag


X Noot
1

Kamerstuk 32 623, nr. 204

X Noot
2

Kamerstuk 22 054, nr. 276