Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 december 2011
In het Algemeen Overleg met de Vaste Commissie Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 28 september jongstleden heeft de minister
van SZW toegezegd (kamerstuk 21 501-31, nr. 258) voor het einde van het jaar uw Kamer nader te informeren over elektrogevoeligheid en elektromagnetische velden (EMV).
De minister heeft toegezegd te zullen overleggen met de minister van VWS over de gevolgen van de concept EU-richtlijn EMV,
in het bijzonder voor groepen die gevoelig zijn voor straling en de Kamer te zullen informeren over de gegevens die hierover
bekend zijn.
Mede namens de minister van VWS volgt hieronder mijn reactie.
Blootstelling van de algemene bevolking
Blootstelling aan elektromagnetische velden is een algemeen verschijnsel in het dagelijks leven (draadloze telefonie, dataverkeer,
zenders, elektriciteit). De blootstellingsniveaus zijn zo laag dat er geen gezondheidseffecten optreden.
Er zijn echter mensen die gezondheidsklachten hebben die zij zelf relateren aan deze dagelijkse blootstelling. Dit wordt elektrogevoeligheid
of elektrohypersensitiviteit genoemd.
De Gezondheidsraad besteedt in adviezen1 en jaarberichten2, 3, 4 ruim aandacht aan deze gezondheidsklachten. Het gaat om uiteenlopende niet-specifieke gezondheidsklachten waarvoor geen medische
verklaring en geen algemeen erkend ziektebeeld bestaat. De Gezondheidsraad concludeert uit de beschikbare wetenschappelijke
gegevens dat er tot op heden geen oorzakelijk verband is aangetoond tussen deze blootstelling en het optreden van klachten.
Dit neemt niet weg dat het van belang is om onderzoek te blijven doen naar de oorzaak van deze klachten. Pas als aangetoond
is dat er oorzakelijke verbanden zijn tussen blootstelling en gezondheidsklachten acht ik het mogelijk om wettelijke maatregelen
te overwegen.
Blootstelling van werknemers
Werknemers kunnen in arbeidsomstandigheden worden blootgesteld aan sterke bronnen van elektromagnetische velden. In een beperkt
aantal gevallen, zoals bij interventie-MRI, weerstandslassen, inductieovens en onderhoud aan een omroepzender, kunnen gezondheidseffecten
optreden. Bij lage frequenties (samenhangend met onder meer de elektriciteitsvoorziening) gezondheidseffecten ten gevolge
van elektrische stimulatie van zintuigen, zenuwen en spieren; bij hoge frequenties (bijvoorbeeld bij grote zendinstallaties)
gezondheidseffecten ten gevolge van opwarming van het lichaam of delen daarvan. Beide zijn dit wetenschappelijk aangetoonde
effecten die direct bij of kort na blootstelling optreden.
Als de elektromagnetische velden sterk genoeg zijn, kan elektrische stimulatie leiden tot een schrikreactie, tintelingen,
pijn of hartritmestoornissen. Deze effecten verdwijnen bij het stoppen van de blootstelling. Voor de opwarming van weefsel
geldt dat niet in alle gevallen. Met name de ooglens is gevoelig voor opwarming. Als de elektromagnetische velden te sterk
zijn, kan dit bijvoorbeeld leiden tot een onomkeerbare troebeling van de lens.
Voor genoemde gezondheidseffecten, elektrische stimulatie en opwarming, heeft de ICNIRP5 internationale aanbevelingen voor grenswaarden van blootstelling opgesteld. Onder deze grenswaarden komen de effecten niet
voor.
De Europese Commissie heeft in juni 2011 een voorstel voor een richtlijn met een limietstelsel voor de bescherming van de
werknemer tegen deze effecten van elektromagnetische velden aangeboden aan de Europese Raad en Parlement. Dit voorstel is
gebaseerd op genoemde ICNIRP-aanbevelingen.
Het richtlijnvoorstel is nu in behandeling in de Raadswerkgroep Sociale Vraagstukken en in de Commissie Werkgelegenheid en
Sociale Zaken van het Europees Parlement.
Andere effecten van blootstelling aan elektromagnetische velden zijn niet wetenschappelijk aangetoond. Er wordt veel onderzoek
gedaan naar bijvoorbeeld het ontstaan van bepaalde tumoren of de ziekte van Alzheimer door blootstelling aan elektromagnetische
velden, maar alles bij elkaar genomen is er geen overtuigende en consistente relatie aangetoond tussen blootstelling en gezondheidseffecten.
De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
P. de Krom