Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-28 nr. 308 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.
Officiële publicaties van de overheid.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-28 nr. 308 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 12 augustus 2026
Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda voor de informele Raad Buitenlandse Zaken Defensie (iRBZ DEF) met de Ministers van Defensie van 31 augustus en 1 september 2026 in Ierland. Tijdens deze iRBZ DEF wordt gesproken over steun aan Oekraïne, ruimte (space) in het veiligheids- en defensiedomein, ontwikkelingen in Libanon en maritieme veiligheid. De Staatssecretaris van Defensie is aanwezig bij deze bijeenkomst. Daarnaast informeer ik, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, uw Kamer middels deze brief dat vier functionarissen van de Koninklijke Marechaussee van 14 augustus tot en met 30 september 2026 een bijdrage zullen leveren aan de European Union Rule of Law Mission (EULEX) in Kosovo.
Geannoteerde Agenda iRBZ DEF
Steun aan Oekraïne
Tijdens de iRBZ DEF wordt gesproken over militaire steun aan Oekraïne, inclusief steun vanuit de Europese Vredesfaciliteit (EPF). Het is positief dat Hongarije de blokkade op militaire steun via de EPF heeft opgeheven. Over de besteding van de 6,6 miljard euro die hierdoor vrijkomt vindt momenteel besluitvorming plaats in Brussel. Nederland pleit voor snelheid bij besluitvorming en zet zich in voor een combinatie van compensatie voor reeds geleverde steun, nieuwe steun aan Oekraïne en het reserveren van voldoende middelen voor EUMAM Oekraïne. Compensatie van geleverde steun is belangrijk voor het vertrouwen van lidstaten in het EPF-instrument.
Ook de implementatie van de EU-leningen voor steun aan Oekraïne van 90 miljard euro staat op de agenda. Voor het kabinet staan bij de besteding van de steunleningen de urgente militaire noden van Oekraïne voorop. Aanvullend op deze hulp vanuit de EU, blijft ook significante bilaterale steun door alle lidstaten urgent en noodzakelijk. Nederland zal de andere lidstaten in deze context wijzen op lastendeling. Voorop staat dat Oekraïne militair, financieel, politiek en humanitair gesteund moet blijven, zowel via de EU als bilateraal. Tegelijkertijd moet de druk op Rusland worden verhoogd door snelle aanname van aanvullende sanctiemaatregelen. Daarnaast zal een uitwisseling plaatsvinden over de toekomst van de EU-trainingsmissie voor Oekraïne (EUMAM), vooruitlopend op de jaarlijkse strategische herziening. Het opleiden van Oekraïense militairen ter versterking van de Oekraïense krijgsmacht zodat zij zich blijvend kunnen verdedigen is een absolute noodzaak. Nederland blijft doorlopend bezien op welke wijze het beste invulling gegeven kan worden aan de trainingsbehoefte vanuit de Oekraïense krijgsmacht.
Voor de sessie over steun aan Oekraïne zijn Oekraïne (waarnemend Minister van Defensie Yevhenii Khmara), de NAVO (SG Mark Rutte) en het Europees Parlement (SEDE voorzitter Marie-Agnes Strack-Zimmermann) uitgenodigd.
Ruimte in het veiligheids- en defensiedomein
Tijdens de werksessie over ruimte in het veiligheids- en defensiedomein komt de implementatie van de EU Space Strategy for Security and Defence (EUSSSD) aan de orde. Onder dit punt wordt onder andere ingegaan op welke ruimtecapaciteiten de EU-lidstaten nodig hebben om een internationale macht in het ruimtedomein te zijn. Verder ligt de vraag voor hoe de lidstaten samen kunnen garanderen dat de benodigde ruimtetoepassingen (zoals satellieten voor observatie, navigatie, communicatie en plaatsbepaling) consistent beschikbaar blijven ter ondersteuning van de (Europese) veiligheid en defensie, ook in crisistijd. Nederland stimuleert in Europees verband verdere samenwerking van de ontwikkeling van de benodigde militaire capaciteiten in de ruimte. Nederland onderschrijft daarbij eveneens het belang van versterkte EU-NAVO samenwerking. Hierdoor vergroten we de Nederlandse en Europese autonomie en weerbaarheid en versterken we ook internationaal onze positie.
Actualiteiten: Libanon en maritieme veiligheid
De Hoge Vertegenwoordiger zal de Raad, in het bijzijn van Verenigde Naties (VN) ondersecretaris-generaal voor Vredesoperaties, Jean-Pierre Lacroix, bijpraten over de situatie in het Midden-Oosten en de implicaties voor Europese veiligheid en defensie. Hieronder vallen ook, zoals eerder besproken tijdens de RBZ van 12 mei jl., de voorbereidingen op de voorziene EU Gemeenschappelijk Veiligheids- en Defensiebeleid (GVDB)-missie in Libanon. Nederland steunt het opstarten van een EU-missie in Libanon, die zowel een militaire als een civiele pilaar zal omvatten en naar verwachting eind 2026 zal starten. Daarnaast benadrukt Nederland het belang van goede aansluiting en samenhang met de inspanningen van de VN via de vredesmissie UNIFIL en bilaterale steuninitiatieven. Ook pleit Nederland voor realisme voor wat betreft de beoogde scope, exit-strategie en capaciteit van de missie.
Actualiteiten: maritieme veiligheid
Daarnaast zal de Raad onder het agendapunt «actualiteiten» spreken over het bevorderen van maritieme veiligheid, waaronder het borgen van de vrije doorvaart en het beschermen van kritieke maritieme infrastructuur. Daarbij staat de zichtbare groeiende politisering van strategisch vaarwater centraal, evenals de afname van de vanzelfsprekendheid waarmee bestaande maritieme kaders worden gerespecteerd. Hiervoor is een uniforme reactie nodig vanuit de EU en lidstaten richting actoren die deze belangen in gevaar brengen. Nederland werkt op dit vlak intensief samen met andere EU-lidstaten. Zoals op 5 augustus aan uw Kamer gemeld, blijft Nederland nauw betrokken bij de militaire planning van de Multinational Military Mission for the Strait of Hormuz (MMM-SOH) voor het waarborgen van vrije doorvaart in de Straat van Hormuz onder leiding van het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.1 Nederland draagt bij aan de voorbereiding op een eventuele inzet in de Straat van Hormuz door het initiële Force Headquartersaan boord te nemen van Zr.Ms. De Ruyter.
Naar verwachting zal tevens worden stilgestaan bij de aanpak van de Russische schaduwvloot. Om de dreigingen van de schaduwvloot adequaat aan te pakken, verwelkomt Nederland dat lidstaten zoeken naar versterkte handhavingsmogelijkheden, onder meer via aanpassing van nationale wetgeving. Ook binnen de Nederlandse wetgeving zijn de mogelijkheden om op te treden buiten onze territoriale wateren beperkt. Om die reden heeft het kabinet op 10 juli jl. een wijziging van de Wet buitenlandse schepen en enkele andere wetten naar de Raad van State gestuurd voor advies. Deze wetswijziging is onder andere gericht op het tegengaan van varen zonder nationaliteit (varen zonder vlag of met een valse vlag). Het kabinet verwacht het wetsvoorstel spoedig na het zomerreces aan uw Kamer aan te bieden.
Overig
EULEX Kosovo
Vier functionarissen van de Koninklijke Marechaussee van 14 augustus tot en met 30 september 2026 een bijdrage zullen leveren aan de European Union Rule of Law Mission (EULEX) in Kosovo, als onderdeel van een Reserve Formed Police Unit (RFPU) vanuit EUROGENDFOR. De RFPU zal de missie en het lokale gezag ondersteunen rondom mogelijke sociale onrust naar aanleiding van de gerechtelijke uitspraken begin september van de Kosovo Specialist Chambers (KSC) tegen voormalige leiders van de Kosovo Liberation Army (KLA). Deze inzet sluit aan op de reeds lopende bijdrage vanuit het nationaal kader voor civiele functionarissen voor EULEX Kosovo en het EU-kantoor in Kosovo. De kosten voor de bijdrage worden geraamd op € 60.000 en worden gefinancierd uit het Budget Internationale Veiligheid (BIV).
De Minister van Defensie, D. Yeşilgöz-Zegerius
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-21501-28-308.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.