Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 23 september 2016
Hierbij bied ik u aan, mede namens de Minister-President, het verslag van de informele
bijeenkomst van Europese staatshoofden en regeringsleiders van 16 september 2016 te
Bratislava
De Minister van Buitenlandse Zaken,
A.G. Koenders
VERSLAG VAN DE INFORMELE BIJEENKOMST VAN STAATSHOOFDEN EN REGERINGSLEIDERS VAN 27
EU-LIDSTATEN TE BRATISLAVA, 16 SEPTEMBER 2016
Op 16 september kwamen de staatshoofden en regeringsleiders van 27 lidstaten van de
EU informeel bijeen in Bratislava om zich zonder aanwezigheid van het VK te beraden
over de uitkomst van het Britse referendum d.d. 23 juni (Kamerstuk 23 987, nr. 158). De bijeenkomst vond plaats onder voorzitterschap van de voorzitter van de Europese
Raad, Donald Tusk, en in bijzijn van de voorzitter van de Europese Commissie, Jean-Claude
Juncker. Directe aanleiding voor het samenzijn lag in het appèl van de Europese Raad
van 28 en 29 juni (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1129) om te komen tot een reflectieproces over de toekomst van de EU.
De inzet van het kabinet voor deze eerste bijeenkomst van dit reflectieproces ging
u toe per kamerbrief van 9 september jl. (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1143). De bijeenkomst te Bratislava werd afgesloten met een verklaring (in bijlage)1. Het proces zal worden voortgezet met vervolgbijeenkomsten in de marge van de Europese
Raden van oktober en december 2016. Voorts zullen de voornoemde staatshoofden en regeringsleiders
begin 2017 opnieuw bijeenkomen in Valletta, Malta, en bij gelegenheid van de bijeenkomst
over 60 jaar Verdrag van Rome in maart 2017.
De 27 staatshoofden en regeringsleiders waren het eens over de grote waarde van de
EU voor veiligheid, welvaart en welzijn op het continent. In een brede discussie werd
van gedachten gewisseld over de agenda van de komende maanden en over de noodzaak
om helder te maken waar de meerwaarde van de EU ligt. Er bestond grote consensus over
de drie thema’s migratie en buitengrenzen, interne en externe veiligheid, en economische
en sociale ontwikkeling, met extra aandacht voor de positie van jongeren. Kortheidshalve
wordt hierbij aanvullend verwezen naar voornoemde verklaring met daarin de werkagenda
(«Bratislava roadmap») waarin deze onderwerpen nader worden omschreven2.
Tegelijkertijd werd ook duidelijk dat de verschillen van inzicht over de invulling
van deze prioriteiten niet verdwenen zijn. Zo willen sommige leiders meer nadruk leggen
op het onverkort nakomen van bestaande verplichtingen op het gebied van relocatie
en hervestiging, terwijl anderen meer resultaten willen zien bij verbeterde handhaving
van het grenstoezicht. Hetzelfde gold de verdere vormgeving van de samenwerking op
het terrein van externe veiligheid en defensie. Ook op economisch terrein bestonden
verschillende inzichten. Deze betroffen onder meer de timing van en nadruk op de wenselijkheid
van de inzet van EU-instrumenten voor de bevordering van bijvoorbeeld investeringen
en de aanpak van jeugdwerkloosheid, en de noodzaak om op nationaal niveau onverminderd
voort te gaan op het pad van structurele hervormingen en begrotingsconsolidatie. Leiders
onderstreepten het belang van spoedige ratificatie van het klimaatverdrag van Parijs.
In lijn met de kabinetsinzet vroeg Nederland aandacht voor een effectieve uitvoering
van de migratie-afspraken, waaronder op het gebied van hervestiging en herplaatsing,
grensbewaking en de migratie compacts. De Minister-President riep ertoe op bij de Europese defensiesamenwerking een pragmatische
en realistische benadering te kiezen. Daarnaast onderstreepte hij het belang van een
effectieve uitvoering van de afspraken op het gebied van interne markt zoals overeengekomen
op de Europese Raad van 28 en 29 juni jl. zodat de voordelen van een verdere verdieping
van de interne markt aan iedereen ten goede komen.
Alle aanwezigen waren het erover eens dat de EU beter moet functioneren om de uitdagingen
van de toekomst gezamenlijk aan te pakken. In lijn met het Nederlandse streven voor
betere naleving van gemaakte afspraken in de EU, zoals ook tot uitdrukking is gekomen
tijdens het Nederlandse EU-voorzitterschap (o.a. Kamerstuk 34 139, nr. 18), benadrukte de Minister-President het belang om te komen tot versterking van bestaande
mechanismes voor het bevorderen van de implementatie van genomen besluiten. Voor dit
uitgangspunt in het bijzonder bleek brede overeenstemming te bestaan.
Op basis van voornoemde werkagenda zullen de voorzitters van de Europese Raad, de
Europese Commissie en de Raad gedrieën met prioriteit vervolg geven aan de uitvoering
van bovenstaande thema’s, bouwend op bestaande maatregelen en initiatieven. De volgende
bijeenkomsten zullen de gelegenheid bieden voor een evaluatie van concrete voortgang
en zo nodig het geven van nieuwe impulsen voor vervolgacties. De Europese Raad van
20–21 oktober a.s. biedt daartoe een eerste mogelijkheid. De inzet van het kabinet
zal uw Kamer tijdig langs gebruikelijke weg toegaan.