21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1308 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 september 2015

Hierbij zend ik u het verslag van de Eurogroep en informele Ecofinraad van 11 en 12 september 2015.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem

Verslag van de Eurogroep en informele Ecofinraad van 11 en 12 september te Luxemburg

Eurogroep

1. Economische situatie

De Eurogroep heeft kort gesproken over de huidige economische situatie. De Europese Commissie meldde bij monde van eurocommissaris Moscovici dat de groei van de eurozone over het algemeen in lijn is met de verwachtingen en dat in november een nieuwe raming beschikbaar komt. Tevens noemde hij het nodig om de economie te blijven versterken. Dit dient binnen de huidige spelregels van de monetaire unie te gebeuren, bijvoorbeeld door het promoten van investeringen en groeiversterkende structurele hervormingen.

2. Griekenland

De Eurogroep heeft gesproken over de stand van zaken in Griekenland met het oog op de parlementsverkiezingen van zondag 20 september. De Griekse Minister van Financiën zei dat het demissionaire parlement geen wetgeving kon behandelen, maar dat de interim-regering wel bezig is met de voorbereiding van nieuwe wetgeving om maatregelen uit het steunprogramma uit te voeren. Tevens is er gesproken over de tijdsplanning na de verkiezingen, waarbij de voorzitter van de Eurogroep concludeerde dat het wenselijk is om eventuele vertraging van het programma als gevolg van de verkiezingen zo beperkt mogelijk te houden om het herstel van de Griekse economie te bespoedigen.

3. Cyprus

De Europese Commissie, de ECB en het IMF hebben de Eurogroep geïnformeerd over de resultaten van de zevende voortgangsmissie. Over deze voortgangsmissie wordt de Tweede Kamer separaat geïnformeerd. De Eurogroep heeft de vooruitgang verwelkomd en in principe ingestemd met het geüpdate Memorandum of Understanding en de uitkering van de bijbehorende tranche van het ESM van 500 mln, gepland voor begin oktober. Tevens heeft de Eurogroep een verklaring uitgegeven over de afronding van de zevende voortgangsmissie. Deze verklaring is bijgevoegd1.

4. Thematische discussie over belastingdruk op arbeid

De Eurogroep heeft gesproken over de hoge belastingdruk op arbeid en over de vraag hoe via hervormingen van nationale fiscale stelsels deze belastingdruk te verlagen. Een lagere belastingdruk op arbeid kan helpen om groei en werkgelegenheid te bevorderen en kan bijdragen tot een beter functioneren van de EMU. De Eurogroep was het er over eens dat het benchmarken van de belastingdruk op arbeid in de verschillende eurolanden een goede manier is om de noodzaak tot hervormingen in de lidstaten (en de eurozone als geheel) onder de aandacht te brengen en hervormingen te bevorderen. Ook het blijvend uitwisselen van best practices is hier een onderdeel van. Er is afgesproken dat de belastingdruk op arbeid wordt vergeleken met het gemiddelde in de EU voor verschillende groepen werknemers, zoals een werknemer met een gemiddeld en met een laag loon. Ook het OECD-gemiddelde wordt meegenomen in de vergelijking. Op deze manier ontstaat er een simpele, meetbare benchmark waar beleidsmakers invloed op hebben. De Commissie zal de benchmark meenemen in de reguliere processen van het Europees Semester; het komt vooraleerst aan bod bij de beoordeling door Commissie van de conceptbegrotingen in november.

De Eurogroep is het er over eens dat de belastingdruk op arbeid verbonden is met andere aspecten in de arbeidsmarkt van lidstaten, zoals de economische situatie, de werkgelegenheidsniveaus, demografische factoren en de inrichting van het sociale zekerheidssysteem. Bij het verminderen van de belastingdruk op arbeid dienen ook deze factoren een rol te spelen in de meest geschikte benadering. Tevens zal bij het verlagen van de belastingdruk op arbeid rekening moeten worden gehouden met de afspraken zoals gemaakt in het Stabiliteits- en Groeipact.

De Eurogroep heeft een verklaring aangenomen over het verlagen van de belastingdruk op arbeid en deze benchmark. De verklaring van de Eurogroep is bijgevoegd bij dit verslag2.

5. Banking Union euro area aspects

Er is kort gesproken over de implementatie van de BRRD en de ratificatie van de IGA. Eurocommissaris Dombrovskis heeft een overzicht gegeven van de stand van zaken van de implementatie in de verschillende lidstaten. Tevens is het belang van tijdige implementatie en ratificatie benadrukt in het kader van de vervolmaking van de bankenunie.

6. AIIB

De Eurogroep heeft kort gesproken over de recente ontwikkelingen bij de AIIB, in het bijzonder over de verdeling van de kiesgroepen met het oog op het vormen van een eurozonekiesgroep. Ook het mogelijke rotatiesysteem kwam hierbij aan bod. Over deze verdeling wordt de komende weken verder gesproken.

Ecofinraad

1. Klimaatfinanciering

Van 30 november t/m 11 december 2015 vindt de internationale klimaattop in Parijs plaats. In voorbereiding hierop worden tijdens de Ecofinraad van 10 november Raadsconclusies aangenomen over Klimaatfinanciering. Het Luxemburgs voorzitterschap heeft deze informele Ecofinraad gebruikt om te spreken over het belang van de klimaatonderwerpen, de verantwoordelijkheid van de Ecofinraad hierin en om van gedachten te wisselen over klimaatfinanciering. Na inleidende presentaties van onderzoeksbureau Bruegel en de Europese Investeringsbank is gesproken over hoe de EU en de lidstaten de transparantie en inzichtelijkheid kunnen vergroten van de bijdrage aan de collectieve inspanningsplicht van $ 100 mld. in 2020. Hierbij zijn geen conclusies getrokken. Wel is benadrukt dat klimaatfinanciering uit zowel publieke als private bronnen mag komen en dat er meer mechanismen moeten zijn via welke private partijen investeren in klimaatfinanciering.

2. Minimum effectieve belastingheffing

De informele Ecofinraad heeft gesproken over het minimum effectief belastingniveau. De gedachte hierachter is om bovenop de anti-BEPS maatregelen een minimum effectieve belastingheffing te introduceren. Het is een vervolg op de discussie hierover die opkwam in de aanpassing van de Interest & Royalty Richtlijn. Diverse sprekers lieten een verschillend geluid horen over het nut van een minimum belastingniveau. Aan de ene kant benadrukten enkele sprekers dat een minimum belastingniveau gewenst is, mede met het oog op het voorkomen van belastingontwijking. Aan de andere kant werd benadrukt dat het lidstaten vrij zou moeten staan het eigen belastingniveau te bepalen, onder meer uit het oogpunt van competitiviteit en de soevereiniteit van de lidstaten op dit punt. Nederland heeft aangegeven dat de focus moet liggen op de anti-BEPS maatregelen. Hoewel er over het algemeen overeenstemming was over het belang van het tegengaan van belastingontwijking en het nut van competitiviteit, bleven lidstaten het oneens over de vraag of het verplichten van een minimum belastingniveau de oplossing is.

Tevens is er gesproken over een EU-lijst van niet-coöperatieve fiscale jurisdicties buiten de EU, gebaseerd op nationale lijsten. Deze is opgesteld in het kader van het door de Commissie gepresenteerde «Actieplan voor een eerlijk en doeltreffend vennootschapsbelastingstelsel».3 Verschillende lidstaten vroegen om een betere en transparantere onderbouwing van de onderliggende criteria van deze lijst. Ook kwam de vraag op hoe een jurisdictie weer van de lijst af kan na verbeteringen. De Europese Commissie heeft toegezegd met een herziening van deze lijst te komen.

3. Deepening of the EMU

Er is gesproken over verdere verdieping van de EMU, mede op basis van het 5 Presidentenrapport. Allereerst zijn enkele auteurs van het rapport aan het woord gekomen om de in hun ogen belangrijkste aspecten te benoemen.

De Eurogroepvoorzitter benadrukte het belang van politieke en economische convergentie, waarbij de verschillende fases (korte- en langetermijn) in het rapport in ogenschouw moeten worden genomen. Ook benadrukte hij het belang van democratische legitimiteit. Daarnaast benadrukte hij dat de discussie over de vervolmaking van de bankenunie niet alleen over risicodeling kan gaan, maar juist ook over risicovermindering moet gaan. De ECB riep op tot verdere versterking van het institutionele raamwerk van de EMU en benadrukte het belang van de implementatie van structurele hervormingen. De Europese Commissie sprak over het belang van de economische governance en over het feit dat de korte- en de langetermijn van verdere verdieping met elkaar verbonden zijn. Het EP wees erop dat de verdieping van de EMU ingebed dient te worden in de bestaande raamwerk, en dat hier ook een rol voor het EP is weggelegd.

Tijdens de discussie die hierop volgde kwamen deze punten bij verschillende sprekers terug, waarna het voorzitterschap concludeerde dat de doelen voor de langetermijn gebruikt kunnen worden als prikkel om op de korte termijn naar oplossingen te zoeken. Ook onderschreef de voorzitter dat bij de vervolmaking van de bankenunie risicodeling samen moet gaan met risicovermindering. Ten slotte dient er te worden nagedacht over de rol van andere actoren dan de lidstaten, zoals het EP en sociale partners.

Tevens is er uitgebreid gesproken over de relatie tussen de lidstaten met en de lidstaten zonder de euro. Het belang van een open, gestructureerde dialoog, mogelijkheden voor vrijwillige participatie van niet-eurolanden en de integriteit van de gemeenschappelijke markt werd breed gedeeld.

Door de Europese Commissie is aangekondigd dat men de komende periode voorstellen zal presenteren op onderdelen van de eerste fase binnen het rapport.

4. SRF brugfinanciering

De Ecofinraad heeft gesproken over de vormgeving van brugfinanciering voor het SRF. De vraag die op tafel lag was of brugfinanciering gedurende de overgangsperiode een individuele aangelegenheid blijft, waarbij een lidstaat alleen verantwoordelijk is voor zijn eigen nationale bankensector, of dat brugfinanciering gemutualiseerd moet worden vormgegeven.

Verschillende lidstaten waaronder Nederland wezen erop dat de risico’s eerst verminderd moeten worden, voordat deze mogelijk gemutualiseerd zouden kunnen worden. De voorzitter verzocht hierop de voorzitter van het EFC te werken aan de optie om de nationale kredietlijnen per 1 januari 2016 te realiseren. Tevens zal de EFC werken aan een lijst met voorwaarden die nodig is om een common backstop via het ESM mogelijk te maken.

5. Migratie

Hoewel het onderwerp migratie niet op de agenda van deze informele Ecofinraad stond, hebben enkele lidstaten bij verschillende agendaonderwerpen ter sprake gebracht. De Europese Commissie heeft aangegeven op korte termijn met een analyse te komen van zowel de economische als de budgettaire implicaties van het huidige migratievraagstuk.


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
3

U heeft de kabinetsappreciatie over dit Actieplan ontvangen op 6 juli 2015, Kamerstuk 21 501-07, nr. 1281

Naar boven