Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201521501-07 nr. 1256

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1256 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 april 2015

Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda voor de Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 mei 2015 te Brussel.

Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of dat bepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot de volgende vergadering.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem

Geannoteerde agenda ten behoeve van de Eurogroep en Ecofinraad van 11 en 12 mei 2015

Eurogroep

1. Economische situatie

Document: Lenteraming Europese Commissie 2015 (nog niet beschikbaar)

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal de financiële en macro-economische ontwikkelingen in het Eurogebied en de lenteraming van de Commissie bespreken. De lenteraming is nog niet beschikbaar en wordt naar verwachting begin mei gepubliceerd. Er zal geen besluitvorming plaatsvinden. De cijfers van de Commissie zullen ook als basis gebruikt worden voor de beoordeling van het naleven van de SGP regels door de EU-landen tijdens het Europees semester komend voorjaar.

2. Begrotingsraamwerk

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal ter gedachtewisseling spreken over de begrotingsraamwerken in de lidstaten. In 2014 hebben veertien lidstaten een landenspecifieke aanbeveling gekregen ten aanzien van hun begrotingsraamwerk. Nederland kende geen landenspecifieke aanbeveling voor het begrotingsraamwerk. De Commissie heeft deze aanbevelingen onderverdeeld in vier categorieën: (1) numerieke budgettaire regels, (2) onafhankelijke toezichtinstituties, (3) budgettaire procedures en (4) budgettaire raming op de middellange termijn. De beleidsopvolging die lidstaten hebben gegeven aan deze aanbevelingen varieert vooralsnog sterk per lidstaat en per categorie.

Nederland is van mening dat daar waar nodig de opbouw en/of uitbreiding van regels, procedures en instituties steviger ter hand moeten worden genomen. Daarnaast kan in de toekomst meer focus worden gelegd op de uitkomsten en resultaten van de begrotingsraamwerken in de verschillende lidstaten. Peer reviews en benchmarks met betrekking tot de vormgeving van de raamwerken kunnen bijdragen aan het verbeteren van de effectiviteit van de stelsels.

3. Griekenland

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal van gedachten wisselen over de stand van zaken van het leningenprogramma voor Griekenland. Het verslag van de Eurogroep en Ecofinraad van 24 en 25 april geeft hiervoor de meest actuele stand van zaken.

Pas wanneer er overeenstemming is bereikt tussen de Griekse regering en de drie instituties over de lijst met maatregelen zal de lijst aan de Eurogroep worden voorgelegd. De Eurogroep heeft benadrukt dat de nog beschikbare tranche alleen uitgekeerd zal worden na een positief oordeel van de instituties over de implementatie van de vereiste maatregelen en na finaal akkoord van de Eurogroep. Nederland wacht de volledige lijst en het oordeel van de instituties af alvorens een standpunt in te nemen.

Ecofinraad

1. Investeringsplan voor Europa

Document: N.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid

Toelichting: Het Voorzitterschap zal de Ecofinraad bijpraten over de vorderingen in de triloog over de EFSI-verordening. Over de EFSI-verordening heeft de Ecofinraad op 10 maart jl. unaniem een algemene oriëntatie bereikt. In het verslag van deze Ecofinraad heb ik de Raadspositie toegelicht. Op 20 april jl. heeft het Europees parlement een positie ingenomen. Het Europees parlement staat achter het Investeringsplan. Het Europees parlement wil bij het opstellen van de jaarlijkse EU-begroting bezien waar de benodigde middelen voor het EU-garantiefonds vandaan kunnen komen en heeft als wijziging voorgesteld de dekking van de EU-garantie vanuit de programma’s Horizon2020 en Connecting Europe Facility te schrappen. Ook heeft het Europees parlement wijzigingen voorgesteld die het Europees parlement meer invloed geven op het investeringsbeleid en de benoeming van de leden van het bestuur, het investeringscomité en de directeur. Nederland acht de Raadspositie een verdedigbaar en afgewogen compromis. Nederland zal de stand van zaken aanhoren en zal compromisvoorstellen beoordelen vanuit de positie zoals verwoord in het BNC-fiche van 6 februari jl. (Kamerstuk 22 112, nr. 1941)

2. Interest- en royaltyrichtlijn

Document: n.v.t.

Aard bespreking: politiek akkoord

Besluitvormingsprocedure: unanimiteit

Toelichting: Mogelijk wordt tijdens de Ecofinraad een politiek akkoord bereikt over de wijziging van de Interest- en Royaltyrichlijn. Vooralsnog is er echter nog geen overstemming tussen lidstaten over het al dan niet splitsen van het voorstel. Een meerderheid van de lidstaten, waaronder Nederland, is voorstander van splitsing, zodat op korte termijn een akkoord kan worden bereikt over het opnemen van een algemene antimisbruikbepaling (GAAR) in het voorstel in lijn met de recente aanpassing van de Moeder-dochterrichtlijn. Enkele grote lidstaten willen het voorstel echter niet splitsen, omdat zij vrezen dat dan over de rest van het voorstel, met name over een onderworpenheidseis (subject to tax-clausule), geen overeenstemming wordt bereikt, ook niet op een later moment. Als de tegenstanders van splitsing toch akkoord gaan met splitsing, dan zullen zij duidelijk vastgelegd willen hebben dat er in de (nabije) toekomst verder gepraat wordt over het deel van het voorstel dat nog niet ter adoptie is voorgelegd. Nederland heeft geen bezwaar tegen een dergelijke vastlegging in bijvoorbeeld Raadsconslusies of in de notulen van de vergadering.

3. Follow-up informele Ecofinraad van 24 en 25 april te Riga

Document: n.v.t.

Aard bespreking: informerend

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Het voorzitterschap zal kort terugblikken op de informele Ecofinraad van 24 en 25 april te Riga (Kamerstuk 21 501-07, nr. 1251).

4. Raadsbesluit over ondertekening wijziging Akkoord met Zwitserland betreffende spaarrente

Document: n.v.t.

Aard bespreking: aanvaarding

Besluitvormingsprocedure: unanimiteit

Toelichting: De Europese Commissie heeft met een mandaat van de lidstaten onderhandeld met Zwitserland om het verdrag over de toepassing van de spaartegoedenrichtlijn aan te passen aan de laatste ontwikkelingen bij de OESO en in de EU. Inmiddels is op mondiaal niveau een akkoord bereikt over de (meer omvattende) uitwisseling van financiële rekeninginformatie, waaronder niet alleen spaartegoeden maar ook banksaldi, verzekeringpolissen en beleggingsproducten: de Common Reporting Standard (CRS). Het Akkoord tussen de EU en Zwitserland wordt aangepast, zodat dit een goede juridische basis biedt voor de implementatie van de CRS in de relatie tussen de EU en Zwitserland. De lidstaten wordt nu gevraagd akkoord te gaan met de ondertekening van de tekst van het wijzigingsprotocol voor het Akkoord. Nederland kan daarmee instemmen. Zwitserland heeft toegezegd in september 2018 te beginnen met de uitwisseling van financiële rekeninggegevens met de EU onder de CRS.

5. Macro-economische onevenwichtigheden procedure, diepteonderzoeken

Document: De diepteonderzoeken zijn te vinden onder de volgende link: http://ec.europa.eu/europe2020/making-it-happen/country-specific-recommendations/

Aard bespreking: Aanname raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: Consensus

Toelichting: Op 25 februari werden de diepteonderzoeken in het kader van de macro-economische onevenwichtighedenprocedure (MEOP) gepubliceerd. De diepteonderzoeken zullen door de Ecofinraad besproken worden en de Ecofinraad zal algemene conclusies hierover aannemen. De Commissie heeft geoordeeld dat Frankrijk, Kroatië, Italië, Bulgarije en Portugal kampen met «buitensporige onevenwichtigheden, die vragen om doortastende beleidsactie en specifieke monitoring». Voor Frankrijk en Kroatië heeft de Commissie aangekondigd dat in mei, na beoordeling van de ingediende Nationale Hervormingprogramma’s en de Stabiliteit- en Convergentie programma’s, een beslissing wordt genomen over het al dan niet openen van een buitensporige onevenwichtighedenprocedure (de correctieve arm van de MEOP).

Nederland heeft het oordeel «onevenwichtigheden die vragen om beleidsactie en monitoring» gekregen. Dit is de minst zware categorie voor landen met een onevenwichtigheid. De Commissie ziet voor Nederland nog risico’s m.b.t. de hoge private schuld. De Commissie wijst er echter ook op dat de hervormingen die het kabinet heeft doorgevoerd hebben bijgedragen aan het herstel op de woningmarkt. Het kabinet is verheugd om te horen dat de Commissie onderschrijft dat de hervormingen op de woningmarkt haar vruchten beginnen af te werpen.

6. Implementatie Structurele Hervormingen

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: In de Econfinraad zal ter gedachtewisseling worden gesproken over de implementatie van structurele hervormingen. De hervormingen die de lidstaten de afgelopen jaren hebben doorgevoerd beginnen hun vruchten af te werpen. De prognose is dat de economische groei in de EU in 2015 en 2016 verder zal aantrekken. Meer ambitieuze implementatie van hervormingen is echter noodzakelijk om de concurrentiepositie van lidstaten op de lange termijn te waarborgen. Daarnaast zijn structurele hervormingen nodig om de economische onevenwichtigheden waar lidstaten mee kampen aan te pakken.

Evaluatie van de implementatie van structureel hervormingen op politiek niveau is dan ook conform de Nederlandse inzet. Het monitoren van beleidsopvolging die lidstaten geven aan landenspecifieke aanbevelingen is volgens het Kabinet een cruciaal onderdeel van het Europees Semester. Dit vergroot de druk op lidstaten om hervormingen door te voeren en hun economie te moderniseren.

7. Rapport van de Commissie over de ontwikkeling van de vergrijzinggevoelige uitgaven

Document: The 2015 Aging Report: Economic and budgetary projections for the EU28 Member States (2013–2060). Nog niet openbaar.

Aard bespreking: aanname raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: consensus

Toelichting: De Europese Commissie zal een presentatie geven over de ontwikkeling van de vergrijzinggevoelige overheidsuitgaven, zoals op het gebied van pensioenen en zorg. Om de drie jaar brengt de Commissie een houdbaarheidsstudie uit. De ontwikkeling van de overheidsuitgaven als pensioenen en zorg is belangrijke input hierbij. De houdbaarheidsstudie zelf zal later verschijnen. Voor Nederland is van belang dat de uitgavenontwikkeling genoeg aandacht krijgt omdat het belangrijk is voor de houdbaarheid van de overheidsfinanciën op de lange termijn.

8. Follow-up G20 vergadering Minister van Financiën en Centrale Bank Gouverneurs 16-17 april in Washington D.C.

Document: n.v.t.

Aard bespreking: terugkoppeling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Europese Commissie zal een terugkoppeling geven van de G20 vergadering van de ministers van Financiën en Centrale Bank gouverneurs die en marge van de IMF/WB voorjaarsvergadering op 16 en 17 april heeft plaatsgevonden onder Turks voorzitterschap. De EU-inzet is vooraf gecoördineerd middels een Terms of Reference. De G20 heeft een communiqué gepubliceerd met de uitkomst van de vergadering.1

Overig

Op 15 april jl. heeft de Commissie twee aanvullende begrotingen gepresenteerd voor de EU-begroting 2015. Deze aanvullende begrotingen zijn niet geagendeerd voor de Ecofinraad van mei, maar langs deze weg wil ik de Kamer graag hierover informeren. De derde aanvullende begroting2 heeft betrekking op het gerealiseerde overschot in 2014. Dit overschot bedraagt 1,4 miljard euro waarvan 1,2 miljard euro voortvloeit uit hoger dan voorziene ontvangsten. Dit overschot komt ten gunste van de lidstaten via lagere EU-afdrachten in 2015. De vierde aanvullende begroting is veel kleiner van omvang: het betreft een beroep op het solidariteitsfonds van 66,5 miljoen euro in verband met overstromingen in Roemenië, Bulgarije en Italië.3 Dit zit al verwerkt in de Nederlandse afdrachten. Nederland staat in beginsel positief tegenover deze aanvullende begrotingen.

Beide begrotingen zullen, na een akkoord in de Raad, ter goedkeuring worden voorgelegd aan het Europees parlement. Na goedkeuring door deze beide begrotingsautoriteiten zijn de begrotingen definitief aangenomen.