Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-201521501-07 nr. 1234

21 501-07 Raad voor Economische en Financiële Zaken

Nr. 1234 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 6 februari 2015

Hierbij zend ik u de geannoteerde agenda voor de Eurogroep en Ecofinraad van 16 en 17 februari te Brussel.

Tevens informeer ik u hierbij dat op woensdag 11 februari een extra Eurogroep zal plaatsvinden om de stand van zaken met betrekking tot Griekenland te bespreken.

Het is mogelijk dat nog punten worden toegevoegd aan de agenda of dat bepaalde onderwerpen worden afgevoerd of worden uitgesteld tot de volgende vergadering.

De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem

Geannoteerde agenda ten behoeve van de Eurogroep en Ecofinraad van 16 en 17 februari te Brussel

Eurogroep

1. Economische situatie

Document: Winterraming 2015 van de Europese Commissie

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: N.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal van gedachten wisselen over de winterraming van de Europese Commissie, die op 5 februari gepubliceerd werd. De Commissie zal op basis van deze raming het economisch beeld toelichten. De winterraming zal ook worden besproken in het licht van de besluitvorming over de begrotingen van Frankrijk, Italië en België, waar deze raming als input voor dient. In haar opinie over de conceptbegrotingen, die op 8 december zijn besproken in de Eurogroep, gaf de Commissie aan haar positie ten aanzien van de Franse, Italiaanse en Belgische begrotingssituatie in maart 2015 te bezien. Hierbij zal de Commissie de afronding van het nationale begrotingsproces en de implementatie van structurele hervormingen meenemen in de beoordeling.

2. Terugkoppeling Europese Raad

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: In de Eurogroep zal kort worden teruggekeken op de Europese Raad van 12 februari. Naar verwachting zal met name stil worden gestaan bij de discussie over het verbeteren van het economisch bestuur in de Eurozone. Tijdens de Eurozonetop van 24 oktober jl. is de Commissievoorzitter opgeroepen om, samen met de voorzitters van de Eurozonetop, de Eurogroep en de ECB, volgende stappen voor te bereiden op weg naar beter economisch bestuur in de Eurozone. Deze oproep is bij de Europese Raad van 18 december jl. herhaald. Een eerste discussie vindt plaats tijdens de informele Europese Raad op 12 februari. Het eindrapport zal worden gepresenteerd aan de Europese Raad van juni. Voor Nederland is het van belang dat lidstaten nauw worden betrokken bij opstellen van het rapport van de vier voorzitters, conform de conclusies van de Europese Raad van 18 december jl. Nederland hecht er aan dat in het eindrapport de drieslag hervormingen, gezonde overheidsfinanciën en investeringen, ondersteund door verdieping van de interne markt, terugkomt. Daarnaast vindt Nederland het belangrijk dat het democratisch draagvlak bij eventuele verdere versterking of verdieping van de EMU wordt geborgd.

3. Internationale rol van de euro

Document: The International Role of the Euro (niet openbaar)

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Frankrijk heeft vorig jaar tijdens de Europese Raad aangegeven veel waarde te hechten aan een sterkere internationale rol van de euro.

Daartoe heeft de Europese Commissie een rapport gepresenteerd met de huidige stand van zaken van de rol die de euro inneemt in het internationale betalingsverkeer, als reservemunt en bij uitgifte van (staats)schuldpapier.

Het kabinet vindt het belangrijk dat er over dit onderwerp wordt nagedacht en staat open voor suggesties om de internationale rol van de euro te versterken, waarbij het uitgangspunt is dat de markt zelf de keuze maakt voor het gebruik van de euro.

4. Portugal

Document: n.v.t.

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal spreken over het verzoek van Portugal om een deel van de leningen bij het IMF vervroegd terug te betalen. Portugal heeft in juni 2014 het leningenprogramma van het IMF en de EU succesvol verlaten. Momenteel valt Portugal onder post-programme monitoring van het IMF en de Europese Commissie. De Portugese regering heeft aan de lidstaten van de EU een voorstel gedaan om een vervroegde terugbetaling aan het IMF te doen. Portugal wil graag in de komende 30 maanden tot de helft van de in totaal uitgeleende 26 miljard euro in delen aan het IMF terug te betalen De reden hiervoor is dat de Portugese rentes op staatsobligaties met een looptijd van 10-jaar momenteel onder de 3% handelen op de financiële markt, terwijl de rente die Portugal aan het IMF betaalt circa 4% is. Door vervroegd af te lossen aan het IMF, zal de schuldhoudbaarheid van Portugal verbeteren door de lagere rentekosten. De rente op EFSF-, EFSM-leningen ligt een stuk lager dan die van het IMF, omdat deze rentes berekend worden op basis van de financieringskosten die het EFSF en het EFSM betalen op de financiële markt. De lidstaten van de EU moeten toestemming geven voor vervroegde terugbetaling aan het IMF, omdat volgens de leningdocumentatie van het EFSF en het EFSM bij vervroegde aflossing aan een van de crediteuren dit in gelijke mate aan alle crediteuren moet geschieden. Aangezien alleen vervroegde afbetaling aan het IMF wordt beoogd zullen de lidstaten van de EU een «waiver» moeten afgeven, zodat afgeweken kan worden van deze voorwaarde in de leningenovereenkomsten. Dit vergt een besluit van de eurozone voor de EFSF-leningen en van de lidstaten van de EU over de EFSM-leningen. Deze besluiten moeten met gekwalificeerde meerderheid worden genomen. Nederland staat positief tegenover vervroegde terugbetaling door Portugal aan het IMF, omdat dit bijdraagt aan het verbeteren van de schuldhoudbaarheid van Portugal en daarmee in het belang is van alle crediteuren.

5. Cyprus

Document: n.v.t.

Aard bespreking: gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: N.v.t.

Toelichting: De Eurogroep zal door de Trojka (de Europese Commissie, de Europese Centrale Bank, en het IMF) op de hoogte worden gebracht van de voortgang van het leningenprogramma van het ESM en het IMF aan Cyprus. Begin november 2014 heeft de Trojka geconcludeerd dat Cyprus aan de prior action heeft voldaan betreffende de aanname door het Cypriotische parlement van een nieuw juridisch raamwerk voor de regulering en afhandeling van executoire verkoop van vastgoed (Foreclosure Bill).1 Deze wetgeving zou 1 januari 2015 ingaan. Als gevolg hiervan heeft de Raad van Bewind van het ESM besloten tot uitkering van de zesde tranche. Deze tranche van 350 miljoen euro is op maandag 15 december j.l. uitgekeerd. Uw Kamer is bij Kamerbrief van 19 december jongstleden2 geïnformeerd over het feit dat Cyprus een wet heeft aangenomen die inwerkingtreding van dit nieuwe juridisch raamwerk uitstelt tot 30 januari 2015. Hierdoor voldeed Cyprus niet meer geheel aan de prior action. Inwerkingtreding van dit juridisch raamwerk is op 29 januari opnieuw uitgesteld tot 2 maart aanstaande. Nederland is van mening dat Cyprus zo spoedig mogelijk dient te voldoen aan deze prior action. Indien niet aan deze prior action voldaan is, zullen er geen eventuele verdere tranches worden uitgekeerd.

6. Griekenland

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Gedachtewisseling

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Naar verwachting zal de extra ingelaste Eurogroep op 11 januari een eerste gedachtewisseling hebben over de plannen van de nieuwe Griekse regering en de standpunten van de Eurogroep. De Eurogroep van 16 februari zal naar verwachting verder spreken over de vervolgstappen op basis van de uitkomsten van de Eurogroep van 11 februari.

Op 25 januari jl. vonden er in Griekenland parlementsverkiezingen plaats. Syriza heeft de verkiezingen gewonnen en heeft op 26 januari een coalitie gevormd met de Onafhankelijke Grieken (ANEL). Syriza en de Onafhankelijke Grieken hebben samen 162 van de 300 zetels in het parlement. De nieuwe Griekse regering is op 27 januari geïnstalleerd. Op 5 februari is het nieuwe Griekse parlement voor het eerst bij elkaar gekomen en op 13 februari zal het parlement een nieuwe president kiezen. In deze eerste ronde zijn er 180 stemmen nodig om een nieuwe president te kunnen kiezen. Mocht dit in de eerste ronde niet lukken dan zal er binnen vijf dagen een tweede ronde plaatsvinden waar met een simpele meerderheid gestemd zal worden.

Het leningenprogramma van het EFSF loopt tot en met 28 februari 2015. De Trojka heeft de uitkomsten van de verkiezingen afgewacht en is nog niet teruggekeerd naar Athene. Door de komst van de nieuwe regering is het onzeker of het huidige programma afgerond zal worden eind februari. De nieuwe Griekse regering heeft in de media aangegeven het huidige leningenprogramma van het EFSF niet te willen verlengen en heeft diverse nieuwe plannen aangekondigd.

Nederland zal eerst van de Griekse regering willen vernemen wat de exacte plannen zijn, met name op het gebied van structurele hervormingen en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën. Ook wil het kabinet meer duidelijkheid of de nieuwe Griekse regering het lopende EFSF-programma zal afronden. Daarnaast is het voor Nederland van belang dat Griekenland zich aan de afspraken houdt die met internationale crediteuren zijn gemaakt.

Ecofinraad

1. Investeringsplan voor Europa

Document: Commissievoorstel Verordening Europees Fonds voor Strategische Investeringen (http://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/HTML/?uri=CELEX:52015PC0010&rid=1)

Aard bespreking: Gedachtewisseling, stand van zaken

Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid

Toelichting: De Ecofinraad zal een tweede bespreking houden over de verordening voor een Europees Fonds voor Strategische Investeringen (EFSI). Het EFSI moet uiteindelijk in totaal 315 mld euro aan investeringen mobiliseren. Een Raadspositie is vooralsnog voorzien voor de Ecofinraad van maart. De verordening regelt de juridische basis voor een overeenkomst tussen de Commissie en de EIB over een dergelijk fonds, de onderliggende garantie vanuit de EU-begroting, een investeringsadvieshub en een projectenpijplijn. Het kabinet ondersteunt in grote lijnen de verordening. Wel zijn er enkele punten van aandacht. De belangrijkste is de wijze waarop de governance wordt vormgegeven. Het kabinet hecht aan een governance waarbij zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van de bestaande EIB-besluitvormingsstructuren en waarbij in ieder geval wordt voorkomen dat derde partijen die financieel bijdragen aan het EFSI invloed krijgen op het investeringsbeleid. Verstrekking van middelen uit het EFSI dient te gebeuren op basis van kwaliteit en economische toegevoegde waarde van het onderliggende project. Uw Kamer ontvangt ongeveer gelijktijdig met deze geannoteerde agenda een BNC-fiche waarin een uitgebreidere beschrijving van en reactie op het voorstel voor een verordening wordt gegeven.

2. Annual Growth Survey en Alert Mechanism Report

Document: Annual Growth Survey (openbaar: http://ec.europa.eu/europe2020/pdf/2015/ags2015_en.pdf) en Alert Mechanism Report (openbaar: http://ec.europa.eu/europe2020/pdf/2015/amr2015_en.pdf)

Aard bespreking: Aanname raadsconclusies

Besluitvormingsprocedure: Consensus

Toelichting: De Europese Commissie heeft eind november 2014 haar jaarlijkse Annual Growth Survey (AGS) en Alert Mechanism Report (AMR) gepubliceerd, de Ecofin zal raadsconclusies aannemen.

De AGS vormt het startsein van het Europese Semester, waarbij de Commissie vooruitblikt op de grootste uitdagingen van de Europese economie van het aanstaande jaar. De Commissie beschrijft en onderbouwt drie prioriteiten die van belang zijn voor het aanjagen van groei en het scheppen van banen in de EU. Deze drie prioriteiten betreffen het bevorderen van investeringen, het bevorderen van structurele hervormingen in de EU en in de lidstaten en het bevorderen van verantwoordelijk begrotingsbeleid.

Het AMR is het begin van de jaarlijkse cyclus van de Macro-Economische Onevenwichtigheden Procedure (MEOP), die onderdeel uitmaakt van het Europees Semester. Gezien de verwevenheid van de economieën van verschillende lidstaten is het in het Nederlands belang dat lidstaten beleid voeren dat niet tot negatieve grensoverschrijdende effecten leidt. De Commissie zal evenals voorgaande jaren een diepteonderzoek uitvoeren naar mogelijke onevenwichtigheden in de Nederlandse economie. Dit lag in de lijn der verwachting. In maart 2014 heeft de Commissie reeds vastgesteld dat er een (niet-buitensporige) onevenwichtigheid in de Nederlandse economie bestaat met betrekking tot de relatief hoge private schulden en de situatie op de woningmarkt. Het aanstaande diepteonderzoek zal derhalve toetsen in hoeverre de aanpak van het kabinet in het afgelopen jaar heeft bijgedragen aan de afbouw van de eerder geïdentificeerde onevenwichtigheden.

De kabinetsappreciatie van de voorliggende publicaties is op 28 november 2014 met de Tweede Kamer gedeeld (Kamerstuk 21 501-20 nr. 924). De Commissiemededelingen sluiten qua doelstelling goed aan bij de Nederlandse kabinetsinzet. Het kabinet hecht veel belang aan de geïntegreerde aanpak zoals in de rapporten beschreven. Het is van belang dat alle lidstaten ambitieus invulling geven aan de prioriteiten en uitdagingen die de Commissie identificeert met het oog op het creëren van groei en banen.

3. Terugkoppeling G20

Document: n.v.t.

Aard bespreking: Briefing

Besluitvormingsprocedure: n.v.t.

Toelichting: Het voorzitterschap en de Europese Commissie geven tijdens de Ecofinraad een korte terugkoppeling van de belangrijkste uitkomsten van de G20 vergadering van ministers van Financiën en Centrale Bank gouverneurs, die op 8, 9 en 10 februari in Istanbul plaatsvond. De voorbereiding van de EU-inbreng is vooraf gecoördineerd middels Terms of Reference (ToR), die op de Ecofinraad van 27 januari zijn vastgesteld. De EU heeft daarin de nadruk gelegd op het stimuleren van investeringen, het bereiken van een akkoord over TLAC (een minimum bail-inbare buffer voor mondiale systeemrelevante banken) en de afronding van het OESO BEPS-traject.

4. Decharge EU-begroting 2013

Document: concept raadsconclusies/Dechargeadvies van de Raad.

Aard bespreking: Beslissing.

Besluitvormingsprocedure: De Ecofin beslist over het Dechargeadvies van de Raad met gekwalificeerde meerderheid. Vervolgens beslist het Europees parlement of zij overgaat tot het verlenen van kwijting aan de Europese Commissie.

Toelichting:

Voor Nederland is het Jaarverslag van de Europese Rekenkamer een belangrijk element in de standpuntbepaling ten aanzien van Decharge van de EU begroting. Nederland kijkt bij de beoordeling naar meerdere zaken: is het aantal fouten toegenomen of afgenomen? Wat is het financieel belang dat hiermee gemoeid is? Is er verbetering zichtbaar in de beheers- en verantwoordingssystemen? Wat is de strekking van het Dechargeadvies van de Raad? De Europese Rekenkamer geeft over het jaar 2013 geen goedkeurende verklaring bij de uitgaven van de EU-begroting (geen positieve Déclaration d’Assurance). Het gemiddelde foutenpercentage van de gehele EU begroting 2013 berekent de Europese Rekenkamer op 4,7% waarmee een materieel belang gemoeid is van circa 7 miljard euro. Het voorgaande jaar, over de EU-begroting 2013, waren deze cijfers respectievelijk 4,8% en circa 6,7 miljard euro. De categorie «Regionaal beleid/Energie/Vervoer» kent dit jaar 6,9% fouten tegen 6,8% vorig jaar, waarmee het de categorie is met het hoogste foutenpercentage. Wat betreft de werking van de beheers- en verantwoordingssystemen is het totaalbeeld nog altijd niet toereikend («gedeeltelijk doeltreffend»). Zoals aangegeven in een brief aan uw Kamer van 24 november 2014 (Kamerstukken II, 24 202, nr. 30), houdende een eerste appreciatie van de bevindingen van de Europese Rekenkamer, kan de relatieve stabiliteit in het foutenpercentage niet gezien worden als ontwikkeling in de goede richting. Daarvan is pas sprake als er echt grote stappen worden gezet in het verminderen van fouten en het vergroten van transparantie daarover. Nederland zal daarom blijven pleiten voor betere en slimmere verantwoording door lidstaten en voor meer inzicht in landenspecifieke data. Ook zal Nederland nauwgezet volgen hoe de Commissie en de lidstaten het nieuwe verantwoordingsinstrumentarium uit het nieuwe Financieel Reglement zullen toepassen in de komende jaren, waaronder de vrijwillige Nationale Verklaring.

5. Begrotingsrichtlijnen 2016

Document: Concept Raadsconclusies aangaande begrotingsrichtlijnen 2016 (niet openbaar)

Aard bespreking: Beslissing

Besluitvormingsprocedure: Gekwalificeerde meerderheid

Toelichting: Voorafgaand aan de onderhandelingen over de EU-begroting voor 2016 worden door de Raad begrotingsrichtlijnen opgesteld. Deze richtlijnen worden ieder jaar opgesteld. De begroting voor 2016 is de derde jaarbegroting vallende onder het MFK en speelt daarom een belangrijke rol in de vormgeving van de doelstelling en de prioriteiten van de Europese Unie. De Raad benadrukt hierbij het belang van budgettaire discipline vanwege budgettaire krapte in lidstaten en wijst daarom op balans tussen budgettaire discipline en groeiversterkende investeringen. De Raad benadrukt eveneens het belang van gedegen financieel management, rekening houdend met eerder aangegane verplichtingen en met de plafonds die in het MFK zijn vastgelegd. De Commissie wordt daarom gevraagd om tijdig, accuraat en transparant te rapporteren over de begroting en de onderliggende aannames. De Commissie wordt ook gevraagd om, waar mogelijk, maatregelen te nemen om aanvullende afdrachten van de lidstaten te vermijden. De Raad zal de ontwikkeling van de RAL (openstaande verplichtingen) nauwlettend volgen en verzoekt de Commissie om te voorzien in de hiervoor geschikte instrumenten.

6. High Level Group eigen middelen

Document: High Level Group eigen middelen

http://ec.europa.eu/budget/library/biblio/documents/multiannual_framework/HLGOR_1stassessment2014final_en.pdf

Aard bespreking: Presentatie

Besluitvormingsprocedure: N.v.t.

Toelichting: Tijdens de onderhandelingen over het Meerjarig Financieel Kader 2014–2020 is afgesproken dat een werkgroep zal reflecteren over het systeem van eigen middelen van de Europese Unie. De werkgroep zal mogelijkheden verkennen om het systeem simpeler, transparanter, eerlijker en met meer democratische verantwoording te maken. Zowel het Europees parlement, experts aangewezen door de Raad, als de Europese Commissie leveren drie leden aan deze werkgroep, die geleid wordt door oud-Eurocommissaris en oud-premier van Italië Mario Monti. De werkgroep is in het voorjaar van 2014 van start gegaan en heeft in december 2014 haar eerste rapport gepubliceerd. In de Ecofinraad zal dit rapport worden gepresenteerd. Het eindrapport van de groep wordt verwacht in 2016.

Dit eerste rapport geeft een overzicht van het huidige systeem van eigen middelen en van eerdere plannen en ideeën over de eigen middelen van de Europese Unie. Ook geeft het een overzicht van verschillende actoren die zijn betrokken. De werkgroep zet in het rapport de lijnen uit voor het vervolg van haar werk: de bredere economische en politieke context zal verder uitgediept worden en de groep zal, op basis van in het rapport genoemde criteria zoals eerlijkheid en stabiliteit, voorstellen doen voor manieren waarop het systeem kan worden verbeterd en mogelijk beleidsdoelstellingen beter kunnen worden behaald. Tot slot zal de werkgroep ingaan op procedurele en institutionele voorwaarden om wijzigingen in het systeem van eigen middelen te kunnen realiseren.

Aangezien dit een presentatie betreft van het eerste tussenrapport van de werkgroep, zal Nederland de presentatie aanhoren.


X Noot
1

De bent bij brief van 3 december 2014 geïnformeerd over de vijfde voortgangsrapportage en deze prior action (Kamerstuk 21 501-07, nr. 1211).

X Noot
2

Kamerstuk 21 501-07, nr. 1218)