Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202021501-02 nr. 2051

21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken

Nr. 2051 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 oktober 2019

In aanvulling op de geannoteerde agenda voor de Raad Algemene Zaken (RAZ) van 15 oktober 2019 (Kamerstuk 21 501-02, nr. 2050), informeer ik uw Kamer met deze brief aanvullend over het agendapunt Meerjarig Financieel Kader 2021–27 (MFK). Het Finse EU-voorzitterschap (voorzitterschap) heeft aangekondigd om ter voorbereiding op de discussies tijdens de aankomende RAZ en Europese Raad (ER) twee documenten te verspreiden. Het eerste document is een gerubriceerde notitie van het voorzitterschap met observaties over het krachtenveld op basis van de consultaties die het voorzitterschap met alle lidstaten heeft gevoerd. Dit document hebben de lidstaten gisterenmiddag ontvangen en zal ter bespreking voorliggen in het Coreper van 9 oktober 2019. Dit document ontvangt uw Kamer als vertrouwelijke bijlage bij deze brief1.

Het tweede document zullen de lidstaten later deze week ontvangen ter voorbereiding op de discussies tijdens de aankomende RAZ en ER. Naar verwachting zal het voorzitterschap daarin nadere voorstellen doen. Zodra dit document beschikbaar is, zal het kabinet dit document, waar nodig vertrouwelijk, met uw Kamer delen en van een appreciatie voorzien.

Hieronder zal ik nader ingaan op de inhoud van het eerste document en de inzet van het kabinet.

Toelichting voorzitterschapsdocument

Het voorzitterschap richt zich in de beschrijving van het krachtenveld op drie hoofdelementen. Ten eerste stelt het voorzitterschap ten aanzien van de totaalomvang vast dat de posities van de lidstaten nog ver uit elkaar liggen. Daarbij gaat het voorzitterschap in op de samenhang tussen de hoogte van het totaalplafond enerzijds en de mate van begrotingsflexibiliteit en de factoren gerelateerd aan de financiering van de EU-begroting anderzijds. Ten tweede geeft het voorzitterschap aan mogelijkheden te zien om overeenstemming te kunnen bereiken tussen de financiering van nieuwe prioriteiten enerzijds en die van traditionele beleidsterreinen anderzijds. Tot slot gaat het voorzitterschap in op de noodzaak voor het opnemen van conditionaliteiten en positieve prikkels in het nieuwe MFK, met name ten aanzien van het functioneren van de rechtsstaat, klimaatuitgaven en op het terrein van migratie.

Appreciatie en kabinetsinzet

De inzet van het kabinet is er op gericht een stijging van de afdrachten als gevolg van Brexit te vermijden, de EU-begroting ambitieus te moderniseren en een eerlijke lastenverdeling te behouden. De Europese Commissie heeft een MFK voorgesteld dat uitgedrukt als percentage van het totale BNI van de 27 lidstaten, aanzienlijk groter is dan het huidige MFK voor 28 lidstaten. Het kabinet stelt dat een kleinere EU ook een lagere EU-begroting moet betekenen en zet in op substantiële besparingen ten opzichte van het Commissievoorstel voor het totaalplafond om zo tevens ruimte te maken voor nieuwe prioriteiten. Voor het kabinet gaan modernisering en besparingen op de EU-begroting hand in hand. Naast verdere besparingen op het cohesiebeleid en het GLB, zijn daarvoor scherpe keuzes nodig op alle beleidsterreinen. Het kabinet erkent dat de EU-begroting adequaat moet kunnen reageren op onvoorziene omstandigheden, maar acht de ruime mate van begrotingsflexibiliteit die de Commissie voor ogen heeft onnodig en onwenselijk. Ten aanzien van de financiering van de EU-begroting (inkomstenkant) verwijst het kabinet naar de nadere appreciatie op de voorstellen voor het Eigen Middelenbesluit (Kamerstuk 21 501-20, nr. 1379).

Het kabinet verwelkomt de modernisering die met het Commissievoorstel is ingezet. In de onderhandelingen zet het kabinet zich in voor verdere modernisering, waarbij voor het kabinet ook de voorstellen voor versterkte conditionaliteiten een grote rol spelen. Het kabinet is uitgesproken voorstander van de koppeling tussen ontvangst van EU middelen en de naleving van rechtsstatelijkheidsbeginselen. Daarnaast pleit Nederland actief voor effectieve voorwaarden gekoppeld aan structurele hervormingen en aan inspanningen op het terrein van migratie. Klimaat is eveneens een van de prioriteiten die een adequate EU aanpak vereisen. Het kabinet steunt het Commissievoorstel om de doelstelling voor het aandeel klimaatgerelateerde uitgaven te verhogen en zet in op een effectief klimaatmechanisme onder het nieuwe MFK.

Nederland trekt in de MFK-onderhandelingen veelal op met gelijkgezinde nettobetalende lidstaten. Daarnaast werkt het kabinet nauw samen met diverse andere lidstaten om op deelonderwerpen gezamenlijke belangen te behartigen en daarmee de Nederlandse inzet te realiseren.

De Minister van Buitenlandse Zaken, S.A. Blok


X Noot
1

Ter vertrouwelijke inzage gelegd, alleen voor de leden, bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer