Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-201321109 nr. 211

21 109 Uitvoering EG-Richtlijnen

Nr. 211 BRIEF VAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 7 mei 2013

Hierbij bied ik u het periodieke overzicht aan van de stand van zaken bij de implementatie van EU-richtlijnen en -kaderbesluiten in de Nederlandse wet- en regelgeving aan het einde van het eerste kwartaal van 20131.

In deze brief wordt eerst ingegaan op de implementatieachterstand zoals die op 31 maart 2013 gold. Daarna worden de oorzaken van deze implementatie-achterstand behandeld en worden, indien van toepassing, tevens dreigende implementatieachterstanden genoemd. Vervolgens volgt een opsomming van de ingebrekestellingprocedures die de Europese Commissie tegen Nederland is gestart als gevolg van niet-tijdige implementatie. Mede op uw verzoek zijn ook de lopende infracties wegens (vermeende) onjuiste implementatie in het overzicht «ingebrekestellingen» per departement opgenomen2.

Huidige achterstand

De achterstand per 1 april 2013 bedraagt 8 richtlijnen en kaderbesluiten tegenover 10 in het vorige kwartaal. In het eerste kwartaal van 2013 zijn 4 achterstallige richtlijnen/kaderbesluiten geïmplementeerd. Tegelijkertijd zijn er dit kwartaal 2 nieuwe richtlijnen/kaderbesluiten in overschrijding bijgekomen.

De 8 achterstallige richtlijnen/kaderbesluiten zijn aan de volgende ministeries toegedeeld: BZK (1), EZ (2), IenM (2), VenJ (2) en VWS (1).

De overschrijding van de implementatiedatum varieert sterk: zo bedroeg op 1 april 2013 de kleinste overschrijding 83 dagen, terwijl de uiterste implementatiedatum van een richtlijn met ruim 26 maanden was overschreden. Een exacte aanduiding van de overschrijding per richtlijn/kaderbesluit is te vinden op de laatste pagina van bijgevoegd kwartaaloverzicht.

In het eerste kwartaal van 2013 zijn 13 richtlijnen tijdig geïmplementeerd. Het kabinet houdt het implementatieproces nauwlettend in de gaten.

Overigens blijkt uit de gegevens van de Europese Commissie dat Nederland voor wat betreft tijdige implementatie een goede prestatie levert: op het overzicht van het aantal ingebrekestellingen wegens te late implementatie in 2012 neemt Nederland tezamen met Zweden een gedeelde tweede plaats in, achter Estland.

Achterstanden en hun oorzaken

Wat betreft de oorzaken voor de implementatieachterstand ultimo eerste kwartaal van 2013 speelt een aantal factoren een rol. Deze factoren worden hieronder per ministerie toegelicht.

BZK

Richtlijn 2010/31 (Richtlijn 2010/31/EU van het EUROPEES PARLEMENT en de RAAD van 19 mei 2010 betreffende de energieprestatie van gebouwen; uiterste implementatiedatum 9 juli 2012)

Het wetsvoorstel tot wijziging van de Woningwet in verband met de implementatie van de herziene EPBD (Wet kenbaarheid energieprestatie gebouwen; Kamerstuk 33 124, nr. 2) is op 20 november 2012 door de Tweede Kamer verworpen. De minister voor Wonen en Rijksdienst streeft ernaar om nog in 2013 een nieuw voorstel ter implementatie van de herziene EPBD in te dienen.

De implementatie van de voorschriften betreffende de energieprestatie na ingrijpende renovaties en systeemeisen voor technische bouwsystemen ten behoeve van een optimaal energiegebruik van de herziene EPBD vindt plaats door middel van een wijziging van het Bouwbesluit 2012 en van de Regeling Bouwbesluit 2012. Deze wijzigingen kunnen naar verwachting op 1 juli 2013 in werking treden.

Daarnaast zijn de voorschriften die reeds voortvloeiden uit Richtlijn 2002/91/EG betreffende energieprestatie van gebouwen, omtrent onder meer de afgifte van energieprestatiecertificaten en eisen voor nieuwbouw, al geruime tijd geïmplementeerd en deze blijven van toepassing.

EZ

Richtlijn 2010/63 (Richtlijn 2010/63/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2010 betreffende de bescherming van dieren die voor wetenschappelijke doeleinden worden gebruikt; uiterste implementatiedatum 10 november 2012)

De Wet op de dierproeven wordt aangepast ter implementatie van richtlijn 2010/63/EU. Voorbereiding van het desbetreffende wetsontwerp heeft langer geduurd dan voorzien vanwege de complexiteit van de richtlijn en het feit dat de implementatie een zorgvuldige afstemming met het veld vergt. De Raad van State heeft hier inmiddels over geadviseerd. Naar verwachting zal het wetsvoorstel in april 2013 bij de Tweede Kamer worden ingediend. De parlementaire behandeling van de wetswijziging en de noodzakelijke aanpassing van de onderliggende regelgeving zullen naar verwachting dit najaar afgerond kunnen zijn. In afwachting van de implementatie van de richtlijn wordt de huidige Wet op de dierproeven en de daarop gebaseerde regelgeving toegepast. Hiermee wordt grotendeels invulling gegeven aan de bepalingen van de richtlijn en wordt het met de richtlijn beoogde beschermingsniveau op het gebied van dierenwelzijn reeds grotendeels bereikt.

Richtlijn 2009/119 (Richtlijn 2009/119/EG van de Raad van 14 september 2009 houdende verplichting voor de lidstaten om minimumvoorraden ruwe aardolie en/of aardolieproducten in opslag te houden; uiterste implementatiedatum 31 december 2012)

Richtlijn 2009/119 is op 29 maart 2013 volledig geïmplementeerd met de Wet voorraadvorming aardolieproducten 2012, het Besluit voorraadvorming aardolieproducten 2013 en de Regeling voorraadvorming aardolieproducten 2013. Deze implementatiemiddelen zijn diezelfde dag gemeld aan de Europese Commissie maar konden niet vóór 1 april in de i-timer worden ingevoerd. Dit is inmiddels ook gebeurd.

IenM

Richtlijn 2011/88/EU (Richtlijn 2011/88/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 tot wijziging van Richtlijn 97/68/EG wat betreft de voorschriften voor motoren die in het kader van de flexibele regeling in de handel zijn gebracht; uiterste implementatiedatum 24 november 2012)

Deels is richtlijn 2011/88/EU reeds geïmplementeerd door middel van een wijziging van de Regeling uitvoering Besluit typekeuring luchtverontreiniging trekkers en motoren voor mobiele machines. Implementatie van deze richtlijn vereist bovendien een wijziging van het Besluit typekeuring luchtverontreiniging trekkers en motoren voor mobiele machines. Het betreft zeer technische materie die de inpassing in nationale regelgeving erg ingewikkeld maakt. Het besluit is in januari 2013 voor advies aangeboden aan de Raad van State. Publicatie van het Besluit en daarmee de volledige implementatie van de richtlijn zullen voor 1 juni 2013 plaatsvinden.

RICHTLIJN 2010/75/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) (herschikking); uiterste implementatiedatum 07-01-2013)

De richtlijn Industriële emissies is deels reeds geïmplementeerd in het Activiteitenbesluit, het Besluit omgevingsrecht en de onderliggende ministeriële regelingen. Deze implementatieregelgeving is al in werking getreden. Ook is een wetswijziging nodig. De behandeling van het wetsvoorstel heeft grote vertraging opgelopen door de val van het vorige kabinet, de verkiezingen en de agendering in de nieuwe Kamers. Op 9 april is het wetsvoorstel implementatie richtlijn Industriële emissies in de Eerste Kamer afgedaan als hamerstuk. Publicatie van de wetswijziging, het bijbehorend inwerkingtredingbesluit en daarmee de voltooiing van de implementatie van richtlijn 2010/75/EU zullen zo snel mogelijk plaatsvinden.

VenJ

Kaderbesluit 2008/978 (KADERBESLUIT 2008/978/JBZ van de Raad van 18 december 2008 betreffende het Europees bewijsverkrijgingsbevel ter verkrijging van voorwerpen, documenten en gegevens voor gebruik in strafprocedures; uiterste implementatiedatum 19 januari 2011)

De implementatie van dit Kaderbesluit werd gecompliceerd door de omstandigheid dat in Brussel ook onderhandelingen plaatsvinden over een nieuwe richtlijn inzake het Europees onderzoeksbevel, dat dit kaderbesluit in de toekomst zal gaan vervangen.

Het wetsvoorstel tot implementatie van dit kaderbesluit (Kamerstuk 32 717) is op 13 december 2012 wet geworden (Stb.2013,10) en zal op 1 juli 2013 in werking treden (Stb. 2013, 105). Daarmee zal het kaderbesluit volledig zijn geïmplementeerd.

Kaderbesluit 2009/829 (KADERBESLUIT 2009/829/JBZ van de Raad van 23 oktober 2009 inzake de toepassing, tussen de lidstaten van de Europese Unie, van het beginsel van wederzijdse erkenning op beslissingen inzake toezichtmaatregelen als alternatief voor voorlopige hechtenis; uiterste implementatiedatum 1 december 2012)

Door de gecompliceerdheid van de materie van dit kaderbesluit heeft de voorbereiding meer tijd in beslag genomen dan was voorzien.

Het wetsvoorstel tot implementatie van dit kaderbesluit (Kamerstuk 33 422) is gereed voor plenaire behandeling door de Tweede Kamer.

VWS

RICHTLIJN 2011/62/EU van het Europees Parlement en de Raad van 8 juni 2011 tot wijziging van Richtlijn 2001/83/EG tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik, om te verhinderen dat vervalste geneesmiddelen in de legale distributieketen belanden; uiterste implementatiedatum: 02-01-2013

Implementatie van deze richtlijn vindt plaats door wijziging van de Geneesmiddelenwet en de Regeling Geneesmiddelenwet. Na vertraging vanwege de complexiteit van het onderwerp en noodzakelijk overleg op Europees niveau met betrokken geneesmiddelenketenpartners is het wetsvoorstel thans aanhangig bij de Tweede Kamer. Indien plenaire behandeling op korte termijn plaatsvindt, kunnen wet en regeling eind van het jaar in werking treden, waarmee de implementatie van deze richtlijn voltooid zal zijn.

Dreigende overschrijdingen

V&J

RICHTLIJN 2011/51/EU van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2011 tot wijziging van Richtlijn 2003/109/EG van de Raad teneinde haar werkingssfeer uit te breiden tot personen die internationale bescherming genieten; uiterste implementatiedatum 20-05-2013

Het wetsvoorstel tot implementatie van deze richtlijn is op 19 maart 2013 ingediend bij de Tweede Kamer. De implementatie van deze richtlijn zal daarom naar verwachting niet voor de uiterste implementatiedatum voltooid zijn.

Het advies van de Afdeling van advisering van de Raad van State, dat op 1 oktober 2012 is uitgebracht, gaf aanleiding het wetsvoorstel ingrijpend te herzien. Het wetsvoorstel zoals dat bij de Tweede Kamer is ingediend, sluit beter aan bij de systematiek van de richtlijn, maar leidt eveneens tot een stelselwijziging in de Vreemdelingenwet 2000. De voorbereiding heeft daarom meer tijd gevergd dan was voorzien.

Overigens is op dit moment een wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000 in voorbereiding die bewerkstelligt dat met ingang van 20 mei 2013, vooruitlopend op wetswijziging, ook de houders van een verblijfsvergunning asiel die is verleend op internationale gronden, een aanmerking kunnen komen voor de EU-status van langdurig ingezetene.

VWS

Richtlijn 2010/84 (Richtlijn 2010/84/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 december 2010 tot wijziging, wat de geneesmiddelenbewaking betreft, van richtlijn 2001/83/EG tot vaststelling van een communautair wetboek betreffende geneesmiddelen voor menselijk gebruik (PbEU 2010, L 348); uiterste implementatiedatum 21 juli 2012)

De implementatie van deze richtlijn is inmiddels voltooid met de inwerkingtreding van de wet van 20 december 2012, houdende wijziging van de Geneesmiddelenwet (Staatsblad 2013, 67) en wijziging van de Regeling Geneesmiddelenwet (Stcrt. 2013, 3803). Notificatie heeft plaatsgevonden op 8 februari 2013.

Ingebrekestellingen wegens te late implementatie

Resultaat voor dit kwartaal: vier nieuwe zaken, twee geseponeerd.

EZ heeft in het eerste kwartaal de implementatie van richtlijn 2009/81 (overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied) alsnog afgerond. De Commissie heeft de infractieprocedure inmiddels ingetrokken.

Er zijn voor EZ twee ingebrekestellingen wegens te late implementatie toegevoegd: het betreft richtlijn 2009/119 (minimumvoorraden olieproducten – deze is inmiddels volledig geïmplementeerd) en richtlijn 2010/63 (bescherming proefdieren).

Voor IenM speelt nog de te late implementatie van richtlijn 2011/88 (voorschriften voor motoren).

Voor VenJ is de zaak over de mediationrichtlijn 2008/52 gesloten.

VWS heeft er een nieuwe zaak bij over het wetboek geneesmiddelen voor menselijk gebruik (richtlijn 2011/62).

De minister van Buitenlandse Zaken, F.C.G.M. Timmermans


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer

X Noot
2

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer