27 639
Wijziging van de Mededingingswet in verband met het omvormen van het bestuursorgaan van de Nederlandse mededingingsautoriteit tot zelfstandig bestuursorgaan

nr. 228f
BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 10 september 2002

Voor 10 september heeft uw Kamer op de agenda staan de plenaire behandeling van het voorstel tot Wijziging van de Mededingingswet in verband met het omvormen van het bestuursorgaan van de Nederlandse mededingingsautoriteit tot zelfstandig bestuursorgaan (Kamerstukken I, 2001/2002, 27 639, nr. 228).

Mij hebben berichten bereikt over twijfels in uw Kamer m.b.t. de behandeling van het concept-wetsvoorstel, waarbij onder meer een relatie wordt gelegd met de kaderwet zbo's en het strategisch akkoord, het beschikbaar zijn van een kabinetsstandpunt over de evaluatie die onlangs is uitgevoerd door bureau Berenschot, en de opportuniteit van een samengaan van NMa en OPTA, mede in relatie tot het hebben van rechtspersoonlijkheid van de NMa. Ik heb daar begrip voor.

Ik verzoek u de behandeling van het wetsvoorstel aan te houden. Alvorens tot behandeling over te gaan zou ik het wenselijk vinden over bovengenoemde zaken een kabinetsstandpunt te bepalen, waarover ik u dan schriftelijk op korte termijn zal informeren.

Overigens zeg ik u hierbij gaarne toe dat ik – evenmin als mijn voorgangers – voornemens ben aanwijzingen te geven in individuele gevallen.

De Minister van Economische Zaken,

H. Ph. J. B. Heinsbroek

Naar boven