Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202019637 nr. 2629

19 637 Vreemdelingenbeleid

Nr. 2629 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 juni 2020

Naar aanleiding van de mijn brief d.d. 8 april 2020 inzake «Reactie op de motie van de leden Van den Berge en Van Ojik over slachtoffers van bacha-bazimisbruik niet terugsturen (Kamerstuk 19 637, nr. 2552)» (Kamerstuk 19 637, nr. 2596), heeft de Vaste Commissie voor Justitie en Veiligheid mij op 11 mei jl. verzocht om geen onomkeerbare stappen te nemen inzake slachtoffers van bacha-bazimisbruik totdat het notaoverleg over migratie heeft plaatsgevonden.

Op 3 juni as. staat een nota-overleg met uw Kamer gepland waar mijn reactie op de motie Van den Berge en Van Ojik over slachtoffers van bacha-bazi misbruik is geagendeerd. Zoals vermeld in de beantwoording van Kamervragen die u separaat heeft ontvangen, ben ik bereid om slachoffers van Bachi-bazi misbruik als risicogroep aan te merken. Op dit moment staat er geen terugkeer naar Afghanistan van bacha-bazi slachtoffers gepland waarmee invulling wordt gegeven aan dit verzoek.

De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A. Broekers-Knol