Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2018-201919637 nr. 2518

19 637 Vreemdelingenbeleid

Nr. 2518 MOTIE VAN HET LID VAN TOORENBURG C.S.

Voorgesteld 4 juli 2019

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de jezidi's in Irak onder IS de meest gruwelijke verschrikkingen hebben moeten doorstaan;

overwegende dat uit het ambtsbericht van de Minister van Buitenlandse Zaken blijkt dat hun positie in de meeste delen van Irak nog steeds uitermate kwetsbaar is;

overwegende dat ook het hoofd van de vluchtelingenorganisatie van de VN er bij Nederland op aangedrongen heeft jezidi's niet terug te sturen naar kampen in Irak;

verzoekt de regering, bij de beoordeling van asielaanvragen van jezidi's uit Irak een genereus beleid te voeren dat serieus recht doet aan de kwetsbare positie van de jezidi's, ten minste inhoudende dat ontheemden van wie erkend is dat ze jezidi zijn en tegen wie geen specifieke bezwaren gelden, niet zullen worden teruggestuurd naar kampen in de Koerdische Autonome Regio (KAR) in Irak,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Toorenburg

Voordewind

Groothuizen