Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201719637 nr. 2316

19 637 Vreemdelingenbeleid

Nr. 2316 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 mei 2017

Uw Kamer heeft aangegeven te willen worden geïnformeerd met een duiding van het bericht in de Telegraaf «Zorgeloos in Eritrea» (Regeling van Werkzaamheden van 30 maart jl. (Handelingen II 2016/17, nr. 62, item 6)). Daarnaast hebben meerdere Kamerleden schriftelijke vragen gesteld naar aanleiding van dit bericht. De beantwoording van deze vragen wordt tegelijker met onderhavige brief aan uw Kamer aangeboden (Aanhangsel Handelingen II 2016/17, nrs. 1788, 1789 en 1790).

In het bericht van de Telegraaf «Zorgeloos in Eritrea» (30 maart jl.) werd gemeld dat Eritreeërs hun herkomstland zouden bezoeken voor familiebezoek of vakantie.

De asielvergunning is bedoeld om vreemdelingen indien nodig te beschermen tegen gevaar in dat herkomstland. Als wordt geconstateerd dat vreemdelingen met een asielvergunning voor bepaalde tijd hun herkomstland hebben bezocht dan start de IND in de regel een intrekkingsprocedure. Dit geldt niet voor personen met een Nederlands paspoort of met een asielvergunning voor onbepaalde tijd. In dat laatste geval kan intrekken alleen plaatsvinden als uit de terugkeer kan worden afgeleid dat zij onjuiste verklaringen hebben afgelegd bij hun eerdere asielprocedure.

In het bericht van de Telegraaf is niet aangegeven dat het gaat om Eritreeërs met een asielvergunning voor bepaalde tijd. De Volkskrant citeert op 31 maart jl. de eigenaar van dit reisbureau, die spreekt over de verkoop van circa 300 tickets naar Eritrea per jaar. De eigenaar geeft aan niet te weten of hun reizigers een asielvergunning hebben en dat de meeste klanten Eritreeërs zijn die al veel langer in Nederland zijn, soms tientallen jaren. Personen met een vergunning voor onbepaalde tijd of een Nederlands paspoort kunnen in beginsel zonder verblijfsrechtelijke gevolgen reizen naar hun herkomstland.

De IND werkt samen met de KMar en anderen om te controleren of vreemdelingen met een asielvergunning zijn gereisd naar hun herkomstland.

Voor medio 2015 hield de IND de intrekkingsgrond en reden van intrekking niet specifiek bij. In de periode van medio 2015 tot begin dit jaar is van circa 100 vergunninghouders onderzocht of de asielvergunning kon worden ingetrokken op grond van reizen naar herkomstland. Dit heeft geleid tot enkele tientallen intrekkingen. Er bevonden zich geen Eritreeërs onder de circa 100 onderzochte vergunninghouders. Aanvullend op deze reguliere controle zijn vorig jaar ook tijdelijk extra controles uitgevoerd op vluchten waarvan het vermoeden bestond dat er Eritreeërs met een asielvergunning aan boord zaten. Bij deze controles zijn evenmin terugreizende Eritreeërs aangetroffen. De komende tijd zal opnieuw intensiever worden gecontroleerd of er sprake is van terugreizende Eritreeërs. Hierbij zal ook informatie worden uitgewisseld met de Duitse en Belgische diensten.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, K.H.D.M. Dijkhoff