Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201719637 nr. 2226

19 637 Vreemdelingenbeleid

Nr. 2226 MOTIE VAN HET LID GESTHUIZEN C.S.

Voorgesteld 28 september 2016

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in het nieuwe ambtsbericht betreffende Somalië de definitie van alleenstaande vrouwen wordt aangepast waardoor zij niet meer worden gezien als alleenstaand indien zij nog beschikken over een mannelijk familielid in de derde graad in hun herkomstgebied;

constaterende dat dit ten gevolge heeft dat een vrouw afhankelijk kan worden gemaakt van bijvoorbeeld een verre neef of oudoom en dit meegaat in de patriarchale cultuur waarvoor sommige vrouwen uit Somalië juist gevlucht zijn;

overwegende dat de aanwezigheid van een derdegraads mannelijk familielid niet in de absolute mate als thans in het ambtsbericht is opgeschreven, als sociaal netwerk gezien kan worden en bovendien geenszins garandeert dat de alleenstaande vrouw minder kwetsbaar zou zijn;

van mening dat anno 2016 vrouwen waar ook ter wereld op geen enkele wijze afhankelijk gemaakt mogen worden van mannen en dat dit ambtsbericht daar wel op hint;

verzoekt de regering, het beleid ten aanzien van alleenstaande vrouwen te herzien en tot die tijd een besluit- en vertrekmoratorium voor vrouwen uit Zuid- en Centraal Somalië in te stellen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Gesthuizen

Voortman

Voordewind

Sjoerdsma