Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 17 oktober 2014
Uw Kamer heeft mij op 1 oktober jongstleden verzocht informatie te verstrekken over
het beleid voor asielzoekers naar landen waar ebola heerst en over het beleid voor
migranten die naar Nederland komen uit landen waar ebola heerst. Met deze brief kom
ik aan uw verzoek tegemoet.
Op grond van de huidige omstandigheden en de informatie die mij ter beschikking staat,
ben ik van mening dat het niet nodig is bijzonder toelatings- en terugkeerbeleid te
formuleren voor asielzoekers die uit de landen komen waar ebola heerst en voor migranten
die naar de betreffende landen terugkeren. Uiteraard zijn er in de uitvoeringspraktijk
wel de nodige maatregelen getroffen. Hierna licht ik een en ander graag toe.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu volgt de vrijwel dagelijkse updates
van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De WHO adviseert op dit moment geen reis-
of handelsbeperkingen vanwege de ebola-uitbraak. De Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport heeft uw Kamer uitgebreid over de ebola-problematiek geïnformeerd
in antwoord op schriftelijke vragen van het lid-Van Klaveren1. De Internationale Organisatie voor Migratie ondersteunt vreemdelingen die naar landen
willen terugkeren waar ebola heerst op gebruikelijke wijze.
Het Ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) ontraadt momenteel alle reizen naar Liberia,
Sierra Leone en Guinee. Het reisadvies geldt niet zozeer vanwege een verhoogd risico
op besmetting, maar omdat de veiligheidssituatie voor de reiziger in het geding kan
zijn. Hierbij kunt u denken aan: toegenomen sociale onrust, binnenlandse reisbeperkingen,
gesloten grensovergangen, geannuleerde vluchten en mogelijk geen of een zeer beperkte
toegang tot medische zorg. Het reisadvies van BZ voor Liberia, Sierra Leone en Guinee
heeft niet automatisch tot gevolg dat het vreemdelingenbeleid moet worden aangepast.
Het doel, het kader en de afwegingen van beide verschillen van elkaar.
In gerechtelijke procedures brengen vreemdelingen in toenemende mate naar voren dat
zij niet kunnen terugkeren vanwege de uitbraak van ebola. Vooralsnog wordt dit door
rechtbanken niet gehonoreerd, aangezien geen sprake is van een direct levensbedreigende
situatie voor elke persoon die naar de betreffende landen terugkeert. De drempel die
door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens is aangelegd om een beroep op artikel
3 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens wegens medische omstandigheden
te doen slagen, ligt hoog. Het moet aannemelijk zijn dat een gevaar voor lijf en leden
volgt; de enkele mogelijkheid is onvoldoende.
Met uitzondering van België is het beleid in andere Europese landen om reden van de
ebola-uitbraak niet gewijzigd. De landen zien in het algemeen geen beletselen voor
gedwongen terugkeer. In de praktijk worden vreemdelingen daadwerkelijk naar de betreffende
landen uitgezet.
Uitvoeringsmaatregelen
Bij alle vreemdelingenketenpartners is aandacht voor de ebola-uitbraak. Aan de grens
zijn speciale handelingsprotocollen in werking gesteld en draaiboeken beschikbaar
conform de Wet Preventieve Geneeskunde ten aanzien van reizigers. De medewerkers van
de Koninklijke Marechaussee hebben instructies gekregen over hoe zij in voorkomende
gevallen moeten handelen. De medische hulpdiensten op Schiphol hebben de beschikking
over de benodigde (hulp)middelen. Vreemdelingen die naar landen worden uitgezet waar
ebola heerst, krijgen conform de richtlijnen een folder uitgereikt. De Schipholmedewerkers
moeten daarop toezien.
De landen waar ebola heerst, hebben ook zelf maatregelen aan de grens getroffen. Er
worden temperatuurmetingen verricht bij iedereen die het land binnenkomt en het land
verlaat.
De kans dat het ebola-virus zich via de instroom van asielzoekers in Nederland ongecontroleerd
zal verspreiden, wordt als zeer beperkt ingeschat. Evengoed zijn medewerkers van de
Immigratie- en Naturalisatiedienst, de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) en het Centraal
orgaan Opvang Asielzoekers verzocht om personen met hoge koorts, die korter dan drie
weken geleden vanuit Guinee, Sierra Leone, Liberia of Nigeria naar Nederland zijn
gekomen, direct onder de aandacht van de medewerkers van het Gezondheidscentrum Asielzoekers
(GCA) te brengen. Het GCA heeft hun medewerkers hiervan op de hoogte gesteld. Overigens
is de jaarlijkse instroom van asielzoekers uit de betreffende landen relatief gering.
Ook de caseload van de DT&V is voor de meest getroffen landen gering.
De Nederlandse overheid volgt de ontwikkelingen op de voet. Zoals gezegd, leiden de
huidige omstandigheden niet tot het wijzigen van het toelatings- of terugkeerbeleid.
Mocht hierin verandering komen, zal ik uw Kamer daarover uiteraard berichten.
De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie,
F. Teeven