Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-28 nr. 307 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Zoals belastingen, uitkeringen en subsidies.
Officiële publicaties van de overheid.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | 21501-28 nr. 307 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 25 juni 2026
Hierbij ontvangt u het verslag van de informele Raad Buitenlandse Zaken Defensie met Ministers van Defensie, die plaatsvond op 7 en 8 juni jl. op Cyprus. Deze informele Raad zou aanvankelijk plaatsvinden op 11 en 12 maart jl., maar werd toen vanwege de veiligheidssituatie in het Midden-Oosten geannuleerd. Nederland werd tijdens de bijeenkomst vertegenwoordigd door de Nederlandse PSC-ambassadeur bij de Europese Unie. Er is gesproken over steun aan Oekraïne, maritieme veiligheid en de Europese Veiligheidsstrategie. In deze brief informeer ik uw Kamer tevens over de inzet van twee Nederlandse cyberexperts in het multinationale Cyber Rapid Response Team (CRRT) in Armenië.
Informele Raad Buitenlandse Zaken Defensie
Steun aan Oekraïne
De Ministers spraken over militaire steun aan Oekraïne. De plaatsvervangend Minister van Defensie van Oekraïne Serhii Boyev opende de bespreking via videoverbinding met een toelichting op de actuele situatie in Oekraïne en de urgente militaire behoeften van de Oekraïense krijgsmacht. Ten aanzien van de Ukraine Support Loan werd door Nederland het belang van snelle implementatie en de mogelijkheid om materieel uit derde landen aan te schaffen benadrukt. Nederland heeft tijdens de Raad onderstreept dat het kabinet de militaire en financiële steun aan Oekraïne meerjarig en onverminderd voortzet en dat EU-steun aan Oekraïne bilaterale steun niet vervangt. Gezien de situatie in Oekraïne heeft Nederland gewezen op het belang van snelle implementatie van de Ukraine Support Loan en dat Oekraïne voldoende flexibiliteit krijgt om de middelen in te zetten voor de aanschaf van noodzakelijk materieel, ook in derde landen indien de Europese defensie-industrie dit niet of niet tijdig kan leveren.
Begin juni heeft Hongarije aangegeven de 6,6 miljard euro die gereserveerd is voor steun aan Oekraïne binnen de Europese Vredesfaciliteit (EPF) niet langer te blokkeren. De Ministers spraken over operationalisering van deze middelen waarbij het belang van snelheid werd onderstreept, ook door Nederland. Nederland heeft tijdens de Raad aangegeven er voorstander van te zijn dat het merendeel van de gelden wordt ingezet voor uitbetaling van ingediende declaraties voor reeds geleverde militaire steun gaat. Dit is in lijn met de afspraken die hierover zijn gemaakt in 2023 op Coreper niveau en werd door veel lidstaten uitgedragen.
Maritieme veiligheid
De Ministers spraken vervolgens over maritieme veiligheid in het licht van recente ontwikkelingen.
De Hoge Vertegenwoordiger van de EU (HV) Kaja Kallas ging in op het tegengaan van de Russische schaduwvloot. HV Kallas benadrukte dat het doel is om de operaties van schaduwvloot moeilijker en kostbaarder te maken. Ze benadrukte de belangrijke coördinerende rol van de EU gericht op het tegengaan van de schaduwvloot, in aanvulling op nationale initiatieven. HV Kallas pleitte daarnaast voor synergie met NAVO-activiteiten: EU en NAVO hebben complementaire instrumenten op dit terrein die zo goed mogelijk ingezet moeten worden.
Vrijwel alle lidstaten, waaronder Nederland benadrukten het belang van het tegengaan van de Russische schaduwvloot en verwelkomden inzet hierop door de maritieme operaties en andere instrumenten. Verschillende lidstaten waaronder Nederland lichtten hun nationale initiatieven toe. Nederland werkt aan wetgeving om de mogelijkheden voor optreden tegen vals gevlagde schepen te verruimen. Deze wetgeving is gericht op het tegengaan van sanctieontwijking en het versterken van toezicht op scheepvaart in de Nederlandse exclusieve economische zone. Deze zal voor het zomerreces voor advies aan de Raad van State worden gezonden en na het zomerreces aan uw Kamer worden voorgelegd.
Daarnaast werd gesproken over de maritieme veiligheid in de Straat van Hormuz en over het belang van operatie Aspides als gezamenlijke Europese bijdrage aan regionale veiligheid. Nederland heeft in de bespreking, evenals andere lidstaten, gewezen op het belang van samenhang tussen de verschillende initiatieven in de regio. Daarbij heeft Nederland aangegeven dat het de opties om militair bij te gaan dragen aan het bevorderen van de vrije doorvaart in Straat van Hormuz onderzoekt, waarbij met voorrang wordt gekeken naar de internationale coalitie onder leiding van het VK en Frankrijk.
Europese veiligheidsstrategie
Tot slot spraken de Ministers over de aangekondigde EU veiligheidsstrategie. Verschillende lidstaten benadrukten het belang om snel de Europese defensiegereedheid te versterken en de belangrijke rol van de EU om te komen tot een sterkere NAVO. Enkele lidstaten gingen in op de noodzaak om de effectiviteit van de EU om besluiten te nemen en adequaat te reageren op crises te versterken. Eurocommissaris voor Defensie en Ruimte Andrius Kubilius benadrukte het belang van kijken naar gebruik van constructieve onthouding en QMV.
HV Kaja Kallas ging in op de operationalisatie van artikel 42.7 van het Verdrag van de Europese Unie (VEU). Artikel 42.7 VEU ziet op wederzijdse bijstand in het geval van een gewapende aanval. De HV onderschreef belang van complementariteit 42.7 VEU met artikel 5 van het NAVO-verdrag. Ook Kubilius benadrukte dat EU-initiatieven de NAVO moeten versterken. Hij benoemde in dat kader dat er goed moet worden gekeken naar hoe de Defence Readiness Roadmap en met name de European Defence Projects of Common Interest de NAVO kunnen versterken.
Voorlopig politiek akkoord Defensie Omnibus
Op 10 juni jl. hebben de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie een voorlopig politiek akkoord bereikt in de triloogonderhandelingen over de Defensie Omnibus. De Commissie presenteerde dit voorstel op 17 juni 2025. De Defensie Omnibus richt zich op het wegnemen van belemmeringen in de EU-wetgeving voor defensiegereedheid. De belangrijkste resultaten zijn de erkenning van defensiegereedheidsprojecten als «dwingend openbaar belang», de invoering van een maximale vergunningstermijn voor defensiegereedheidsprojecten en de stilzwijgende vergunningverlening wanneer een besluit niet binnen die termijn wordt genomen. Daarnaast is er een verduidelijking en verruiming van de defensie-uitzonderingen in de regelgeving voor chemische stoffen, een verhoogde drempelwaarde voor defensie-aanbestedingen en een versneld proces voor de beoordeling en gunning van EDF-projecten. Het pakket geeft een duidelijk politiek signaal dat vereenvoudiging van de regelgeving voor defensiegereedheid noodzakelijk is en dat de EU hier daadkrachtig op kan handelen.
CRRT inzet Armenië
Tevens maakt het kabinet van deze gelegenheid gebruik om uw Kamer te informeren over de inzet van een Nederlandse bijdrage aan het multinationaal Cyber Rapid Response Team (CRRT). Nederland is deelnemer in dit EU Permanent Structured Cooperation (PESCO)- project voor snel inzetbare, multinationale cyberteams. Het roterend voorzitterschap staat nu onder leiding van Polen. Nederland heeft capaciteit geleverd aan het team dat van 3 t/m 10 juni jl. werd ingezet in Armenië voor cybersecurity ondersteuning rondom de parlementsverkiezingen (zondag 07 juni 2026). Naast Nederland hebben nog een aantal lidstaten uit dit EU-PESCO project bijgedragen aan deze CRRT-inzet.
De Minister van Defensie, D. Yeşilgöz-Zegerius
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-21501-28-307.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.