29 538 Zorg en maatschappelijke ondersteuning

Nr. 376 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANGDURIGE ZORG, JEUGD EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 29 juni 2026

Op 27 mei jl. ontving ik vanuit de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport het verzoek om een reactie op een door de Tweede Kamer ontvangen burgerbrief met als onderwerp «Red de Thuiszorg Huishouding!».

In het coalitieakkoord «Aan de slag» (bijlage bij Kamerstuk 36 848, nr. 31) is opgenomen dat de huishoudelijke hulp als maatwerkvoorziening met ingang van 1 januari 2029 wordt geschrapt uit de Wmo 2015. Ik begrijp dat dit voornemen kan leiden tot zorgen bij medewerkers huishoudelijke hulp, voor zowel hun cliënten als hun eigen arbeidsmarktpositie.

De maatregel om huishoudelijke hulp uit de Wmo 2015 te halen is opgenomen in het coalitieakkoord omdat de druk op maatschappelijke ondersteuning hoog is, mede door de dubbele vergrijzing en krapte op de arbeidsmarkt. Het doel is maatschappelijke ondersteuning voor de meest kwetsbare mensen toegankelijk te houden. Daarom voorziet de maatregel ook in een vangnet: voor de mensen die niet zelf hulp kunnen regelen, blijven gemeenten daarin voorzien.

Op dit moment wordt in het kader van de moties Stoffer c.s.1 en Lahlah c.s.2 gewerkt aan een analyse van de effecten (op o.a. het besteedbaar inkomen) van de stapeling van maatregelen in de zorg en sociale zekerheid. Over de resultaten hiervan wordt u na de zomer geïnformeerd. Deze analyse zal ik gebruiken bij de verdere uitwerking van de maatregel voor huishoudelijke hulp. Tegelijkertijd betrek ik informatie van belangenorganisaties, maar ook van betrokken burgers om de juiste afwegingen te maken. Ook het arbeidsmarktperspectief neem ik hierin mee. In navolging van de motie Diederik van Dijk3 zal ik in de uitwerking rekening houden met het voorkomen van een ongewenste uitstroom van zorgmedewerkers.

Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport, W.R.C. Sterk


X Noot
1

Kamerstukken II 2024/25, 36 848, nr. 79.

X Noot
2

Kamerstukken II 2025/26, 36 800 XV, nr. 52 en 36 800, nr. 98.

X Noot
3

Kamerstukken II2025/26, 29 282, nr. 639

Naar boven