Hieronder zijn opgenomen het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State
d.d. 18 maart 2026 en het nader rapport d.d. 25 maart 2026, aangeboden aan de Koning
door de Minister van Buitenlandse Zaken. Het advies van de Afdeling advisering van
de Raad van State is cursief afgedrukt.
Blijkens de mededeling van de Directeur van Uw kabinet van 6 februari 2026, no. 2026000282,
machtigde Uwe Majesteit de Afdeling advisering van de Raad van State haar advies inzake
het bovenvermelde voorstel van wet rechtstreeks aan mij te doen toekomen. Dit advies,
gedateerd 18 maart 2026, nr. W02.26.00035/II, bied ik U hierbij aan.
De tekst van het advies treft U hieronder aan, voorzien van mijn reactie.
Bij Kabinetsmissive van 6 februari 2026, no.2026000282, heeft Uwe Majesteit, op voordracht
van de Minister van Buitenlandse Zaken, bij de Afdeling advisering van de Raad van
State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet houdende goedkeuring van
het op 16 december 2025 te 's-Gravenhage tot stand gekomen Verdrag tot oprichting
van een internationale schadevergoedingscommissie voor Oekraïne (Trb. 2025, 101), met memorie van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het voorstel
van wet en adviseert het voorstel bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal in te dienen.
De vice-president van de Raad van State,
Th.C. de Graaf
Het voorstel van wet geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding
tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
Ik verzoek U het hierbij gevoegde voorstel van wet en de memorie van toelichting aan
de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.
De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen