4 Benoeming vertrouwenspersoon

Benoeming vertrouwenspersoon

Aan de orde is de benoeming van een vertrouwenspersoon.

De voorzitter:

Dan is aan de orde de benoeming van een vertrouwenspersoon voor de leden van de Eerste Kamer. Artikel 12 van de Gedragscode integriteit schrijft voor dat de Kamer, op voorstel van het College van Voorzitter en Ondervoorzitters, een onafhankelijke vertrouwenspersoon benoemt om leden en fracties van advies te dienen over de interpretatie van de gedragscode en over het gewenst handelen in concrete situaties. Het College van Voorzitter en Ondervoorzitters stelt thans voor de heer Hans Nijhout in deze functie te benoemen. Mij is gebleken dat er geen behoefte is aan een schriftelijke stemming over deze benoeming. Ik leg de Kamer daarom de vraag voor of zij zich met het voorstel tot benoeming van de heer Nijhout kan verenigen.

(Applaus)

De voorzitter:

Dat is overduidelijk het geval. De heer Nijhout is daarmee benoemd tot vertrouwenspersoon voor de Eerste Kamerleden. Namens u allen heet ik de heer Nijhout hartelijk welkom. U kunt hem zo dadelijk feliciteren in de Hall.

Hiermee zijn we gekomen aan het einde van deze vergadering. Ik dank alle leden, de medewerkers die deze vergadering mogelijk hebben gemaakt en de aanwezigen op de publieke tribune voor hun komst naar de Kamer. De vergaderdag van de Eerste Kamer wordt vanmiddag en vanavond voortgezet in verschillende commissievergaderingen, die u hier en thuis kunt volgen.

Naar boven