15de vergadering
Dinsdag 16 januari 2007
13.30 uur
Voorzitter: Timmerman-Buck
Tegenwoordig zijn 63 leden, te weten:
Van de Beeten, Bemelmans-Videc, Van den Berg, Biermans, Broekers-Knol,
Van den Broek-Laman Trip, Van Dalen-Schiphorst, Dees, Doek, Van Driel, Eigeman,
Engels, Essers, Van Gennip, De Graaf, Hamel, Hoekzema, Ten Hoeve, Holdijk,
Jurgens, Kalsbeek-Schimmelpenninck van der Oije, Ketting, Klink, Kox, Van
der Lans, Van Leeuwen, Leijnse, Lemstra, Linthorst, Luijten, Meindertsma,
Meulenbelt, Middel, Van Middelkoop, Nap-Borger, Noten, Van den Oosten, Pastoor,
Platvoet, Pruiksma, Putters, Rabbinge, Rosenthal, Ruers, Russell, Schouw,
Schuyer, Slagter-Roukema, Swenker, Sylvester, Terpstra, Van Thijn, Thissen,
Timmerman-Buck, Vedder-Wubben, Wagemakers, Walsma, Werner, Westerveld, Witteman,
Witteveen, Woldring en De Wolff.
De voorzitter:
Ik deel aan de Kamer mede dat zijn ingekomen berichten van verhindering
van de leden:
Bierman-Beukema toe Water en Dölle, wegens ziekte;
Maas-de Brouwer, wegens verblijf buitenslands;
Minderman, wegens persoonlijke omstandigheden.
Deze berichten worden voor kennisgeving aangenomen.
De voorzitter:
De ingekomen stukken staan op een lijst die in de zaal ter inzage ligt.
Op die lijst heb ik voorstellen gedaan over de wijze van behandeling. Als
aan het einde van de vergadering daartegen geen bezwaren zijn ingekomen, neem
ik aan dat de Kamer zich met de voorstellen heeft verenigd.
(Deze lijst is, met de lijst van besluiten, opgenomen aan het einde van
deze editie.)
De voorzitter:
Ingekomen is een beschikking van de Voorzitters van de Eerste en de Tweede
Kamer der Staten-Generaal houdende benoeming van de heer J.H. ten Broeke tot
lid van de OVSE-Assemblee in plaats van mevrouw Dezentjé-Hamming.
Deze beschikking ligt op de Griffie ter inzage. Ik stel voor, de beschikking
voor kennisgeving aan te nemen.
De voorzitter:
Ik deel aan de Kamer mede dat door mij zijn benoemd tot leden van de commissie
tot Onderzoek van de geloofsbrief van het benoemde lid der Kamer de heer L.
Coppoolse, de leden Werner (voorzitter), Van den Berg en Dees.
Ik deel voorts aan de Kamer mede dat de ingekomen missives van het Centraal
Stembureau en de geloofsbrief van de heer Coppoolse inmiddels in handen zijn
gesteld van de commissie tot Onderzoek van de geloofsbrief.
Het is mij gebleken dat de commissie haar taak reeds heeft verricht. Ik
geef derhalve het woord aan de heer Werner, voorzitter van de commissie tot
Onderzoek van de geloofsbrief van de heer Coppoolse, tot het uitbrengen van
het rapport.
De heer Werner:
voorzitter der commissie
De commissie welke de geloofsbrief van het benoemde lid van de Kamer de
heer L. Coppoolse heeft onderzocht, heeft de eer, te rapporteren dat de geloofsbrief
en de daarbij ingevolge de Kieswet overgelegde bescheiden in orde zijn bevonden.
Het rapport van de commissie is neergelegd ter Griffie en is ter inzage voor
alle leden. De commissie adviseert de Kamer om de heer L. Coppoolse als lid
van de Kamer toe te laten.
De voorzitter:
Ik dank de heer Werner voor het uitbrengen van het rapport en de commissie
voor het verrichten van haar taak. Ik stel aan de Kamer voor, het advies van
de commissie te volgen en het rapport in de Handelingen te doen opnemen.
(Het rapport is opgenomen aan het eind van deze editie.)1
De voorzitter:
Ik verzoek de griffier, de heer Coppoolse binnen te leiden.
Nadat de heer Coppoolse door de griffier is binnengeleid, legt hij in
handen van de voorzitter de bij de wet voorgeschreven eden af.
De voorzitter:
Mijnheer Coppoolse, ik wens u van harte geluk met uw benoeming en stel
nu de collega's in de gelegenheid, u met uw benoeming te feliciteren.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.