Uitvoeringsprogramma Omgevingsrecht 2026

 

Intitulé

Het college van Heusden heeft in de vergadering van 27 januari 2026,

gelet op o.a. de Omgevingswet,

het Omgevingsbesluit, de provinciale Verordening systematische toezichtinformatie Noord-Brabant en de Algemene wet bestuursrecht (Awb), besloten:

 

- het ‘Uitvoeringsprogramma Omgevingsrecht 2026’ met de daarbij behorende bijlagen vast te stellen;

- de raadsleden te informeren met de bijgevoegde raadsinformatiebrief en hen daarbij het uitvoeringsprogramma met de bijlagen ter kennisname toe te sturen.

 

namens het college van Heusden,

de secretaris,

mr. H.J.M. Timmermans

 

 

H1: Achtergrond en status

1.1 Beleidsmatige kaders

Het college van Heusden stelde op 16 december 2025, voor het laatste jaar van dit plan, het Strategisch Omgevingsbeleidsplan Omgevingsrecht 2023-2026 (hierna: omgevingsbeleidsplan) opnieuw vast met enkele ondergeschikte wijzigingen. Op basis van de ontwikkelingen en een ambtelijke evaluatie van de omgevingsrisico’s zijn in dit omgevingsbeleidsplan de prioriteiten en doelstellingen vastgelegd. Het omgevingsbeleidsplan geeft dus weer ‘wat’ we wensen te bereiken. De prioriteiten zijn nog steeds actueel en vragen inzet van onze capaciteit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). De wijze waarop: ‘hoe’ we werken om deze doelstellingen te realiseren, legden wij eerder vast in het ‘Operationeel omgevingsbeleidsplan 2015-2018’. In dit document legden wij vast welke instrumenten we inzetten, welke strategieën we volgen, hoe we zorgen voor kwaliteitsborging en hoe we de voortgang monitoren.

Dit jaar zullen we voor de periode 2027-2030 nieuwe Omgevingsbeleidsplannen VTH opstellen (Strategisch en Operationeel). Binnen het omgevingsbeleid zijn in dit programma uitvoeringsaccenten gelegd. Deze geven zowel aan ‘wat’ we doen als ‘hoe’ we dat doen en bieden richting en kaders voor de uitvoering van taken op grond van het omgevingsrecht.

 

1.2 Doel uitvoeringsprogramma

In dit Uitvoeringsprogramma Omgevingsrecht 2026 (hierna: uitvoeringsprogramma) wordt de capaciteit geraamd voor de instrumenten die we in 2026 inzetten, zodat we met de beschikbare middelen zo optimaal mogelijk onze doelstellingen kunnen realiseren. Het gaat hierbij om de instrumenten die we inzetten voor de VTH-taken op het werkveld van de Omgevingswet, met name bouwen, sloop, asbest, brandveiligheid, milieu en ruimtelijke ordening. Met dit uitvoeringsprogramma wordt voldaan aan de bepalingen van de Omgevingswet, het Besluit Omgevingsrecht en de Kwaliteitscriteria 2.3 (versie 15 april 2022) voor vergunningverlening, toezicht en handhaving krachtens de Omgevingswet. Het uitvoeringsprogramma geeft specifiek invulling aan artikel 7.3 van de Omgevingswet waarin is bepaald dat wij jaarlijks het uitvoerings- en handhavingsbeleid moeten uitwerken in een uitvoeringsprogramma waarin wordt aangegeven welke van de vastgestelde activiteiten wij jaarlijks zullen uitvoeren rekening houdend met de gestelde doelen en prioriteiten. Het uitvoeringsprogramma geeft inzicht voor burgers en bedrijven, de gemeentelijke organisatie en onze samenwerkingspartners over hoe wordt omgegaan met de uitvoering van het omgevingsbeleidsplan. Het uitvoeringsprogramma is op hoofdlijnen afgestemd met de instanties die zijn belast met de strafrechtelijke handhaving (artikel 13.8 Omgevingsbesluit).

 

1.3 Organisatorische inbedding

Binnen onze gemeente worden de taken op grond van het omgevingsrecht voornamelijk uitgevoerd binnen de clusters Ruimtelijke ordening (RO), Omgevingsvergunningen (OV) en Veiligheid en Handhaving (VH). Daarnaast zijn de Omgevingsdienst Midden- en West- Brabant (OMWB) en de Veiligheidsregio Brabant-Noord (VRBN) betrokken bij de diensten en producten die worden geleverd. Het uitvoeringsprogramma vormt de leidraad voor de uitvoering van de taken. Natuurlijk kan de uitvoering door omstandigheden wijzigen. Gedurende de looptijd van het uitvoeringsprogramma wordt bekeken of bijstelling van het programma nodig is. De ervaringen uit het uitvoeringsprogramma van het lopende jaar worden meegewogen bij de opstelling van het uitvoeringsprogramma voor het volgende jaar. In de jaarlijkse evaluatie rapportage (jaarverslag) op basis van artikel 13.11 van het Omgevingsbesluit rapporteren wij uitgebreid over de resultaten van de uitvoering

 

1.4 Leeswijzer

In hoofdstuk 2 beschrijven wij de ontwikkelingen die in 2026 impact hebben op onze taakuitvoering. In hoofdstuk 3 beschrijven we de systematiek van programmeren en geven we een grove raming van de ‘productie’ van onze VTH-activiteiten in 2026. Dit hoofdstuk bevat ook een overzichtstabel met de raming van de uren per doelstelling, de instrumenten die we in 2026 inzetten en de verwachte doelrealisatie. In hoofdstuk 4 maken we tot slot een doorvertaling van deze inzet naar de functies en (externe) organisaties die de werkzaamheden uitvoeren.

 

 

H2: (Juridische) ontwikkelingen

 

2.1 Evaluatie doelstellingen en nieuwe ontwikkelingen

Afgelopen jaar is, voorafgaand aan de opstelling van dit uitvoeringsprogramma, een aantal maal beoordeeld of er een noodzaak was/is om de doelstellingen uit het Strategisch omgevingsbeleidsplan omgevingsrecht 2023-2026 aan te passen. Onze conclusie is dat dit niet het geval is. Er zijn geen landelijke of plaatselijke ontwikkelingen die een aanpassing op dit moment noodzakelijk maken. Daarom wordt dit jaar, net zoals in de afgelopen jaren, onverminderd capaciteit -en instrumenten- ingezet op de 31 doelstellingen van het Omgevingsbeleidsplan, o.a. om een beter naleefgedrag te bewerkstelligen. Ook ten aanzien van vergunningverlening merken wij uitdrukkelijk op dat de beschikbare capaciteit noodzakelijk blijft om de lopende vergunningaanvragen binnen de wettelijke termijnen af te handelen. Hierbij is het belangrijk nog op te merken dat de invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), per 1 januari 2024 ook nu nog extra inzet vraagt in het hele traject van vergunningverlening, toezicht en handhaving, met name om de processen goed te laten verlopen. Optimalisatie van de ondersteunende werkapplicaties blijft nodig. Ook is er, met name in het toezichttraject van de Omgevingswet en Wet kwaliteitsborging, nog steeds onvoldoende ervaring opgedaan om de werkprocessen/werkwijzen op dit punt goed te kunnen beschrijven. De verwachting is dat er dit jaar weer meer ervaring wordt opgedaan omdat er steeds meer gebouwen die onder deze wetten vallen, gebouwd worden.

 

 

H3: Systematiek van programmeren

 

In dit hoofdstuk beschrijven we de systematiek van programmeren. Het daadwerkelijke uitvoeringsprogramma 2026 is opgenomen in paragraaf 3.4.

 

3.1 Strategische doelstellingen

In het strategisch Omgevingsbeleidsplan Omgevingsrecht 2023-2026 is onderscheid gemaakt tussen doelstellingen over de reguliere procesvoering, procesdoelstellingen en programmadoelstellingen. Ook de proces- en programmadoelstellingen van onze partners, de OMWB en de Regionale brandweer, maken onderdeel uit van het omgevingsbeleidsplan. Bij de programmadoelstellingen van onze eigen gemeente zijn, net als in het vorige omgevingsbeleidsplan VTH-Wabo, per gebiedstype (Vesting Heusden, Kernen, Bedrijfsterreinen en Buitengebied) en gemeentebreed de doelstellingen benoemd die we in de periode 2023-2026 willen realiseren met de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving.

 

Het gaat om de volgende 31 doelstellingen:

Reguliere bedrijfsvoering

1. Besluitvorming op vergunningaanvragen en handhavingsverzoeken binnen

wettelijke termijnen.

2. Behandeling van klachten/meldingen over de fysieke leefomgeving volgens

het klachtenprotocol.

3. Sanctionering bij constatering van overtredingen volgens de sanctiestrategie.

Procesdoelstellingen

 

Eigen doelstellingen:

4. Omgevingsbeleidsplan; vaststelling 1x per 4 jaar door college vóór 1 januari.

5. Uitvoeringsprogramma; vaststelling door college vóór 1 februari.

6. Jaarverslag; vaststelling door college vóór 1 mei.

7. 2x per jaar tussentijdse evaluatie uitvoeringsprogramma in cluster Veiligheid

en Handhaving.

 

Doelstellingen partners (Milieu en Brandveiligheid):

8. Opstellen werkprogramma OMWB vóór 1 december.

9. Opstellen werkprogramma brandweer/ risicobeheersing vóór 1 december.

10. Jaarrapportage/ jaarverslag OMWB uiterlijk 1 april aangeleverd.

11. Jaarrapportage/ jaarverslag brandweer/risicobeheersing uiterlijk 15 maart

aangeleverd.

 

 

Programmadoelstellingen partners

Milieu (meldingen en vergunningverlening)

12. Gemeente stuurt 100% van alle meldingen ter advisering naar de OMWB.

13. Bij aanvraag Omgevingswetvergunning vraagt gemeente in 100% van de

gevallen advies aan de OMWB als milieu een gevraagde (deel)toestemming

is.

Milieu (toezicht en handhaving): “op een effectieve, efficiënte en kwalitatief

verantwoorde wijze zichtbaar samenwerken aan een schone, veilige en

duurzame leefomgeving”

14. OMWB houdt toezicht op bedrijven en locaties conform het

Gemeenschappelijk Uitvoeringskader OMWB 2024-2027 (GUK).

15. OMWB voert 100% van het uitvoeringsprogramma voor de (niet-) basistaak

bedrijven uit.

16. OMWB handelt 100% van alle ingekomen klachten en meldingen af conform

de ‘Herziening werkwijze klachtendienst per 1 april 2020’ van de OMWB.

Brandveiligheid (Vergunningverlening, toezicht en handhaving)

”De focus ligt primair op het voorkomen of beperken van slachtoffers bij brand.

Secundair op het voorkomen van onherstelbare schade bij brand en het voorkomen

van grootse maatschappelijke ontwrichting”

17. Bij gebruiksmelding vraagt gemeente in 100% van de gevallen advies aan de

brandweer/ afdeling risicobeheersing.

18. Brandweer/ afdeling risicobeheersing geeft in 90% van de gevallen binnen

2 weken advies over de gebruiksmelding of Omgevingsvergunningaanvraag.

19. Brandweer houdt toezicht op panden volgens de Risicogerichte

Toezichtstrategie Brandveiligheid 2026-2029 ‘Gericht toezicht op

brandveiligheid’.

20. Handhaving brandveiligheid volgens de Landelijke Handhavings Strategie

Omgevingsrecht LHSO.

21. Brandweer houdt toezicht op 95% van de locaties, genoemd in het jaarlijkse

werkprogramma van de brandweer.

 

Heusden Vesting

22. In stand houden van de monumentale- en archeologische waarden en de

uitstraling van de vesting1.

 

Kernen

23. Voorkomen van illegale (ver)bouw door opleggen bouwstops en

informatieverstrekking.

24. Voorkomen en verminderen van overlastsituaties door bedrijfsmatige

activiteiten op woonpercelen. Daarom: zicht houden op het gebruik van

woonpercelen voor bedrijfsactiviteiten.

 

Bedrijfsterreinen

25. Creëren van vitale en duurzame bedrijventerreinen. De terreinen zijn veilig

en uitnodigend voor werknemers en klanten (speerpunt Omgevingsvisie).

 

Buitengebied

26. Meervoudige waardencreatie vrijkomende agrarische gronden (speerpunt

Omgevingsvisie).

Daarom: zicht houden op het gebruik en de gebruikers van panden voor

bedrijfsactiviteiten en het voorkomen van illegale situaties door vrijkomende

agrarische bebouwing.

27. Toezicht en handhaving van de landschappelijke inplantingsverplichtingen.

 

Gemeentebreed

28. Toezicht en handhaving van het beleid huisvesting arbeidsmigranten 2020.

29. In stand houden van de monumenten en archeologisch waarden2.

30. Voorkomen/tegengaan van illegaal gebruik van gemeentegrond in het

openbaar gebied (zoals bedrijfsmatig gebruik bermen/ parkeerterreinen voor

opslag en plaatsing reclameborden).

31. Toezicht en handhaving van de constructieve veiligheid van gebouwen (met

name bij utiliteitsgebouwen en nieuwbouwwoningen).

 

3.2 Geraamde uren

In paragraaf 3.4 presenteren we per doelstelling een inschatting van het aantal in 2026 benodigde uren, om deze te realiseren. Naast de uren die nodig zijn om de strategische doelstellingen te realiseren, maken we in 2026 uren voor de generieke instrumenten. Dit zijn de instrumenten die we op het gebied van het omgevingsrecht/ de Omgevingswet inzetten voor alle doelgroepen en die niet specifiek aan één doelstelling zijn verbonden. Hierin zijn de uren begrepen die ook dit jaar nog moeten worden ingezet voortvloeiend uit de invoering van de Omgevingswet en Wkb per 1 januari 2024. Ook vallen daar de uren onder om te komen tot de vaststelling van de nieuwe omgevingsbeleidsplannen en om uitvoering te geven aan de aanbevelingen van het Interbestuurlijk toezicht uit het thema-onderzoek meldingen en klachten dat in 2021 bij onze gemeente is uitgevoerd. Tot slot zijn dit jaar (als generiek instrument) uren geraamd voor de projectmatige aanpak van de intrekking van oude niet uitgevoerde bouwvergunningen.

 

3.3 Mate van doelbereik

Om te kunnen bepalen in hoeverre de voorgenomen doelstellingen zijn/ worden gerealiseerd, zijn in dit uitvoeringsprogramma indicatoren gekoppeld aan de doelstellingen. Deze indicatoren geven inzicht in de voortgang. In paragraaf 3.4 staan achter iedere doelstelling de indicatoren. De geraamde waarde van iedere indicator op 31 december 2026 is ook opgenomen. In het jaarverslag over 2026 vergelijken we deze geraamde waarde met de daadwerkelijke waarde op 31 december 2026. Wij blijven werken aan een kwaliteitsverbetering van onze systemen (waaronder het Zaaksysteem) om de gegevens/ aantallen beter te kunnen monitoren. Hierbij zullen ook de aanbevelingen uit het door het Interbestuurlijk toezicht uitgevoerde thema-onderzoek meldingen en klachten worden betrokken.

3.4 In te zetten instrumenten in 2026

Per doelstelling geven we hierna aan welke instrumenten we in 2026 inzetten om de doelstellingen te realiseren.

 

 

 

 

 

 

H4: Werkverdeling

 

Volgens het uitvoeringsprogramma (par 3.4) zijn in totaal 14.380 uren nodig om in 2026 te werken aan de 31 VTH-doelstellingen.

 

De voor vergunningverlening beschikbare uren zijn, net zoals in 2025, toegekend aan een concrete doelstelling in plaats van te worden gezien als ‘reguliere, niet geprioriteerde werkzaamheden’; in totaal 70% van de beschikbare uren. Cluster Omgevingsvergunningen houdt zich voornamelijk bezig met de aanvragen van omgevingsvergunningen voor de diverse onderdelen zoals bouwen, monumenten en afwijken bestemmingsplan. Ook gaat het om het afhandelen van milieumeldingen en meldingen brandveilig gebruik.

 

Een groot deel van de uren van de vergunningverleners Omgevingswet betreft doelstelling 1; het tijdig verlenen van de aangevraagde vergunningen. Van de beschikbare uren is 30% gereserveerd voor de generieke activiteiten m.b.t. de Omgevingswet, zoals werkzaamheden in relatie tot het nieuw op te stellen Omgevingsplan en het voortdurend uitwerken en optimaliseren van processen voorvloeiend uit de invoering van de Omgevingswet en de Wkb per 1 januari 2024. Van de beschikbare uren van de juristen zijn hiervoor ook uren gereserveerd.

 

Daarnaast zijn er voor de juristen uren gereserveerd voor de voorbereiding en opstelling van de nieuwe Omgevingsbeleidsplannen VTH (Strategisch en Operationeel). Beide plannen moeten per 1 januari 2027 zijn vastgesteld. Dit betekent dat we in 2026 opnieuw de prioriteiten gaan bepalen en vastleggen op welke doelstellingen de beschikbare capaciteit op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving met betrekking tot het omgevingsrecht zal worden ingezet. De dit jaar te kiezen nieuwe gemeenteraad zal, net als bij de opstelling van de huidige plannen, bij de te maken keuzes worden betrokken.

 

Tot slot houden de juristen zich bezig met werkzaamheden in zaken die qua beleid niet zijn geprioriteerd (o.a. als gevolg van ingediende verzoeken om handhaving).

De benodigde uren zijn in het hiernavolgende overzicht verdeeld over de functies binnen de gemeente en de externe uitvoeringsorganisaties waarmee we samenwerken.

Mochten de beschikbare personele en/of financiële middelen niet voldoende blijken, wordt dit zo nodig aangevuld en of het uitvoeringsprogramma daarop aangepast.

 

De uren die de diverse interne clusters en externe uitvoeringsorganisaties moeten maken, zijn afgestemd op de uren die deze organisaties beschikbaar hebben.

 

 

Bijlage 1: OMWB WERKPROGRAMMA 2026

Te openen via de 'externe bijlage' op de pagina 'Wetstechnische informatie'.

 

 

Bijlage 2: Werkprogramma Brandweer risicogericht toezicht (RGT) 2026  

Te openen via de 'externe bijlage' op de pagina 'Wetstechnische informatie'.

Naar boven