1e Wijziging van de Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2026

De raad van de gemeente Zuidplas;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 6 januari 2025;

 

gelet op de artikelen 220 tot en met 220h van de Gemeentewet;

 

besluit vast te stellen de:

 

1e Wijziging van de “Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2026”

Artikel 1  

Artikel 7 van de "Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2026" wordt als volgt gewijzigd:

 

  • Artikel 7 Belastingtarieven

    • 1.

      De tarieven van de belasting bedragen een percentage van de heffingsmaatstaf. De percentages bedragen voor:

       

      Tarief 2025

      Tarief 2026

      • a.

        gebruikersbelasting

       

      0,1554 %

      0,1968 %

      • b.

        eigenarenbelasting

       

       

       

       

      • 1.

        voor onroerende zaken die in hoofdzaak tot woning dienen

      0,1010 %

      0,0947 %

       

      • 2.

        voor onroerende zaken die niet in hoofdzaak tot woning dienen

      0,2302 %

      0,2432 %

Artikel 2 Overgangsrecht

De bepalingen die op grond van deze verordening worden gewijzigd blijven van toepassing op belastbare feiten die zich voor de in artikel 3 genoemde datum van 1 januari 2026 hebben voorgedaan.

Artikel 3 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2026.

De datum van ingang van de heffing is eveneens 1 januari 2026.

Artikel 4 Citeerartikel

Deze verordening wordt aangehaald als “1e Wijziging van de Verordening op de heffing en invordering van belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten 2026”.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van 13 januari 2026.

De raad voornoemd,

De griffier,

L.J. Ligtenberg

De voorzitter,

J.F. Weber

Naar boven