Gemeenteblad van Rotterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2026, 166437 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2026, 166437 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen Rotterdam 2026
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam,
gelezen het voorstel van de directeur Welzijn, Zorg & Jeugdhulp, Directie Publieke Gezondheid, Welzijn en Zorg van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling, kenmerk M2601-2473;
gelet op de artikelen 3, derde lid, 4, 5, 6, 8, 12a, 17 de Subsidieverordening Rotterdam 2014;
Deze subsidieregeling is uitsluitend van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten.
Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Voor subsidie komen de noodzakelijke kosten in aanmerking die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die noodzakelijk zijn voor het realiseren van de activiteiten, bedoeld in artikel 3.
Artikel 12 Subsidieverplichtingen
Aan de subsidieontvanger worden de volgende verplichtingen opgelegd:
Het college kan artikel 6, tweede lid, en artikel 12, onderdelen b en c, buiten toepassing laten of daarvan afwijken indien, gelet op het doel en de strekking van deze subsidieregeling, de toepassing hiervan naar het oordeel van het college voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zouden zijn tot de met deze subsidieregeling te dienen doelen.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 24 februari 2026.
De secretaris,
G.J.D. Wigmans
De burgemeester,
C.J. Schouten
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Bijlage 1. Eisen scootmobielstallingen als bedoeld in artikel 3, tweede lid, en artikel 11, eerste lid, onderdeel a, van de Subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen Rotterdam 2026
Te allen tijde voldoen de plannen aan het Besluit bouwwerken leefomgeving. Aanvullend op de eisen van het Besluit bouwwerken leefomgeving, die besloten liggen in de afgegeven vergunning, wordt aanvullend het onderstaande geëist.
De stallingsruimte voldoet aan de volgende eisen:
Iedere stallingsplek voor een scootmobiel:
Bijlage 2. Vereiste plan van aanpak als bedoeld in artikel 9, tweede lid, onderdeel a, van de Subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen Rotterdam 2026
Een plan van aanpak wordt aan de hand van de onderstaande indeling en instructies opgesteld.
Omvang plan van Aanpak: maximaal 5 A4 lettertype Arial 10 exclusief eventuele bijlagen en voorblad.
Kader: het plan van aanpak wordt opgesteld aan de hand van de Subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen Rotterdam 2026.
Inhoud plan van aanpak: door het volledig beantwoorden van onderstaande vragen in het formulier wordt het plan van aanpak opgesteld.
Toelichting op de Subsidieregeling collectieve woningaanpassingen en scootmobielstallingen Rotterdam 2026
Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk ervoor zorg te dragen dat ouderen en mensen met een lichamelijke (functie)beperking zolang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Velen van hen willen ook graag zo lang mogelijk zelfstandig thuis wonen. Om langer zelfstandig te kunnen wonen zijn soms aanpassingen nodig. Met deze regeling wil het college collectieve aanpassingen gericht op het veilig stallen van scootmobielen en de toegankelijkheid van gemeenschappelijke ruimten in wooncomplexen stimuleren. Deze regeling is gebaseerd op de Subsidieverordening Rotterdam 2014 (SVR 2014).
De subsidie wordt beschikbaar gesteld voor collectieve woningaanpassingen in wooncomplexen gericht op het verhelpen van stallingsproblematiek van scootmobielen die veroorzaakt wordt door brandveiligheidseisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving en het verbeteren van de toegankelijkheid van het wooncomplex naar de eigen woonruimte. Het creëren van brandveilige stallingsmogelijkheden en collectieve aanpassingen van gemeenschappelijke ruimten past bij de beweging om mensen zo lang mogelijk in zelfstandigheid te laten wonen.
Ook kan de subsidie betrekking hebben op het creëren van scootmobielstallingen in of bij meerdere woningen in het wooncomplex, als dit bouwtechnisch mogelijk is.
Woningaanpassingen die in het collectief kunnen worden geregeld zorgen ervoor dat in een later stadium maatwerkvoorzieningen op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 niet nodig zijn en dat hiermee voorkomen wordt dat cliënten hun scootmobiel niet langer kunnen gebruiken. De aanpassingen die zien op het verbeteren van de toegankelijkheid waarvoor een subsidie wordt aangevraagd, moeten passen binnen het doel van de subsidieregeling, zoals verwoord in artikel 3.
Voorbeelden van dergelijke aanpassingen zijn:
Op grond van deze subsidieregeling kan een subsidie aangevraagd worden door zowel sociale als particuliere verhuurders in de hoedanigheid van eigenaar van een wooncomplex. Uit een daartoe over te leggen kopie van een notariële akte moet blijken dat de aanvrager daadwerkelijk eigenaar is van het wooncomplex.
Ook een Vereniging van Eigenaren (VvE) kan een aanvraag indienen. Uit een daartoe over te leggen kopie van de statuten alsmede van het daartoe strekkende besluit van de VvE moet blijken of de aanvraag rechtsgeldig is ingediend.
Artikel 5 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
De subsidieverlening ziet op de noodzakelijke kosten die gemoeid zijn met de activiteiten, bedoeld in artikel 3, voor zover zij niet uit andere bronnen gefinancierd kunnen worden.
Artikel 6 Hoogte van de subsidie
Per wooncomplex wordt maximaal een bedrag van € 25.000 gesubsidieerd. Per aanvrager wordt per jaar maximaal een bedrag van € 50.000 gesubsidieerd. Dit betekent dat afhankelijk van de kosten per wooncomplex de aanvrager in meerdere wooncomplexen een scootmobielstalling of collectieve aanpassingen kan realiseren.
Artikel 7 Subsidieplafond en artikel 8 Wijze van verdeling
In artikel 7 is een subsidieplafond opgenomen. In artikel 8 is opgenomen hoe met dit subsidieplafond wordt omgegaan. Bepalend is de volgorde van de ingediende aanvragen die voor subsidie in aanmerking kunnen komen.
Subsidieaanvragen kunnen uitsluitend worden ingediend via het subsidieportaal van de gemeente Rotterdam. De aanvraag wordt ingediend door een daartoe bevoegd persoon. De aanvrager is tevens contactpersoon voor de gemeente. Dit moet blijken uit de verklaring of inschrijving bij de Kamer van Koophandel. Tevens dient de aanvrager de aanvragen in (verlening en vaststelling) en ontvangt hij de betreffende beschikkingen. De aanvrager is verantwoordelijk voor de uitvoering van de activiteiten die zijn opgenomen in de beschikking. Hij ontvangt het subsidiebedrag. Ook een eventuele lagere vaststelling of terugvordering zullen aan hem zijn gericht. De bevoegdheden en verantwoordelijkheden met betrekking tot de aanvraag en subsidieverstrekking vloeien, op grond van de Algemene wet bestuursrecht, voort uit zijn hoedanigheid als aanvrager.
Aanvragen worden ingediend tot en met uiterlijk 30 juni 2026. Er is pas sprake van een ingediende aanvraag als deze volledig is. Dat betekent dat het laat indienen van een aanvraag, waardoor deze niet meer tijdig kan worden aangevuld als blijkt dat deze onvolledig is, voor rekening en risico van aanvrager komt.
Een subsidie kan allereerst worden geweigerd als niet wordt voldaan aan de voorwaarden, zoals opgenomen in de Algemene wet bestuursrecht en de SVR 2014.
Daarnaast is er in het eerste lid van dit artikel een aantal algemene weigeringsgronden opgenomen.
Onderdeel b bepaalt dat de aanpassing niet mag leiden tot een extra huurverhoging.
Onderdeel e heeft te maken met de duurzaamheid van de investering. Er wordt geen subsidie verleend als blijkt dat het wooncomplex niet nog tot ten minste 2041 als zodanig blijft bestaan.
Onderdeel g, subonderdeel 3, vermeldt dat aanvragen voor collectieve woningaanpassingen in gemeenschappelijke ruimten die betrekking hebben op wooncomplexen die door de verhuurder aangemerkt zijn als rollator- of rolstoelgeschikt, voor zover de aanvraag betrekking heeft op de basisuitrusting van het betreffende wooncomplex, niet voor subsidiëring in aanmerking komen. Dit ligt anders voor voorzieningen voor de stalling van scootmobielen.
Indien een wooncomplex door de verhuurder is aangemerkt als geschikt voor rollator- of rolstoelgebruik of geschikt voor zowel rollator- als rolstoelgebruik mag worden verwacht dat de basisuitrusting van deze wooncomplexen ten minste rollatorgeschikt en rolstoelgeschikt is. Hieronder wordt verstaan:
Onder k wordt vermeld dat de subsidie geweigerd kan worden indien blijkens het ingediende plan van aanpak de aangevraagde subsidie onvoldoende oplossing biedt voor de beschreven problematiek. Uit het gevraagde plan van aanpak moet blijken dat de oplossing die de aanvrager voor ogen heeft effectief is voor de bestaande (stallings)-problemen, zowel op inhoud als omvang van de problematiek.
Met de bron in het tweede lid wordt niet gedoeld op de mogelijkheden van financiering vanuit een lening van een bank of een individuele maatwerkvoorziening op grond van de Wmo 2015.
Artikel 12 Subsidieverplichtingen
Naast de subsidieverplichtingen die voortvloeien uit de Algemene wet bestuursrecht en de SVR 2014, zijn in dit artikel nog aanvullende verplichtingen opgenomen.
In dit artikel wordt vermeld dat voldaan moet worden aan de geldende wet- en regelgeving die van toepassing is op dergelijke woningaanpassingen in wooncomplexen. Met name zijn hierbij Besluit bouwwerken leefomgeving, het Handboek voor Toegankelijkheid – Handreiking uit 2023 en de Standaard Wegenbouw Details uit 2023 van belang.
Daarnaast zijn er verplichtingen opgenomen over de voortgang van de realisatie van de woningaanpassingen.
Ook is bepaald dat een scootmobielstalling niet binnen 15 jaar een andere functie mag krijgen: de investering moet duurzaam zijn.
Het betreft hier een regeling voor het jaar 2026. Aanvragen dienen uiterlijk op 30 juni 2026 ingediend te zijn.
De regeling vervalt per 1 januari 2027. Ten aanzien van de afhandeling van verstrekte subsidies en van de eventuele bezwaar- en beroepsprocedures of terugvordering, blijft de regeling wel onverkort toegepast.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-166437.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.