Gemeenteblad van Stichtse Vecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Stichtse Vecht | Gemeenteblad 2025, 538487 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Stichtse Vecht | Gemeenteblad 2025, 538487 | beleidsregel |
Uitvoerings- en handhavingsstrategie VTH Stichtse Vecht 2022-2025
Het college van burgemeester en wethouders van gemeente Stichtse Vecht,
gelet op artikel 13.5, eerste lid, van het Omgevingsbesluit
De “Uitvoerings- en handhavingsstrategie VTH Stichtse Vecht 2022-2025” en het bijbehorende “Bijlagenboek U&H-strategie VTH Stichtse Vecht 2022-2025” te verlengen tot 1 juli 2026.
Dit besluit treedt in werking één dag na bekendmaking in het Gemeenteblad.
Leefbaarheid, veiligheid, gezondheid en duurzaamheid raken ons allemaal en zijn van ons allemaal! Een leefbare, veilige, gezonde en duurzame leefomgeving kan niet alleen van het gemeentebestuur of veiligheidsdiensten komen, daar moeten we allemaal ons steentje aan bijdragen. Door onderlinge afstemming in beleid en uitvoering kunnen verbindingen worden gelegd en stappen gezet om te komen tot een integrale aanpak.
Deze beleidsnota beschrijft wat de uitvoerings- en handhavingsinstrumenten (verder: U&H-instrumenten) kunnen bijdragen aan de leefbaarheid, veiligheid, gezondheid en duurzaamheid binnen Stichtse Vecht. De visie in deze beleidsnota geeft aan hoe we met onze partners het gemeentelijk beleid op dit terrein vorm willen geven de komende jaren. In deze nota worden een aantal doelen en prioriteiten benoemd waar we de komende jaren extra op willen investeren en waar doelstellingen aan zijn gekoppeld.
De beleidsnota is een strategisch kader en wordt door het college vastgesteld. Via afzonderlijke door het college jaarlijks vast te stellen jaarverslagen en uitvoeringsprogramma’s worden keuzes gemaakt met betrekking tot preventie, vergunningverlening, toezicht en handhaving. Hiermee geven we invulling aan de beleids- en uitvoeringscyclus, de zogenaamde ‘Big-8’.
Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH), in de nieuwe terminologie Uitvoerings- en Handhavings-taken (U&H-taken) genoemd, zijn voor de overheid in relatie tot inwoners en bedrijven belangrijke instrumenten. Initiatiefnemers willen graag hun initiatieven en ideeën kunnen realiseren, terwijl omwonenden en andere belanghebbenden willen dat hun belangen worden beschermd. Met dit beleidsplan willen wij transparant zijn over wat we doen, waarom we het doen, welke keuzes we maken bij het uitvoeren van onze U&H-taken en hoe we dit hebben georganiseerd.
Over welke U&H-taken gaat dit beleidsplan?
Deze U&H-strategie ziet op de wettelijke taken die een relatie hebben met de fysieke leefomgeving voor zover hieraan een Vergunningen-, Toezicht- en/of Handhavings-component vastzit. Voor de milieutaken is er een regionaal uniforme U&H-strategie opgesteld. Deze strategie sluit hierop uiteraard aan.
Voor de volledige uiteenzetting van de reikwijdte, het wettelijk- en bestuurlijk kader verwijzen wij naar pagina 2 van het U&H-bijlagenboek.
De volledige U&H-strategie bestaat uit twee delen. Het deel dat nu voor u ligt geeft op hoofdlijn weer wat de visie, uitgangspunten, doelen, prioriteiten en strategieën zijn op het gebied van VTH.
Het tweede deel is het U&H-bijlagenboek. Hier worden de onderwerpen uit dit eerste deel toegelicht en uitgewerkt.
De Omgevingswet is een fundamentele herziening van het Omgevingsrecht. Naar verwachting treedt de Omgevingswet per 1 januari 2023 in werking. In de Omgevingswet zullen alle wettelijke bepalingen, besluiten en regelingen opgaan die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. De wet heeft als maatschappelijke doelen:
Gemeenten, provincies en waterschappen krijgen binnen de Omgevingswet meer ruimte om hun eigen beleid te bepalen. Onze gemeente stelt samen met haar partners een omgevingsvisie, omgevingsplan en programma’s vast. Dit alles vraagt om een zorgvuldig proces. In samenwerking met de Utrechtse partners neemt onze gemeente deel aan pilots voor het model van de Omgevingstafel zodat het begeleiden van een aanvraag ‘Omgevingswetproof’ wordt.
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)
Naar verwachting treedt de Wkb, op dezelfde datum als de Omgevingswet in werking. De Wkb geeft een nieuw stelsel van kwaliteitsborging voor het bouwen. Bouwpartners zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van het bouwwerk en dienen daarbij maatregelen te nemen om aan het Bouwbesluit 2012, straks het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), te voldoen. De gemeente beoordeelt als bevoegd gezag dan niet meer direct op deze aspecten, maar wel op de ruimtelijke ordening (bestemmingsplan), omgevingsveiligheid en de welstand van het te realiseren bouwwerk.
Vanaf inwerkingtreding geldt dit in beginsel alleen voor bouwwerken die vallen in ‘Gevolgklasse 1’. Het betreft o.a. woningen, eenvoudige bedrijfsgebouwen en vakantiehuisjes. Dit wordt later uitgebreid naar ‘Gevolgklasse 2’ (o.a. bibliotheken, onderwijsgebouwen en woongebouwen tot 70 meter hoogte) en ‘Gevolgklasse 3’ (o.a. metrostations, voetbalstadions, ziekenhuizen en gebouwen hoger dan 70 meter).
Gezondheidsbeleid is al een gemeentelijke taak maar wordt met de komst van de Omgevingswet belangrijker. Eén van de hoofddoelen van de Omgevingswet is om gezondheid een plek te geven binnen de fysieke leefomgeving. De vraag is nog hoe dat precies gedaan moet worden.
Deze U&H-strategie ziet op de wettelijke taken die een relatie hebben met de fysieke leefomgeving voor zover hieraan een VTH-component is verbonden. De volledige uiteenzetting van de reikwijdte, het wettelijk- en bestuurlijk kader vindt u op pagina 2 van het U&H-bijlagenboek.
De gemeenteraad stelt een Integraal Veiligheidsplan (IVP) op. In dit IVP dient de gemeente tenminste een keer in de vier jaar doelen vast te stellen op het terrein van veiligheid. Het IVP is daarmee een goede basis voor de operationele inzet op lokale veiligheidsprioriteiten door de gemeente, politie en andere organisaties. Verder heeft de burgemeester op het terrein van het veiligheidsbeleid bijzondere wettelijke bevoegdheden. Hierover legt de burgemeester verantwoording af aan de gemeenteraad.
In relatie tot het veiligheidsbeleid is ook de afstemming met de Veiligheidsregio Utrecht (VRU) aan de orde. De VRU stelt een regionaal risicoprofiel (RRP) op. Het RRP wordt in afstemming met de partners actueel gehouden. In het RRP is een overzicht van de risicovolle situaties opgenomen die tot een brand, ramp of crisis kunnen leiden. Het RRP dient als basisinformatie voor het beleidsplan van de VRU. Relevante onderdelen uit het RRP en het VRU-beleidsplan en het IVP zijn integraal afgewogen in deze U&H-strategie.
De Omgevingsanalyse is een instrument dat we hebben toegepast om onze (toekomstige) ‘Omgeving’ zo goed en volledig mogelijk in beeld te brengen. Met de (toekomstige) ‘Omgeving’ bedoelen we de omgeving binnen onze gemeente in de meest brede zin, het gehele grondgebied (fysieke leefomgeving/openbare ruimte) met al haar kenmerken (gebouwen, bewoners/bedrijven/instellingen, natuur etc.) waarvan we (niet) weten of en in hoeverre hier sprake is van risico’s en/of risicovolle activiteiten en/of ontwikkelingen.
De gemeente kan niet alles toetsen, controleren en vervolgens handhavend optreden. Dit betekent dat er keuzes moeten worden gemaakt en prioriteiten worden gesteld. Hiervoor is een risicoanalyse gedaan. Hieronder treft u de uitkomsten van de risicoanalyse vertaald naar prioriteiten die wij stellen naast de landelijke prioriteiten.
Welke strategieën passen we toe om naleving te borgen en bevorderen?
Besluitvorming op (vergunnings-)aanvragen, toezicht en handhaving zijn een kerntaak van de gemeente, die hierin duidelijk haar verantwoordelijkheden heeft en neemt. Bestuur, directie, leidinggevenden en de medewerkers van het team (de teams) hebben ieder hun eigen rol en verantwoordelijkheid. Op pagina 28/29 van het U&H-bijlagenboek wordt dit nader uitgewerkt. Hieronder een korte beschrijving van de organisatie en de kwaliteitscriteria die van toepassing zijn.
De uitvoering van de U&H-taken op het gebied van de Wabo, APV en Bijzondere Wetten, is ondergebracht bij de teams Omgeving en vergunningen, Leefomgeving en toezicht buiten en Bedrijfsvoering leefomgeving. De volgende taken (functies) worden onderscheiden:
De in dit beleidsplan beschreven doelen en prioriteiten worden in beginsel uitgevoerd worden binnen het beschikbare budget. Indien blijkt dat de formatie bijstelling behoeft dan zal dit via de reguliere begrotingscyclus worden aangekaart.
Dit beleidsplan maakt onderdeel uit van de beleids- en uitvoeringscyclus (Big-8) zoals wettelijk vastgelegd in de Wabo, het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële Regeling Omgevingsrecht (Mor) (straks de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit). Door het volgen van deze beleidscyclus wordt een adequaat niveau van uitvoering van de U&H-taken in de organisatie geborgd. De kwaliteit van de uitvoering van deze taken wordt bovendien geborgd door de op 30 januari 2018 door de raad vastgestelde ‘’Verordening Kwaliteitsverordening Omgevingskwaliteit gemeente Stichtse Vecht’’. In deze verordening is aangegeven dat de gemeente bij de uitvoering van de U&H-taken als uitgangspunt de kwaliteitscriteria 2.2 hanteert. Zowel de toezichthouders, als de Boa’s zijn aangewezen en aangesteld door het college van B&W voor de uitvoering van hun taken waarbij er op persoons- en functieniveau een scheiding is tussen vergunningverlening, toezicht en handhaving. Bij de activiteiten met betrekking tot milieu is bij de Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) sprake van een roulatiesysteem waardoor niet steeds dezelfde ambtenaren bij dezelfde inrichtingen betrokken zijn.
Ook bepalen de kwaliteitscriteria 2.2 op welke wijze de gemeentelijke organisatie borgt dat de uitvoering van de U&H-taken structureel op een adequaat niveau plaatsvindt. Instrumenten om deze kwaliteit te borgen, zijn bijvoorbeeld de (voorliggende) U&H-strategie, jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s, werkprocessen, protocollen en monitoring en verslaglegging. Vanuit haar taak tot Interbestuurlijk toezicht (IBT) ziet de Provincie Utrecht hierop toe en de rapportages worden ter informatie aan de gemeenteraad gezonden.
Sluitstuk van de toepassing en uitvoering van het beleid en de diverse processen is de verantwoording over de inspanningen en -resultaten. Daarin staat de vraag centraal of de geleverde inspanningen hebben bijgedragen aan het realiseren van de gestelde doelen. Daarmee wordt de beleids- en uitvoeringscyclus gesloten. Het is dus belangrijk te weten of de ingezette maatregelen succesvol zijn geweest. Daarom moet beleid periodiek geëvalueerd en gemonitord worden.
De evaluatie bestaat uit het beoordelen van jaarresultaten en het effect van de jaarresultaten op de uitgangspunten en doelstellingen uit het beleid. Ten aanzien van het beleid wordt periodiek monitoring toegepast om de tussenresultaten te beoordelen, wordt jaarlijks verslag gelegd over het jaarprogramma en tussentijds het beleid geëvalueerd. Hieronder worden monitoring, verantwoording en evaluatie van het beleid verder toegelicht.
Een goede registratie van handhavingszaken vergemakkelijkt het vervolgtraject (repressief toezicht en sancties) en verschaft inzicht in de hele keten vanaf een geconstateerde overtreding tot en met de naleving. Het voordeel hiervan is dat alle handhavingspartners profiteren van de informatie. Het registreren van kwantitatieve en kwalitatieve handhavingsgegevens is met name van belang voor het te voeren beleid, de in te zetten capaciteit en de verantwoording naar het bestuur en management.
De voortgang van toezicht en handhaving wordt periodiek gemonitord. De monitoring geschiedt op basis van de activiteitenkaarten in het U&H-uitvoeringsprogramma. Deze monitoring wordt gebruikt om te beoordelen of er voldoende voortgang wordt behaald in het programma. De ODRU en de VRU rapporteren periodiek aan de gemeente over de behaalde resultaten.
Het college heeft op 12 mei 2015 het integraal handhavingsbeleid gemeente Stichtse Vecht 2015- 2018 vastgesteld. Op 16 april 2019 is dit beleid voor de duur van een jaar verlengd. Gedurende de verleningsperiode is dit beleid geëvalueerd. Bij het opstellen van voorliggende U&H-strategie zijn de leerpunten van de beleidsperiode 2015-2020 meegenomen. De in deze periode doorgevoerde wetswijzigingen en de naar verwachting komende wijzigingen in wet- en regelgeving en beleid hebben ook hun plek gekregen in de voorliggende U&H-strategie. De evaluatie van de beleidsperiode 2015-2020 is opgenomen in het U&H-Bijlagenboek op pagina 30.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-538487.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.