Gemeenteblad van Hoogeveen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogeveen | Gemeenteblad 2025, 456950 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogeveen | Gemeenteblad 2025, 456950 | ander besluit van algemene strekking |
Nadeelcompensatieregeling kabels en leidingen Hoogeveen
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hoogeveen;
gelezen het ambtelijk voorstel;
Overwegende dat, het wenselijk is om nadere regels vast te stellen met het oog op een zorgvuldige afdoening van eventuele aanvragen voor nadeelcompensatie als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, van de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren Hoogeveen (hierna aan te duiden als: de AVOI);
gelet op artikel 3.6, tweede lid van de AVOI alsmede artikel 3:4, tweede lid en het bepaalde in Titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
besluit vast te stellen de volgende nadere regels: Nadeelcompensatieregeling kabels en leidingen Hoogeveen; nadere regels over nadeelcompensatie als gevolg van het op verzoek van burgemeester en wethouders verplaatsen van, of het anderszins nemen van maatregelen ten aanzien van in de openbare ruimte aanwezige kabels of leidingen die behoren tot een netwerk als bedoeld in de AVOI, met uitzondering van kabels als bedoeld in de Telecommunicatiewet:
Begripsbepalingen en reikwijdte
Categorie I leiding: een leiding die kwalificeert als een elektriciteitskabel met een nominale spanning die lager is dan 10 kV; of een gasleiding met een nominale druk die lager is dan 1 bar; of een waterleiding met een nominale diameter van kleiner dan 250 mm; of een warmtebuis met een nominale diameter van 250 mm of kleiner. Bijlage schadevergoedingsregime, tabel 1;
Categorie II leiding: een leiding die kwalificeert als een elektriciteitskabel met een nominale spanning vanaf 10 kV en hoger; of een gasleiding met een nominale druk van 1 bar en hoger; of een waterleiding met een nominale diameter van 250 mm en groter; of een warmtebuis met een nominale diameter van 250 mm of groter; of een leiding die valt onder het Besluit externe veiligheid Buisleidingen; en een leiding die is gelegen in een in een bestemmingsplan opgenomen strook grond die dubbel is bestemd voor het leggen van leidingen en zo nodig is uitgevoerd met collectieve voorzieningen zoals infrastructurele voorzieningen (leidingstrook). Bijlage schadevergoedingsregime, tabel 2;
Categorie III leiding: een categorie II leiding waarvan vanwege de daarmee samenhangende uitzonderlijke maatschappelijke, veiligheidstechnische en/of financiële belangen, het uitgangspunt is dat verlegging zoveel mogelijk vermeden moet worden. De gemeente bepaalt na goed overleg met de desbetreffende netbeheerders welke kabels en leidingen het betreft en legt deze in een aan deze nadeelcompensatieregeling te hechten overzicht vast, dat zo nodig wordt geactualiseerd. Bijlage schadevergoedingsregime, tabel 3;
Leiding: kabels en leidingen, mantelbuizen daaronder begrepen, die dienen of kunnen dienen tot transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen dan wel van energie of informatie en waarmee het algemeen belang wordt gediend, inclusief de daarbij horende onder- en bovengrondse onderdelen van het netwerk zoals kasten, afsluiters en ondersteuningswerken, met uitzondering van kabels als bedoeld in de Telecommunicatiewet;
Openbare werken: verwijst naar een brede categorie van infrastructuurprojecten, gefinancierd en uitgevoerd door de gemeente. Met openbare werken kunnen verschillende doelen worden nagestreefd, zoals recreatie en bevordering van de werkgelegenheid, de gezondheid en de veiligheid voor de samenleving. Tot openbare werken behoren gemeentelijke openbare infrastructuur, gemeentelijke nutsdiensten, gemeentelijke openbare ruimtes (pleinen, parken, stranden), alsook andere fysieke voorzieningen;
Als een netbeheerder een volgens vergunning aangelegde leiding moet verleggen, omdat een bestuursorgaan van de gemeente die vergunning intrekt of wijzigt, of de netbeheerder daartoe een aanwijzing heeft gegeven, waardoor de netbeheerder schade lijdt of zal lijden die boven het maatschappelijke risico uitkomt, en die een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft, kent het bestuursorgaan van de gemeente, op basis van het evenredigheidbeginsel (égalitébeginsel) een vergoeding toe.
Bij het bepalen van de in artikel 3 bedoelde vergoeding wordt uitgegaan van de werkelijke verleggingskosten, welke berekend worden overeenkomstig de bepalingen in hoofdstuk IV van deze regeling. Bij die berekening worden uitsluitend de kosten van uit- en in bedrijfstellen, ontwerp en begeleiding, uitvoering en materiaal betrokken.
Nadeelcompensatie voor op vergunning gelegen leidingen
Indien een netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het verleggen van een categorie I leiding of het college trekt de vergunning in, in de periode gelegen vanaf vijf tot en met vijftien jaren, gerekend vanaf de datum van vergunningverlening, dan zal het college een percentage van de werkelijke verleggingskosten als nadeelcompensatie uitkeren, welk percentage in jaarlijks gelijke treden afloopt van 80% in het zesde jaar tot 0% in het zestiende jaar. Een en ander volgens het schema als weergegeven in bijlage 2.
Indien een netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het verleggen van een categorie II leiding of het college trekt de vergunning in, in de periode gelegen vanaf vijf tot en met dertig jaren, gerekend vanaf de datum van vergunningverlening, dan zal het college een percentage van de werkelijke verleggingskosten als nadeelcompensatie uitkeren, welk percentage in jaarlijks gelijke treden afloopt van 80% in het zesde jaar tot 0% in het 31ste jaar. Een en ander volgens het schema als weergegeven in bijlage 2.
Indien een netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het verleggen van een categorie III leiding of het college trekt de vergunning in, in de periode tot vijfendertig jaar keert het college 100% van de werkelijke verleggingskosten uit. Vanaf vijfendertig tot en met vijftig jaar, gerekend vanaf de datum van vergunningverlening, zal het college een percentage van de werkelijke verleggingskosten als nadeelcompensatie uitkeren, welk percentage in jaarlijks gelijke treden afloopt van 80% van de werkelijke verleggingskosten in het 31ste jaar tot 0% vanaf het vijftigste jaar. Een en ander volgens het schema als weergegeven in bijlage 2.
Indien de netbeheerder een aanwijzing krijgt tot het verleggen van een categorie I leiding, voor een openbaar werk na vijftien jaar of van een categorie II leiding, voor een openbaar werk na dertig jaar, gerekend vanaf de datum van vergunningverlening, jaar of van een categorie III leiding na vijftig jaar, wordt geen nadeelcompensatie uitgekeerd behoudens in de gevallen als bedoeld in artikel 7 en 9.
De nadeelcompensatie bedraagt 100% van de werkelijke verleggingskosten gecorrigeerd met eventuele voordelen, als:
Als de te verleggen leiding niet op basis van een vergunning gelegen is en niet in grond van de netbeheerder, noch met een zakelijk recht of een gedoogplicht op basis van de Belemmeringenwet Privaatrecht/Omgevingswet wordt geen nadeelcompensatievergoeding verleend. De materiaalkosten en de kosten van uit en in bedrijfstellen worden niet vergoed.
Per geval bezien of het redelijk is de regeling van artikel 4 toe te passen.
Algemene bepalingen bij het vaststellen van nadeelcompensatie
Als in bijzondere omstandigheden gronden aanwezig zijn om te concluderen dat redelijkerwijs een groter of kleiner gedeelte van de verleggingskosten ten laste van de netbeheerder moet blijven dan uit de toepassing van hoofdstuk II voortvloeit, kan het college van de bepalingen van dat hoofdstuk gemotiveerd afwijken.
Het eerste lid is niet van toepassing op tijdelijke voorzieningen van fysieke aard, zoals extra kabel- en leidingvoorzieningen die weer worden opgeheven zodra de definitieve maatregel die genomen moet worden ten aanzien de kabel of leiding is gerealiseerd in samenhang met de uitvoering van het gemeentelijke project. Dit wordt niet gezien als een (tijdelijke) maatregel, maar als een noodzakelijke uitvoeringswijze.
Er vindt geen nadeelcompensatie plaats als in de vergunning een bepaling is opgenomen dat binnen een vooraf aangegeven periode na de datum van vergunningverlening een verlegging van de leiding is te voorzien in verband met binnen die periode uit te voeren werkzaamheden in de openbare ruimte waarin de leiding is gelegen en in deze periode daadwerkelijk de vergunning wordt ingetrokken of een aanwijzing wordt gegeven. Als de vergunning niet wordt ingetrokken, dan wel de aanwijzing niet wordt gegeven binnen de voorgenoemde periode, dan geldt het toepasselijke vergoedingsregime zoals in artikel 5 t/m 8 van deze regeling is opgenomen.
BEPALINGEN VAN PROCEDURELE AARD
Het college maakt zijn voornemen een werk uit voeren waarvoor een leiding moet worden verlegd zo vroeg mogelijk bekend met een mededeling aan de netbeheerder. Hierin is een omschrijving van het werk opgenomen met vermelding van de eventueel daarmee conflicterende leidingen en/of de vraag aan de netbeheerder in kaart te brengen of, en zo ja, waar er zich in het betreffende plangebied eventueel leidingen bevinden, waarvan de ligging mogelijk conflicteert met de uitvoering van het door de gemeente beoogde werk.
Het college zal overleg voeren met een netbeheerder(s) over de verlegging, de uitvoering en de planning van werkzaamheden. Het college streeft naar een optimale herinrichting van een gebied, waarin de belangen van alle stakeholders worden meegewogen. Er wordt gekozen voor een technisch adequate oplossing tegen de maatschappelijk laagste kosten.
Als de netbeheerder gevolg heeft gegeven aan de aanwijzing en er binnen drie jaar na verzending van de aanwijzing geen begin is gemaakt met de werkzaamheden waarvoor de aanwijzing is gegeven, of de werkzaamheden op een dusdanig andere wijze zijn uitgevoerd dat daardoor geen aanpassing verlegging noodzakelijk was geweest, heeft de netbeheerder recht op volledige vergoeding van alle door hem in redelijkheid gemaakte kosten.
Netbeheerder dient binnen zes maanden nadat de werkzaamheden zijn afgerond, bij het college een verzoek in om voorlopige vaststelling van nadeelcompensatie. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het formulier, opgenomen in bijlage 1.
Het verzoek bevat, naast de gegevens bedoeld in artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht, ten minste:
Als niet kan worden aangetoond op welke datum vergunning is verleend of op welke datum het leggen is aangevangen dan wel de leiding in bedrijf is genomen, wordt ervan uitgegaan dat de betreffende leiding langer dan 15 jaar of in het geval van een categorie II leiding langer dan 30 jaar aanwezig is en categorie III leiding langer dan 50 jaar.
Vaststelling nadeelcompensatie
Het college neemt binnen acht weken na indiening van het verzoek een besluit:
Om het verzoek buiten behandeling te laten als dit naar het oordeel van het college niet voldoende gegevens heeft verschaft om het nadeelcompensatieverzoek te kunnen beoordelen en nadat de netbeheerder in de gelegenheid is gesteld het verzuim te herstellen binnen een redelijke termijn nadat het verzuim kenbaar is gemaakt aan netbeheerder;
Indien nadeelcompensatie is bepaald op basis van voor- en nacalculatie dient na vaststelling van de definitieve nadeelcompensatie en na gereedkomen van de werkzaamheden de netbeheerder een factuur in ter hoogte van het bedrag aan nadeelcompensatie. Uitbetaling vindt plaats binnen dertig dagen nadat de factuur is ingediend.
Als afrekening op basis van nacalculatie plaatsvindt en er sprake is van over- of onderschrijding van meer dan 10% van het schadebedrag, moet de netbeheerder achteraf aan kunnen tonen dat afwijkingen ten opzichte van ontwerp en/of voorcalculatie in het werk zijn gemeld en door de gemeente zijn geaccordeerd.
Toelichting op de Nadeelcompensatieregeling kabels en leidingen Hoogeveen
Met enige regelmaat komt het voor dat de gemeente bij de uitvoering van haar taken ter behartiging van het algemeen belang besluiten neemt, dan wel werken uitvoert of doet uitvoeren, waardoor een of meer burgers of bedrijven onevenredig zwaar worden benadeeld. Deze besluiten of feitelijke handelingen zijn rechtmatig. Toch kan er onder omstandigheden een verplichting tot vergoeden van schade ontstaan. Deze verplichting is gebaseerd op het rechtsbeginsel van "égalité devant les charges publiques" (gelijkheid van openbare lasten).
Burgemeester en wethouders zijn krachtens artikel 4:81 Awb bevoegd tot het vaststellen van nadere regels met betrekking tot een hen toekomende of onder hen verantwoordelijkheid uitgeoefende, dan wel door hen gedelegeerde bevoegdheid. Met het vaststellen van deze nadeelcompensatieregeling voor kabels en leidingen wordt beoogd een regeling in het leven te roepen op grond waarvan benadeelden voldoende zekerheid wordt verschaft op welke wijze een aanvraag om nadeelcompensatie kan worden ingediend en volgens welke normen het eventuele nadeel dat niet ten laste van de benadeelde behoort te blijven, zal worden vergoed. De regeling roept geen nieuwe aansprakelijkheden in het leven, die naar de huidige stand van het recht niet reeds bestaan.
De gemeente zal alle binnen haar grondgebied aanwezige netbeheerders in een zo vroeg mogelijk stadium informeren over haar plannen. Daartoe worden op reguliere basis coördinatie overleggen kabels en leidingen gehouden, waarvoor alle netbeheerders worden uitgenodigd. Doel van deze (niet vrijblijvende) bijeenkomsten is elkaar te informeren over de (wederzijdse) plannen ten aanzien van werkzaamheden en projecten in de infrastructuur. De netbeheerders hebben dus ook een inspanningsverplichting om de gemeente te informeren. De planningen die onder andere besproken worden zijn meerjarenplannen, jaarplannen en plannen die op korte termijn worden gerealiseerd.
De regeling is gebaseerd op de binnen de gemeente te voorziene planningshorizon. De gemeente gaat ervan uit dat binnen vijf jaar na het verlenen van toestemming (de verleende vergunning of goedgekeurde melding) voor het leggen van een kabel of leiding in de openbare ruimte de gemeente geen werkzaamheden uitvoert die verlegging van de conform deze toestemming aangelegde kabel of leiding noodzakelijk maakt.
Begripsbepalingen en reikwijdte
Dit is een nieuwe categorie assets waarvan onwenselijk is deze te verleggen. De gemeente bepaalt na goed overleg met de netbeheerder welke asset dit betreft. Voorbeelden hiervan zijn:
De reikwijdte van de definitie is beperkt door er de eis aan te koppelen dat de Nadeelcompensatieregeling uitsluitend van toepassing is op openbare plaatsen en wegen die in ieder geval deels eigendom van de gemeente zijn. Op verlegging van leidingen in wegen die bijvoorbeeld aan het Rijk of de Provincie toebehoren is deze Nadeelcompensatieregeling dus niet van toepassing. Ook op de verlegging van leidingen in bijvoorbeeld een voor het publiek toegankelijke plek of locatie zoals [lvoorbeeld uit eigen plaats], waarbij uitsluitend het beheer en onderhoud, maar niet het eigendom bij de gemeente ligt, is de Nadeelcompensatieregeling niet van toepassing.
Uitgangspunt bij de bepaling van de hoogte van de nadeelcompensatie bij een verlegging van een leiding zijn de werkelijke verleggingskosten. De verleggingskosten omvatten directe kosten die de netbeheerder moet maken om de leiding te verleggen. De nadeelcompensatie wordt bepaald aan de hand van het bepaalde in deze regeling.
Telecommunicatiekabels zijn uitdrukkelijk uitgezonderd van deze regeling. Deze Kabels vallen onder de Telecommunicatiewet die voor het verleggen en de kosten daarvan een geheel eigen regeling kent.
Als het college van de gemeente Hoogeveen het besluit neemt om een aanwijzing te geven tot het verleggen van een leiding en dit leidt voor de netbeheerder tot schade die redelijkerwijs niet of niet geheel tot het normale bedrijfsrisico mag worden gerekend, dan kan de netbeheerder om nadeelcompensatie verzoeken. Op basis van deze regeling wordt bepaald of nadeelcompensatie toegekend wordt of niet en hoe hoog het bedrag is dat wordt uitgekeerd.
Nadeelcompensatie voor op vergunning gelegen leidingen
De artikelen 5 en 6 bepalen de hoogte van de nadeelcompensatie als de te verleggen, te verwijderen of aan te passen leiding van de netbeheerder ligt in openbare ruimte. Voor de vaststelling van de periode waarover nog nadeelcompensatie plaatsvindt is voor de overheid in beginsel de voorzienbaarheid het uitgangspunt. Hoe lang kan/mag een netbeheerder rekenen op een ongestoorde ligging?
De in artikel 5 leden 2 en 3 opgenomen termijnen - waarbinnen de hoogte van de vergoeding gerelateerd is aan de leeftijd van de betrokken in te trekken vergunning - doen recht aan de achterliggende grondgedachte dat het normaal maatschappelijk risico voor de netbeheerder toeneemt naarmate de leeftijd van de vergunning vordert. De vergoeding kan hierdoor nauwkeurig worden afgestemd op de leeftijd van de vergunningen, ontheffing of toestemming.
Voor categorie II en III leidingen spelen naast de voorzienbaarheid nog andere uitgangspunten een rol. De netbeheerder heeft onder andere in verband met het grote maatschappelijke belang van leveringszekerheid en de substantiële investeringen die samenhangen met de aanleg en instandhouding van deze soort leidingen, extra bescherming nodig, waardoor deze specifieke leidingen in beginsel voor een langere periode ongestoord in de grond zullen blijven liggen. Projecten waardoor verlegging van categorie II leidingen toch noodzakelijk is, rechtvaardigen in dat verband het uitgangspunt dat de gemeente hiervoor over een periode van dertig jaar nadeelcompensatie verschuldigd is en voor categorie III leidingen vijftig jaar.
In bijlage 2 zijn aan de hand van drie tabellen de schadevergoedingsregimes opgenomen voor leidingen die onder de werkingssfeer van artikel 5 en 6 vallen.
De in artikel 5 lid 1 genoemde periode van vijf jaren, is de periode waarin redelijkerwijs voor de gemeente voorzienbaar is dat werken in de openbare ruimte plaats zullen gaan vinden. De termijn begint vanaf het moment van verlening van de vergunning, omdat het moment van vergunnen vaststaat.
Dit artikel handelt over de hoogte van de nadeelcompensatie als de leiding van de netbeheerder verlegd, verwijderd of aangepast moet worden en niet (geheel) in de openbare ruimte ligt. We onderscheiden de situaties dat sprake is van ligging van een leiding in grond die in eigendom is van netbeheerder zelf, de leiding met een zakelijk recht ligt en of er een gedoogplicht op grond van een gedoogplichtbeschikking c.q. Omgevingswet rust op de leiding.
Voormeld onderscheid wordt gemaakt in aansluiting op gelijke bepalingen in de Overeenkomst inzake verleggingen van Kabels en leidingen buiten beheersgebied (OKL) op rijksniveau. Door de regels van het onteigeningsrecht kan aanspraak worden gemaakt op volledige schadeloosstelling in geval een leiding ligt in grond die in eigendom is van de netbeheerder, ingeval er een zakelijk recht rust op deze leiding of een gedoogplichtbeschikking bestaat.
Voor de bepaling van de hoogte van de nadeelcompensatie is in dit artikel aangesloten bij hetgeen bepaald is in de Onteigeningswet. Dit betekent dat 100% van het schadebedrag vergoed zal worden, De in artikel 7 leden b en c aangebrachte nuancering op dit uitgangspunt van 100% vergoeding, heeft betrekking op eventueel voor partijen uit de betreffende zakelijke rechten en gedoogplichten voortvloeiende afwijkende rechten en plichten, die wellicht tot een andere verdeling van de verleggingskosten kunnen leiden. Dit betreft evenwel een inhoudelijke privaatrechtelijke en wettelijke uitleg en toepassing van de betreffende zakelijke rechten en gedoogplicht, welke geheel buiten de onderhavige regeling valt.
Als de te verleggen, te verwijderen of aan te passen leiding niet in de openbare ruimte ligt en niet in grond van de netbeheerder, noch met een zakelijk recht of een gedoogplicht op basis van de Belemmeringenwet Privaatrecht, dan bestaat de nadeelcompensatie uit de kosten van ontwerp en begeleiding en de uitvoeringskosten. De materiaalkosten en de kosten van uit en in bedrijfstellen worden niet vergoed.
Algemene bepalingen bij het vaststellen van nadeelcompensatie
Deze artikelen hebben betrekking op de vaststelling van het bedrag van de nadeelcompensatie.
Dit artikel betreft de zogenaamde hardheidsclausule. Indien de netbeheerder of de gemeente kan aantonen dat door bijzondere omstandigheden toepassing van artikel 5 van deze regeling tot een evident onredelijke nadeelcompensatie zou leiden, kan het college besluiten op basis van dit artikel de nadeelcompensatie aan te passen.
Als vanwege het werk sprake is van meerdere verleggingen, is op de eerste verlegging deze Nadeelcompensatieregeling van toepassing en komen de kosten van de overige verleggingen ten laste van de gemeente. Bedoeld worden meerdere tijdelijke verleggingen op dezelfde locatie in een bepaalde periode van dezelfde leiding. Indien het bijvoorbeeld voor de realisatie van een werk noodzakelijk is om tussentijds gebruik te maken van één of meer tijdelijke verleggingen totdat het definitief vastgestelde tracé beschikbaar komt, dan wordt het geheel aan uitgevoerde werkzaamheden inclusief het aanbrengen van de kabels en leidingen in het definitief vastgestelde tracé als één verlegging beschouwd.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Bepalingen van procedurele aard
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
De gemeente voert vooroverleg met de netbeheerder nadat de netbeheerder per brief geïnformeerd is over de gemeentelijke plannen en de consequenties voor betrokken leidingen. De netbeheerder kan in de brief eventueel ook verzocht worden zelf informatie te verschaffen over de betrokken leidingen.
Bij de voorbereiding van een concreet gemeentelijk project vindt overleg plaats over de gevolgen van de door/in opdracht van-/namens de gemeente uit te voeren werkzaamheden met onder andere de netbeheerders. Bij complexe projecten vindt er (meestal) een startbijeenkomst plaats met alle netbeheerders, waarna er overleg plaats vindt tussen de werkvoorbereider en een vertegenwoordiger van de betreffende netbeheerder om de noodzakelijke werkzaamheden van de netbeheerder door te spreken en af te stemmen op de gemeentelijke werkzaamheden.
In lid 1 gaat het met name over het vooroverleg in het kader van de projectuitvoering. Voordat een plan überhaupt uitgevoerd kan worden, moet het eerst worden ontwikkeld. Lid 2 gaat dan ook expliciet over het vooroverleg met de betrokken netbeheerders bij de gebiedsontwikkeling. Zeker bij grootschalige projecten, waarbij de verlegging van de ondergrondse infrastructuur zowel de gemeente als de netbeheerders voor onvoorziene en onoverbrugbare financiële kosten kan plaatsen, is het zaak dat beide partijen al bij de gebiedsontwikkeling zo vroeg mogelijk aan tafel zitten om eventuele struikelblokken vroegtijdig te bespreken en op te lossen. De mogelijkheid van het doen van een oriëntatiemelding bij het Kadaster biedt de gebiedsontwikkelaars een handvat een eerste indruk te krijgen of de aanwezige ondergrondse infrastructuur een belemmering voor de uitvoerbaarheid van hun initiële plan vormt. Aan de hand van het resultaat van de oriëntatiemelding moet dan worden gekeken of men samen met de netbeheerder het plan zodanig kan aanpassen dat de kosten voor beide partijen tot een acceptabel minimum kunnen worden beperkt. Ook de jurisprudentie betreffende nadeelcompensatie noopt hiertoe.
De gemeente Hoogeveen streeft ernaar in overleg tot overeenstemming te komen over de verplaatsing van leidingen. Tijdens het vooroverleg worden aspecten met betrekking tot de technische oplossing en planning aan de orde gesteld en wordt gestreefd naar overeenstemming hierover. Hoewel het in het artikel niet expliciet is opgenomen, is het primaire doel van het overleg uiteraard te bekijken of de uitvoering van de geplande werkzaamheden mogelijk is zonder de leidingen te moeten verleggen.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Het college neemt het besluit tot het intrekken of wijzigen van de ontheffing/Vergunning/toestemming van de netbeheerder zo mogelijk op basis van overeenstemming, bereikt in het vooroverleg als bedoeld in artikel 14. Het aanwijzingsbesluit richt zich op de noodzaak tot verleggen en het tijdstip waarop dit gerealiseerd moet zijn. Het besluit handelt uitdrukkelijk niet over ontstane schade en nadeelcompensatie. Die aspecten komen aan de orde in het besluit dat genoemd is in artikel 22 en dat genomen kan worden nadat een verzoek om nadeelcompensatie is ingediend door de netbeheerder.
De aanwijzing is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waardoor er mogelijkheden zijn voor bezwaar en beroep.
Zes maanden is werkbaar advies voor een goede administratieve afhandeling. De wettelijke verjaringstermijn voor de vordering van schadevergoeding van vijf jaar (art. 4:131 Awb) blijft van toepassing.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Vaststelling nadeelcompensatie
De gemeente neemt binnen acht weken na indiening van het verzoek een besluit inhoudende één van de in dit artikel opgesomde mogelijkheden. Het verzoek om nadeelcompensatie wordt niet in behandeling genomen als deze zonder gegronde reden meer dan vijf jaar nadat door het college de ontheffing/Vergunning/toestemming van de netbeheerder is ingetrokken c.q. een aanwijzing is gegeven aan de netbeheerder voor het verleggen van een leiding wordt ingediend. Het verzoek kan kennelijk ongegrond verklaard worden als de verlegging, verwijdering of aanpassing aan de leiding van netbeheerder niet door de gemeente wordt veroorzaakt. Het verzoek kan geheel of gedeeltelijk toegekend worden of geheel afgewezen worden.
Als de aanvraag onvoldoende gegevens bevat voor een beoordeling van het verzoek om nadeelcompensatie of voor de vaststelling van het schadebedrag zal netbeheerder vier weken de gelegenheid krijgen om aanvullende informatie te verstrekken. De termijn van acht weken na indiening van het verzoek om nadeelcompensatie, waarbinnen het college een besluit dient te nemen, wordt opgeschort met ingang van de dag waarop aanvullende informatie wordt gevraagd.
Het besluit tot vaststelling van de nadeelcompensatie is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht waarvoor mogelijkheden van bezwaar en beroep bestaan.
De gemeente kan de termijn eenmalig met een redelijke termijn verlengen, met een maximum van acht weken. Dit zal schriftelijk aan de netbeheerder worden medegedeeld.
Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.
Bij de bepaling van de nadeelcompensatie is sprake van een berekening op basis van de werkelijke kosten. Dit zijn de kosten die direct toegerekend kunnen worden aan de verlegging van de leiding. Hierbij van belang is dat de verlegging gerealiseerd moet worden op basis van een technisch adequaat alternatief tegen de maatschappelijk laagste kosten ten opzichte van de meest voor de hand liggende variant.
De meest voor de hand liggende variant is een verlegging van de leiding ter plaatse van de probleemlocatie. Denkbaar is echter, dat één van de partijen gebaat is bij een andere oplossing. Dit is bijvoorbeeld het geval als de situatie ter plaatse van het uit te voeren werk zo ingewikkeld is, dat de netbeheerder er de voorkeur aan geeft - ook uit een oogpunt van efficiënt beheer - de leidingen gedeeltelijk te verplaatsen dan wel andere maatregelen te treffen buiten de grenzen van het uit te voeren werk. In principe dient te worden gekozen voor dit laatstgenoemde, meest aantrekkelijke alternatief, tenzij de andere partij ten gevolge daarvan in een slechtere positie komt te verkeren dan het geval zou zijn geweest bij verlegging ter plaatse van de probleemlocatie. Partijen kunnen dan nadere afspraken maken over de schadeverdeling. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn als een leiding over een grotere lengte wordt verlegd dan bij een oplossing op de probleemlocatie.
Als bij een verlegging de netbeheerder de gelegenheid benut om bijvoorbeeld de capaciteit te laten toenemen of andere kwantificeerbare voordelen heeft komen de kosten ervan niet in aanmerking voor vergoeding. Ook de kosten van het rijzen van een leiding worden volgens artikel 12 niet vergoed als dit alleen in het belang van de netbeheerder gebeurt.
Kosten van ontwerp en begeleiding
Bij de post ontwerp en begeleiding betekent dit dat de netbeheerder het aantal uren en de tarieven moet overleggen. De netbeheerder mag in principe pas kosten declareren vanaf het moment dat overeenstemming is bereikt over de oplossing. In de praktijk houdt dit in dat de eerste paar afstemmingsoverleggen niet kunnen worden gedeclareerd.
Kosten van uit- en in bedrijfstellen
Onder de kosten van het uit en in bedrijf stellen worden verstaan:
• Kosten van het spannings- of productloos maken van de kabel en leiding alsmede de kosten van het weer in bedrijf stellen van de kabel of leiding,
• Kosten samenhangend met tijdelijke voorzieningen van operationele aard. Tijdelijke voorzieningen van operationele aard zijn voorzieningen die benodigd zijn om de levering tijdens de uitvoering van een verlegging te waarborgen.
Onder uitvoeringskosten worden verstaan:
• Kosten van civieltechnische, bouwkundige en installatietechnische werkzaamheden (zoals werkputten en ondersteuningen),
• Kosten samenhangend met de uitvoering van het verwijderen van verlaten Kabels of leidingen. De ter plaatse vrijgekomen materialen zijn c.q. worden het eigendom van de leidingbeheerder,
• Kosten van constructieve en bijzondere voorzieningen die nodig zijn in verband met de aanraking van het infrastructuurwerk (zoals overkluizingen en mantelbuizen),
• Kosten van tijdelijke voorzieningen van fysieke aard, zoals extra kabel- en leidingvoorzieningen die worden opgeheven zodra de definitieve verlegging is gerealiseerd in samenhang met de voortgang van het infrastructuurproject.
De kosten die de aannemer moet maken om de leiding uit de grond te halen vallen onder uitvoeringskosten. Ook het opslaan in hanteerbare stukken en het transport op de bouwlocatie zijn uitvoeringskosten. De kosten samenhangend met de uitvoering van het verwijderen van verlaten leidingen vallen eveneens onder uitvoeringskosten.
De kosten voor de afvoer van vrijgekomen materialen naar een tijdelijk werkterrein behoren tot de uitvoeringskosten.
Onder materiaalkosten worden in elk geval verstaan kosten van leidingcomponenten, kosten van elektrotechnische, werktuigbouwkundige en civieltechnische materialen, kosten van bouwmaterialen en ook kosten van bouwmaterialen bestemd voor gebouwen waarin delen van leidingsystemen worden ondergebracht.
Transportkosten en stortkosten van vrijgekomen leidingen vanaf de bouwlocatie naar de stort of verwerkingslocatie behoren tot de materiaalkosten (behalve de stortkosten ingeval de leiding asbesthoudende stoffen bevat. Hierbij is in aanmerking genomen dat deze kosten bij vervanging van de leiding op eigen initiatief ook ten laste komen van de netbeheerder).
De materiaalkosten van constructieve en/of bijzondere voorzieningen die worden veroorzaakt door eisen van derden (en niet door gemeente) vallen onder de materiaalkosten.
NB De materiaalkosten van constructieve en/of bijzondere voorzieningen die worden veroorzaakt door eisen van gemeente vallen onder de uitvoeringskosten.
In geval van bundeling van werkzaamheden van verschillende netbeheerders moeten de kosten worden verdeeld over de netbeheerders. De projectkosten worden verdeeld in direct aan de netbeheerders toe te delen kosten en gezamenlijke kosten. De direct toe te delen kosten zijn kosten van in- en uit bedrijf stellen en materiaalkosten exclusief de extra materialen. De gezamenlijke kosten zijn de uitvoeringskosten, ontwerp en begeleiding en de extra materialen.
De verdeelsleutel voor de gezamenlijke kosten wordt bepaald op basis van de afzonderlijke fictieve kosten van uitvoering en ontwerp en begeleiding die zouden moeten worden gemaakt.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-456950.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.