Gemeenteblad van Lochem
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lochem | Gemeenteblad 2024, 504779 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lochem | Gemeenteblad 2024, 504779 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Tarieventabel 2025 behorende bij de Legesverordening 2025
HOOFDSTUK 1 Algemene dienstverlening
Paragraaf 1.1 Burgerlijke stand
Artikel 1.2 Huwelijksvoltrekking, registratie of omzetting partnerschap zonder ceremonie (flitshuwelijk)
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, de registratie van een partnerschap of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, overeenkomstig artikel 7 van het Reglement burgerlijke stand € 111,00.
Artikel 1.3 Huwelijksvoltrekking, registratie of omzetting partnerschap in een bijzonder huis
Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek op:
Artikel 1.5 Aanwijzing buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden € 110,50.
Paragraaf 1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
Artikel 1.9 Paspoorten, andere reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart
De tarieven bedragen voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van de in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden genoemde documenten, de daarvoor in dat artikel vermelde maximumtarieven, naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,05.
Voor de versnelde uitreiking worden de tarieven genoemd in artikel 1.9 vermeerderd met het daarvoor in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden vermelde maximumtarief, naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,05.
Voor het bezorgen van een in artikel 1.9 genoemd document worden de tarieven genoemd in artikel 1.9 vermeerderd met het daarvoor in artikel 6 van het Besluit paspoortgelden vermelde maximumtarief, naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,05.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs: het in de Regeling tarieven Dienst Wegverkeer genoemde bedrag, vermeerderd met het in artikel 104b van het Reglement rijbewijzen genoemde bedrag, waarbij de som van deze bedragen naar beneden wordt afgerond op een veelvoud van € 0,05.
Paragraaf 1.4 Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens
Artikel 1.15 Verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen
In afwijking van het voorgaande lid bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens met behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen € 27,30.
Artikel 1.19 Afschriften van bestuursstukken
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van:
Paragraaf 1.6 Vastgoedinformatie
Artikel 1.21 Plan- of kaartinformatie
Het tarief bedraagt voor het schriftelijk verstrekken van informatie aan personen en organisaties die bedrijfsmatig bemiddelen bij de koop en verkoop van onroerende zaken, en/of die bedrijfsmatig taxaties verrichten van gronden en opstallen, en die in deze hoedanigheid de hieronder genoemde informatie vragen, wordt per aanvraag geheven een bedrag van € 50,30.
Paragraaf 1.7 Overige publiekszaken
Artikel 1.25 Overige publiekszaken
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het:
verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag: de in de Regeling vergoeding verklaring omtrent het gedrag en gedragsverklaring aanbesteden genoemde bedragen;
Paragraaf 1.9 Bijzondere wetten
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet € 61,10;
verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15 negende lid, van de Leegstandwet € 61,10.
Artikel 1.31 Wet op de kansspelen
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:
Het eerste lid, onderdelen a en b, is van overeenkomstige toepassing als de vergunning geldt voor een tijdvak korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd respectievelijk verhoogd worden.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning) € 19,00.
Artikel 1.32 Ondergrondse infrastructuren
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
om een instemmingsbesluit, als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden € 686,00;
om een instemmingsbesluit, als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI), omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden van minder ingrijpende aard € 153,00.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding voor spoedeisende werkzaamheden als bedoeld in de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren (AVOI) € 153,00.
Artikel 1.33 Wegenverkeerswetgeving
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor zover noodzakelijk voor en direct samenhangend met de uitvoering van bijzondere transporten € 44,80;
een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 anders dan bedoeld in onderdeel a. € 60,50;
verstrekking van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer € 70,70;
een vergunning als bedoeld in artikel 5 van de Wet personenvervoer € 14,25;
een ontheffing als bedoeld in de Parkeerverordening 2013 € 14,25.
Artikel 1.34 Gewaarmerkte afschriften, kopieën, stukken of uittreksels
De portokosten bedragen voor bezorging binnen het bezorgingsgebied van een bij Business Post aangesloten bezorgingsdienst de door Business Post gehanteerde tarieven, vermeld op www.businesspost.nu.
De portokosten bedragen voor bezorging buiten het bezorgingsgebied van een bij Business Post aangesloten bezorgingsdienst de door Postnl gehanteerde tarieven, vermeld op www.postnl.nl.
Artikel 1.35 Diverse vergunningen of beschikkingen
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
een vergunning voor het plaatsen van driehoeks- of sandwichborden aan aangewezen mediapalen als bedoeld in artikel 5.11 van de Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Lochem 2023 en de Regeling plaatsing driehoeksborden gemeente Lochem per aaneengesloten plaatsingsperiode € 76,30;
een vergunning voor het plaatsen van spandoeken aan aangewezen mediapalen als bedoeld in artikel 5.11 van de Verordening Fysieke Leefomgeving gemeente Lochem 2023 en de Regeling plaatsing spandoeken gemeente Lochem per aaneengesloten plaatsingsperiode € 76,30.
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag op grond van de Wet open overheid:
HOOFDSTUK 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet
Paragraaf 2.1 Algemene bepalingen
Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bij de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.
In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
Binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht:
een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet.
De omgevingstafel is een overlegvorm voor initiatieven waarvan bij het intaketafelgesprek is geoordeeld dat deze onder voorwaarden mogelijk te realiseren zijn. Het doel van een omgevingstafel is het initiatief zodanig vorm te geven dat aan de voorwaarden om deze te kunnen realiseren is voldaan en te komen tot een definitief plan.
In aanvulling op de in bijlage I bij de Omgevingsregeling opgenomen omschrijving van het begrip ‘bouwkosten’ betreffen de in die omschrijving:
onder a genoemde Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 de voorwaarden die bekendgemaakt zijn in Staatscourant 2012, 1567;
In afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling geldt voor de bepaling van de hoogte van de bouwkosten het volgende:
De gemeente toetst de door de aanvrager opgegeven bouwkosten aan normbedragen conform de Beleidsregel "Vaststellen bouwkosten bij berekening leges aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen”. Als de door de gemeente berekende bouwkosten op grond van deze normbedragen meer dan 10% afwijken van de door de aanvrager opgegeven bouwkosten, worden de bouwkosten vastgesteld op het berekende normbedrag conform deze beleidsregel en de daarbij behorende normkostentabel. Als geen bouwkosten door de aanvrager zijn opgegeven worden de bouwkosten bepaald door de gemeente met behulp van de normbedragen, conform de Beleidsregel "Vaststellen bouwkosten bij berekening leges aanvraag omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen”.
Artikel 2.2 Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven
Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:
een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;
een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;
toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;
Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.
Paragraaf 2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
Artikel 2.5 Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.6 Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk en/of terreinen/percelen (ruimtelijke deel)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit, het in stand houden of gebruiken van het bouwwerk/terreinen/percelen, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
De tarieven genoemd onder lid 1 en lid 2 worden, als sprake is van toepassing van de wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht, zoals bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, verhoogd met € 311,00.
Het tarief genoemd onder lid 4 wordt, als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarbij sprake is van een functieverandering van gebouwen/terreinen/percelen verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. De aanvraag wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop deze begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.7 Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 275,00.
Paragraaf 2.4 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
Artikel 2.8 Omgevingsplanactiviteit: monumenten
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, voorbeschermd gemeentelijk monument of voorbeschermd provinciaal monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten, voor het slopen, verstoren, verplaatsen, herstellen of gebruiken of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht € 275,00.
Artikel 2.9 Rijksmonumentenactiviteit
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten, voor het slopen, verstoren, verplaatsen, herstellen of gebruiken of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht € 275,00.
Artikel 2.10 Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit in een rijksbeschermd, provinciaal beschermd of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten, voor een omgevingsplanactiviteit of bij toepassing van de gemeentelijke erfgoedverordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit of een buitenplanse omgevingsplanactiviteit € 275,00.
Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een sloopactiviteit die wordt verricht op een locatie waarvoor een op grond van artikel 4.35, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet als instructie geldende aanwijzing als beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Monumentenwet 1988 zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet van kracht is, zolang in het omgevingsplan aan die locatie nog niet de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht is gegeven.
Artikel 2.11 Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een andere activiteit dan die genoemd in de artikelen 2.8, 2.9 en 2.10 en cultureel erfgoed of werelderfgoed betreft, waarvoor in het omgevingsplan met het oog op het behoud van cultureel erfgoed of van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed een verbod is opgenomen om zonder omgevingsvergunning deze activiteit te verrichten, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 275,00.
Paragraaf 2.5 Milieubelastende activiteiten
Artikel 2.12 Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 2.748,00.
Artikel 2.13 Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen (afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.14 Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.15 Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector afvalbeheer als bedoeld in de paragrafen 3.5.1, 3.5.4, 3.5.7, 3.5.8 en 3.5.11 van afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.16 Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de agrarische sector als bedoeld in de paragrafen 3.6.1, 3.6.7 en 3.6.8 van afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.17 Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 3.298,00.
Artikel 2.18 Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3.8.2, 3.8.3, 3.8.5, 3.8.6, 3.8.8 tot en met 3.8.11 van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.19 Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving)
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector sport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 3.298,00.
Artikel 2.20 Samenloop van milieubelastende activiteiten
Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige van toepassing zijnde tarief wordt toegepast.
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in deze paragraaf, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt.
Paragraaf 2.6 Lozingsactiviteiten
Artikel 2.21 Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 440,00.
Artikel 2.22 Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 440,00.
Paragraaf 2.7 Aanlegactiviteiten
Artikel 2.24 Gereserveerd (Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde)
Artikel 2.25 Omgevingsplanactiviteit: geluid weg
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen of wijzigen van een weg als op grond van het omgevingsplan of bij omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit een geluidgevoelig gebouw is toegelaten binnen het aandachtsgebied van die weg, als bedoeld in artikel 22.272 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
Artikel 2.26 Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in de Verordening fysieke leefomgeving gemeente Lochem 2023 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 275,00.
Artikel 2.28 Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 265,00.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten worden, in afwijking van het bepaalde in lid 1 van dit artikel, voor een aanvraag voor het plaatsen van zonnepanelen voor particulier gebruik in een grondopstelling (die geen deel uitmaken van een collectief zonnepark) geen leges geheven.
Paragraaf 2.8 Overige activiteiten
Artikel 2.30 Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in de Verordening fysieke leefomgeving gemeente Lochem 2024 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 37,50.
Artikel 2.34 Andere activiteiten
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit:
betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten € 266,00;
betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:
voor een in een gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit aangewezen vergunningplichtige activiteit € 266,00;
Paragraaf 2.9 Maatwerkvoorschriften
Artikel 2.35 Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouw- of sloopactiviteit, bedraagt het tarief: per maatwerkvoorschrift € 415,00.
Artikel 2.36 Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten
Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op één of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift € 1.759,00.
Paragraaf 2.10 Gelijkwaardigheid
Artikel 2.38 Gelijkwaardige maatregel
Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:
Paragraaf 2.11 Overige tarieven
Artikel 2.39a Beoordeling geen omgevingsvergunning nodig
Als het college van burgemeester en wethouders na beoordeling van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning tot het oordeel komt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bedraagt het tarief, in afwijking van de overige artikelen in dit hoofdstuk € 181,50.
Artikel 2.39b Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit € 181,50.
Artikel 2.40 Wijzigen omgevingsvergunning
In afwijking van het tarief genoemd onder 1 is voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning, in andere gevallen dan als gevolg van een geringe wijziging in het project, hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.
Artikel 2.41 Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning € 181,50.
Artikel 2.43 Beoordeling aanvullende gegevens
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen € 82,60.
Artikel 2.44 Advies en Beoordeling onderzoeksrapporten
De in artikel 2.49 en 2.50 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag om advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit of een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning of van het nemen van een ander besluit.
Artikel 2.45 Wijzigen van het omgevingsplan
Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan bedraagt het tarief het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. De aanvraag wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop deze begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.47 Achteraf ingediende aanvraag
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met 10%, met een minimum van € 181,50 en een maximum van € 1.037,00.
Artikel 2.48 Uitgebreide voorbereidingsprocedure
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:
Artikel 2.49 Beoordeling onderzoeksrapporten
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als op aanvraag dan wel krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag een rapport moet worden beoordeeld, per rapport € 138,50.
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:
voor een advies van de Commissie Omgevingskwaliteit als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie omgevingskwaliteit dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet: over de bouwkosten tot en met € 500.000 0,21% van de bouwkosten met een minimum van € 100,00 vermeerderd met
0,13%van de bouwkosten, over de bouwkosten van € 500.001 tot en met € 1.000.000;
0,09%van de bouwkosten, over de bouwkosten van € 1.000.001 tot en met € 2.500.000;
0,06%van de bouwkosten, over de bouwkosten van € 2.500.001 tot en met € 5.000.000;
0,03% van de bouwkosten, over de bouwkosten vanaf € 5.000.001;
Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.
Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.
Artikel 2.52 Vermindering na omgevingsoverleg
Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.8, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt 100% van de voor het omgevingsoverleg geheven leges zoals opgenomen in artikel 2.4, eerste lid.
Artikel 2.55 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten
Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt 85% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.
Artikel 2.56 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning bij reguliere procedure
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
Artikel 2.57 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning bij uitgebreide voorbereidingsprocedure
Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt :
van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.
Artikel 2.58 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, sloop- en aanlegactiviteiten of milieubelastende activiteiten
Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een bouw- of milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 24 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt 50% van de voor de activiteit waarvoor de vergunning is ingetrokken verschuldigde leges.
Artikel 2.59 Gereserveerd (Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of milieubelastende activiteiten)
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2
Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2.28 Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Lochem (exploitatievergunning) € 274,00;
tot het wijzigen van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2.28 Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Lochem (exploitatievergunning) € 89,50.
Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet € 470,00;
om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet € 36,00.
Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijven
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning voor een seksinrichting of escortbedrijf (artikel 3.4 Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Lochem) € 765,00.
Artikel 3.5 Ontheffing winkeltijden
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet 16,80;
Paragraaf 3.4 Organiseren evenement of markt
Artikel 3.6 Organiseren evenement
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Lochem (evenementenvergunning) € 75,80.
Als het besluit moet worden voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, bedraagt het tarief in afwijking van het eerste lid € 212,00.
Paragraaf 3.7 In dit hoofdstuk niet genoemd besluit
Artikel 3.19 Niet benoemd besluit op aanvraag
Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:
om een ontheffing ter zake van geluid (hinder in openlucht) als bedoeld in artikel 4.6 de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Lochem € 23,50;
Toelichting op de tarieventabel 2025 behorende bij de Legesverordening 2025
Waar mogelijk wordt (anders dan in het VNG-model) gebruik gemaakt van verwijzingen naar wettelijke tarieven of maxima, zodat wijzigingen in hogere regelgeving automatisch doorwerken in deze tarieventabel. Grotendeels is aangesloten bij het VNG-model. Niet alle opties uit dat model worden in Lochem toegepast. Daarom staat diverse keren (bij) een artikel(lid): “gereserveerd”. Zo blijft de structuur en volgorde van de verordening in Lochem zoveel mogelijk gelijk aan die van het VNG-model. Dat vergemakkelijkt het bijwerken in de toekomst. In deze toelichting zijn vooral de afwijkingen en bijzonderheden ten opzichte van het VNG-model toegelicht. De toelichting op het VNG-model bevat een nadere uiteenzetting die - tenzij in Lochem voor een afwijking is gekozen - ook voor Lochem van toepassing is.
Ten opzichte van de tarieventabel 2024 zijn er redactionele wijzigingen doorgevoerd. Sommige bepalingen bleken overbodig, waren onnodig ingewikkeld of niet helemaal correct geformuleerd. Dat is hiermee verbeterd. Bij de diverse artikelen is aangegeven waar dit aan de orde is.
2 Toelichting op de hoofdstukken
Hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening
Dit hoofdstuk is ‘algemene dienstverlening’ genoemd ter onderscheiding van de twee andere hoofdstukken. Binnen dit hoofdstuk bestaat beleidsruimte om kruissubsidiëring of het profijtbeginsel toe te passen, ook met diensten buiten hoofdstuk 1. Zie HR 13 februari 2015, ECLI:NL:HR:2015:282. Wel moet rekening worden gehouden met diensten die onder Europese Dienstenrichtlijn vallen. Zie de toelichting op artikel 5 van de Legesverordening.
Kosteloze voltrekking huwelijk, registratie partnerschap en omzetting
In artikel 4 van de Wet rechten burgerlijke stand is geregeld dat gemeenten gelegenheid moeten geven tot een kosteloze huwelijksvoltrekking, registratie van een partnerschap of omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk. De ambtenaar van de burgerlijke stand bepaalt de daarvoor bestemde dagen en uren. Sinds 1 maart 2009 is het niet meer mogelijk een huwelijk om te zetten in een geregistreerd partnerschap (Wet bevordering voortgezet ouderschap en zorgvuldige scheiding; Stb. 2008, 500).
Voor het kosteloos voltrekken van een huwelijk, registreren van een partnerschap of omzetten van een geregistreerd partnerschap is het voldoende als gelegenheid wordt gegeven tot het kosteloos voltrekken van een huwelijk, registreren van een partnerschap of omzetting van een geregistreerd partnerschap in het gemeentehuis. Er bestaat geen wettelijke verplichting tot het kosteloos voltrekken van een huwelijk, registreren van een partnerschap of omzetten van een geregistreerd partnerschap in een bijzonder huis. In artikel 1.1 lid 4 en 5 werd nog iets bepaald over kosteloze huwelijken. Dat is geschrapt, omdat het overbodig is.
Artikel 1.2 Huwelijksvoltrekking, registratie of omzetting partnerschap zonder ceremonie
In het Reglement burgerlijke stand is geregeld hoe een huwelijkssluitig zonder ceremonie verloopt en onder welke voorwaarden en tijdstippen dit mogelijk is. Er wordt nu verwezen naar dit Reglement.
Artikel 1.6 Beschikbaar stellen getuige door gemeente
Op grond van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek is het verplicht om ten minste twee getuigen te hebben bij de huwelijksvoltrekking of registratie van het partnerschap (artikel 63, eerste lid, en artikel 80a, vijfde lid, Boek 1 BW). Het komt voor dat toekomstige partners aan de gemeente vragen om getuigen beschikbaar te stellen. Hiervoor is een tarief opgenomen.
Artikel 1.7 Gereserveerd (Annuleren of wijzigen datum)
Het VNG-model voorziet in het berekenen van leges als een geplande huwelijksvoltrekking of partnerschapsregistratie wordt geannuleerd of de datum daarvan wordt gewijzigd. Dit komt in de praktijk niet veel voor en is voor betrokkenen al vervelend genoeg. Het doorberekenen van kosten in die situaties zal naar verwachting op weerstand en onbegrip stuiten en weegt niet op tegen de moeite.
Artikel 1.8 Trouwboekje of partnerscha psboekje
In artikel 1.8 van de tarieventabel is een tarief opgenomen voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje. De leges genoemd in artikel 1.8 worden geheven naast de leges die ingevolge de artikelen 1.1 t/m 1.7 geheven worden.
Ook in het geval van een kosteloos huwelijk of registreren van een partnerschap is legesheffing voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje toegestaan. Het betreft hier een dienst van de gemeente die wordt verleend naast het voltrekken van het huwelijk of de registratie van een partnerschap zelf. Een verplichting tot het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje bestaat immers niet. Wij merken hierbij nog op dat dit dienstverlening waarvoor de gemeente btw-plichtig is. Het tarief is dus inclusief btw (artikel 38 Wet op de omzetbelasting 1968).
Verrichtingen ambtenaren van de burgerlijke stand
De mogelijkheden tot het heffen van leges voor verrichtingen van ambtenaren van de burgerlijke stand zijn geregeld in de Wet rechten burgerlijke stand (Stb. 1879, 72). In artikel 2 van die wet is geregeld voor welke verrichtingen leges geheven kunnen worden. De hoogte van die leges is vastgesteld in het Legesbesluit akten burgerlijke stand. De gemeente kan deze leges rechtstreeks heffen op basis van dat Legesbesluit. Artikel 3, tweede lid, van die wet bepaalt dat de ambtenaar van de burgerlijke stand de leges heft en invordert. Dat is dus een afwijking van de belastingbepalingen in de Gemeentewet. Zo heeft Hof ’s-Hertogenbosch geoordeeld dat het Legesbesluit akten burgerlijke stand geen belastingwet is in de zin van de AWR, dat de vergoeding geen gemeentelijke belasting is en dat de AWR niet van toepassing is (Hof 's-Hertogenbosch 27 mei 2016, nr. 15/00138 (Roermond), ECLI:NL:GHSHE:2016:2100, VNG-nummer: 6601). Voor de rechtsbescherming zijn de bepalingen over bezwaar en beroep in de Awb van toepassing. In overeenstemming met het VNG-model zijn de tarieven niet opgenomen in de legesverordening.
Artikel 1.9 Paspoorten, andere reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart en artikel 1.11 Modaliteiten
Lochem hanteert de wettelijke maximumtarieven, naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,05. De redactie is in afwijking van het VNG model zo vormgegeven dat wijzigingen in de rijksregelingen direct doorwerken in de tarieventabel van Lochem, zonder dat deze hoeft te worden aangepast.
Artikel 1.10 Gereserveerd (Nederlandse identiteitskaart)
Het tarief voor de Nederlandse identiteitskaart is opgenomen in artikel 1.9.
Lochem hanteert de wettelijke maximumtarieven, naar beneden afgerond op een veelvoud van € 0,05. De redactie is in afwijking van het VNG model zo vormgegeven dat wijzigingen in de rijksregelingen direct doorwerken in de tarieventabel van Lochem, zonder dat deze hoeft te worden aangepast.
Artikel 1.18 Op aanvraag doornemen basisregistratie personen
De in artikel 1.18 opgenomen regeling is bedoeld voor gevallen waarin aan de gemeente wordt verzocht de basisregistratie personen, inclusief de aangehaakte gegevens, door te nemen voor het verkrijgen van bepaalde inlichtingen. Deze bepaling geeft de mogelijkheid leges te heffen naar rato van de tijd die met het doornemen is gemoeid, ongeacht of dit leidt tot het daadwerkelijk verschaffen van de gevraagde inlichtingen. Naast een bedrag voor het doornemen van de basisregistratie is de aanvrager eventueel een bedrag verschuldigd ingevolge artikel 1.15 als vervolgens persoonsgegevens worden verstrekt. Dit vloeit voort uit het feit dat het bepaalde in artikel 1.18 een afzonderlijk belastbaar feit vormt. Zie ook de toelichting op artikel 1.26 voor wat betreft het niet toepassen van de begrotingsconstructie.
Hierin is nu een verwijzing naar de Regeling vergoeding VOG opgenomen, waarin het wettelijk maximum staat.
Artikel 1.28 Gereserveerd (Uitlenen archiefbescheiden)
Hiervoor zijn geen tarieven opgenomen. De Regeling tarieven rijksarchiefbescheiden voorziet evenmin in een tarief voor het uitlenen van archiefbescheiden.
Artikel 1.33 Wegenverkeerswetgeving
Aanvullend ten opzichte van het VNG-model is onder f. een bepaling opgenomen voor het nemen van een verkeersbesluit. Gedacht kan worden aan het op verzoek aanwijzen van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken. Dat is een besluit op grond van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (Babw) en betreft een besluit van algemene strekking. Het betreft echter wel een besluit dat wordt genomen op aanvraag van een belanghebbende. Artikel 29 van het BABW voorziet in kostenverhaal van het plaatsen van het bord. In dezelfde lijn is het logisch dat de aanvrager c.q. de persoon voor wie het bord wordt geplaatst de kosten van het nemen van het besluit betaalt.
HOOFDSTUK 2 DIENSTVERLENING EN BESLUITEN IN HET KADER VAN DE OMGEV INGSWET
De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Dit hoofdstuk is daarop aangepast. Een toelichting op de destijds gemaakte keuzes is opgenomen in het raadsvoorstel bij de belastingverordeningen 2024 (2023-284629). Korheidshalve wordt daarnaar verwezen.
De tarieven voor advies van welstand van het Gelders Genootschap (GG) zijn opgenomen (1a). Ik heb een extra onderdeel c opgenomen voor complexen. De tarieven voor integrale advisering, illegale bouwwerken, reclameobjecten, vooroverleggen en overige adviezen kunnen niet goed in de leges opgenomen worden. Op voorhand zal vermoedelijk niet altijd duidelijk zijn welke disciplines allemaal nodig zijn. Als belastingplichtige weet je dan niet waar je aan toe bent. Het tarief is dan niet kenbaar (te maken) en dat mag niet. Maar ook als dat wel zou kunnen, wordt het wel een heel ingewikkelde constructie en daardoor ook kwetsbaar in de uitvoering. Idealiter betaalt iemand exact wat hij aan kosten oproept, maar dat kan binnen de legesheffing niet.
De tarieven voor vooroverleg zijn nu al via artikel 2.4, lid 2 van een tarief voorzien: dat is het tarief dat je verschuldigd bent bij een reguliere aanvraag. Ook hier laat zich op voorhand niet vastleggen hoeveel behandelingen nodig zijn. Dat zal afhangen van wat de aanvrager aan documenten inbrengt en hoe deze passen binnen het beleid. De overige adviezen kunnen evenmin goed opgenomen worden, omdat voor een aanvrager niet duidelijk is wanneer zo’n advies nodig is.
In de titel staat teruggaaf. In de bepalingen stond echter het woord 'vermindering'. Een vermindering is bijvoorbeeld aan de orde bij leges voor duurzaamheidsprojecten. Het verschil is dat een vermindering op voorhand - bij het ontstaan van het belastbare feit - kan worden bepaald. Een teruggaaf is afhankelijk van een onzekere situatie in de toekomst, bezien vanuit het moment waarop het belastbare feit zich voordoet. Het zijn wel verwante begrippen, maar niet helemaal hetzelfde. Om het juridisch goed te regelen is de tekst in de bepalingen aangepast naar 'teruggaaf'.
HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING WAAROP DE DIENSTENRICHTLIJN VAN TOEPASSING IS
Het aantal tarieven dat in Lochem onder hoofdstuk 3 valt is beperkt. Voor dienstverlening die niet met name genoemd is, is in artikel 3.19, onderdeel c, een vangnetbepaling opgenomen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-504779.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.