Gemeenteblad van Eindhoven

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
EindhovenGemeenteblad 2019, 68390Verordeningen



Subsidieregeling stimulering “vasthouden en verwerken hemelwater op particulier terrein.”

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven maakt bekend, dat de gemeenteraad van de gemeente Eindhoven in haar vergadering van 18 december 2018 heeft besloten,

gelet op het bepaalde in de Algemene subsidieverordening gemeente Eindhoven, titel 4.2 en 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 149 en 156 van de Gemeentewet;

onder gelijktijdige intrekking van de Subsidieregeling stimulering afkoppelen hemelwaterafvoer van verhard oppervlak (Gemeenteblad 2014, nr.64) vast te stellen de navolgende:

 

 

Subsidieregeling stimulering “vasthouden en verwerken hemelwater op particulier terrein.”

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Afkoppelen: onderbreken van de afvoer van op schoon verhard oppervlak (dakoppervlakken en/of particuliere erfverhardingen) vallend hemelwater naar openbare rioolstelsels of oppervlaktewater. In plaats daarvan wordt het hemelwater lokaal vastgehouden en verwerkt bijvoorbeeld via infiltratie in de bodem of nuttig gebruik.

  • b.

    Ontharden: weghalen van dakoppervlakken en/of particuliere erfverhardingen die niet op een openbaar rioolstelsel zijn aangesloten.

  • c.

    Vergroenen: aanbrengen van gras, planten en/of bomen waar men onthardt.

  • d.

    Groen dak: dakoppervlak dat bedekt is met een begroeiing waarbij de begroeiing een minimaal waterbergend vermogen van 30 liter per m2 dak heeft.

  • e.

    Hemelwater: neerslag in de vorm van regenwater, ijzel en sneeuw.

  • f.

    Openbaar rioolstelsel: een gemengd rioolstelsel, een gescheiden rioolstelsel of een verbeterd gescheiden rioolstelsel.

  • g.

    Gemengd rioolstelsel: rioolstelsel waarbij afvoer van afvalwater en hemelwater in één riool plaatsvindt naar de RWZI.

  • h.

    Gescheiden rioolstelsel: rioolstelsel waarbij afvoer van afvalwater en hemelwater gescheiden plaatsvindt. Afvalwater wordt naar de RWZI en hemelwater naar oppervlaktewater geleid.

  • i.

    Verbeterd gescheiden rioolstelsel: rioolstelsel waarbij afvoer van afvalwater en hemelwater gescheiden plaatsvindt. Afvalwater wordt samen met een klein deel van het hemelwater(geringe neerslag) naar de RWZI geleid. Bij grotere regenbuien wordt hemelwater afgevoerd naar het oppervlaktewater.

  • j.

    Regenwaterstelsel: rioolstelsel waarmee alleen regenwater wordt ingezameld.

  • k.

    Schoon verhard oppervlak: dakoppervlakken en/of particuliere erfverhardingen waarvan het hemelwater, dat tot afstroming komt, als schoon kan worden aangemerkt.

  • l.

    Infiltratie: proces waarbij hemelwater dat van dakoppervlakken en/of particuliere erfverhardingen afstroomt in de bodem wegzakt.

  • m.

    Bergingsvoorziening: voorziening bedoeld om regenwater tijdelijk of langdurig vast te houden alvorens het verdampt, hergebruikt, infiltreert of afgevoerd wordt.

  • n.

    Vertraagde afvoer: voorziening bedoeld om opgeslagen regenwater gedoseerd af te voeren

  • o.

    Noodoverloop: voorziening die aangesproken wordt als de bergingsvoorziening niet toereikend is en wateroverlast voorkomt.

  • p.

    ASV: Algemene Subsidieverordening gemeente Eindhoven.

q. College: College van Burgemeester en wethouders van de gemeente Eindhoven.

 

Artikel 2 Doel

  • 1.

    Met deze subsidieregeling wordt beoogd het lokaal vasthouden en verwerken van hemelwater te stimuleren via groene daken, afkoppelen en ontharden op particulier terrein binnen de grenzen van de gemeente Eindhoven.

  • 2.

    De subsidieregeling levert een bijdrage aan de klimaatrobuustheid van de stad waaronder het tegengaan van de opwarming van de stad, het terugdringen van wateroverlast door ontlasting van openbare rioolstelsels, het verminderen van CO2-emissies door energiebesparing, het terugdringen van geluidshinder (groene daken), en het verhogen van de biodiversiteit en de leefbaarheid.

 

Artikel 3 Subsidieaanvrager

  • 1.

    Subsidie kan worden aangevraagd door rechtspersonen en door (groepen van )natuurlijke personen, voor zover zij eigenaar zijn van een in Eindhoven gelegen perceel waarop schone dakvlakken en/of schone erfverhardingen zijn aangebracht.

  • 2.

    In het geval er sprake is van een groep van personen als bedoeld in het eerste lid van dit artikel kan 1 aanvraag worden ingediend waarbij de indiener een volmacht heeft van de andere eigenaren.

 

Artikel 4 De te subsidiëren activiteiten

Een eenmalige subsidie wordt verleend voor:

  • a.

    Het vasthouden en verwerken van hemelwater door het ontharden en vergroenen van erfverhardingen op particulier terrein, en

  • b.

    het vasthouden en verwerken van hemelwater door het vergroenen van bestaande dakverhardingen op particulier terrein, en

  • c.

    Het vasthouden en verwerken van hemelwater door het afkoppelen van dakverhardingen en/of erfverharding op particulier terrein van bestaande openbare gemeentelijke rioolstelsels.

 

Artikel 5 Subsidieweigering

Subsidie wordt geweigerd in het geval subsidie wordt aangevraagd voor:

  • a.

    openbare verhardingen waaronder bijv. geveltuintjes, of;

  • b.

    voor particuliere verhardingen bij nieuwbouw, of;

  • c.

    groene gevels, of;

  • d.

    regentonnen of andere voorzieningen zonder de vereiste aanvullende bergingsvoorzieningen, of;

  • e.

    de aanleg van half open verhardingen zoals bijv. grasbetonstenen, of;

  • f.

    de aanleg van grind of andere materialen zonder groene uitstraling, of;

  • g.

    de aanleg van kunstgras.

 

Artikel 6 Subsidievereisten

  • 1.

    Om in aanmerking te komen voor subsidie zoals bedoeld in artikel 4 van deze subsidieregeling dient te worden voldaan aan de volgende vereisten:

    • a.

      er is niet eerder een subsidie verstrekt voor ontharden/vergroenen voor dat deel, voor het groene dak, of voor het afkoppelen van dakverharding of erfverharding waarvoor nu subsidie wordt gevraagd; en

    • b.

      de betreffende aan te passen verhardingen in het kader van deze regeling zijn aangebracht minimaal 5 jaar voor datum van indiening; en

    • c.

      het vergroeningsinitiatief, het groene dak of de afkoppelingswerkzaamheden blijven minimaal tien jaar in stand.

  • 2.

    Voor activiteiten zoals opgenomen in artikel 4 sub a en c geldt in aanvulling op het eerste lid dat de subsidieaanvrager zelf verantwoordelijk is voor het adequaat verwerken van zijn of haar hemelwater zonder dat er nadelige gevolgen bij omliggende percelen ontstaan. Hiertoe dient de subsidieaanvrager te onderzoeken of de bodemopbouw voldoende is om (hemel-)water te laten infiltreren.

  • 3.

    In aanvulling op de in de leden 1 en 2 opgenomen vereisten gelden de volgende eisen specifiek voor de in artikel 4 sub a, b en c te subsidiëren activiteiten:

    • a.

      Artikel 4 sub a.:

      • de minimaal te ontharden/vergroenen oppervlakte is 20 m2.

    • b.

      Artikel 4 sub b.:

      • de minimale oppervlakte voor een groen dak is 10 m2 ; en

      • in de bestaande situatie wordt het dakwater geloosd op het openbare rioolstelsel of oppervlaktewater; en

      • de subsidieaanvrager is zelf verantwoordelijk voor de bouwkundige staat van het gebouw en de draagkracht van de groene dak constructie; en

      • bij de aanleg van een groen dak wordt het belang van het vasthouden en vertraagd afvoeren van regenwater in voldoende mate gediend, door een minimale wateropslag van 30 l/m2. Na benutting van deze wateropslag mag hemelwater overlopen naar groene zones in de tuin of naar de openbare ruimte; en

      • het groen dak is opgebouwd uit een wortelwerende laag, alsmede een drainage-, substraat- en een vegetatielaag.

    • c.

      Artikel 4 sub c:

      • de minimaal af te koppelen oppervlakte is 20 m2; en

      • in de bestaande situatie wordt het afstromend water geloosd op het openbare rioolstelsel of oppervlaktewater; en

      • bij de afkoppelwerkzaamheden wordt het belang van het vasthouden en vertraagd afvoeren van regenwater in voldoende mate gediend, door een minimale waterberging van 20 l/m2. Na benutting van deze waterberging mag hemelwater eventueel via regenwaterleidingen overlopen naar groene zones in de tuin of naar de openbare ruimte.

    • d.

      Artikel 4 sub d:

      Men komt enkel in aanmerking voor subsidie indien de genoemde activiteiten in artikel 4 vanaf 2019 worden uitgevoerd waardoor dit een substantiële verandering t.a.v. leefbaarheid en ontlasting van het rioolstelsel ten opzicht van de bestaande situatie, zijnde voor 1 januari 2019.

 

Artikel 7 Subsidieplafond/de verdeling van de subsidie

  • 1.

    Het subsidieplafond voor het subsidiëren van activiteiten, zoals bedoeld in deze subsidieregeling, wordt jaarlijks vastgesteld.

  • 2.

    Indien het bedrag waarvoor op grond van deze subsidieregeling subsidie zou moeten worden verleend aan degenen die daartoe een aanvraag hebben ingediend groter is dan het op grond van het eerste lid vastgestelde subsidieplafond, wordt de aanvraag geweigerd. Hierbij geldt dat complete aanvragen in volgorde van binnenkomst worden behandeld.

 

Artikel 8 Subsidiehoogte

  • 1.

    De hoogtes van de subsidiebedragen zijn:

    • a.

      Voor het vasthouden en verwerken van hemelwater door het ontharden en vergroenen van erfverhardingen op particulier terrein, zoals bedoeld in artikel 4 sub a:

      • € 5 per m2 met een maximum van € 2.500,- per subsidieaanvraag.

    • b.

      Voor het vasthouden en verwerken van hemelwater door het vergroenen van dak-verhardingen op particulier terrein, zoals bedoeld in artikel 4 sub b:

      • € 25 per m2 met een maximum van € 25.000,- per subsidieaanvraag.

    • c.

      Voor het vasthouden en verwerken van hemelwater door het afkoppelen van dak-verhardingen en/of erfverhardingen op particulier terrein van bestaande openbare gemeentelijke rioolstelsels of oppervlaktewater, zoals bedoeld in artikel 4 sub c:

      • € 10 euro per m2 met een maximum van € 10.000,- per subsidieaanvraag.

  • 2.

    Bij een gecombineerde aanvraag waarin sprake is van twee of drie subsidiabele activiteiten zoals opgenomen onder sub a tot en met c van artikel 4, geldt een maximum van de optelsom van de bedragen zoals opgenomen in het eerste lid van dit artikel.

 

Artikel 9 Indiening subsidieaanvraag

1. Voor de in artikel 4 te subsidiëren activiteiten gelden de volgende indieningsvereisten bij een subsidiebedrag kleiner dan € 5000,-:

  • a.

    Voor activiteiten zoals opgenomen in artikel 4 onder a,b en c:

    • een kaart waarop de activiteit of activiteiten zijn aangeduid met een aanduiding van het aantal aantal vierkante meters, en

    • foto’s van de situatie voor uitvoering van de activiteit, en

    • foto’s van de situatie na uitvoering van de activiteit.

      • 2.

        In aanvulling op het bepaalde in lid 1 van dit artikel geldt aanvullend voor artikel 4 sub

        b en c:

    • technische omschrijving van het groene dak met daarin minimaal opgenomen de laagopbouw, waterhoudend vermogen en noodoverloop/vertraagde afvoer, of

    • een technische omschrijving van de omschrijving van de afkoppelvoorziening met daarin minimaal opgenomen de soort voorziening, inhoud, noodoverloop en de werking.

      • 3.

        Voor de in artikel 4 sub b en c te subsidiëren activiteiten gelden de volgende indieningsvereisten bij een subsidiebedrag groter dan € 5000,-:

    • een kaart waarop activiteit of activiteiten zijn aangeduid met een aanduiding van het aantal vierkante meters, en

    • Foto’s van de situatie voor uitvoering van de activiteit, en

    • technische omschrijving van het groene dak met daarin minimaal opgenomen de laagopbouw, waterhoudend vermogen en noodoverloop/vertraagde afvoer, of

    • een technische omschrijving van de omschrijving van de afkoppelvoorziening met daarin minimaal opgenomen de soort voorziening, inhoud, noodoverloop en de werking.

      • 4.

        De aanvraag moet worden ingediend met het daarvoor bestemde (digitale) aanvraagformulier. Het college is bevoegd, het overleggen van andere bescheiden, die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het beoordelen van de aanvraag overeenkomstig de eisen van de ASV, te verlangen.

 

Artikel 10 Beslistermijn

Het college beslist binnen 8 weken schriftelijk na ontvangst van de volledige aanvraag.

 

Artikel 11 Verplichtingen

  • 1.

    In aanvulling op het bepaalde in de ASV met betrekking tot de verplichtingen van de subsidieontvanger geldt dat bij subsidies boven de € 5000,- binnen 6 maanden na een besluit de te realiseren werkzaamheden dienen te zijn uitgevoerd.

  • 2.

    De subsidieaanvrager is verplicht ten behoeve van controles toegang te verlenen tot de onroerende zaak waarvoor subsidie is gegeven .

 

Artikel 12 voorschot en voltooiing werkzaamheden

In aanvulling op het bepaalde in de ASV met betrekking tot de betaling en het geven van een voorschot wordt ten aanzien van subsidies van meer dan € 5000,- 50% bevoorschot in 1 termijn.

 

Artikel 13 Verantwoording en vaststelling subsidie

  • 1.

    In aanvulling op het bepaalde in de ASV met betrekking tot de vaststelling van subsidies worden:

    - Subsidies van € 5000,- tot en met € 25.000,- door subsidieontvanger uiterlijk binnen 6 maanden na het verlenen van de subsidie gereed gemeld door middel van het (digitale) aanvraagformulier tot subsidievaststelling .

  • 2.

    De gereed melding als bedoeld in artikel 13 lid 1 gaat vergezeld van een verantwoording van de gemaakte kosten door overlegging van rekeningen en foto’s.

 

Artikel 14 Inwerkingtreding en overgangsbepaling

Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag volgend op haar bekendmaking en is van toepassing op de uitvoering van activiteiten vanaf 1 januari 2019. Subsidies die nog worden aangevraagd voor de uitvoering van activiteiten in 2018, worden behandeld overeenkomstig de Nadere regels subsidie Stimulering afkoppelen hemelwaterafvoer van verhard oppervlak (Gemeenteblad 2014, nr 64).

 

Eindhoven,

,burgemeester

,secretaris