Gemeenteblad van Amsterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | Gemeenteblad 2016, 176997 | Beleidsregels |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Amsterdam | Gemeenteblad 2016, 176997 | Beleidsregels |
Subsidieregeling bewonersinitiatieven stadsdeel Noord en de subsidieregeling maatschappelijk initiatief stadsdeel noord
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
Artikel 2 Toepasselijkheid Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013
De Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013 is van toepassing, tenzij daarvan in deze regeling uitdrukkelijk wordt afgeweken.
Artikel 3 Doel subsidieregeling
Deze subsidieregeling is van toepassing op subsidie voor activiteiten die bijdragen aan de opgaven in de buurt zoals geformuleerd in de gebiedsagenda’s en het Stedelijk kader afspraken basisvoorzieningen. Het doel van deze subsidieregeling is om zowel buurt- en bewonersinitiatieven te stimuleren en te faciliteren, als de (keten)samenwerking tussen formele en informele (netwerk)organisaties te versterken.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
1. Het algemeen bestuur kan eenmalige subsidie verlenen ten behoeve van bewonersinitiatieven, die van meerwaarde zijn op het bestaande aanbod van fysieke of sociale voorzieningen of een lacune in het bestaande aanbod opvullen.
2. Het te verlenen bedrag dat een organisatie per jaar maximaal kan ontvangen vast te stellen op € 5.000.
1. Het algemeen bestuur kan voor de activiteiten, die volgens deze subsidieregeling voor subsidie in aanmerking komen jaarlijks een subsidieplafond vaststellen.
2. Het algemeen bestuur kan binnen het subsidieplafond onderscheid maken per soort activiteiten of gebied.
1. Als sprake is van een samenwerkingsverband dient één van de betrokken partijen als penvoerder de aanvraag in namens het samenwerkingsverband en draagt de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de beschikking.
2. De aanvrager is woonachtig in stadsdeel Noord. Aanvragende bewonersgroepen of ondernemers zijn aantoonbaar gevestigd in en werkzaam vanuit stadsdeel Noord
Artikel 7 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens
In aanvulling op artikel 5, tweede lid, van de ASA 2013 worden bij de subsidieaanvraag de volgende gegevens en stukken overgelegd:
Artikel 9 Aanvullende verplichtingen
Naast de verplichtingen op grond van artikel 10 en 11 van de ASA 2013, zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:
1. Een aanvraag om verlening of vaststelling van subsidie op grond van de Nadere Regeling Subsidies bewonersparticipatie Stadsdeel Noord 2013 waarop bij de inwerkingtreding van deze regeling nog niet is beslist, wordt afgedaan volgens de bepalingen van de Nadere Regeling Subsidies bewonersparticipatie Stadsdeel Noord 2013.
2. Een subsidie die is verleend op grond van de Nadere Regeling Subsidies bewonersparticipatie Stadsdeel Noord 2013) wordt vastgesteld volgens de bepalingen van de Nadere Regeling Subsidies bewonersparticipatie Stadsdeel Noord 2013.
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling bewonersinitiatieven stadsdeel Noord
De nota ‘Stedelijk kader Afspraken basisvoorzieningen in de stadsdelen 2017-2018’ vormt het beleidskader voor de uitvoering van de voorzieningen op het gebied van de Wmo, Participatie, Jeugd en Schuldhulpverlening, waarvoor de bestuurscommissies verantwoordelijkheid dragen. Basisvoorzieningen dragen bij aan de versterking en stimulering van de dragende samenleving en bieden ondersteuning bij het versterken van de zelf- en samenredzaamheid van Amsterdammers. Bij de inrichting van de basisvoorzieningen hebben de bestuurscommissies de ruimte om zelf invulling te geven aan de wijze waarop de afspraken worden vormgegeven passend bij de lokale situatie en vraag.
Hoofdstuk 7 van het Stedelijk kader basisvoorzieningen betreft het faciliteren van bewoners- en maatschappelijke initiatieven.
De ‘Subsidieregeling basisvoorzieningen in de stadsdelen’ biedt het juridisch kader voor de bestuurscommissies om subsidie te verlenen voor activiteiten ter uitvoering van de basisvoorzieningen.
Deze subsidieregelingen zijn aanvullend op de subsidieverordening ASA 2013. De ASA bevat alle basisregels, onder andere over indieningstermijnen, beslistermijnen en verantwoordingseisen. Deze aanvullende subsidieregeling geldt alleen voor subsidies die kunnen worden verleend door de bestuurscommissies.
Hoofdstuk 7 van de basisvoorzieningen gaat over de realisatie van basisvoorzieningen en ruimte voor maatschappelijk initiatief. De activiteiten die gesubsidieerd kunnen worden vanuit de Subsidieregeling bewonersinitiatieven sluiten aan op meerdere programma’s van de basisvoorzieningen. Ook de gebiedsagenda’s zijn een belangrijk kader voor de subsidieregeling bewonersinitiatieven.
De subsidieregeling geeft ruimte voor maatwerk in de buurt en de mogelijkheid om aan te sluiten op de lokale actualiteit en opgaven.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
1 e. De gebiedsagenda bevat tevens een analyse van de problemen en kansen uit de buurt, bestuurlijke ambities, politieke wensen en projecten en programma’s
1 j. In het Stedelijk kader afspraken basisvoorzieningen in de stadsdelen 2017-2018 wordt eenduidig vastgelegd wat er minimaal aanwezig moet zijn aan basisvoorzieningen in de wijken en aan welk kwaliteitsniveau deze voorzieningen moeten voldoen.
Artikel 3 Doel subsidieregeling
De gemeente Amsterdam werkt sinds 2015 gebiedsgericht en integraal. Daarbij ligt de focus op de opgave in de gebieden en de realisatie van de meerjarige prioriteiten uit de gebiedsagenda’s.
Met deze regeling willen we met name buurt- en bewonersinitiatieven stimuleren die aansluiten op de opgave in de buurt. Verder zetten we in op meer samenhang tussen deze initiatieven en het aanbod van formele organisaties. Met als doel: meer gebiedsgerichte samenwerking tussen formele en informele (netwerk)organisaties, minder dubbeling of versnippering van budget door financiering van los van elkaar georganiseerde activiteiten.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
Activiteiten met een meerwaarde op het bestaande aanbod: daaronder worden activiteiten bedoeld die nog niet worden geboden door bestaande organisaties. Indien een activiteit inspeelt op een lacune in het aanbod is er veelal sprake van een actuele en tijdelijke situatie. Vaak is er in deze gevallen sprake van lokaal maatwerk: aanbod van activiteiten gericht op een specifieke situatie voor een specifieke doelgroep in een bepaalde buurt.
In aansluiting op de tot 1 oktober 2016 geldende regeling is besloten een maximum van € 5.000 per organisatie per jaar.
Artikel 7 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens
Activiteiten dienen zoveel mogelijk samen met, door en voor de doelgroep worden opgezet.
Uit het activiteitenplan dient duidelijk te worden of en zo ja, hoe de doelgroep betrokken is bij de voorbereiding of uitvoering van de activiteiten.
Subsidie zal geweigerd worden als sprake is van een van de situaties als beschreven in lid 1 sub a t/m f. Subsidie kan geheel of gedeeltelijk geweigerd worden in de onder lid 2 sub a tot en met g genoemde omstandigheden. Met het bepaalde in lid 2 sub e wordt beoogd om de kans op subsidie voor nieuwe bewonersinitiatieven te vergroten en te voorkomen dat jaar in jaar uit voor dezelfde activiteiten een beroep wordt gedaan op het beschikbare subsidiebudget. Daarbij gaan we ervan uit dat succesvolle initiatieven na verloop van tijd hun plek vinden binnen de basisvoorzieningen in het stadsdeel of uit eigen middelen gefinancierd kunnen worden.
Artikel 9 Aanvullende verplichtingen
9 a. Voorbeelden van communicatiekanalen zijn www.jekuntmeer.nl, buurtkranten, flyers, buurtwebsites en facebookpagina’s;
9 d. Omdat het de bedoeling is dat initiatieven zich richten op vernieuwing en veelal experimenteel van aard zijn, is het belangrijk dat er gerapporteerd wordt over de resultaten, ook als de subsidie op grond van de ASA (bij subsidie onder € 5.000) direct bij verlening wordt vastgesteld en er dus geen inhoudelijke en financiële verantwoording geëist zal worden. Het algemeen bestuur kan tevens in het verleningsbesluit opnemen dat er op enigerlei wijze verantwoording moet worden afgelegd aan bijvoorbeeld bewonersplatforms, regiegroepen.
9 e. Voorbeelden van zulke verplichtingen zijn verplichtingen die voortvloeien uit het gemeentelijk beleid op gebied van preventie seksueel misbruik en LHTBI-beleid; het hanteren van de Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling; het bij de activiteiten toepassen van het beleid Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht; het hanteren van de VOG-verklaring (verklaring omtrent gedrag) bij activiteiten met kinderen en kwetsbare volwassenen/ouderen; aanwijzingen in het kader van het diversiteitsbeleid; over samenwerking formele en informele partners om overlap en lacunes van activiteiten te voorkomen; afspraken ten aanzien van (keten)samenwerking.
Subsidieregeling maatschappelijk initiatief stadsdeel Noord
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
Artikel 2 Toepasselijkheid Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013
De Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013 is van toepassing, tenzij daarvan in deze regeling uitdrukkelijk wordt afgeweken.
Artikel 3 Doel subsidieregeling
Het doel van deze subsidieregeling is het stimuleren en faciliteren van samenwerkingsverbanden van bewoners, ondernemers of maatschappelijke organisaties die zelf activiteiten uitvoeren of een sociale accommodatie beheren om een maatschappelijk doel na te streven. Ook heeft de subsidie tot doel activiteiten te faciliteren die inspelen op een lacune in het bestaande aanbod.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
Het algemeen bestuur kan eenmalig subsidie verlenen ten behoeve van maatschappelijke initiatieven die een maatschappelijk doel nastreven namelijk:
Artikel 6 Verdeelsleutel subsidieplafond
1.De aanvragen die voor subsidie in aanmerking, komen worden gerangschikt op een prioriteitenlijst.
2. De rangschikking wordt bepaald door het aantal punten dat wordt gehaald op basis van de volgende criteria:
a. de mate waarin de activiteit bijdraagt aan de doelen van de basisvoorzieningen sociaal
b. de mate waarin het initiatief inspeelt op een lacune in het bestaande aanbod
de mate waarin het publieke taken effectiever, efficiënter of innovatiever uitvoert.
c. de mate waarin wordt bijgedragen aan de gebiedsplannen en, of gebiedsagenda
f. de mate waarin ook financiële ondersteuning ook bij andere partijen dan de gemeente Amsterdam wordt gevonden
3. Per criterium kan (nul) tot en met (drie) punten worden gehaald
4. De criteria genoemd in lid 2 wegen alle vier even zwaar mee
5. De aanvragen worden gehonoreerd naar de volgorde op de prioriteitenlijst.
6. Indien meerdere aanvragen op dezelfde plaats op de prioriteitenlijst worden gerangschikt en door honorering van deze aanvragen het subsidieplafond wordt overschreden, wordt de aanvraag met de laagste kosten als eerste gehonoreerd.
Als sprake is van een samenwerkingsverband dient één van de betrokken partijen als penvoerder de aanvraag namens het samenwerkingsverband in en draagt de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de beschikking.
Artikel 8 Bij de subsidieaanvraag in te dienen gegevens
In aanvulling op artikel 5 van de ASA 2013 worden bij de subsidieaanvraag de volgende gegevens en stukken overlegd:
2.In aanvulling op artikel 9, tweede lid, van de ASA 2013 kan het algemeen bestuur geheel of gedeeltelijk weigeren een subsidie te verlenen als:
3. Specifiek voor zelfbeheer van buurthuizen kan het algemeen bestuur geheel of gedeeltelijk weigeren een subsidie te verlenen als:
a. een zelfbeheer-buurthuis zich bevindt in de buurt van andere al bestaande buurthuizen of sociale accommodaties kan de subsidieverlening worden geweigerd;
Artikel 10 Aanvullende verplichtingen
1.Naast de verplichtingen op grond van artikel 10 en 11 van de ASA 2013, zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:
2.Specifiek voor het zelfbeheer van buurthuizen gelden de volgende aanvullende verplichtingen
a. minimaal 75% van de deelnemers aan de activiteiten dienen in Noord woonachtig te zijn
b. minimaal 60% van de activiteiten moeten bijdragen aan de doelstellingen zoals opgenomen in de
basisvoorzieningen of de gebiedsplannen of gebiedsagenda’s.
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling maatschappelijk initiatief stadsdeel Noord
De nota ‘Stedelijk kader Afspraken basisvoorzieningen in de stadsdelen 2017-2018’ vormt het beleidskader voor de uitvoering van de voorzieningen op het gebied van de Wet maatschappelijke ondersteuning, Participatie , Jeugd en Schuldhulpverlening, waarvoor de bestuurscommissies verantwoordelijkheid dragen. Basisvoorzieningen dragen bij aan de versterking en stimulering van de dragende samenleving en bieden ondersteuning bij het versterken van de zelf- en samenredzaamheid van Amsterdammers. Bij de inrichting van de basisvoorzieningen hebben de bestuurscommissies de ruimte om zelf invulling te geven aan de wijze waarop de afspraken worden vormgegeven passend bij de lokale situatie en vraag.
Hoofdstuk 7 van het Stedelijk kader basisvoorzieningen betreft het faciliteren van bewoners- en maatschappelijke initiatieven.
De ‘Subsidieregeling basisvoorzieningen in de stadsdelen’, biedt het juridisch kader voor de bestuurscommissies om subsidie te verlenen voor activiteiten ter uitvoering van de basisvoorzieningen.
Deze subsidieregelingen zijn aanvullend op de subsidieverordening ASA 2013. De ASA bevat alle basisregels, onder andere over indieningstermijnen, beslistermijnen en verantwoordingseisen. Deze aanvullende subsidieregeling geldt alleen voor subsidies die kunnen worden verleend door de bestuurscommissies.
De Subsidieregeling Maatschappelijk Initiatief sluit aan op hoofdstuk 7 van het ‘Stedelijk kader Afspraken basisvoorzieningen in de stadsdelen 2017-2018’ en de bestuurlijke ambitie Ruimte voor Maatschappelijk Initiatief. Ook de gebiedsagenda’s vormen een belangrijk kader. Deze regeling is bedoeld om richting te geven aan de veranderende verhouding tussen overheid en lokale partners (bewoners, bewonersnetwerken en (wijk)ondernemingen). Maatschappelijke initiatieven dragen bij aan sociale samenhang, activering, zorg voor elkaar, duurzame energie, beheer van groenvoorzieningen, educatie, gezondheid, integratie, leefbaarheid, cultuur, etc. Initiatiefnemers zien heel direct wat nodig is in hun omgeving en kunnen dit 'van onderop' dikwijls slim en goed organiseren. Dergelijke initiatieven kunnen gefaciliteerd en gestimuleerd worden met behulp van de budgetten die de bestuurscommissies ter beschikking staan voor de basisvoorzieningen. Het stedelijk kader basisvoorzieningen geeft op dit punt handvatten, die met de subsidieregeling maatschappelijk initiatief nader worden geconcretiseerd. Hiermee wordt een proces gefaciliteerd waarbij initiatieven steeds meer taken oppakken en oplossingen bieden voor (lokale) opgaven die aanvullend zijn op wat de overheid doet maar ook taken en verantwoordelijkheid van de overheid overnemen.
In de nota `Visie en uitgangspunten zelfbeheer sociale accommodaties’ wordt beschreven hoe stadsdeel Noord wil omgaan met zelfbeheer van buurthuizen. In deze nota worden de uitgangspunten en het financiële kader weergegeven.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
1 f. De gebiedsagenda bevat tevens een analyse van de problemen en kansen uit de buurt, bestuurlijke ambities, politieke wensen en projecten en programma’s;1 j. In het Stedelijk kader afspraken basisvoorzieningen in de stadsdelen 2017-2018 wordt eenduidig vastgelegd wat er minimaal aanwezig moet zijn aan basisvoorzieningen in de wijken en aan welk kwaliteitsniveau deze voorzieningen moeten voldoen.
Artikel 3 Doel subsidieregeling
Deze samenwerkingsverbanden van bewoners, ondernemers of maatschappelijke organisaties kunnen (een deel van de ) taken overnemen, of daarop aanvullen, van overheidsorganisaties en welzijnsinstellingen en op die wijze bijdragen aan opgaven in de buurt zoals geformuleerd in de gebiedsagenda’s of de doelstellingen binnen de stedelijke begroting.
Artikel 4 Subsidiabele activiteiten
Met een maatschappelijk initiatief wordt een maatschappelijk doel nagestreefd. Daarmee onderscheidt zo’n initiatief zich van beleidsparticipatie. Bij beleidsparticipatie vraagt de overheid burgers om mee te denken en mee te praten over overheidsplannen. Het is ook iets anders dan maatschappelijke participatie. Daar gaat het over deelname van individuele burgers aan het maatschappelijk verkeer.
Bij maatschappelijke initiatieven nemen bewoners of organisaties zelf het heft in handen om een ‘sociale onderneming’ te starten of een organisatie in te richten waarbinnen activiteiten plaatsvinden die een maatschappelijk doel dienen, aanvullend op wat de overheid daarin doet. Het kan zelfs zo zijn dat een maatschappelijk initiatief een taak van de overheid overneemt.
Maatschappelijke Aanbesteden wordt gebruikt wanneer een overheidsinstantie de uitvoering van een taak wil verstrekken aan de samenleving in ruime zin (sociale ondernemers, maatschappelijke instellingen en verenigde burgers).
7.1.De penvoerder dient zowel de subsidieaanvraag als de aanvraag tot vaststelling in namens het samenwerkingsverband.
9.3.a Met dit artikel wordt een evenredige spreiding van buurthuizen en sociale accommodaties door stadsdeel Noord nagestreefd.
9.3.b De bezettingsgraad geldt niet voor de vakantieperiodes. De bezettingsgraad wordt berekend aan de hand van dagdelen per activiteitenruimte. Een week heeft 21 dagdelen. Bij een gebouw met twee activiteitenruimtes is dat in totaal 42 dagdelen. Wanneer in de week acht keer ‘s ochtends een activiteit is, acht keer ‘s middags en acht keer ‘s avonds dan is de bezetting 24/42x100% = 60% Gebruik van de zaal door derden zoals voor een yogales of dansles telt mee in de bezetting.
Artikel 10 Aanvullende verplichtingen
10 a. Voorbeelden van communicatiekanalen zijn www.jekuntmeer.nl, stadsdeelwebsites, buurtkranten, flyers, buurtwebsites en facebookpagina’s;
10 e. Omdat het de bedoeling is dat initiatieven zich richten op vernieuwing en veelal experimenteel van aard zijn, is het belangrijk dat er gerapporteerd wordt over de resultaten, ook als de subsidie op grond van de ASA (bij subsidie onder € 5.000) direct bij verlening wordt vastgesteld en er dus geen inhoudelijke en financiële verantwoording geëist zal worden. Het algemeen bestuur kan tevens in het verleningsbesluit opnemen dat er op enigerlei wijze verantwoording moet worden afgelegd aan bijvoorbeeld bewonersplatforms, regiegroepen.
10 f. Voorbeelden van zulke verplichtingen zijn verlichtingen die voortvloeien uit het gemeentelijk beleid op gebied van preventie seksueel misbruik en LHTBI-beleid; het hanteren van de Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling; bij de activiteiten toepassen van het beleid Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht; het hanteren van de VOG-verklaring (verklaring omtrent gedrag) bij activiteiten met kinderen en kwetsbare volwassenen/ouderen; aanwijzingen in het kader van het diversiteitsbeleid; over samenwerking formele en informele partners om overlap en lacunes van activiteiten te voorkomen; afspraken ten aanzien van (keten)samenwerking.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2016-176997.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.