35 732 Wijziging van de Wet publieke gezondheid in verband met een tijdelijke bevoegdheid om het vertoeven in de openlucht te beperken teneinde de verspreiding van het SARS-CoV-2-virus zoveel mogelijk te belemmeren (Tijdelijke wet beperking vertoeven in de openlucht covid-19)

Nr. 16 MOTIE VAN HET LID VAN ESCH

Voorgesteld 18 februari 2021

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de voorzieningenrechter de eerst gekozen wettelijke route voor de avondklok als «niet legitiem» beoordeelde;

constaterende dat over de tweede route die het kabinet koos door de Raad van State negatief geadviseerd werd;

constaterende dat de derde route, zoals die nu voorligt, niet in die hoedanigheid ter advisering aan de Raad van State is voorgelegd;

constaterende dat de uitwerking van het wetsvoorstel zeer complex is vanwege de juridische samenhang met de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 en de Wet publieke gezondheid;

verzoekt de regering, de Tijdelijke wet beperking vertoeven in de openlucht covid-19 alsnog voor nader advies aan de Raad van State voor te leggen,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Esch

Naar boven