33 957 Wijziging van de Wet bekostiging financieel toezicht in verband met de afschaffing van de overheidsbijdrage, de invoering van Europees bankentoezicht en de bestemming van door de Autoriteit Financiële Markten en de Nederlandsche Bank opgelegde dwangsommen en boetes

Nr. 11 AMENDEMENT VAN HET LID AUKJE DE VRIES

Ontvangen 1 oktober 2014

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel B, wordt het tweede onderdeel als volgt gewijzigd:

1. De aanhef komt als volgt te luiden: Onder vernummering van het derde en vierde lid tot vijfde en zesde lid worden na het tweede lid twee nieuwe leden ingevoegd, luidende:.

2. Na het derde lid wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. De hoogte van de begroting, bedoeld in het eerste lid, is niet hoger dan de totale kosten van het toezicht zoals die blijken uit de laatst goedgekeurde begroting van de toezichthouder exclusief de kosten die verband houden met de betrokkenheid van de toezichthouder bij de uitvoering van verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287) met daarbij opgeteld:

    • a. de kosten die verband houden met de betrokkenheid van de toezichthouder bij de uitvoering van verordening (EU) nr. 1024/2013 van de Raad van 15 oktober 2013 waarbij aan de Europese Centrale Bank specifieke taken worden opgedragen betreffende het beleid inzake het prudentieel toezicht op kredietinstellingen (PbEU 2013, L 287);

    • b. loon- of prijsmutatie; en

    • c. de naar kosten herleide mutaties in het takenpakket.

    Onze Ministers kunnen in bijzondere omstandigheden afwijken van hetgeen in dit artikel is bepaald en informeren de beide kamers der Staten-Generaal hier tijdig over.

Toelichting

De indiener beoogt met dit amendement te waarborgen dat kosten voor financieel toezicht niet onevenredig hard stijgen. Toezichtskosten worden via de sector uiteindelijk doorberekend aan de consument. Daarom stelt de indiener voor om de huidige totale toezichtkosten van DNB en AFM in principe alleen met inflatiecorrectie te laten stijgen. In bijzondere omstandigheden heeft de regering de benodigde vrijheid om het toezicht op een adequate wijze aan te passen aan die omstandigheden en een kostenstijging goed te keuren die hoger is dan de inflatiecorrectie. In dat geval wordt het besluit van de ministers nader gemotiveerd en toegestuurd aan de Tweede Kamer via het «pas toe of leg uit» principe.

Bij de vaststelling van kostenplafonds dienen de bijdragen aan het Europees toezicht buiten beschouwing te worden gelaten. Hiertoe worden in de berekening van de kostenplafonds de kosten van Europees toezicht eerst verwijderd uit de toezichtkosten van het voorafgaande jaar en wordt die kostenpost er aan het einde van de berekening van de hoogte van de begroting weer aan toegevoegd. Het amendement heeft derhalve uitsluitend betrekking op de kosten van het nationale toezicht.

Aukje de Vries

Naar boven