32 815 Wijziging van de Wet werk en bijstand en samenvoeging van die wet met de Wet investeren in jongeren gericht op bevordering van deelname aan de arbeidsmarkt en vergroting van de eigen verantwoordelijkheid van uitkeringsgerechtigden

Nr. 13 AMENDEMENT VAN HET LID KARABULUT

Ontvangen 30 september 2011

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel I, onderdeel B, wordt na artikel 4, vijfde lid, een nieuw lid ingevoegd, luidende:

  • 5a. Een gehuwde, alleenstaande, alleenstaande ouder of meerderjarig kind als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, onder 2 of 3, behoort voor deze wet en de daarop rustende bepalingen niet tot een gezin, indien die persoon jonger is dan 65 jaar, en:

    • a. gedeeltelijk arbeidsgeschikt dan wel volledig arbeidsongeschikt is en als rechtstreeks en objectief medisch vast te stellen gevolg van ziekte, gebrek, zwangerschap of bevalling slechts in staat is met arbeid per uur ten hoogste 65% te verdienen van het maatmaninkomen bedoeld in artikel 1 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel van het maatmaninkomen bedoeld in artikel 2:2 van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten;

    • b. recht heeft op een uitkering voor arbeidsongeschiktheid op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschikheidsvoorziening militairen; of

    • c. blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoort van de Wet sociale werkvoorziening.

II

In artikel I, onderdeel B, wordt in artikel 4, zesde lid, de zinsnede «tweede of vijfde lid» vervangen door: tweede of vijfde lid of lid 5a.

Toelichting

Dit amendement bepaalt dat een persoon met een arbeidsbeperking die derhalve gedeeltelijk of volledig arbeidsongeschikt is, voor de toepassing van deze wet, niet tot een gezin behoort. Personen die een arbeidsongeschiktheidsuitkering krijgen op grond van de Wajong, de WAO, de WAZ of de WAMIL en personen die blijkens een indicatiebeschikking of herindicatiebeschikking tot de doelgroep behoren van de WSW voor de Wet werk en bijstand en de daarop rustende bepalingen worden niet tot het gezin gerekend. De indiener is van mening dat personen met een arbeidsbeperking dienen te worden uitgezonderd bij de vaststelling van de gezinsbijstand omdat het perspectief op inkomensverbetering geringer is dan bij personen zonder arbeidsbeperking.

Karabulut

Naar boven