Artikel I
A
In de artikelen 9.8, 25.5.2 en 25.6.1A wordt ‘2013’ vervangen door ‘2019’.
B
Aan artikel 14.4.5 wordt een volzin toegevoegd, luidende: Artikel 19.3.4, eerste alinea, laatste twee volzinnen zijn van overeenkomstige toepassing.
C
Artikel 17, eerste gedachtestreepje, komt als volgt te luiden:
– het aanhouden van de tenuitvoerlegging van een dwangbevel bij verzet;
D
In artikel 17.1 wordt 17.1 Aanhouden tenuitvoerlegging bij verzet vervangen door: 17.1 Het aanhouden van de tenuitvoerlegging van een dwangbevel bij verzet
E
Aan artikel 19.3.4, eerste alinea, worden twee volzinnen toegevoegd, luidende: Indien de belastingschuldige kenbaar maakt dat de beslagvrije voet onjuist is vastgesteld, maar niet de juiste informatie verstrekt voor de goede vaststelling ervan, stelt de ontvanger hem in de gelegenheid om binnen een redelijke termijn alsnog de juiste informatie te verstrekken. Indien de belastingschuldige de juiste informatie binnen de door de ontvanger gestelde termijn aanlevert, herstelt de ontvanger de beslagvrije voet met ingang van de inhouding volgend op het moment waarop de belastingschuldige kenbaar maakte dat de beslagvrije voet onjuist was vastgesteld.
F
In de artikelen 25.1.5, 25.1.8, 25.1.14, 25.7.2, 25.7.5, 26.1.5, 26.1.7, 26.1.8, 26.4.6 (alleen 1e zin) en 26.5.1 wordt ‘tien’ vervangen door ‘veertien’.
G
Artikel 26.2.15.A. komt als volgt te luiden:
26.2.15.A. Woonlasten van meerpersoonshuishoudens
In het geval de belastingschuldige zijn woning deelt met één of meer personen van 18 jaar of ouder op wie de norm, bedoeld in artikel 22a van de Participatiewet, niet van toepassing is, wordt bij de berekening van de betalingscapaciteit de netto woonlasten geacht gelijkelijk over ieder van deze personen te zijn verdeeld, tenzij de belastingschuldige aannemelijk maakt dat de woonlasten niet gedeeld kunnen worden. Het vorenstaande geldt niet als sprake is van commerciële verhuur, te weten als sprake is van kostgangers of kamerhuurders.
H
Aan artikel 26.6, eerste alinea, wordt de volgende volzin toegevoegd: Tegen het besluit van de ontvanger om geen invorderingsmaatregelen meer te treffen staat geen administratief beroep open.
I
In artikel 73.4.2 wordt na ‘geen baten aanwezig’ ingevoegd ‘noch te verwachten’.