Wet van 31 januari 2013 inzake vaststelling van de begrotingsstaat van de Staten-Generaal (IIA) voor het jaar 2013

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat ingevolge artikel 105 van de Grondwet de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Rijk bij de wet moet worden vastgesteld en dat in artikel 1 van de Comptabiliteitswet 2001 wordt bepaald welke begrotingen tot die van het Rijk behoren;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

De bij deze wet behorende begrotingsstaat van de Staten-Generaal (IIA) voor het jaar 2013 wordt vastgesteld.

Artikel 2

De vaststelling van de in artikel 1 bedoelde begrotingsstaat geschiedt in duizenden euro’s.

Artikel 3

Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari van het onderhavige begrotingsjaar. Indien het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst, wordt uitgegeven op of na deze datum van 1 januari, treedt zij in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van dat Staatsblad en werkt zij terug tot en met 1 januari.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.histnoot

Gegeven te ’s-Gravenhage, 31 januari 2013

Beatrix

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk

Uitgegeven de vierde juni 2013

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten

Vaststelling van de begrotingsstaat van de Staten-Generaal (IIA) voor het jaar 2013

Begrotingsstaat (IIA) behorende bij de Wet van 31 januari 2013, Stb. 192

Begroting 2013

Staten-Generaal

(Bedragen x € 1.000)

   

(1)

Art.

Omschrijving

Oorspronkelijk vastgestelde begroting

   

Verplichtingen

Uitgaven

Ontvangsten

 

TOTAAL

 

135.894

2.954

         
 

Beleidsartikelen

     

1

Wetgeving en controle Eerste Kamer

11.434

11.434

79

2

Uitgaven ten behoeve van leden en oud-leden Tweede Kamer, alsmede leden van het Europees Parlement

31.915

31.915

86

3

Wetgeving en controle Tweede Kamer

93.784

93.784

2.766

4

Wetgeving en controle Eerste en Tweede Kamer

1.561

1.561

23

         
 

Niet-beleidsartikelen

     

10

Nominaal en onvoorzien

– 2.800

– 2.800

0


XHistnoot
histnoot

Kamerstuk 33 400 IIA

Naar boven