34 160 Wijziging van onder meer de Wet educatie en beroepsonderwijs in verband met het regelen van keuzedelen waarop beroepsopleidingen mede worden gebaseerd

Nr. 20 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN DE LEDEN ROG EN BISSCHOP TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 13

Ontvangen 15 juni 2015

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

I

In artikel I, onderdeel E, wordt artikel 6.1.2a als volgt gewijzigd:

1. Voor de huidige tekst na het opschrift wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. Het bevoegd gezag kan één of meer onderdelen van een beroepsopleiding als bedoeld in artikel 7.2.2, eerste lid, onder b tot en met d, aanbieden die niet behoren tot de kwalificaties of de keuzedelen, mits deze onderdelen betrekking hebben op persoonlijke, culturele of levensbeschouwelijke vorming, aantoonbaar van voldoende kwaliteit zijn en niet samenvallen met onderdelen van de desbetreffende kwalificatie. Bij toepassing van de eerste volzin legt het bevoegd gezag hierover verantwoording af in het jaarverslag, bedoeld in artikel 2.5.4, dan wel, bij toepassing van artikel 1.4.1, eerste lid, in het verslag, bedoeld in artikel 1.4.1, derde lid.

II

In artikel I, onderdeel M, wordt in het negende lid van artikel 7.2.7 na «beroepsopleiding» ingevoegd: en de omvang van de onderdelen, bedoeld in artikel 6.1.2a, tweede lid.

III

In artikel I, onderdeel U, wordt «of de keuzedelen» vervangen door: , de keuzedelen en het onderdeel of de onderdelen, bedoeld in artikel 6.1.2a, tweede lid,.

Toelichting

Met de invoering van het onderhavige wetsvoorstel vervalt de vrije ruimte die instellingen nu hebben. Hierdoor kunnen opleidingen zich minder van elkaar onderscheiden met een eigen onderwijsleerproces en minder aandacht bieden aan persoonlijke, culturele en levensbeschouwelijke vorming.

Dit amendement biedt opleidingen de mogelijkheid om gemotiveerd af te wijken van de verplichte keuzeonderdelen en deze ruimte naar eigen inzicht in te vullen. Hierbij worden uitgezonderd de entreeopleidingen en eenjarige specialistenopleidingen.

De onderdelen in de vrije ruimte dienen aantoonbaar van voldoende kwaliteit te zijn en niet samen te vallen met onderdelen van de desbetreffende kwalificatie. Het bevoegd gezag legt hierover verantwoording af in het jaarverslag. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorschriften worden gegeven omtrent de omvang van deze onderdelen. Hierbij wordt gedacht aan het maximum van 240 uur per opleiding.

Rog Bisschop

Naar boven