Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-20182674

Vragen van het lid Kuzu (DENK) aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking over het bericht dat de Chinese overheid ambtenaren inzet om de Oeigoeren in Xinjiang te controleren en te indoctrineren (ingezonden 4 juni 2018).

Antwoord van Minister Blok (Buitenlandse Zaken) en de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (ontvangen 5 juli 2018).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het bericht «China stuurt ambtenaren uit logeren (en spioneren) bij Oeigoeren»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2, 3 en 4

Baart de berichtgeving u zorgen? Zo ja, wat gaat u op grond van deze zorgwekkende signalen doen?

Wat vindt u van de conclusies van de mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch in het nieuwsbericht, namelijk dat «(d)eze meerdaagse «thuisverblijven» officieel bedoeld zijn om de inwoners te helpen, maar in werkelijkheid dienen om hen te controleren en indoctrineren» en dat «(d)it bezoekprogramma een schending is van de privacy en het familieleven, en van de culturele rechten van een minderheid»? Deelt u deze conclusies?

Deelt u de mening van een onderzoeker antropologie aan de Universiteit van Washington, zoals weergegeven in het bericht: «oudere Oeigoeren zeggen dat het nu erger is dan tijdens de Culturele Revolutie. Nu voelt zelfs je eigen huis niet als veilig. De technologie controleert alles, je kunt je nergens nog vrij uitdrukken»? Zo ja, wat gaat u doen om de VN tot meer actie te bewegen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 2, 3 en 4

Uit diverse studies, mediaberichtgeving en verklaringen van personen in de regio kan worden geconcludeerd dat er sprake is van grootschalige beperking van religieuze en culturele vrijheden van moslims in Xinjiang. Het kabinet maakt zich ernstige zorgen over deze situatie.

Zoals aangegeven in de antwoorden op Kamervragen van de leden Kuzu (ingezonden op 10 april) en Karabulut (ingezonden op 13 april) aan de Minister-President over de handelsmissie naar China heeft Nederland vrijheid van religie en levensovertuiging aan de orde gesteld in de mensenrechtendialoog met China. Tijdens deze dialoog, die plaatsvond op 20 juni, uitte de mensenrechtenambassadeur de zorgen van het kabinet over privacy schendingen, beperkingen op religieuze en culturele vrijheden en heropvoedingskampen in Xinjiang.

Ook binnen de VN Mensenrechtenraad bestaan zorgen over de situatie in Xinjiang. Nederland zet zich in voor het aan de orde stellen van de ontwikkelingen in Xinjiang door middel van heldere verwijzingen in EU-verklaringen naar de mensenrechtensituatie in die regio.

Vraag 5

Bent u bereid om u in te zetten voor een onafhankelijk internationaal onderzoek naar deze en mogelijke andere gebeurtenissen van mensenrechtenschendingen in Xinjiang komt? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 5

Het kabinet acht het niet opportuun om op een internationaal onderzoek aan te sturen en is van mening dat de huidige koers, om zowel bilateraal als in EU- en VN-verband China aan te spreken op de eigen internationale en constitutionele mensenrechtenverplichtingen, de meest gepaste is.

Vraag 6

Heeft u kennisgenomen van het bericht van Radio Free Asia «Xinjiang Authorities Detain Uyghur Pro Footballer For «Visiting Foreign Countries»»?2

Antwoord 6

Ja.

Vraag 7

Klopt het dat de Chinese overheid de 19-jarige profvoetballer Erfan Hezim van F.C. Jiangsu Suning zou vasthouden in een «politiek heropvoedingscentrum», omdat hij voor trainingen en wedstrijden naar het buitenland was gereisd? Zo ja, wat vindt u hiervan en wat gaat u concreet doen om deze wantoestand te adresseren?

Antwoord 7

Het kabinet baseert zich wat betreft de specifieke situatie van Erfan Hezim op openbare berichtgeving en heeft geen directe bevestiging van zijn detentie. Nederland heeft de detentie van moslims in heropvoedingskampen in zijn algemeenheid aan de orde gesteld tijdens de mensenrechtendialoog met China van 20 juni jl.

Vraag 8 en 9

Wat vindt u van het bericht dat de Chinese autoriteiten een aanzienlijk aantal Oeigoeren naar heropvoedingskampen sturen en dat sommige van deze «voorzieningen» zelfs overvol zouden zijn (zoals lokale functionarissen in telefonische interviews aan Radio Free Asia hebben beschreven)? Wat gaat u met deze berichten doen?

Wat vindt u ervan dat de Chinese overheid het bestaan van de heropvoedingskampen niet publiekelijk erkent en niks bekend maakt over het aantal gedetineerden, namen, data en omstandigheden van de detentie? Zijn Nederlandse diplomaten reeds geïnstrueerd hoe zij hiermee om dienen te gaan en, indien dit zo is, kunt u deze instructie delen met de Kamer? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 8 en 9

Het detineren van burgers in heropvoedingscentra zonder eerlijk en transparant proces is in strijd met de Chinese wet en internationale mensenrechtenverdragen. Het kabinet spreekt de Chinese autoriteiten daarop in bilateraal, EU- en VN-verband aan. Het postennetwerk in China is bekend met de situatie in Xinjiang, volgt de ontwikkelingen nauwlettend en informeert daarover het ministerie. Hiervoor hoeft geen aparte instructie te worden gegeven.

Vraag 10, 11 en 12

Doet het huidige regime in China naar uw mening genoeg om de positie van de Oeigoeren te verbeteren? Zo ja, hoe? Zo nee, hoe gaat u de regering van China duidelijk maken dat er serieuze stappen gezet moeten worden?

Deelt u de mening dat het onacceptabel is dat de Chinese overheid religieuze vrijheden van de Oeigoeren beperkt en zelfs afneemt? Zo nee, waarom niet?

Deelt u de mening dat de bovenstaande gevallen geen incidenten zijn, maar het resultaat zijn van een systematisch onderdrukkingsbeleid van de Chinese regering? Zo ja, bent u bereid om uw afschuw hierover uit te spreken in de richting van de regering van China? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 10, 11 en 12

Er is in Xinjiang sprake van grootschalige beperkingen op religieuze en culturele vrijheden van moslims en het kabinet maakt zich daar ernstige zorgen over. Het kabinet blijft onverminderd bereid om de Chinese autoriteiten hierop aan te spreken zolang de situatie in Xinjiang niet verbetert. De mensenrechtenambassadeur heeft de situatie in Xinjiang tijdens de mensenrechtendialoog met China van 20 juni jl. uitgebreid aan de orde gesteld.

Vraag 13, 14 en 16

Wat heeft de Nederlandse regering sinds haar beantwoording van mijn eerdere vragen over de situatie van de Oeigoeren3 concreet gedaan om de situatie van de Oeigoeren te verbeteren?

Kunt u hier een gespecificeerd overzicht van geven? Zo nee, waarom niet?

Welke concrete stappen heeft de Nederlandse regering tot heden genomen om de aangenomen motie van het lid Kuzu over het adresseren van de situatie van de Oeigoeren4 van uitvoering te voorzien?

Kunt u een overzicht van de activiteiten geven die betrekking hebben op het feit dat Nederland aandringt op verbetering van de omstandigheden van de mensenrechten van de Oeigoeren, en het benadrukken van het belang van de vrijheid van religie en levensovertuiging in de richting van China? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 13, 14 en 16

Minister Zijlstra heeft in zijn gesprek met de Chinese Minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi op 7 februari jl. de situatie in Xinjiang opgebracht. Mede dankzij de Nederlandse inzet heeft de EU in de 37e zitting van de Mensenrechtenraad in maart aandacht gevraagd voor Xinjiang. Ook premier Rutte heeft het belang van mensenrechten en vrijheid van religie en levensovertuiging genoemd in zijn gesprek met premier Li Keqiang op 12 april jl. De mensenrechten zijn tevens op 20 mei jl. ter sprake gekomen in het gesprek tussen Minister Blok en Minister Wang Yi en marge van de G20 bijeenkomst voor ministers van Buitenlandse Zaken. Tot slot was er de mensenrechtendialoog van 20 juni jl. waar de Nederlandse zorgen over Xinjiang uitgebreid zijn gecommuniceerd aan China.

Vraag 15

Hoe effectief is de Nederlandse druk in de gesprekken van de Minister-President met president Xi Jinping en premier Li Keqiang5 gebleken in het kader van de aanpak van mensenrechtenschendingen?

Antwoord 15

Er is geen directe link te leggen tussen gesprekken van bewindslieden met Chinese tegenhangers en de ontwikkeling op het gebied van mensenrechten in China. De Chinese autoriteiten investeren echter veel in het internationale imago van China. Het is daarom aannemelijk dat kritische interventies door de internationale gemeenschap op zijn minst leiden tot een besef in China dat het niet zonder imagoschade door kan gaan met het schenden van mensenrechten.

Vraag 17

Kunt u een lijst geven van alle organisaties in China waarmee de Nederlandse regering in het kader van ontwikkelingsbeleid mee samenwerkt, en kunt u per organisatie aangeven of de rol en houding van deze organisatie met betrekking tot de Oeigoeren door de Nederlandse regering zijn onderzocht?

Antwoord 17

Nederland onderhoudt niet langer een ontwikkelingssamenwerkingsrelatie met China. Vanuit het decentraal mensenrechtenfonds steunt Nederland enkel organisaties die het belang van mensenrechten voor iedereen voorop hebben staan. Omwille van de veiligheid van projectpartners kan niet op nadere details worden ingegaan.


X Noot
3

Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2017–2018, nr. 354

X Noot
4

Kamerstuk 34 775 V, nr. 39

X Noot
5

Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2017–2018, nr. 2041