Vragen van de leden Van Raak en Leijten (beiden SP) aan de Ministers van Binnenlandse
Zaken en Koninkrijksrelaties en van Buitenlandse Zaken over nepnieuwsbestrijders van
de EU die Nederlands nieuws beoordelen maar geen Nederlands spreken. (ingezonden 14 februari
2018).
Antwoord van Minister Ollongren (Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) mede namens
de Minister van Buitenlandse Zaken (ontvangen 27 maart 2018)
Vraag 1 en 2
Hoe moeten de nepnieuwsbestrijders van de EU Nederlands nieuws beoordelen als ze helemaal
geen Nederlands spreken?1
Hoe is het mogelijk dat deze organisatie maar liefst 1 mln. euro subsidie krijgt en
toch maar drie betaalde krachten heeft? Waar gaat de rest van al dat geld naartoe?
Antwoord 1 en 2
Het kabinet wil heimelijke beïnvloeding van de publieke opinie door statelijke actoren
tegengaan2. De onafhankelijkheid van journalistiek moet in die aanpak te allen tijde worden
gerespecteerd. Eén van de instrumenten op Europees niveau om heimelijke beïnvloeding
tegen te gaan is de East Stratcom Taskforce.
De Taskforce is in 2015 op verzoek van de Europese Raad opgericht om: 1) bij te dragen
aan kennis over de EU en het beleid van de EU in landen van het Oostelijk Partnerschap
(Oekraïne, Wit-Rusland, Moldavië, Georgië, Azerbeidzjan en Armenië), 2) ondersteuning
van initiatieven om de vrijheid van media in deze landen te bevorderen en onafhankelijke
mediaorganisaties te ondersteunen en 3) de verspreiding van vooral pro-Kremlin desinformatie
te identificeren en te corrigeren. Hiervoor heeft de Taskforce sinds 2018 jaarlijks
een budget van 1,1 miljoen euro beschikbaar.
De website Euvsdisinfo is onderdeel van deze Taskforce die valt onder de Europese
Dienst voor Extern Optreden (EDEO). Het klopt dat er geen Nederlandssprekende staf
werkzaam is bij de East Stratcom Taskforce.
Vraag 3 en 4
Waarom vertelt deze organisatie dat 400 vrijwilligers het nieuws beoordelen, terwijl
dit in de praktijk maar zo’n tien mensen zijn?
Vindt u de overweging «een reden hebben om ‘s morgens je bed uit te komen» een voldoende
bekwaamheid en motivatie om dit soort werk te gaan doen?
Antwoord 3 en 4
De originele pool van vrijwilligers, die het nieuws beoordelen, bestond uit ongeveer
400 personen. Inmiddels zijn nog maar 10 vrijwilligers actief voor de website Euvsdisinfo.
Vraag 5 en 6
Kunt u verklaren waarom deze Europese nepnieuwsbestrijders zich lenen voor propaganda
van «Promote Oekraïne»?
Wanneer wordt De Gelderlander van de lijst gehaald? Hebben GeenStijl en TPO al excuses
aangeboden gekregen?
Antwoord 5 en 6
EUvsdisinfo heeft naar aanleiding van de publicatie van de drie Nederlandse artikelen
op de website een rectificatie geplaatst en daarbij aangegeven dat dit onterecht was
en dat er naar de interne procedures gekeken zal worden. Het kabinet onderstreept
dat onafhankelijke media niet moet worden gecontroleerd of veroordeeld.
Vraag 7
Blijft u nog steeds achter de werkwijze van EUvsDisinfo staan? Kunt u uw antwoord
toelichten?3
Antwoord 7
Nee, het kabinet zal daarom de motie van de leden Kwint en Yesilgöz-Zegerius (Kamerstuk
21 501–34, nr. 290) uitvoeren.
Vraag 8
Vindt u nepnieuws bestrijden een taak van de Europese Commissie? Zo ja, waarom?
Antwoord 8
Zie ook antwoord op vraag 1 en 2. De Europese Commissie draagt geen verantwoordelijkheid
voor de Taskforce of de website. De Taskforce en de website zijn onderdeel van de
Europese Dienst voor Extern Optreden (EDEO). Het kabinet is van mening dat in Europees
verband samengewerkt moet worden om heimelijke beïnvloeding tegen statelijke actoren
tegen te gaan. Daarbij moet de werkwijze zo worden vormgegeven dat onafhankelijke
media niet worden gecontroleerd of veroordeeld. De onafhankelijkheid van journalistiek
moet te allen tijde worden gerespecteerd. De Europese Commissie verkent momenteel
de omvang van desinformatie in de EU en heeft daartoe ook een high level group (HLG) fake newsopgericht dat op 12 maart jl haar advies aan de Europese Commissie heeft aangeboden.
De Europese Commissie komt later dit voorjaar met een mededeling over het onderwerp.
Vraag 9
Zult u uw afkeuring uitspreken richting de Europese Commissie over deze manier van
werken en te kennen geven dat Nederland niet zit te wachten op deze «nepnieuwsbeoordelingen»?
Kunt u uw antwoord toelichten?
Antwoord 9
Meteen na aanname van de motie heeft Nederland dit vraagstuk aangekaart bij de Secretaris-generaal
van de EDEO. In heldere bewoording is de motie van de Kamer toegelicht en is aangedrongen
op een radicale koerswijziging. Nederland gaat hier niet alleen over, daar moeten
we wel oog voor houden, en is hierover ook in gesprek met andere landen binnen de
EU en zal hierover verder politiek contact zoeken.