Antwoord 1
Deze stof2 (FRD-903) heeft op diverse niveaus al langer de aandacht van de overheid. De Omgevingsdienst
Zuid-Holland Zuid heeft in 2013 voor Chemours een maximale uitstoot vastgesteld, in
lijn met de regelgeving. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)
heeft op verzoek van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu in april 2016 een
notitie geschreven die de bestaande informatie bevestigde, namelijk dat het een persistente
(P) en toxische (T) stof is. Over bioaccumulatie (B) bestaat volgens het RIVM onzekerheid.
Verder heeft Duitsland voor 2017 een onderzoek naar de stof (een stofevaluatie in
het kader van de REACH-verordening) gepland.
Ik realiseer me dat de omwonenden van de fabriek, bovenop de onrust over de stof PFOA,
nu opnieuw in onzekerheid worden gebracht. Voor die onrust heb ik alle begrip. De
elkaar tegensprekende uitingen over GenX bieden de omwonenden geen antwoord op hun
vragen. Voor mij is dat aanleiding geweest om, in overleg met de provincie Zuid-Holland,
nader onderzoek te laten doen naar FRD-903. Ik heb daarom het RIVM inmiddels gevraagd
mij uitgebreider te rapporteren over wat bekend is over de persistentie, bioaccumulatie,
toxiciteit, carcinogeniteit, mutageniteit en reprotoxiciteit van FRD-903. Ik heb daarbij
ook gevraagd deze inzichten te leggen naast de gegevens over de emissies, om zodoende
een uitspraak te kunnen doen over het risico dat eventuele blootstelling met zich
meebrengt. Ik heb het RIVM verzocht bij zijn onderzoek de toxicologen te betrekken
die publiekelijk hun zorgen hebben geuit. Ik zal u uiterlijk in november over het
onderzoek informeren.
Met deze bevindingen wil ik vervolgens ook in de Europese Unie de discussie aangaan
over de eigenschappen van FRD-903. Ik zal onze bevindingen gebruiken om samen op te
trekken met mijn Duitse collega bij de genoemde stofevaluatie.
De vraag veronderstelt een carcinogene (kankerverwekkende) werking van de stof. Op
basis van de huidige wetenschappelijke kennis is FRD-903 niet geclassificeerd als
kankerverwekkend, zie ook het antwoord op vraag 2. Wel is duidelijk dat de stof toxisch
en persistent in het milieu is. Dat een stof schadelijke eigenschappen heeft, betekent
overigens nog niet dat er risico’s zijn voor omwonenden of werknemers. Er wordt in
de chemische industrie met duizenden toxische stoffen gewerkt, om daarmee nuttige
toepassingen mogelijk te maken (zoals brandwerendheid, desinfectie, grondstof voor
materialen, etc.). De risico’s hangen af van de vraag of een stof kan vrijkomen of
wordt geëmitteerd en zo ja, in welke hoeveelheden. Daarom vraag ik het RIVM om ook
hiernaar te kijken op basis van de bestaande informatie. In antwoord op vraag 8 van
het lid Van Veldhoven (D66)(Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2015–2016, nr. 3337) ga ik in op de systematiek van vergunningverlening voor gevaarlijke stoffen.
Wat betreft blootstelling van werknemers neemt de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
het signaal eveneens serieus. Op grond van de Arbeidsomstandighedenwet hebben bedrijven
de zorgplicht richting werknemers om op basis van de beschikbare gegevens over de
gebruikte stoffen de juiste maatregelen te treffen om blootstelling aan gevaarlijke
stoffen zoveel mogelijk te voorkomen. De Inspectie SZW betrekt in haar toezicht de
vraag of het bedrijf voldoet aan zijn zorgplicht.
Antwoord 2
Voor de stof FRD-903 bestaat in de Europese Unie één registratiedossier. Uit dat dossier
blijkt dat de stof toxisch en persistent in het milieu is, maar dat er bij registratie
geen reden was de stof te classificeren als kankerverwekkend. FRD-903 veroorzaakt
inderdaad vergelijkbare typen effecten (aantasting van de lever en de nier, tumorvorming
bij hoge dosis) in dierproeven als PFOA (C8), maar wel bij hogere concentraties dan
bij PFOA. PFOA heeft in Europa een geharmoniseerde classificatie3 als carcinogeen categorie 2. Categorie 2 betekent dat de stof ervan verdacht wordt
kankerverwekkend te zijn voor de mens, maar dat er onvoldoende bewijs is om de stof
in te delen in categorie 1 (stoffen waarvan bekend is of verondersteld wordt dat zij
kankerverwekkend zijn voor mensen).
Het RIVM doet nader literatuuronderzoek naar de mogelijk kankerverwekkende eigenschappen
van PFOA.4
X Noot
1Volkskrant 20 juli 2016
X Noot
3Classificatie op basis van Verordening 1272/2008 betreffende de indeling, etikettering
en verpakking van stoffen en mengsels (CLP-verordening).
X Noot
4Zie Kamerstuk 28 089, nr. 34 m.b.t. de tweede aanbeveling van het RIVM.