Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2014-2015619

Vragen van de leden Van Klaveren en Bontes (beiden Groep Bontes/Van Klaveren) aan de Minister van Buitenlandse Zaken over terrorismeverheerlijking door de Palestijnse leider Abbas (ingezonden 4 november 2014).

Antwoord van Minister Koenders (Buitenlandse Zaken) (Ontvangen 21 november 2014).

Vraag 1

Heeft u kennisgenomen van het artikel «Abbas says Glick shooter will go to heaven as martyr»?1

Antwoord 1

Ja.

Vraag 2

In hoeverre deelt u de afschuw over de verheerlijking van terrorisme door de Palestijnse leider Abbas?

Antwoord 2

Het kabinet keurt de inhoud en strekking af van de brief die president Abbas stuurde aan de vermoedelijke dader van de moordaanslag op Yehuda Glick, vooral waar deze suggereert dat plegers van terreur en geweld geëerd moeten worden. Deze brief staat haaks op het officiële beleid van de PA en van het Palestijnse leiderschap dat het gebruik van terreur en geweld afwijst. De brief is tevens contraproductief met het oog op de gewenste de-escalatie van de huidige context van hoogoplopende spanningen in Jeruzalem en voor het creëren van nieuw perspectief op de gewenste hervatting van onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnen.

Vraag 3 en 4

Wilt u de uitspraken van Abbas publiekelijk veroordelen en u inspannen om ook uw Europese collega's hiertoe te bewegen? Zo neen, waarom niet?

Kunt u aangeven of u bereid bent de 16,3 miljoen euro die in 2015 gereserveerd staat voor de Palestijnse Gebieden, stop te zetten? Zo neen, waarom blijft u de terreurverheerlijkende Palestijnse Autoriteit steunen?

Antwoord vraag 3 en 4

Het kabinet veroordeelt alle vormen van terroristische aanvallen en verwerpt de verheerlijking van dergelijke aanvallen. Gevolg gevend aan de motie Van der Staaij/Voordewind (Kamerstuk 21 501-02, nr. 1039) draagt het kabinet in bilaterale contacten met vertegenwoordigers van de Palestijnse Autoriteit uit dergelijke praktijken te verwerpen.

Deze kwestie kan niet losgezien worden van de bredere context van het conflict tussen Israël en de Palestijnen, waar contraproductieve stappen van beide zijden hebben geleid tot oplopende spanningen in Jeruzalem. De vertegenwoordiging in Ramallah en de ambassade in Tel Aviv hebben in bilaterale contacten bij partijen aangedrongen om zich te onthouden van dergelijke stappen, provocaties en retoriek die verdere escalatie van de situatie in de hand werken. Daarbij hebben zij benadrukt dat gezagsdragers aan beide kanten een bijzondere verantwoordelijkheid hebben om kalmte te bewaren. De Hoge Vertegenwoordiger van de Europese Unie en de VS hebben in verklaringen vergelijkbare oproepen gedaan aan alle partijen.