Vragen van de leden Van Klaveren en Bontes (Beiden Groep Bontes/Van Klaveren) aan
de Minister van Defensie over de NAVO-vrees voor een Russische inval (ingezonden 7 augustus
2014).
Antwoord van Minister Hennis-Plasschaert (Defensie) (ontvangen 2 september 2014)
Vraag 1
Bent u bekend met het bericht «Kiev en NAVO vrezen Russische invasie in Oekraïne»?1
Vraag 2
In hoeverre klopt het dat er bij de NAVO een serieuze zorg bestaat dat de Russen Oekraïne
zullen binnenvallen?
Antwoord 2
De Russische Federatie heeft een aanzienlijke troepenmacht aan de grens met Oost-Oekraïne
samengetrokken. Deze eenheden hebben een hoge gereedheid en moeten in staat worden
geacht om, wanneer daar het bevel toe zou worden geven, binnen korte tijd Oekraïne
binnen te vallen. Tot op heden heeft Rusland niet of zeer beperkt gereageerd op oproepen
tot de-escalatie en meer in het bijzonder het terugtrekken van deze eenheden van locaties
dichtbij de Oekraïense grens naar hun kazernes elders in Rusland. Mocht Rusland Oekraïne
binnenvallen dan zal dit leiden tot verdere escalatie van het conflict. De Navo blijft
de ontwikkelingen aan de Oekraïense grens nauwgezet volgen.
Vraag 3
Hoe oordeelt u over het cynische voorstel van Rusland voor een humanitaire missie
in Oekraïne?
Antwoord 3
De situatie in Oost-Oekraïne is en blijft fragiel. De gevechten tussen de Oekraïense
eenheden en de separatisten duren voort en het einde van de strijd is, mede gezien
de continue stroom wapens en strijders vanuit Rusland, vooralsnog niet in zicht. De
voortdurende gevechten hebben ook hun weerslag op de humanitaire situatie in het land.
De internationale gemeenschap is bezorgd over de humanitaire situatie en daarom heeft
de EU 2,5 miljoen euro toegezegd voor de financiering van humanitaire hulp in het
gebied. Ook Nederland heeft in totaal 0,7 miljoen euro beschikbaar gesteld voor humanitaire
hulp. De Oekraïense bevolking kan blijven rekenen op internationale en Nederlandse
steun.
Nederland betreurt het dat Rusland zich niet heeft gehouden aan afspraken die waren
gemaakt tussen het Internationale Rode Kruis, Oekraïne en Rusland over de levering
van Russische hulpgoederen aan Oekraïne. Het ongeautoriseerd passeren van een Russisch
hulpkonvooi over de Oekraïense grens afgelopen vrijdag is de zoveelste Russische schending
van de soevereiniteit van Oekraïne. Het kabinet waardeert dan ook de terughoudendheid
waarmee Oekraïne hierop heeft gereageerd.
Voorts acht het kabinet het van groot belang dat alle hulp geschiedt met instemming
van Oekraïne en voldoet aan de internationale standaarden. Alleen als aan die voorwaarden
is voldaan, is volgens Nederland humanitaire assistentie acceptabel.
Vraag 4
Wat zullen de volgende stappen in NAVO-verband zijn als reactie op de Russische dreigingspolitiek?
Antwoord 4
Nadat in maart jl. de hoogste Navo-commandant in Europa, SACEUR, al een aantal maatregelen
had genomen, gaf de ministeriële Noord-Atlantische Raad (NAR) op 1 april jl. de militaire
autoriteiten van de Navo de opdracht om op korte termijn militaire opties uit te werken
om bondgenoten gerust te stellen die zich door de crisis in Oekraïne bedreigd voelen
(zie de brief van de Minister van Buitenlandse Zaken van 9 april 2014, Kamerstuk 28 676, nr. 199).
Op 16 april nam de NAR hierover een besluit (zie de brief van de ministers van Buitenlandse
Zaken en Defensie van 16 april 2014, Kamerstuk 28 667, nr. 201) en op 23 mei heb ik u, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken geïnformeerd
over een additionele Nederlandse bijdrage aan het geruststellingspakket in de vorm
van het aanbieden van vier F-16’s voor de versterking van Baltic Air Policing (Kamerstuk 28 667, nr. 203).
Momenteel wordt binnen de Navo gewerkt aan maatregelen voor de middellange en lange
termijn. De Navo-top in Wales op 4 en 5 september zal hierover besluiten nemen. Nadere
informatie over die maatregelen en het zogenoemde Readiness Action Plan ontvangt u in de geannoteerde agenda en het verslag van de Navo-Top.
Vraag 5
Wanneer en op welke wijze zult u als Minister van Defensie nu eindelijk een visie
presenteren op de ontstane problematiek?
Antwoord 5
De aandacht van het kabinet gaat in eerste instantie uit naar geruststelling (reassurance) van de bondgenoten die dicht bij Oekraïne en Rusland liggen. In de aanloop naar
de Navo-top van begin september in Wales bespreken de lidstaten of op langere termijn
aanpassingen nodig zijn van de defensiecapaciteiten van de Navo. Op de Top zullen
staatshoofden en regeringsleiders hierover besluiten nemen. Vervolgens zal moeten
worden bezien wat dit betekent voor de Nederlandse krijgsmacht.
Vraag 6
Bent u bereid zo spoedig mogelijk toe te werken naar een situatie waarin Nederland
2% van het Bruto Nationaal Product besteedt aan Defensie, zoals ook in NAVO-verband
is afgesproken? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Het kabinet is van mening dat verdere bezuinigingen op Defensie, gegeven de zich ontwikkelende
veiligheidssituatie in de Euro-Atlantische regio, niet voor de hand liggen. Of, en
zo ja in welke mate, in de nabije toekomst weer ruimte ontstaat voor verhoging van
de Nederlandse defensie-uitgaven, zal duidelijk worden op Prinsjesdag.