Aanhangsel van de Handelingen

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarNummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-201413

Vragen van de leden Kooiman (SP) en Oskam (CDA) aan de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over kansspelen op het internet (ingezonden 31 juli 2013).

Antwoord van Staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 17 september 2013).

Vraag 1

Wat is uw reactie op het artikel in de Volkskrant waaruit blijkt hoe eenvoudig het (nog steeds) is om online te gokken, terwijl dit (nog steeds) verboden is?1

Antwoord 1

Online kansspelen (zoals online poker, casinospelen of sportweddenschappen) zijn op dit moment nog verboden, terwijl honderdduizenden Nederlanders nu wel al online spelen. Zij spelen bij aanbieders zonder vergunning, op wie nu geen toezicht mogelijk is. De doelstellingen van het Nederlandse kansspelbeleid om spelers te beschermen worden op deze wijze niet gerealiseerd. Ik acht het daarom van groot belang kansspelen op afstand zo spoedig mogelijk te reguleren om een einde te maken aan deze situatie.

Vraag 2

Hoe gaat het wetsvoorstel, dat online kansspelen reguleert, ervoor zorgen dat niet gespeeld kan worden bij aanbieders zonder vergunning? Waarom zal dat dan wel gehandhaafd kunnen worden, terwijl de handhaving nu ook tekort schiet?

Antwoord 2

Uitgangspunt van het wetsvoorstel kansspelen op afstand is Nederlandse spelers, door middel van kanalisatie van het aanbod, zoveel mogelijk richting de legale markt te leiden. Voor een effectieve handhaving is een gereguleerd aanbod noodzakelijk. Hierbij is het van belang dat de legale markt een voldoende attractief alternatief is ten opzichte van de illegale markt. Legale aanbieders krijgen daarom de mogelijkheid spelers te wijzen op de door hen legaal aangeboden diensten.

De kansspelautoriteit heeft tevens een taak om spelers te informeren over het legale aanbod. Daarnaast treedt de kansspelautoriteit handhavend op tegen illegaal aanbod van kansspelen op afstand. Zo zijn eerder dit jaar, in samenwerking tussen de politie en de kansspelautoriteit, zeven illegale kansspelwebsites buiten gebruik gesteld en heeft de kansspelautoriteit recent een boete van 100.000 euro opgelegd aan een bedrijf dat op internet onder meer bingo en roulette aanbiedt.

Bovendien ben ik voornemens in het wetsvoorstel kansspelen op afstand enkele aanvullende handhavingsinstrumenten op te nemen om de handhavingsmogelijkheden van de kansspelautoriteit om illegale online kansspelen aan te pakken verder te versterken. Een daarvan is de bevoegdheid om partijen die illegale kansspelen op afstand bevorderen of daartoe middelen verschaffen, zoals betaaldienstverleners en internet-dienstverleners, een bindende aanwijzing te geven om die dienstverlening te staken. Daarnaast worden door de kansspelautoriteit Memoranda of Understanding afgesloten met kansspelautoriteiten in andere landen om de handhavingsmogelijkheden in het buitenland te versterken.

Vraag 3 en 4

Wat is uw reactie op de constatering dat aanbieders van kansspelen op internet wel erg eenvoudig de boterzachte gedoogcriteria te omzeilen, namelijk dat niet geadverteerd mag worden op radio en televisie en in gedrukte media, dat de website niet mag eindigen op.nl en niet in de Nederlands taal mag worden aangeboden? Zijn deze criteria bewust zo opgesteld om de aanbieders van online kansspelen niet tegen het hoofd te stoten?2 Zo nee, waarom dan wel?

Hoe wordt omgegaan met aanbieders die door directe e-mailberichten aan internetspelers en door advertenties op andere (Nederlandse) websites («affiliates») volop reclame blijven maken en Nederlandse spelers blijven lokken? Waarom wordt hier niet tegen opgetreden? Deelt u de mening dat het omzeilen van deze criteria niet getuigt van veel goede wil om zich aan de Nederlandse regels te houden?

Antwoord 3 en 4

Vooropgesteld moet worden dat geen sprake is van gedoogcriteria. Gezien het grote aanbod van kansspelen op internet is de kansspelautoriteit genoodzaakt prioriteiten te stellen bij haar handhavingsactiviteiten. Ze heeft daartoe prioriteringscriteria opgesteld waarbij het uitgangspunt is handhavende activiteiten in eerste instantie te richten op aanbieders die zich onmiskenbaar richten op de Nederlandse markt. Deze criteria zijn ontleend aan vaste rechtspraak. De aandacht van de kansspelautoriteit richt zich dan ook primair op aanbieders die aan één of meer van de prioriteringscriteria voldoen, waaronder aanbieders die reclame maken via radio, televisie of in geprinte media gericht op de Nederlandse markt, kansspelwebsites die eindigen op de extensie.nl en/of kansspelwebsites die in het Nederlands zijn te raadplegen. Het feit dat aanbieders niet aan de prioriteringscriteria voldoen, betekent echter niet dat deze aanbieders per definitie vrijgesteld zijn van handhavend optreden van de kansspelautoriteit.

Daarnaast heeft de Kansspelautoriteit bijvoorbeeld afspraken gemaakt met Facebook en Hyves ten aanzien van reclame voor kansspelen via deze websites.

Vraag 5

Hoe verhoudt zich dit tot de door de Kamer aangenomen motie die de regering verzoekt te bewerkstelligen dat illegale aanbieders van kansspelen niet in aanmerking kunnen komen voor een vergunning om kansspelen via internet aan te bieden?3 Hoe wordt deze motie uitgevoerd?

Antwoord 5

Zoals ik uw Kamer bij brief van 4 mei 20124 heb geïnformeerd, ben ik voornemens aanbieders die persisteren in het aanbieden van kansspelen gericht op Nederland te zijner tijd uit te sluiten voor een vergunning voor kansspelen in Nederland.

Vraag 6

Bent u bereid de gedoogcriteria aan te scherpen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn?

Antwoord 6

Zoals ik bij het antwoord op vraag 3 heb aangegeven is geen sprake van gedoogcriteria. De kansspelautoriteit is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de Wet op de kansspelen en bevoegd tot het aanpassen van de prioriteringscriteria.

Vraag 7

Bent u van mening dat toekomstige vergunningaanvragers op zijn minst ook duidelijkheid moeten scheppen over wie de «ultimate beneficial owner» is, met het doel criminaliteit en witwassen tegen te gaan?

Antwoord 7

Ja.

Vraag 8

Wat is uw reactie op het advies bedrijven, die zich tot nu toe aan de regels hebben gehouden en dus geen online kasspelen hebben aangeboden, bij de regulering van het online gokken een voorsprong te geven in de vorm van een «fast-lane», «pre-launch» of een experiment om een gelijk speelveld te creëren?5

Antwoord 8

Het «gelijk speelveld» wordt zowel door landbased vergunninghouders, online aanbieders en mogelijke nieuwe toetreders als media en uitgevers op verschillende wijzen als argument gebruikt om hun eigen belangen te onderstrepen.

Een gelijk speelveld houdt in dat de regels gelijk zijn voor alle partijen. Een gelijk speelveld houdt derhalve niet per definitie in dat partijen allemaal dezelfde uitgangspositie hebben of dezelfde verwachte uitkomst (bijvoorbeeld verwachte winst). Er zijn altijd partijen die een bepaald voordeel hebben t.o.v. anderen: de ene partij kan bijvoorbeeld gemakkelijker lenen, de ander heeft meer naamsbekendheid, een betere reputatie of heeft al investeringen gedaan of kennis opgebouwd. Alleen als de huidige voorsprong of achterstand dermate groot is dat die ervoor zou zorgen dat geen concurrentie op gang komt, kan dat een reden zijn om te overwegen iets aan deze uitgangssituatie te doen (bijvoorbeeld als daardoor overwinsten, hoge prijzen en slechte kwaliteit ontstaan).

Aan het geven van voorsprong aan partijen die zich tot nu toe aan de regels hebben gehouden en geen online kansspelen hebben aangeboden kleven derhalve aanzienlijke risico’s (strijd met het gelijkheidsbeginsel en het vrije dienstenverkeer) waardoor hiertoe niet eenvoudig kan worden besloten.

Gezien het feit dat veel partijen in de consultatie opmerkingen over een «fast-lane» en «pre-launch» hebben gemaakt, onderzoek ik de mogelijkheden daartoe. Hierbij moet wel al worden opgemerkt dat de mogelijkheden hiertoe zeer beperkt lijken te zijn. Ook zou een door partijen bepleite «pre-launch» vooruit lopen op parlementaire behandeling van het wetsvoorstel Kansspelen op afstand.

Vraag 9

Hoe ziet u de rol van Ideal, banken en creditcardmaatschappijen die zaken blijven doen met aanbieders van kansspelen op het internet wetende dat dit niet is toegestaan? Hoe staat het met de uitvoering van de door de Kamer aangenomen motie die de regering verzoekt ervoor te zorgen dat geen zaken worden gedaan met partijen die kansspelen aanbieden op internet?6

Antwoord 9

De Wet op de kansspelen (Wok) verbiedt het bevorderen van deelname aan kansspelen zonder vergunning. Zoals ik uw Kamer bij brief van 4 mei 2012 heb geïnformeerd7, zijn afspraken gemaakt met de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) over het gebruiken van een zwarte lijst. De kansspelautoriteit is in dialoog met de NVB en betaaldienstverleners om tot adequate betalingsblokkeringen te komen. De NVB en betaaldienstverleners hebben daarbij aangegeven behoefte te hebben aan een duidelijke bepaling in de Wok om mogelijke claims te voorkomen. In het in consultatie gegeven wetsvoorstel heb ik daarom een regeling voorgesteld die ertoe strekt buiten twijfel te stellen dat het begrip «bevorderen» van deelname aan illegale kansspelen zich ook uitstrekt tot het aanbieden van betaal- en internetdiensten die dat mogelijk maken. Daarnaast heb ik een regeling voorgesteld die de kansspelautoriteit, na constatering dat dergelijke dienstverlening een onmisbare schakel in illegaal kansspelaanbod vormt, de bevoegdheid geeft deze dienstverleners een bindende aanwijzing te geven om die dienstverlening te beëindigen.


X Noot
1

Volkskrant, 27 juli 2013, «Wie wil zit met een muisklik aan een goktafel» en «Staatsloterij krijgt jaar respijt bij onlinegokken»

X Noot
2

Volkskrant, 27 juli 2013, «Wie wil zit met een muisklik aan een goktafel» en «Staatsloterij krijgt jaar respijt bij onlinegokken»

X Noot
3

Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 32 264 nr. 19

X Noot
4

TK 2011–2012, Kamerstuk 32 264, nr. 25

X Noot
5

Volkskrant, 27 juli 2013, «Wie wil zit met een muisklik aan een goktafel» en «Staatsloterij krijgt jaar respijt bij onlinegokken»

X Noot
6

Tweede Kamer, vergaderjaar 2010–2011, 32 264 nr. 14

X Noot
7

TK 2011–2012, kamerstuk 32 264, nr. 25