Vragen van de leden Hennis-Plasschaert en Van der Steur (beiden VVD) aan de minister
van Veiligheid en Justitie over de wapenvergunning van Tristan van der V. (ingezonden
15 juli 2011).
Antwoord van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie) (ontvangen 7 december 2011)
Vraag 1
Heeft u kennisgenomen van het bericht «Politie delete bewijs over wapenvergunning
Tristan»?1
Vraag 2 en 3
Klopt het dat er informatie over het verstrekken van de wapenvergunning aan T. van
der V. is verwijderd? Zo ja, wanneer is dit (ongeveer) gebeurd? Had deze informatie
verwijderd mogen worden? Is het verwijderen van dit soort informatie strafbaar?
Klopt het dat de infodesk een pdf-bestand aan de behandelaar van de wapenvergunning
heeft gestuurd? Zo ja, is dat bestand bijgevoegd aan het fysieke dossier (papier)?
Zo nee, waarom niet? Dienen dit soort bestanden ook digitaal bewaard te worden?
Antwoord 2 en 3
Zoals aangegeven in mijn eerdere reactie op de schriftelijke vragen van de leden Hennis-Plasschaert
en Van der Steur en het lid Dibi (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2010–2011,
nrs. 3588 en 3589) hebben de Rijksrecherche en het NFI aanvullend onderzoek gedaan naar het onvindbare
pdf-bestand dat naar voren kwam in het onderzoek naar de wapenvergunning van betrokkene.
Beide onderzoeken zijn onlangs afgerond.
Gebleken is dat door de infodesk een pdf-bestand aan de afdeling Bijzondere Wetten
is gemaild. Bij de infodesk is deze mail na verzending omgezet in een word-bestand.
Bij die omzetting is de pdf-bijlage verloren gegaan. De mail zelf is vervolgens bij
de infodesk verwijderd vanwege de beperkte opslagcapaciteit. Bij de afdeling Bijzondere
Wetten, die de mail ontving, is alleen de mail en niet de pdf-bijlage uitgeprint.
Ten aanzien van de ontvangen email is het niet duidelijk op welk moment deze verloren
is gegaan.
Het onderzoek van het NFI was erop gericht het pdf-bestand te vinden. Alle IT- systemen
die het pdf-bestand volgens de procedures gepasseerd moet hebben zijn veiliggesteld
en doorzocht, maar het pdf-document is niet aangetroffen. Het NFI en het OM hebben
in het kader van dit onderzoek ook het bedrijf Fox-IT geconsulteerd, om er zeker van
te zijn dat er in het onderzoek niets over het hoofd zou worden gezien. Met dit bedrijf
zijn de onderzoeksaanpak die het NFI heeft gekozen en de eerste resultaten besproken.Fox-IT
had geen aanvullingen op de aanpak van het NFI.
Voor de vereisten ten aanzien van het bewaren en vernietigen van bestanden verwijs
ik naar het antwoord op vraag 4.
Vraag 4
Bestaat er een wettelijke bewaartermijn voor documenten/informatie met betrekking
tot wapenverloven en/of jachtaktes? Zo ja, welke termijn is hierop van toepassing?
Antwoord 4
De Wet Politiegegevens is van toepassing op gegevensverwerkingen met betrekking tot
wapenverloven en jachtaktes. Het gaat om het uitvoeren van een «taak ten dienste van
justitie». Het verwerken van gegevens ter uitvoering van de vergunningverlening en
de handhaving van de Wet Wapens en Munitie vindt plaats op grond van artikel 13, eerste
lid, van de Wet Politiegegevens. Inzake het beheer van deze gegevens bepaalt deze
wet dat relevante gegevens moeten worden bewaard gedurende een termijn die door de
korpschef wordt vastgesteld. Toegepast op de onderhavige casus betekent dit dat indien
het pdf-bestand relevant was voor het verlenen van de wapenvergunning het toegevoegd
had moeten worden aan het fysieke dossier en bewaard had moeten worden.
Indien documenten ten onrechte zijn vernietigd dan kan een disciplinaire sanctie voor
de betrokken medewerkers volgen. Het levert in beginsel geen strafbaar feit op.
Vraag 5
Wordt in- en externe correspondentie van vertrekkende politiemedewerkers bewaard?
Zo ja, hoe lang? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 5
Bij het politiekorps Hollands Midden is de procedure als volgt:
Een e-mailaccount met de daarin voorkomende in- en exteme correspondentie wordt vier
weken na de ontslagdatum afgesloten. De gegevens zijn raadpleegbaar gedurende de termijn
dat ze voorkomen in het digitale archief. Dit archief kent bewaar- en schoningsregels
die door de VtsPN worden uitgevoerd en nageleefd. De procedure bij een vertrekkend
medewerker is dat deze met zijn chef de eventuele overdracht van documenten uit de
persoonlijke omgeving bespreekt. Deze persoonlijke omgeving blijft een maand na ontslag
beschikbaar en wordt daarna afgesloten
Correspondentie wordt in sommige gevallen als fysiek document in een dossier opgenomen.
Hierbij valt te denken aan beleidsstukken, verslagen en sommige briefwisselingen.
Zo is in deze casus de mail van de infodesk naar de medewerkers van de afdeling Bijzondere
Wetten opgenomen in het fysieke dossier rond wapenverloven. Deze correspondentie blijft
dus na vertrek beschikbaar. Overigens zijn de bijlagen van de mail in de onderhavige
casus niet in het dossier opgenomen.
Vele registraties van politiemensen vinden plaats in bedrijfssystemen zoals de Basisvoorziening
Handhaving (BVH) en de Vergunningen Ontheffingen Applicatie (VERONA). Deze gegevens
blijven gedurende de daar voor geldende bewaartermijnen beschikbaar.