Vragen van het lid Recourt (PvdA) aan de minister van Justitie over de onafhankelijkheid van de advocaat in loondienst (ingezonden 20 september 2010).

Mededeling van minister Hirsch Ballin (Justitie) (ontvangen 8 oktober 2010).

Vraag 1

Kent u het bericht «Loorbach: Akzo-uitspraak dwingt tot discussie onafhankelijkheid Cohen-advocaat»?1

Vraag 2

Welke praktische gevolgen heeft de genoemde uitspraak van het Hof van Justitie2voor de advocaat in dienstbetrekking (bij niet-advocaten)?

Vraag 3

Wat is uw mening over het in het arrest gestelde dat het begrip onafhankelijkheid van de advocaat niet enkel positief – door een verwijzing naar de gedragsrechtelijke voorwaarden – maar ook negatief – door de nadruk op het ontbreken van een dienstbetrekking – omschreven wordt?

Vraag 3

Kan als gevolg van deze uitspraak een advocaat in dienstbetrekking bij een niet-advocaat nog langer onafhankelijk worden genoemd? Zo ja, waarom? Zo nee, kan een dergelijke advocaat dan nog wel voldoen aan de kernwaarden, zoals die met voorliggend wetsvoorstel over de positie van de advocaat in de rechtsorde (Kamerstuk 32 382) moeten worden verankerd?

Mededeling

Hierbij bericht ik u dat de schriftelijke vragen van het lid Recourt (PvdA) over de onafhankelijkheid van de advocaat in loondienst (ingezonden 20 september 2010) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie ontvangen is.

Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.


XNoot
1

Orde van de Dag, Akzo-uitspraak dwingt tot discussie onafhankelijkheid Cohen-advocaat?

XNoot
2

http://www.advocatenorde.nl/public/arrestvhof.doc

Naar boven