Waterschapsblad van Hoogheemraadschap van Rijnland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogheemraadschap van Rijnland | Waterschapsblad 2026, 7848 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogheemraadschap van Rijnland | Waterschapsblad 2026, 7848 | beleidsregel |
Beleidsregel dieper baggeren overige watergangen Hoogheemraadschap van Rijnland 2026 - 2036
Dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland hebben op 24 maart 2026 de Beleidsregel dieper baggeren overige watergangen Hoogheemraadschap van Rijnland 2026 – 2036 vastgesteld.
Dijkgraaf en hoogheemraden van het Hoogheemraadschap van Rijnland,
Gelezen het voorstel van de Verenigde Vergadering op 5 maart 2025 met nummer 24.125877,
vast te stellen de Beleidsregel dieper baggeren overige watergangen Hoogheemraadschap van Rijnland 2026 - 2036.
Artikel 3 – Situaties waarin vergoeding mogelijk is
Een vergoeding kan worden verstrekt aan een onderhoudsplichtige die een aanvraag heeft ingediend voor een vergoeding en de aanvraag voldoet aan deze beleidsregel.
Artikel 4 – Hoogte van de vergoeding
Een vergoeding wordt geweigerd:
Artikel 9. Wijze van verdeling
Indien zich het geval voordoet in het eerste lid waarbij de beschikbare gelden niet toereikend zijn, dan wordt de aanvraag behandeld zodra er weer gelden beschikbaar zijn. Daarbij wordt de volgorde van ontvangst aangehouden van de aanvragen die nog voor behandeling in aanmerking moeten komen. Daarbij kan het college conform artikel 5, zesde lid een langere beslistermijn hanteren."
Artikel 10 – Hardheidsclausule
Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van deze beleidsregel indien toepassing ervan leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.
Leiden, 24 maart 2026
Dijkgraaf en hoogheemraden
R.A.M. van der Sande, dijkgraaf
M. Middendorp, secretaris
Toelichting bij de Beleidsregel dieper baggeren overige watergangen Hoogheemraadschap van Rijnland 2026 - 2036
Artikel 2: Doel en karakter van de regeling
Een aantal overige polderwateren heeft bij de leggeractualisatie in 2010 om waterkwaliteitsredenen een iets diepere leggermaat dan voorheen gekregen. Als uitgangspunt daarvoor golden de destijds meest recente leggers van de voormalige waterschappen Wilck & Wiericke, De Oude Rijnstromen en Groot-Haarlemmermeer. In WBP2 en WBP3 was bepaald dat de kosten van de eenmalige verdieping (ten opzichte van de vorige leggerdiepte) van oppervlaktewateren niet ten laste kwamen van de onderhoudsplichtigen, maar van Rijnland. Dit omdat de verdieping nodig is voor verbetering van de waterkwaliteit.
Met het vaststellen van de aanpak baggeren overig water in maart 2025 heeft de VV in het kader van het invoeren van de actieve diepteschouw-baggeren overig water besloten verdere uitvoering te geven aan de vergoeding voor het verdiepen van watergangen als gevolg van een diepere leggermaat. Hiervoor heeft de in het Meerjarenprogramma (MJP) 2026-2030 de middelen beschikbaar gesteld. De nu voorliggende beleidsregel maakt het voor de onderhoudsplichtige mogelijk om deze verdieping op een uniforme en duidelijke manier vergoed te krijgen.
Artikel 3: Situaties waarin vergoeding mogelijk is
Niet elke watergang in het Rijnlands gebied heeft in 2010 een diepere leggermaat gekregen. Bij het bepalen van de leggerafmetingen van de boezemwateren was in de legger 2004 al rekening gehouden met de waterkwaliteitseisen. De leggerafmetingen van de polderwateren waren echter alleen nog maar gebaseerd op de waterkwantiteit (aan- en afvoer). Om ook de polderwateren aan de waterkwaliteitseisen te kunnen laten voldoen zijn de leggerprofielen aangepast in de Legger oppervlaktewateren 2010 Rijnland.
In de praktijk betekent dit dat met name de overige polderwateren, waar de grondslag dit toelaat (geen loopzand, opbarstende bodems etc.), moeten worden verdiept. Deze zogenaamde verdiepingsslag komt voor rekening van Rijnland. Als de verdiepingsslag is uitgevoerd komt de volledige verantwoordelijkheid voor het onderhoud weer bij de aangelanden te liggen. Onderhoudsplichtigen die te maken hebben met een verdiepte watergang kunnen gebruik maken van deze beleidsregel voor een vergoeding.
Artikel 4: Hoogte van de vergoeding
Alleen de kosten van het verdiepen van oude naar de nieuwe leggermaat mogen eenmalig in rekening van Rijnland worden gebracht. De kosten van het op oude leggerdiepte krijgen komen voor rekening van de onderhoudsplichtige zelf. De bedragen zijn inclusief btw. Als de aanvrager niet btw plichtig is wordt het bedrag exclusief btw uitgekeerd.
Wanneer de aanvrager alle benodigde gegevens heeft aangeleverd, wordt de hoogte van de vergoeding bepaald. Door Rijnland is een rekenmodel ontwikkeld waarin het uit te keren bedrag aan de hand van een staffelberekening wordt vastgesteld. Per meter watergang wordt de lengte, breedte en het talud (de schuin aflopende helling) meegenomen. Uit de berekening komt een theoretisch aantal kubieke meter bagger. Rijnland vermenigvuldigt dit met het tarief waar de onderhoudsplichtige recht op heeft en keert vervolgens dit bedrag uit.
Op deze wijze zorgt Rijnland voor rechtszekerheid en dat aanvragen op gelijke wijze worden afgehandeld. Belangrijk uitgangspunt is dat wordt uitgegaan van redelijke kosten. Rijnland heeft de volgende bedragen vastgesteld.
Voor een watergang waar ruimte is om de bagger op het aangrenzende perceel te verspreiden (bijvoorbeeld Grasland) of binnen een straal van 10 kilometer verwerkt kan worden (bijvoorbeeld weilanddepot) betaalt Rijnland per kubieke meter bagger een bedrag van € 4,50,-
Als er geen ruimte is om de bagger te verspreiden op het aangrenzende perceel en moet worden afgevoerd naar een speciaal depot of verwerkingslocatie verder weg dan 10 kilometer betaalt Rijnland €12,- per kubieke meter bagger.
Bedrijven die onderhoudsplichtig zijn en de werkzaamheden niet uitbesteden aan een andere partij, maar deze zelf uitvoeren hebben geen geldig betaalbewijs. Hiervoor is een derde tarief van €2,25 ingesteld. Zo worden directe en indirecte kosten aan materiaal alsnog vergoed, maar vervalt de winstopslag die een andere partij rekent.
Artikel 5: Aanvraag en besluitvorming
De onderhoudsplichtige is degene die de aanvraag kan indienen. Bij polderwateren is dat de aangeland. De aangeland is de (aanliggend perceeleigenaar): degene die krachtens eigendom, bezit of beperkt recht het genot hebben van aan het waterstaatswerk grenzende percelen. Conform de jurisprudentie is dat degene die binnen een halve meter van de insteek de perceeleigenaar is.
Gegevens over de diepte van de watergang voorafgaand en na de werkzaamheden kunnen middels een foto van peilstok in watergang geleverd worden.
Op grond van de Onderhoudsverordening en de Legger oppervlaktewateren 2018 is bepaald wie verantwoordelijk is voor het buitengewoon onderhoud, oftewel baggeren, van oppervlaktewater. Voor de overige polderwateren is de aangeland ieder voor de helft van de breedte van de watergang verantwoordelijk. Per watergang is de Legger oppervlaktewateren de diepte bepaald. Hieraan moet worden voldaan. Voor zover het een in de Legger oppervlaktewateren 2010 verdiepte watergang betreft, kan een onderhoudsplichtige voor het stuk verdieping een vergoeding aanvragen.
Rijnland is bekend met de lengte, breedte en verdieping van een watergang en bepaald aan de hand van een berekenmethode het aantal m3 aan bagger waar de onderhoudsplichtige als gevolg van de leggerverdieping recht op heeft.
Met het aanleveren van de benodigde gegevens zoals factuur en betaalbewijs, locatie watergang(en), voor- en napeiling en tot slot uw adresgegevens kan Rijnland beoordelen of u als onderhoudsplichtige recht heeft op een tegemoetkoming. Of de bagger is afgevoerd, of verspreid door een gespecialiseerd bedrijf op uw perceel bepaald de hoogte van de tegemoetkoming per m3. Voert u als (agrarisch) bedrijf de werkzaamheden zelf uit dan ontvangt u een gereduceerd tarief.
Voor aanvragen boven de €500,- wordt door Rijnland middels een dieptemeting een controle binnen de geldende beslistermijn van 8 weken uitgevoerd. Indien wordt geconstateerd dat niet aan de voorwaarden voor vergoeding wordt voldaan, wordt de vergoeding geheel of deels geweigerd.
Bij aanvragen voor vergoedingen onder de € 500,- hoeft geen nacontrole door Rijnland plaats te vinden. Als bij de diepteschouw in de betreffende polder eventuele gebreken alsnog aan het licht komen, kan desgewenst handhavend worden opgetreden.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2026-7848.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.