Financieel Volmachtbesluit Wetterskip Fryslân 2026

Het dagelijks bestuur van Wetterkip Fryslân,

 

- overwegende dat volmacht verlening aan ambtenaren in dienst van Wetterskip Fryslân een belangrijke bijdrage levert aan de doelmatigheid van de ambtelijke organisatie van Wetterskip Fryslân;

 

- gelet op titel 3 van boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, hoofdstuk 10 van de Algemene wet bestuursrecht, de Waterschapswet en de Financiële Verordening Wetterskip Fryslân;

 

BESLUIT:

 

vast te stellen het Financieel Volmachtbesluit Wetterskip Fryslân 2026

ALGEMEEN

Artikel. 1 Reikwijdte

Dit volmachtbesluit is niet van toepassing op verplichtingen die worden aangegaan in het kader van het uitoefenen van de treasuryfunctie. Hierop is het Treasurystatuut van Wetterskip Fryslân van toepassing.

Artikel 2. Begripsverklaring

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    algemeen bestuur: het algemeen bestuur van Wetterskip Fryslân;

  • b.

    dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân;

  • c.

    volmacht: de bevoegdheid om in naam van het dagelijks bestuur verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken;

  • d.

    begroting: de begroting van Wetterskip Fryslân van enig jaar, zoals deze wordt vastgesteld door het algemeen bestuur;

  • e.

    budget: een van te voren beschikbaar gestelde hoeveelheid geld met een daaraan gekoppelde te leveren prestatie.

  • Er kan onderscheid gemaakt worden in:

  • directe kostenbudgetten: 

  • budgetten die direct aan een product of dienst kunnen worden toegewezen omdat er een direct aantoonbaar verband is tussen het budget en het product of dienst waarvoor dit budget wordt aangewend, en

  • indirecte kostenbudgetten:

  • budgetten waarbij er geen direct aantoonbaar verband aanwezig is tussen budget en product of dienst;

  •  

  • f.

    krediet: een door het algemeen bestuur beschikbaar gestelde hoeveelheid geld ten behoeve van de realisatie van één actief of meerdere activa(=bezittingen); Ten laste van het krediet geboekte kosten komen in de jaren na gereedkomen van de investering als afschrijvingslasten in de exploitatie;

  • g.

    programma: een programma als bedoeld in artikel 4.6 van het Waterschapsbesluit bestaand uit een samenhangend geheel van werkzaamheden.

  • Het totaal van de begroting is volledig gedekt door de programma’s.

  • Zie financiële verordening en artikel 108 Waterschapswet;

  •  

  • h.

    kostentoerekening: methode waarbij met behulp van een verdeelsleutel baten en lasten aan werkplanproducten worden toegerekend;

  • i.

    (hulp)kostenplaats: totaal van budgetten die samenhangen met een specifiek ondersteunend onderdeel van de organisatie. De op (hulp)kostenplaatsen geboekte kosten worden met verdeelsleutels over werkplanproducten verdeeld;

  • j.

    budgettenboek = het overzicht van de budgetten (zowel baten als lasten) voor een bepaald begrotingsjaar waarvan het beheer aan de budgethouders is opgedragen;

  • k.

    kredietenboek = het overzicht van de verstrekte kredieten (zowel baten als lasten) voor een bepaald begrotingsjaar waarvan het beheer aan de krediethouders is opgedragen.

TAKEN EN BEVOEGDHEDEN

Artikel 3. Hoofdbudgethouder

  • 1.

    Hoofdbudgethouder is de secretaris-directeur van Wetterskip Fryslân.

  • 2.

    De hoofdbudgethouder is bevoegd tot:

  • a.

    het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten, voor zover deze strekken tot uitvoering van de door het algemeen bestuur vastgestelde begroting binnen de voorwaarden zoals gesteld in artikel 8, 9 en 10;

  • b.

    het aangaan van verplichtingen ten laste van en het vestigen van rechten op door het algemeen of dagelijks bestuur verstrekte investeringskredieten binnen de voorwaarden zoals gesteld in artikel 8, 9 en 11.

  • 3.

    Uitgangspunt is dat realisatie van werkzaamheden zoveel als mogelijk dient te geschieden met behulp van of met inschakeling van diensten die aanwezig zijn binnen Wetterskip Fryslân.

  • 4.

    De hoofdbudgethouder legt door middel van rapportages verantwoording af aan het dagelijks bestuur over de uitvoering van de begroting bij de uitoefening van de in lid 2 bedoelde bevoegdheden. De verantwoording wordt gebaseerd op de gegevens uit de administratie als bedoeld in artikel 7.

  • 5.

    De hoofdbudgethouder is bevoegd om door aanwijzing het budgetbeheer en/of het kredietbeheer zoals bedoeld in artikel 8 op te dragen aan één of meer (deel)budgethouders, dan wel (deel)krediethouders.

  • 6.

    De aanwijzing van budgethouders en de budgetten waarop de aanwijzing betrekking heeft, alsmede de krediethouders en de kredieten waarop de aanwijzing betrekking heeft, wordt vastgelegd in de administratie als bedoeld in artikel 7.

  • 7.

    De hoofdbudgethouder verstrekt ter uitvoering van het in lid 5 van dit artikel gestelde, binnen de grenzen van het aan hen verleende budgethouderschap of krediethouderschap, een sub-volmacht aan de (deel)budgethouders en (deel)krediethouders zoals bedoeld in artikel 4 en 5.

  • 8.

    Over de gebruikmaking van de bevoegdheden in sub-volmacht wordt periodiek gerapporteerd aan de hoofdbudgethouder via de hiërarchische lijn (teammanager, afdelingsmanager, directeur).

  •  

Artikel 4. Budgethouder

  • 1.

    Een medewerker is budgethouder wanneer deze op grond van artikel 3 lid 5 als zodanig door de hoofdbudgethouder is aangewezen. Medewerkers van de organisatie in de functie of rol van:

    • directeur

    • afdelingsmanager

    • teammanager

  • kunnen als budgethouder worden aangewezen.

  • 2.

    Daarnaast kunnen andere medewerkers als hiervoor genoemd als deelbudgethouder worden aangewezen door de hoofdbudgethouder of budgethouder bedoeld in lid 1.

  • 3.

    De (deel)budgethouder is verantwoordelijk voor het beheer van de budgetten zoals bedoeld in artikel 8.

  • 4.

    De budgethouder is bevoegd tot het aangaan van verplichtingen voor zover deze strekken tot uitvoering van de door het algemeen bestuur vastgestelde begroting.

  • 5.

    De (deel)budgethouder is bevoegd om het aangaan van verplichtingen als bedoeld in artikel 8 lid a op te dragen aan een besteller.

  • 6.

    Uitgangspunt is dat realisatie van werkzaamheden zoveel als mogelijk dient te geschieden met behulp van of met inschakeling van diensten die aanwezig zijn binnen Wetterskip Fryslân.

  • 7.

    Een deelbudgethouder is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken met een maximum van € 50.000 inclusief BTW, waarbij de deelbudgethouder de hoogte van zijn deelbudget niet mag overschrijden.

  • 8.

    Een teammanager is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken met een maximum van € 100.000 inclusief BTW, waarbij de budgethouder de hoogte van zijn budget niet mag overschrijden.

  • 9.

    Een afdelingsmanager is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken met een maximum van € 200.000 inclusief BTW, waarbij de budgethouder de hoogte van zijn budget niet mag overschrijden.

  • 10.

    Een directeur is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken met een maximum van €500.000 inclusief BTW, waarbij de budgethouder de hoogte van zijn budget niet mag overschrijden.

  • 11.

    Het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken boven de € 500.000 inclusief BTW is voorbehouden aan de hoofdbudgethouder.

Artikel 5. Krediethouder

  • 1.

    Een medewerker is krediethouder wanneer deze op grond van artikel 3 lid 5 als zodanig door de hoofdbudgethouder is aangewezen. Medewerkers van de organisatie in de functie of rol van:

    • a.

      programmamanager

    • b.

      projectmanager

  • kunnen als krediethouder worden aangewezen.

  • 2.

    Daarnaast kunnen andere medewerkers als hiervoor genoemd als deelkrediethouder worden aangewezen door de hoofdbudgethouder of krediethouder a en b.

  • 3.

    De (deel)krediethouder is verantwoordelijk voor het beheer van de kredieten zoals bedoeld in artikel 8.

  • 4.

    De krediethouder is bevoegd tot het aangaan van verplichtingen voor zover deze strekken tot uitvoering van de door het bestuur vastgestelde begroting.

  • 5.

    De (deel)krediethouder is bevoegd om het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten als bedoeld in artikel 8 sub a op te dragen aan een besteller.

  • 6.

    Uitgangspunt is dat realisatie van werkzaamheden zoveel als mogelijk dient te geschieden met behulp van of met inschakeling van diensten die aanwezig zijn binnen Wetterskip Fryslân.

  • 7.

    De krediethouder van een krediet is bevoegd de functionaris die het waterschap vertegenwoordigt aangaande de uitvoering van een werk meer- en minderwerk op te laten dragen tot het in de projectopdracht genoemde bedrag.

  • 8.

    Een projectmanager is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen ten laste van een krediet tot een maximum van € 200.000 inclusief BTW.

  • 9.

    Een programmamanager is bevoegd om verplichtingen aan te gaan en rechten te vestigen met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken ten laste van een krediet tot een maximum van € 500.000 inclusief BTW.

  • 10.

    Het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken ten laste van een krediet boven de € 500.000 inclusief BTW is voorbehouden aan de hoofdbudget-houder.

 

Artikel 6. Besteller

  • 1.

    Een medewerker heeft de rol van besteller wanneer deze op grond van artikel 4 lid 4 als zodanig door teammanager Inkoop is aangewezen.

  • 2.

    De aanwijzing van bestellers en de budgetten en kredieten waarop de aanwijzing betrekking heeft, wordt vastgelegd in de administratie als bedoeld in artikel 7.

  • 3.

    Een besteller is bevoegd om -namens de (deel)budgethouder / (deel)krediethouder - verplichtingen aan te gaan tot een maximum van € 5.000 inclusief BTW.

Artikel 7. Administratie

  • 1.

    De teammanager Control en Financiën voert conform de geldende wet- en regelgeving een administratie waaruit per budget/krediet minimaal blijkt:

    • a.

      welke inkomsten en uitgaven er zijn;

    • b.

      welke verplichtingen zijn aangegaan en welke rechten zijn gevestigd.

  • 2.

    De teammanager Control en Financiën voert een administratie waaruit blijkt welke medewerkers (deel)budgethouder, (deel)krediethouder of besteller zijn met daarbij vermelding van de budgetten en/of kredieten waarop de aanwijzing betrekking heeft.

  • 3.

    Voor aanvang van het betreffende boekjaar wordt door de hoofdbudgethouder het budgettenboek en het kredietenboek voor het komende begrotingsjaar vastgesteld.

FINANCIEEL BEHEER

Artikel 8. Budget- en kredietbeheer

De taken die tot het budget- en kredietbeheer gerekend worden zijn:

  • a.

    het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten met betrekking tot de levering van goederen en/of diensten en/of aanneming van werken binnen de grenzen zoals gesteld in artikelen 9,10 en 11;

  • b.

    het laten registreren van de aangegane verplichtingen en rechten in de verplichtingenadministratie als bedoeld in artikel 7 lid 1, sub b;

  • c.

    het accorderen van facturen volgens de daartoe geldende procedure;

  • d.

    het periodiek opstellen van voortschrijdende prognoses ten behoeve van het te verwachten jaarresultaat voor budgetten en/of voortschrijdende prognoses ten behoeve van het te verwachten eindresultaat voor een investeringskrediet (EWI);

  • e.

    het periodiek en op verzoek rapporteren van baten en lasten alsmede het verantwoorden van de genomen beslissingen die daartoe geleid hebben;

  • f.

    het rapporteren van onregelmatigheden in de baten en lasten. Zie artikel 10 en 11.

  • g.

    Een investeringskrediet mag pas worden aangewend nadat het algemeen bestuur en/of dagelijks bestuur dit krediet beschikbaar heeft gesteld.

Artikel 9. Het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten

  • 1.

    Een (deel)budgethouder of (deel)krediethouder kan enkel financiële verplichtingen aangaan ten laste van het (deel)budget/(deel)krediet waarvoor hij/zij verantwoordelijk is.

  • 2.

    Financiële verplichtingen en rechten kunnen alleen op de volgende manieren worden aangegaan:

  • a.

    door middel van een brief, zoals een gunningsbrief;

  • b.

    door het aangaan van een contract;

  • c.

    als inkooporder via het digitale inkoopinformatiesysteem.

Artikel 10. Budgetonderschrijding en budgetoverschrijding

  • 1.

    De budgethouder is verantwoordelijk om verwachte budget onder- of overschrijdingen zo spoedig mogelijk te melden aan het dagelijks en algemeen bestuur via de reguliere planning & control-cyclus.

  • 2.

    Indien zich een overschrijding van een budget voordoet, dan moet compensatie worden gevonden door het verschuiven van budgetten waar sprake is van een onderschrijding.

  • 3.

    Verschuiven van budget als bedoeld in lid 2 tussen directe budgetten is toegestaan indien het budget waarvoor dekking wordt gevonden tot hetzelfde programma behoort en voor zover het geen kapitaallasten betreft.

  • 4.

    Het verschuiven tussen personeelsbudgetten en goederen & diensten-budgetten tot € 50.000,- is voorbehouden aan de hoofdbudgethouder. Alle verschuivingen boven de € 50.000,- zijn voorbehouden aan het dagelijks bestuur.

Artikel 11. Kredietonderschrijding en kredietoverschrijding

  • a.

    Indien als gevolg van onderbesteding c.q. overbesteding vermoed wordt dat het totaal van de investering lager of hoger zal uitvallen dan het beschikbaar gestelde krediet, dan wordt hiervan melding gemaakt aan de hoofdbudgethouder alvorens dit aan het dagelijks en algemeen bestuur ter besluitvorming wordt voorgelegd.

  • b.

    De hoofdbudgethouder c.q. de (deel)krediethouder belast met het doen van investeringen is bevoegd het beschikbaar gestelde krediet met 5% tot een maximum van € 100.000 te overschrijden zonder toestemming vooraf van het algemeen bestuur indien deze mutaties passen binnen het vastgestelde beleid. Een dergelijke overschrijding wordt achteraf aan het algemeen bestuur gerapporteerd via de reguliere planning en control cyclus.

  • c.

    De hoofdbudgethouder c.q. de (deel)krediethouder is bevoegd de voor een investering geraamde inkomsten (bijdragen/subsidies) met 5% te onderschrijden met een maximum van € 100.000,- zonder toestemming vooraf van het algemeen bestuur indien deze mutaties passen binnen het vastgestelde beleid. Een dergelijke onderschrijding wordt achteraf aan het algemeen bestuur gerapporteerd via de reguliere planning en control cyclus.

  • d.

    Bij een dreigende afwijking van het beschikbaar gestelde krediet die de grens zoals gesteld in artikel 11, lid 2, overschrijdt, dient het algemeen bestuur eerst te besluiten over aanpassing van het krediet voordat verdere verplichtingen aangegaan kunnen worden.

Artikel 12 Declaraties woon-werkverkeer en dienstreizen bestuur, secretaris-directeur en concerncontroller

  • 1.

    De budgethouder van deelproject Bestuur stelt onderstaande declaraties pas betaalbaar na akkoord van de volgende functionaris:

    • a.

      De dijkgraaf voor de declaraties van de leden van het dagelijks bestuur en de declaraties de secretaris-directeur;

    • b.

      De loco-dijkgraaf voor declaraties van de dijkgraaf.

  • 2.

    De budgethouder van deelproject Directie stelt de declaraties van de directeuren en concerncontroller pas betaalbaar na akkoord van de secretaris-directeur.

  • 3.

    De budgethouder van deelproject Bestuur stelt declaraties van het algemeen bestuur pas betaalbaar na akkoord van de dijkgraaf.

SLOTBEPALINGEN

Artikel 13. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt per 1 april 2026 in werking.

Artikel 14. Intrekken besluit

Het Financieel Volmachtbesluit Wetterskip Fryslân van 28 juni 2022 wordt ingetrokken.

 

 

 

 

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân,

d.d. 17 maart 2026.

L.M.B.C. Kroon

Dijkgraaf

J. de Ruig

Secretaris-directeur

Toelichting bij het Financieel Volmachtbesluit Wetterskip Fryslân 2026

 

ALGEMEEN

Doelstelling

Op grond van de Verordening beleids- en verantwoordingsfunctie Wetterskip Fryslân is het dagelijks bestuur bevoegd tot het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten.

Uiteraard voor zover deze zijn opgenomen in de vastgestelde begroting. Uit het oogpunt van beheersing en uitvoerbaarheid kan het dagelijks bestuur de uitoefening van de bevoegdheid (geheel of gedeeltelijk) opdragen aan functionarissen (budgethouders) binnen de ambtelijke organisatie. Dit Financieel Volmachtbesluit regelt deze opdracht en de voorwaarden die daaraan verbonden zijn.

Het Financieel Volmachtbesluit voorziet er in dat de budgethouders en krediethouders de uitvoering van de bestedingsbevoegdheid per budget of een deel daarvan kunnen overdragen aan een andere medewerker en / of bestellers.

Verantwoording

De budgethouders en de krediethouders zullen over het gevoerde beheer periodiek verantwoording dienen af te leggen. Ten einde de objectiviteit te waarborgen is het noodzakelijk dat de bestedingen door een ander dan de budget- of krediethouder worden bijgehouden (functiescheiding). De algemene registratie van bestedingen ten laste van budgetten en kredieten is derhalve overeenkomstig de administratieve organisatie bij de teammanager Control en Financiën ondergebracht. Op deze wijze wordt ook het voor het algemeen beheer noodzakelijke inzicht in het totaal van de budgetten en kredieten gewaarborgd.

Inkopen en aanbesteden

Voordat een verplichting aangegaan kan worden dient een inkoop- of aanbestedingsprocedure doorlopen te worden. In het Financieel Volmachtbesluit wordt hieraan niet expliciet gerefereerd. Het zal duidelijk zijn dat daar waar het aangaan van een verplichting voorafgegaan wordt door een aanbestedingsprocedure, het aanbestedingsbeleid van Wetterskip Fryslân onvoorwaardelijk van toepassing is.

Samenhang

De begrippen in artikel 2 zijn gebaseerd op het schema hieronder. Het schema geeft globaal aan hoe budgetten en kredieten samenhangen met de producten, of wel hoe de kosten samenhangen met de begroting.

De bevoegdheden zoals die in dit besluit zijn opgenomen, hebben vooral betrekking op de budgetten en kredieten, terwijl het algemeen en dagelijks bestuur besluiten nemen over producten en programma’s.

Het totaal van budgetten en kredieten is niet gelijk aan het totaal van de programma's. Dat komt omdat kredieten niet rechtstreeks onderdeel zijn van de begroting, maar via afschrijvingslasten over de begrotingen van meerdere jaren verdeeld worden.

Alle baten en lasten op de begroting maken deel uit van één van de als zodanig benoemde programma’s.

Indeling

Het Financieel Volmachtbesluit bestaat uit 3 onderdelen:

a. begrippen;

b. taken en bevoegdheden: dit onderdeel gaat in op de verschillende betrokkenen en de toegekende taken en bevoegdheden;

c. financieel beheer: dit onderdeel bevat de regels en voorwaarden waaraan het financieel beheer als geheel - bij het overdragen van de bevoegdheden - gebonden is.

 

ARTIKELGEWIJS

Algemeen

Artikel 1 Reikwijdte

Dit artikel geeft aan dat verplichtingen op basis van het Treasurystatuut niet vallen onder dit Financieel Volmachtbesluit.

Artikel 2 Begripsverklaring

In dit artikel worden de begrippen uitgelegd die in dit besluit worden gebruikt.

Taken en bevoegdheden

Artikel 3 Hoofdbudgethouder

Het dagelijks bestuur mandateert het financieel beheer als geheel aan de secretaris-directeur die dit vervolgens opdracht tot beheer kan geven aan één of meer budget- of krediethouders.

Lid 3 is opgenomen om te voorkomen dat diensten worden ingehuurd terwijl deze ook binnen Wetterskip Fryslân voorhanden zijn en als gevolg daarvan onbenut zouden blijven.

Artikel 4 Budgethouder en deelbudgethouder

De budgethouder is verantwoordelijk voor het beheer van de budgetten waarvoor hij of zij verantwoordelijk is. Dit houdt in dat naast de bevoegdheid voor het aangaan van verplichtingen of het vestigen van rechten ook taken als het opstellen van voortschrijdende prognoses en het afleggen van verantwoording aan de hoofdbudgethouder opgedragen worden.

Artikel 5 Krediethouder en deelkrediethouder

De krediethouder is verantwoordelijk voor het beheer van de kredieten waarvoor hij of zij verantwoordelijk is. Dit houdt in dat naast de bevoegdheid voor het aangaan van verplichtingen of het vestigen van rechten ook taken als het opstellen van voortschrijdende prognoses en het afleggen van verantwoording aan de hoofdbudgethouder opgedragen worden.

Artikel 6 De besteller

Een besteller is bevoegd verplichtingen aan te gaan tot € 5.000. De rol van de bestellers is ingevoerd om budget- en krediethouders te ontlasten bij de inkoopwerkzaamheden. De (deel)budgethouder/ (deel)krediethouder is en blijft verantwoordelijk voor het beheer van de budgetten en/of kredieten waarvoor hij of zij verantwoordelijk is.

Artikel 7 Administratie

Het voeren van een financiële administratie is evident. In dit artikel wordt dit expliciet opgedragen aan de teammanager Control en Financiën. Het registreren van de verplichtingen maakt ook onderdeel uit van het voeren van een financiële administratie.

Om zicht te houden op de aanwijzing van (deel)budgethouders, (deel)krediethouders en bestellers wordt door de teammanager Control en Financiën een administratie bijgehouden. Alle budget- en krediethouders worden aan het begin van het jaar op de hoogte gebracht van alle aan hen toegewezen budgetten/kredieten. Het toewijzen van budgetten en kredieten gebeurt door middel van het vaststellen van budgettenboek danwel kredietenboek door de hoofdbudgethouder.

Financieel Beheer

Artikel 8 Budget- en kredietbeheer

In dit artikel staan de taken en de verplichtingen die horen bij de rol van (deel)budget- en (deel)krediethouder.

Artikel 9 Het aangaan van verplichtingen en het vestigen van rechten

In het Bevoegdhedenstatuut met bijbehorend bevoegdhedenregister worden de bevoegdheden benoemd die in opdracht van de secretaris-directeur uitgevoerd mogen worden in mandaat, volmacht of machtiging.

In bijlage 6 over de Overeenkomsten wordt benoemd welke overeenkomsten managers en andere budget- en krediethouders mogen afsluiten. In artikel 9 van dit besluit is de begrenzing van deze volmacht aangegeven. Het gaat enkel om het aangaan van financiële verplichtingen. Ook al is een functionaris bevoegd, als het budget of krediet ontoereikend is, kan hij niet van zijn bevoegdheid gebruik maken.

Een samenwerkingsovereenkomst ondertekenen valt niet onder het Financieel Volmachtbesluit. Immers bij het aangaan van een samenwerkingsovereenkomst gaat het om meer dan alleen het aangaan van een financiële verplichting.

Artikel 10 Budgetonderschrijding en budgetoverschrijding

Het is toegestaan dat budgetten in beperkte mate worden overschreden, mits de overschrijding kan worden gecompenseerd door verschuiving van een budget waar sprake is van een onderbesteding. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in een verschuiving tussen directe budgetten (directe toerekening aan werkplanproducten) en tussen indirecte budgetten (door middel van een kostentoerekeningsmethodiek). De budgetten waartussen mag worden geschoven moeten tot hetzelfde programma behoren en voor zover het geen kapitaallasten betreft.

Daarnaast is het schuiven tussen personele budgetten en goederen en dienstenbudgetten niet zondermeer toegestaan. Hiervoor is een besluit van de hoofdbudgethouder nodig.

Met deze beperkingen wordt voorkomen dat een geheel andere besteding aan een budget wordt gegeven dan in de door het algemeen bestuur vastgestelde begroting.

Het sluit niet uit dat verschuivingen ook van de ene naar de andere budgethouder kunnen plaatshebben. Afstemming is dus noodzakelijk. Voor deze afstemming is geen specifieke procedure vastgelegd. Om te voorkomen dat het dekken van budgetoverschrijdingen onvoldoende is geregeld, is pas van een verschuiving sprake wanneer dit in de financiële administratie is vastgelegd.

Artikel 11 Kredietonderschrijding en kredietoverschrijding

Bij het overschrijden van kredieten gelden andere regels dan bij budgetten. Schuiven tussen kredieten voor investeringen is niet toegestaan. In dit Financieel Volmachtbesluit worden bij de volmachtverstrekking aan de ambtelijke organisatie de regels aangescherpt in die zin, dat een krediet niet mag worden overschreden. Voordat in zo’n situatie verder verplichtingen mogen worden aangegaan dient het algemeen of dagelijks bestuur eerst te besluiten over de beschikbaarstelling van een aanvullend krediet.

Alleen de hoofdbudgethouder c.q. de (deel)krediethouder belast met het doen van investeringen is namens het dagelijks bestuur bevoegd om in bepaalde situaties van deze regel af te wijken. Op grond van artikel 9, lid 3, van de Financiële verordening van Wetterskip Fryslân is het dagelijks bestuur bevoegd de voor een investering geraamde uitgaven met 5% met een maximum van € 100.000 van de uitgaven te overschrijden, op voorwaarde dat de mutatie past binnen het vastgestelde beleid.

Voorts is het dagelijks bestuur bevoegd om te schuiven tussen de deelkredieten die behoren tot hetzelfde verzamelkrediet.

Nadat een verschuiving heeft plaats gehad, zijn de regels van dit artikel van toepassing op het nieuw bepaalde krediet. Achteraf vindt melding plaats aan het algemeen bestuur via het eerstvolgende Planning & Control-document.

Artikel 12 Declaraties woon-werkverkeer en dienstreizen bestuur, secretaris-directeur en concerncontroller

In het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers is geregeld dat leden van het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de dijkgraaf aanspraak mogen maken op vergoedingen gemaakt voor de uitoefening van hun ambt.

Daarnaast heeft de secretaris-directeur, die reiskosten en andere kosten verband houdende met de uitoefening van zijn functie mag declareren conform de CAO Werken voor waterschappen, geen leidinggevende waardoor de controle en accordering van zijn declaraties geregeld moet worden.

De tekst is aangepast, zodat de systematiek van de budgethouderschap is gerespecteerd en er toch op het juiste niveau declaraties kunnen worden goedgekeurd.

Naar boven