Kennisgeving besluit tot instelling onttrekkingsverbod oppervlaktewater Zuid-Limburg (Regio Zuid) van het beheergebied van Waterschap Limburg 2026 (fase 1)

 

Het dagelijks bestuur van Waterschap Limburg;

overwegende:

 

  • 1.

    dat ter zake van de instelling van onttrekkingsverboden gebruik wordt gemaakt van het beleid zoals neergelegd in het Calamiteitenbestrijdingsplan Droogte (2024-2027) en de daarbij behorende beleidsregel ‘Instellen onttrekkingsverbod uit oppervlaktewaterlichamen’;

  • 2.

    dat het Calamiteitenbestrijdingsplan Droogte is vastgesteld op 30 april 2024 door het dagelijks bestuur;

  • 3.

    dat conform dit beleid een onttrekkingsverbod wordt ingesteld wanneer in de onderscheiden gebieden droogtefase 1 is bereikt en de afvoer van 35% of meer referentiebeken lager is dan de basisafvoer;

  • 4.

    dat op dit moment in Zuid-Limburg droogtefase 1 is ingesteld, bij meer dan 35% van de referentiebeken in Zuid-Limburg de afvoer lager is dan de basisafvoer; en

  • 5.

    dat de weersvooruitzichten geen spoedige verbetering van de situatie laten zien.

gelet op het bepaalde in artikel 1.17 van de Waterschapsverordening Waterschap Limburg alsmede de beleidsregel ‘Instellen onttrekkingsverbod uit oppervlaktewaterlichamen’;

 

Besluit:

 

I

Met ingang van 3 juli 2026 om 12.00 uur een onttrekkingsverbod in te stellen voor het onttrekken van water uit oppervlaktewateren in Regio Zuid (zie bijlage 1).

 

II

Het verbod geldt tot uiterlijk 1 oktober 2026. Al naar gelang de omstandigheden kan het verbod tussentijds worden gewijzigd dan wel worden ingetrokken. Wijziging of intrekking van het verbod wordt op dezelfde manier openbaar bekend gemaakt.

 

III

Het onttrekkingsverbod uit oppervlaktewater kent de volgende uitzonderingen (limitatief):

 

Uitzondering 1

Het verbod geldt niet voor de volgende (delen van) de Geleenbeek: traject benedenstrooms van meetpunt Brommelen. Dit gedeelte van de beek bevat voldoende water.

 

Uitzondering 2

Veedrenking middels een weidepomp, mits niet mechanisch aangedreven.

 

Uitzondering 3

Onttrekkingen uit een oppervlaktewaterlichaam ten behoeve van kapitaalintensieve teelten.

 

De volgende teelten worden beschouwd als kapitaalintensieve teelten:

- asperges,

- slateelten

- prei

- hard- en zacht fruit

- boomteelten

- teelt van heesters,

- conserventeelten (wortels, bonen e.d.)

- zaadveredelingsteelten (o.a. bloemzaad)

- consumptieaardappelen

- pootaardappelen

- uien

- bloemkool

- rode kool

- broccoli

- lelies

 

Deze lijst is gebaseerd op de NSO typering van de Wageningen University & Research en wordt elke 3 jaar opnieuw beoordeeld.

 

Uitzondering 4

Subirrigatie

Subirrigatie is een vorm van irrigatie waarbij water aan oppervlaktewater wordt onttrokken en via een regelbaar drainagesysteem wordt geïnfiltreerd in het perceel. Dit is doorgaans een meer efficiënte manier van watergebruik dan de traditionele manier met haspelberegening. Vanwege het efficiëntere watergebruik kan een uitzondering op het verbod op het onttrekken van oppervlaktewater voor subirrigatie worden gemaakt.

 

Uitzondering 5

Pilotstudies

Het onttrekkingsverbod geldt niet voor met name te noemen pilotstudies die zijn gericht op het bijdragen aan waterconservering. Deze studies zijn onder meer gericht op het verwerven van kennis en inzicht op het gebruik van water en waterconservering - ook in perioden van een (dreigend) watertekort - en zijn naar hun aard kleinschalig en tijdelijk.

 

Uitzondering 6

Bewatering jonge boomaanplant openbaar gebied en sportvelden uit de Geul

 

Het onttrekkingsverbod geldt niet voor de bewatering van jonge boomaanplant in het openbaar gebied of voor sportvelden waarbij de volgende voorwaarden gelden:

  • 1.

    Er mag uitsluitend worden onttrokken vanaf in onttrekkingsverbod aangegeven plekken bij de Geul (zie bijlage 2);

  • 2.

    Bedrijven, sportcomplexen of gemeenten moeten onttrekkingen melden. Zij doen dat door de datum van onttrekking, de plek van onttrekking en het aantal kubieke meters water dat per week wordt onttrokken te mailen naar handhaving@waterschaplimburg.nl;

  • 3.

    Per bedrijf (werkend voor een gemeente of sportcomplex) of per gemeente of sportcomplex (die zelf onttrekt) mag per dag maximaal 100 m³ worden onttrokken;

  • 4.

    Het onttrokken water moet bestemd zijn voor jonge boomaanplant in het openbaar gebied of voor sportvelden; en

  • 5.

    Jonge boomaanplant kenmerkt zich door onvoldoende worteling waardoor afsterven als gevolg van droogte dreigt.

     

Wie kan gebruik maken van deze uitzonderingen?

 

Onttrekkers van oppervlaktewateren kunnen alleen van deze uitzonderingen gebruik maken als ze voor deze activiteit een geldige vergunning hebben of een geldige melding hebben gedaan.

In afwijking van hun geldige vergunning of melding moet er bij het onttrekken van water voor het bewatering jonge boomaanplant openbaar gebied en sportvelden uit de Geul ook worden voldaan aan de voorwaarden van uitzondering 6.

 

Onttrekkers die geen vergunning hebben of melding hebben gedaan, maar willen onttrekken op basis van de bovengenoemde uitzonderingen, moeten eerst een reguliere vergunning aanvragen of een melding doen. Onttrekken op basis van de uitzonderingen alleen is onvoldoende.

 

Let op:

De beleidsregel ‘onttrekken’ behorende bij de waterschapverordening geeft aan dat in de periode van 1 april tot 1 oktober niet onttrokken mag worden uit de Eyserbeek.

 

Ontheffing

 

In bijzondere situaties kan een incidentele, tijdelijke ontheffing van het verbod worden verleend. Hiervoor geldt dat ten minste 2 van de 3 onderstaande toetsingspunten bevestigend beantwoord moeten worden:

  • 1.

    Is er sprake van een groot maatschappelijk belang?

  • 2.

    Is er sprake van het ontbreken van een redelijk alternatief?

  • 3.

    Zijn de nadelige effecten voor het oppervlaktewaterlichaam niet te groot?

     

Onttrekkers van oppervlaktewateren kunnen een ontheffing aanvragen als ze voor deze activiteit een geldige reguliere vergunning hebben of melding hebben gedaan.

 

Onttrekkers die geen vergunning hebben of melding hebben gedaan, moeten naast een verzoek tot ontheffing ook nog een reguliere vergunning aanvragen of een melding doen. Onttrekken op basis van een ontheffing alleen is onvoldoende.

 

Let op:

De beleidsregel ‘onttrekken’ behorende bij de waterschapverordening geeft aan dat in de periode van 1 april tot 1 oktober niet onttrokken mag worden uit de Eyserbeek.

 

Rechtsmiddelen

 

Tegen dit besluit staat geen bezwaar of beroep open.

 

Bijlagen

 

  • 1.

    Kaart met regio-aanduiding

  • 2.

    Aangewezen onttrekkingslocaties (uitzondering 6)

     

Roermond, 1 juli 2026

 

Het dagelijks bestuur van Waterschap Limburg, namens deze,

 

Simone Hellebrand

Directeur Waterschap Limburg

Naar boven