Verordening vertrouwenscommissie (her)benoeming en voortgangsgesprekken dijkgraaf Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2025

Het Algemeen Bestuur van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht;

gelezen het voorstel van het Dagelijks Bestuur d.d. 11 maart 2025;

gelet op:

- artikel 46 van de Waterschapswet;

- artikel 9 van het Archiefbesluit 1995

- artikel 15 lid 1 van de Archiefwet 1995

- de Circulaire benoeming voorzitters van waterschappen;

- de Circulaire benoeming, voortgangsgesprekken en herbenoeming burgemeesters;

- de Handreiking burgemeesters, benoeming, herbenoeming, voortgangsgesprekken en afscheid;

 

besluit:

vast te stellen de Verordening vertrouwenscommissie (her)benoeming en voortgangsgesprekken

dijkgraaf Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2025, luidende als volgt:

 

Hoofdstuk 1 Algemeen

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

1. de commissie: de vertrouwenscommissie vanuit het Algemeen Bestuur;

2. de commissaris: de commissaris van de Koning in de provincie Noord-Holland;

3. het Algemeen Bestuur: het Algemeen Bestuur van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht;

4. de secretaris-directeur: de secretaris van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht;

5. de griffier: de griffier van het Algemeen Bestuur.

 

Artikel 2. Taak

De commissie heeft tot taak:

a) de aanbeveling van het Algemeen Bestuur inzake de (her)benoeming van de dijkgraaf voor te bereiden;

b) voortgangsgesprekken te voeren met de dijkgraaf.

 

Artikel 3. Samenstelling commissie

1. De commissie bestaat uit de fractievoorzitters of een ander door de fractie aan te wijzen lid van het Algemeen Bestuur.

2. De commissie wijst uit haar midden een voorzitter aan.

3. De commissie kent geen plaatsvervangende leden.

4. De commissie blijft in stand zolang zij niet wordt ontbonden.

5. De commissie wordt in haar werkzaamheden bijgestaan door de griffier.

6. De secretaris-directeur draagt zorg voor de overig benodigde ambtelijke ondersteuning van de commissie.

7. De commissie ziet de Dagelijks Bestuurders en secretaris-directeur als adviseur in dit proces en zal hen daartoe horen.

 

Artikel 4. Werkwijze commissie

1. De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of ten minste de helft van het aantal zitting hebbende leden dit noodzakelijk acht.

2. Van iedere vergadering wordt door de griffier ten minste 7 dagen tevoren aankondiging gedaan aan de leden van de commissie.

3. De commissie vergadert niet als niet ten minste de helft van de zitting hebbende leden aanwezig is.

 

Artikel 5. Geheimhoudingsplicht

1. De vergaderingen van de commissie zijn besloten.

2. De leden van de commissie hebben geheimhoudingsplicht.

3. De commissie legt in elke vergadering, met toepassing van Hoofdstuk VIIIa van de Waterschapswet artikel 55b, 55c en 55d, geheimhouding op over de inhoud van de stukken en het behandelde tijdens de vergadering.

4. De commissie en haar leden verstrekken geen inzage in de stukken noch informatie over de stukken en over het behandelde in haar vergadering aan leden van het Algemeen Bestuur die geen zitting hebben in de commissie, noch aan anderen, behoudens ten tijde van de besloten vergadering van het Algemeen Bestuur waarin over de herbenoeming een besluit wordt genomen.

5. De leden 2 tot en met 4 van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing op de griffier, de ambtelijke ondersteuning en de adviseurs bedoeld in artikel 3, lid 7.

 

Hoofdstuk 2 (her)benoeming

Artikel 6. Verslag en concept aanbeveling (her)benoeming

1. De commissie brengt via de voorzitter en griffier over haar oordeel schriftelijk en vertrouwelijk verslag uit aan het Algemeen Bestuur en aan de commissaris. Dit verslag wordt voorzien van een concept aanbeveling.

2. Alvorens bij herbenoeming het verslag aan het Algemeen Bestuur en de commissaris te zenden, bespreekt de commissie het concept met de dijkgraaf.

3. Indien ter zake van zijn functioneren afspraken met de dijkgraaf worden gemaakt, worden deze in het verslag aan het Algemeen Bestuur vermeld.

4. De dijkgraaf kan, voorafgaand aan de bespreking in het Algemeen Bestuur, zijn zienswijze over het verslag geven.

 

Hoofdstuk 3 Voortgangsgesprek

Artikel 7. Aantal gesprekken

1. De commissie houdt jaarlijks in de maand april met de dijkgraaf een voortgangsgesprek over het functioneren.

2. De commissie wijst daartoe uit zijn midden een gespreksdelegatie aan.

3. De griffier komt in overleg met de commissie en de dijkgraaf tot een datumvoorstel en inventariseert de gesprekspunten.

 

Artikel 8. Voorbereiding en inhoud

1. De commissie beschouwt het functioneren van de dijkgraaf in elk geval aan de hand van de profielschets en aan de wettelijke taken van de dijkgraaf. Tevens betrekt de commissie hierbij het verslag van en de afspraken uit het vorige voortgangsgesprek alsmede de aanbevelingen die ten grondslag lagen aan een herbenoeming.

2. Het gesprek is wederkerig. Zowel het functioneren van de dijkgraaf als het functioneren van het Algemeen Bestuur zijn onderwerp van gesprek.

3. De dijkgraaf kan een 360 graden feedback organiseren en doet daarvan verslag aan de commissie.

4. De commissie kan ook zelf input ophalen bij adviseurs genoemd in artikel 3 lid 7 en anderen. Zij doet mededeling aan de dijkgraaf van het voornemen daartoe.

 

Artikel 9. Bijzondere bepalingen inzake het verslag

1. De griffier stelt een concept-verslag van het gesprek op met daarin de gemaakte afspraken.

2. De dijkgraaf en de gespreksdelegatie uit de commissie krijgen de gelegenheid te reageren op het concept-verslag.

3. Het verslag wordt getekend door alle deelnemers aan het gesprek en daarmee vastgesteld.

4. Leden van het Algemeen en Dagelijks Bestuur kunnen het vastgestelde verslag inzien bij de griffier. Hiervan wordt melding gemaakt aan de commissie en vastgelegd in een register.

5. Het verslag wordt niet openbaar gemaakt. Een afschrift van het verslag wordt door de griffier gezonden aan de commissaris van de Koning.

 

Hoofdstuk 4: Archivering

Artikel 10. Archivering

 

1. De voorzitter van de commissie en de griffier dragen er zorg voor dat na afronding van iedere benoeming en iedere herbenoemingsprocedure alle digitale archiefbescheiden afgedrukt worden en dat deze, samen met de niet-digitale bescheiden onverwijld in een verzegelde, zuurvrije envelop worden overgebracht naar de krachtens de Archiefwet door het bestuur aangewezen archiefbewaarplaats.  

2. Op de in lid 1 genoemde envelop is aangegeven of het een benoeming, herbenoeming of voortgangsgesprek betreft en jaar of zittingsperiode waarop de inhoud betrekking heeft, dat de inhoud gedurende 75 jaar geheim en niet openbaar is, en de datum waarop de beperking van de openbaarheid vervalt. 

3. Van de in het eerste en tweede lid bedoelde overbrenging wordt een verklaring van overbrenging als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit 1995 opgemaakt. In deze verklaring wordt melding gemaakt van de met toepassing van artikel 15, lid 1, sub a en c, van de Archiefwet 1995 gestelde beperkingen aan de openbaarheid, geldende voor een periode van 75 jaar. 

4. De voorzitter van de commissie en de griffier dragen er zorg voor dat na de in lid 1 t/m 3 bedoelde overbrenging de digitale bescheiden en kopieën terstond worden vernietigd.  

5. De griffier geeft de vastgestelde verslagen van voortgangsgesprekken in een verzegelde envelop in bewaring bij de beheerder van de archiefbewaarplaats, die ze ter bewaring in de archiefbewaarplaats opneemt.  

6. Van het in bewaring geven van de in lid 5 genoemde documenten wordt een overeenkomst opgesteld tussen de griffier (namens de vertrouwenscommissie) en de archivaris die beheerder is van de archiefbewaarplaats.  

7. In die overeenkomst wordt zowel de geheimhouding geregeld als de mogelijkheid voor de griffier om de documenten als bedoeld in lid 5 te gebruiken, zodat hij invulling kan geven aan artikel 8, lid 1 en artikel 9 lid 4.  

8. Na afloop van de zittingstermijn van de dijkgraaf wordt de inbewaringgeving omgezet in een overbrenging zoals beschreven in artikel 2. 

9. Van die overbrenging wordt een verklaring opgesteld zoals beschreven in lid 3. 

 

Hoofdstuk 5 Slotbepalingen

Artikel 11. Onvoorziene gevallen

In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist de commissie.

 

Artikel 12. Inwerkingtreding en bekendmaking

1. Het Reglement vertrouwenscommissie benoeming dijkgraaf AGV 2022, zoals vastgesteld dd. 10 maart 2022, wordt ingetrokken.

2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na haar vaststelling en wordt op de gebruikelijke wijze bekend gemaakt.

 

Artikel 13. Citeertitel

Dit besluit kan worden aangehaald als Verordening vertrouwenscommissie (her)benoeming en voortgangsgesprekken dijkgraaf Waterschap Amstel, Gooi en Vecht 2025.

 

 

 

 

 

 

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur op 20 maart 2025.

de dijkgraaf, dr. J.J. Sylvester

de secretaris-directeur, E. Wagener

Naar boven