Waterschapsblad van Waterschap Vallei en Veluwe
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Waterschap Vallei en Veluwe | Waterschapsblad 2026, 1463 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Waterschap Vallei en Veluwe | Waterschapsblad 2026, 1463 | beleidsregel |
Beleid Uitdaagrecht waterschap Vallei en Veluwe
Waterschappen zijn verplicht beleid te ontwikkelen voor het uitdaagrecht, ook wel right to challenge genoemd. Dit is vastgelegd in de Wet versterking participatie op decentraal niveau, die op 1 januari 2025 inwerking is getreden. Het doel van deze wet is om de betrokkenheid van inwoners en organisaties bij het werk van waterschappen te vergroten en hen meer invloed te geven op de uitvoering van het waterschapswerk.
Het uitdaagrecht is het recht van ingezetenen en lokale maatschappelijke partijen om overheden uit te dagen om taken over te nemen, binnen de geldende wettelijke vereisten. Het is een specifieke vorm van participatie in de uitvoeringsfase. Ingezetenen of lokale maatschappelijke partijen kunnen het waterschap verzoeken om de feitelijke uitoefening van een taak over te nemen als zij veronderstellen deze taak beter en goedkoper te kunnen uitvoeren. Hoe het waterschap omgaat met het uitdaagrecht wordt hieronder beschreven. Het uitdaagrecht is verankerd in de Participatie- en inspraakverordening Waterschap Vallei en Veluwe 2022 (hierna: Participatieverordening), zoals omschreven in artikel 6. De Participatieverordening geeft drie belangrijke uitgangspunten:
De taken van het waterschap zijn divers en vinden plaats vanuit autonomie (eigen bevoegdheid) en medebewind (bevoegdheid voortkomend uit wettelijke taken). De Participatieverordening laat ruimte voor de bestuursorganen om zelfstandig te beslissen over een uitdaagverzoek, met een aantal duidelijke beperkingen. Het uitdaagrecht is maatwerk, met daarbij een aantal voorwaarden:
In dit beleid wordt geen lijst opgenomen met activiteiten waarop het uitdaagrecht van toepassing kan zijn. Het college voert een dialoog over het uitdagingsverzoek.
Het college toetst per concrete uitdaging of deze voldoen aan de voorwaarden en criteria, zoals omschreven onder punt 2 en 5. Het college maakt hierbij een kwalitatieve beoordeling van het plan van aanpak en een gesprek met de initiatiefnemer. Daarna beslist het bevoegde bestuursorgaan binnen een redelijke termijn gemotiveerd of het verzoek wordt ingewilligd.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 6 oktober 2025 door het algemeen bestuur,
Drs. Ing. K.A. Blokland
Secretaris
Mr. S.H.M. Ornstein MCPm
Dijkgraaf
Toelichting bij Beleid Uitdaagrecht waterschap Vallei en Veluwe
Het uitdaagrecht is een relatief nieuw instrument. Verschillende waterschappen zijn er mee aan de slag, maar er is geen rijksbeleid. Het uitdaagrecht is daarmee ook voor het waterschap een zoektocht en het is niet op voorhand te zeggen wat voor soort aanvragen ingediend gaan worden.
Bij de omschrijving van het begrip uitdaagrecht is aangesloten bij de memorie van toelichting op het ontwerpwetsvoorstel Wet versterking participatie op decentraal niveau. Het uitdaagrecht berust bij ingezetenen en lokale maatschappelijke partijen. In de begripsomschrijving is ‘lokale’ ter verduidelijking van de tekst van het ontwerpwetsvoorstel toegevoegd in aansluiting op de memorie van toelichting, waarin is toegelicht dat afhankelijk van de lokale omstandigheden het bijvoorbeeld kan gaan om lokale verenigingen of stichtingen, buurtcomités, woongroepen, vrijwilligersorganisaties, een maatschappelijke organisatiesof een georganiseerd collectief van inwoners die geen formele rechtsvorm hebben.
In dit beleid wordt aan het uitdaagrecht creatief en flexibel vorm geven, maar wel zo, dat helder is wat initiatiefnemer en waterschap van elkaar mogen verwachten. Het beleid is bindend voor het Waterschap. Initiatiefnemers mogen er dus op vertrouwen dat het beleid wordt gevolgd. Tegen dit beleid, dat het een nadere uitwerking is van de uitdaagrecht staat geen bezwaar open.
Uitdaagverzoeken zijn geen aanvragen in de zin van Awb (art. 1:3 lid 2). Daarom wordt er geen besluit op een aanvraag genomen. Het beleidskader uitdaagrecht is bedoeld voor het college. Er kunnen geen rechten aan ontleend worden door initiatiefnemers.
Voorwaarden waaraan een uitdaagverzoek moet voldoen
Verzoeken inhoudende een toepassing van het uitdaagrecht op wettelijke publieke taken van het waterschap die voortkomen uit medebewind (zoals het beheer van waterkeringen en rioolwaterzuiveringen en verzoeken die van toepassing zijn op de interne bedrijfsvoering van het waterschap (bijvoorbeeld P&O taken) worden niet in behandeling genomen. Deze verzoeken worden geweigerd. Het uitdaagrecht kan wel toepassing hebben op niet wettelijke publieke taken, zoals:
Omdat uitdaagrecht maatwerk is, volgt na aanmelding van een uitdaging altijd een persoonlijk gesprek met de initiatiefnemer. Het uitdaagverzoek wordt zorgvuldig onderzocht en de afwijzing wordt deugdelijk gemotiveerd. Indien een uitdagingsverzoek niet voldoet aan de voorwaarden, zoals omschreven in het beleid, dan wordt het uitdagingsverzoek afgewezen. Deze afwijzing is geen besluit in de zin van Awb (art. 1:3 lid 1). Het is niet mogelijk om bezwaar te maken tegen de afwijzing op een uitdagingsverzoek.
De beslissing om een verzoek in te willigen wordt gedaan door het bevoegde bestuursorgaan. Het zal meestal gaan om taken van het college van dijkgraaf en heemraden als in de regel het verantwoordelijke bestuursorgaan voor de uitvoering van waterschapstaken (artikel 84 van de Waterschapswet).
Boordeling en besluit uitdaagverzoeken waarop het uitdaagrecht van toepassing is
De beoordeling of het waterschap wel of niet invulling geeft aan het verzoek het uitdaagrecht toe te passen wordt gedaan door het college. Het college beoordeelt het plan van aanpak dat door de uitdager bij het indienen van een aanvraag wordt ingediend, en dat in een gesprek wordt toegelicht. Het college toetst het plan van aanpak kwalitatief. Hierbij let het college vooral op de voorwaarde dat de activiteiten waarop het waterschap wordt uitgedaagd, beter worden uitgevoerd dan wanneer het waterschap de activiteiten zelf uitvoert. Hierbij let het college bijvoorbeeld op:
Omdat er nog weinig ervaring is met het uitdaagrecht is ervoor gekozen geen kwalitatief toetsingskader op te nemen in dit beleid.
Voor iedere uitdaging moet daarnaast beoordeeld worden welke financieringsvorm het meest geschikt is. Het gunnen kan via een opdrachtverstrekking (privaatrecht) of via een subsidieverleningsbesluit (publiekrecht). Bij overeenkomst van opdracht worden er afspraken vastgelegd over de uitvoering van de uitdagingsopdracht. Voor het publiekrechtelijke besluit geldt dat de wijze van evaluatie en de activiteiten concreet worden omschreven in de subsidieverleningsbesluit. De Algemene subsidieverordening van het Waterschap is hier van toepassing. De beslissing op het uitdaagverzoek wordt hiermee rechtmatig genomen en is niet in strijd met de Wet, zoals de Aanbestedingswet en de Awb.
Het college kan per geval besluiten een proefperiode toe te passen. In dat geval wordt het uitvoeren van de uitdaging na een afgesproken periode geëvalueerd. Aan de hand van deze evaluatie kan het college beslissen na de uitvoering van de uitdaging te beëindigen. Voor overeenkomsten van opdracht geldt dat de afspraken over ontbinding van de overeenkomst worden vastgelegd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2026-1463.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.