Waterschapsblad van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden | Waterschapsblad 2026, 14490 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden | Waterschapsblad 2026, 14490 | ander besluit van algemene strekking |
(Extern) Klachtenprotocol - Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
2. Reikwijdte van het klachtenprotocol
Dit klachtenprotocol is van toepassing op de behandeling van klachten, zoals bedoeld in hoofdstuk 9 van de Awb, voor zover de klacht gericht is tegen de hierboven genoemde bestuursorganen en medewerkers van het waterschap.
4. Ontvangst en registratie van klachten
De medewerker die een mondelinge klacht ontvangt, reageert netjes. Hij of zij vraagt naar de aard en inhoud van de klacht en over wie de klacht gaat. De medewerker vertelt de klager dat hij de klacht ook schriftelijk kan indienen en helpt daarbij als de klager dat wil. De medewerker informeert de klachtcoördinator en de beklaagde over het gesprek dat is gevoerd.
Schriftelijke en digitale klachten
Na een klacht overlegt de medewerker over wie de klacht gaat zo snel mogelijk met zijn of haar leidinggevende. De leidinggevende of een aangewezen persoon neemt telefonisch contact op met de klager om de klacht informeel op te lossen. Dit kan bijvoorbeeld door het probleem op te lossen, uitleg te geven of excuses aan te bieden. Dit is afhankelijk van de klacht en situatie.
De secretaris-directeur informeert de klager schriftelijk over de afhandeling van de klacht en motiveert de bevindingen, het oordeel en de conclusies. In deze brief staat ook dat de klager binnen een jaar een verzoekschrift kan indienen bij de Nationale Ombudsman als hij het niet eens is met de afhandeling.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college op 5 mei 2026
Dijkgraaf,
J.C.H. Haan
Secretaris-directeur,
F.H.M. Apeldoorn
Bijlage I Artikelsgewijze toelichting bij het klachtenprotocol
Deze bijlage betreft een toelichting bij het klachtenprotocol van Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden (HDSR). Om de duidelijkheid en de leesbaarheid van deze toelichting te bevorderen zal overal waar het hoogheemraadschap wordt bedoeld, worden gesproken over: ‘het waterschap’.
Indien de afkorting Awb wordt gebruikt in dit klachtenprotocol, wordt hier de Algemene wet bestuursrecht mee bedoeld. De Algemene wet bestuursrecht bevat algemene regels over de verhouding tussen de overheid en de burger. Deze wet bevat bijvoorbeeld algemene bepalingen over (de voorbereiding van) besluiten, zoals vergunningen, heffingen en boetes en daarnaast ook regels over het maken van bezwaar en het instellen van beroep. Via de website www.overheid.nl kan in het hoofdscherm onder het kopje beleid & regelgeving worden geklikt op de nationale wettenbank. In de wettenbank kan worden gezocht op de betreffende wet: Algemene wet bestuursrecht. Hier kunnen de artikelen van deze wet worden opgezocht en gelezen.
Dit klachtenprotocol geldt alleen voor klachten die gaan over het gedrag of handelen van de bestuursorganen en hun medewerkers. Het protocol is van toepassing op klachten die vallen onder hoofdstuk 9 van de Awb. Andere klachten vallen buiten de reikwijdte van dit protocol.
In dit protocol wordt met een klacht bedoeld: een melding over het gedrag of handelen van een bestuursorgaan of een medewerker daarvan. Het gaat om hoe zij zich hebben gedragen tegenover de klager. Een klacht kan op verschillende manieren worden ingediend: mondeling, schriftelijk of digitaal. Als de klacht in een eerste, informele fase al goed is opgelost en de klager tevreden is, dan stopt de verdere behandeling volgens dit protocol.
Klachten kunnen mondeling worden ingediend. De wettelijke mogelijkheid hiertoe volgt uit artikel 9:2 van de Awb. Een mondelinge klacht kan telefonisch worden ingediend bij een medewerker van het waterschap, aan de balie van het waterschapskantoor (Poldermolen 2 in Houten), of bijvoorbeeld tijdens een gesprek wanneer een klager, een medewerker van het waterschap buiten ‘in het veld’ spreekt.
Ook kunnen klachten schriftelijk worden ingediend door bijvoorbeeld een brief te sturen naar Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden (Meldingsloket Postbus 550, 3990 GJ Houten) of te e-mailen naar klachten@hdsr.nl. Ook kan een klacht worden ingediend door een brief of e-mail te sturen naar een medewerker van het waterschap waarvan een klager eventueel de e-mailgegevens al heeft. De betreffende medewerker die de klacht ontvangt, zorgt dan dat de klacht bij de klachtencoördinator terecht komt.
Daarnaast kunnen klachten direct online/digitaal ingediend worden via de website www.hdsr.nl via het kopje: Zelf regelen. Via de pagina 'Incident met water of klacht melden’ - Klacht over het waterschap.
Het college is op grond van artikel 9:2 Awb bevoegd tot klachtafhandeling. De secretaris-directeur is door het college gemandateerd voor de afhandeling van klachten. De secretaris-directeur wijst één of meerdere medewerkers van het waterschap aan als klachtencoördinator(en) voor de feitelijke uitvoering. De uitvoering van deze taak blijft onder de verantwoordelijkheid van de secretaris-directeur en het college.
Een schriftelijk ingediende klacht wordt ook wel een klaagschrift genoemd.
Een ontvangstbevestiging houdt in dat er per brief of per e-mail een bericht van het waterschap naar de klager wordt verzonden met het bericht dat de klacht is ontvangen. Mocht er nog iets ontbreken aan het klaagschrift, bijvoorbeeld een handtekening, dan krijgt klager hier bericht over en krijgt klager de gelegenheid om ontbrekende gegeven(s) aan te leveren.
In sommige gevallen is het waterschap niet verplicht om een klacht te behandelen. Bijvoorbeeld als dezelfde klacht al een keer eerder is afgehandeld of als er bezwaar gemaakt had kunnen worden tegen een bepaald besluit maar dat niet is gedaan. In welke andere gevallen het waterschap de klacht ook niet in behandeling hoeft te nemen, staat in artikel 9:8 lid 1 van de Awb.
Indien een klager het niet eens is met de afhandeling van de klacht, kan een klager binnen één jaar een verzoekschrift indienen bij de Nationale Ombudsman. De Nationale ombudsman behandelt klachten die gaan over hoe overheidsorganisaties hun werk doen. De Nationale Ombudsman mag een klacht pas behandelen als een klager niet tevreden bent over hoe de klacht is behandeld door de overheidsorganisatie, in dit geval het waterschap.
Met verder uitstel wordt bedoeld dat het waterschap nog langer de tijd krijgt om een klacht af te handelen. Het waterschap kan alleen om verder uitstel vragen als de termijn voor het afhandelen van een klacht al eens eerder met 4 weken is verlengd door het waterschap. Het waterschap kan alleen verder uitstel krijgen als de klager het hier mee eens is en dit schriftelijk bevestigd.
Boa is een afkorting voor buitengewoon opsporingsambtenaar. De buitengewone opsporingsambtenaren van het waterschap zijn bevoegd de boete uit te vaardigen. In het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar (BBO) worden onder meer de bevoegdheden van de boa’s geregeld en het toezicht op het handelen van boa’s. Via de website www.overheid.nl kan in het hoofdscherm onder het kopje beleid & regelgeving worden geklikt op de nationale wettenbank. In de wettenbank kan worden gezocht op het betreffende besluit: Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar. Hier kunnen de artikelen van het besluit worden opgezocht en gelezen.
Er moet toezicht worden gehouden op het handelen van boa’s. De minister is in eerste instantie belast met het toezicht op de boa’s. De minister kan echter een toezichthouder en een direct toezichthouder aanwijzen voor het toezicht op de boa’s. Als toezichthouder wordt een hoofdofficier van justitie aangewezen. Dit volgt uit artikel 36 lid 2 van het BBO. Als direct toezichthouder wordt aangewezen: de korpschef van de politie in het grondgebied of het hoofd van een onder de centrale overheid ressorterende landelijke dienst (artikel 36 lid 3 van het BBO). De toezichthouder let erop dat de buitengewoon opsporingsambtenaar zijn taak bij de opsporing op een juiste manier vervult en de opsporingsbevoegdheden en de politiebevoegdheden op juiste manier uitoefent. De toezichthouder en de direct toezichthouder hebben regelmatig overleg over het functioneren van de boa’s.
Bij een klacht over het optreden van een boa, binnen de uitoefening van de bevoegdheden van een boa, krijgen de toezichthouder en direct toezichthouder direct een kopie van de klacht. Het oordeel van de toezichthouder over het handelen van de boa wordt meegenomen bij de afhandeling van de klacht. Klachten over bejegening (de manier hoe je met iemand omgaat of hoe je iemand behandelt) worden afgehandeld door de klachtcoördinator in overleg met de direct toezichthouder. Als de klacht gaat over het dagelijks toezicht, handelt de direct toezichthouder de klacht af.
Met informeel oplossen wordt bedoeld dat bij het afhandelen van een klacht geprobeerd wordt om (juridische) problemen tussen het waterschap en burgers te voorkomen, door op tijd met elkaar in gesprek te gaan en samen te zoeken naar een oplossing voor de klacht. Informeel oplossen van een klacht gaat via de informele fase. Bij de informele fase ligt de nadruk op het oplossen van een klacht en niet zozeer op feitelijk bewijs of onderbouwing. De schriftelijke afhandeling van de informele fase is niet wettelijk verplicht, maar zorgt ervoor dat er achteraf geen onduidelijkheid kan bestaan over de uitkomst voor de klager.
Lukt het niet om een klacht af te handelen in de informele fase, dan komt de klacht in de formele fase en wordt deze schriftelijk geregistreerd. Een klacht kan echter ook direct als formele klacht worden aangemerkt wanneer deze in eerste instantie schriftelijk wordt ingediend. De formele fase richt zich op het aantonen of een klacht gegrond is. Bij de formele fase wordt de klager uitgenodigd voor een (hoor)gesprek.
De secretaris-directeur van het waterschap laat per brief of e-mail aan een klager weten wat de uitkomst is van de behandeling van de klacht en legt uit waarom er tot deze conclusie gekomen is.
Het mondelinge gesprek dat plaatsvindt na de afhandeling van de klacht tussen de leidinggevende/klachtcoördinator en de medewerker over wie de klacht gaat, heeft tevens het oogmerk om te proberen eventuele toekomstige klachten te voorkomen.
Met correspondentie worden alle e-mails, brieven en gespreksnotities over de klacht bedoeld. Een formele klacht en het dossier dat bij de klacht hoort, worden opgeslagen in het archief van het waterschap.
Met anonimiseren wordt bedoeld dat het waterschap ervoor zorgt dat persoonsgegevens niet meer herkend kunnen worden. Dit doet het waterschap bijvoorbeeld door persoonlijke gegevens onleesbaar te maken.
De klachten worden niet afzonderlijk gepubliceerd, maar gebundeld opgenomen in het jaarverslag. Hierin wordt de aard van de klachten weergegeven en aangegeven hoe de klachten zijn afgehandeld.
De evaluatie van de formele klachten zal jaarlijks plaatsvinden om te bepalen waar het waterschap kan verbeteren in opleidingen, cursusaanbod of interactie met externen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/wsb-2026-14490.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.