Subsidieregeling Slotenplannen HDSR 2026-2027

Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van het waterschap Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden,

 

Gelet op artikel 78, eerste lid, van de Waterschapswet, artikel 1.3 van de Algemene subsidieverordening Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, titel 4.2 van de Algemene wet Bestuursrecht en het Waterbeheerprogramma 2022-2027:Stroomopwaarts 2022-2027 van het Waterschap Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, het Deltaplan Agrarisch waterbeheer en de maatregelenlijst van het Bestuurlijke Overleg Open Teelten en Veehouderij en artikel 14 van Verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022, waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard. (Pb L. 327), zoals gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie van 21 dec 2022, L327/27 (de Landbouwvrijstellingsverordening).

 

Besluit de volgende subsidieregeling vast te stellen:

Artikel 1: Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Aanvrager: Een lid of vertegenwoordiger van de doelgroep, zoals is opgenomen in artikel 3;

Awb: Algemene wet bestuursrecht;

Collectief: Een (gecertificeerd) agrarisch samenwerkingsverband in de vorm van een (coöperatieve) vereniging in een (zelfgekozen) begrensd gebied dat bestaat uit agrariërs en andere grondgebruikers (beheerders met gebruiksrecht van de grond) in een gebied die zich op vrijwillige basis hebben verenigd voor het uitvoeren van agrarisch natuur-en landschapsbeheer;

College: Het college van dijkgraaf en hoogheemraden belast met het dagelijks bestuur van het waterschap;

KRW: Richtlijn 2000/60/EG van het Europees Parlement en de Raad van Europa van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen over het waterbeleid;

Slotenplan: Een maatwerkplan op bedrijfsniveau van de agrariër. Een slotenplan richt zich op het beheer van sloten en oevers. Het plan heeft als doel het verbeteren van biologische waterkwaliteit in de sloot en op de oever. Het plan omvat een planning en een kaart om activiteiten per jaar uit te voeren;

Subsidieverordening: Algemene Subsidieverordening Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, in werking getreden op 1 januari 2017;

Waterschap: Waterschap Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden;

Watersysteem: Samenhangend geheel van een of meer oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen, met bijbehorende bergingsgebieden, waterkeringen en ondersteunende kunstwerken.

Artikel 2: Doelen

Deze regeling heeft als doel collectieven te ondersteunen om slotenplannen op te stellen.

Uitvoering van de slotenplannen leveren een substantiële bijdrage aan het realiseren van de vastgestelde streefbeelden voor niet-KRW-waterlichamen.

Artikel 3: Doelgroep subsidieregeling

Subsidie kan worden aangevraagd door belangenorganisaties, coöperaties, stichtingen of andere rechtspersonen zonder winstoogmerk die actief zijn in het werkgebied van het waterschap en aantoonbare ervaring hebben met advisering in de agrarische sector.

Artikel 4: Subsidiabele activiteiten

Subsidie kan worden verleend voor het opstellen, begeleiden, monitoren, evalueren en/of bijstellen van individuele agrarische slotenplannen en de projectbegeleiding rond deze activiteiten.

Artikel 5: Subsidieaanvraag

  • 1.

    De subsidieaanvraag kan worden ingediend via post@hdsr.nl, onder verwijzing naar deze Subsidieregeling Slotenplannen HDSR 2026-2027.

  • 2.

    De aanvraag wordt ingediend door een ter zake bevoegde medewerker van het collectief.

  • 3.

    De subsidieaanvraag bevat een beschrijving van de activiteiten in het werkgebied van het betreffende collectief, uitgesplitst in één of meer van onderstaande activiteiten:

    • a.

      aantal op te stellen individuele agrarische slotenplannen;

    • b.

      aantal bij te stellen individuele agrarische slotenplannen;

    • c.

      aantal te monitoren en te evalueren individuele agrarische slotenplannen

    • d.

      projectbegeleiding voor de hierboven beschreven onder sub a tot en met c opgenomen werkzaamheden;

    • e.

      voorlichting over de individuele agrarische slotenplannen.

  • 4.

    De subsidieaanvraag bevat een beschrijving van de verwachte kosten van de activiteiten in het werkgebied van het betreffende collectief, uitgesplitst in de onderscheiden deelactiviteiten uit art 5, derde lid, van deze regeling.

  • 5.

    Een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend voor activiteiten met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026.

  • 6.

    Als een aanvraag onvolledig is ingediend, geeft het waterschap de aanvrager de gelegenheid de aanvraag binnen een nader te bepalen termijn aan te vullen. De dag waarop de aanvulling is ontvangen geldt dan als ontvangstdatum van de subsidieaanvraag.

Artikel 6: Toetsingscriteria

Om voor subsidie in aanmerking te komen, wordt voldaan aan de volgende criteria:

  • 1.

    De activiteiten voldoen aan de doelstelling van deze regeling, genoemd in artikel 2.

  • 2.

    De subsidiabele kosten voor de uitvoering van de activiteiten dienen redelijk te zijn.

  • 3.

    De activiteiten zijn of worden uitgevoerd tussen 1 januari 2026 en 31 december 2027.

  • 4.

    De activiteiten hebben betrekking op het beheergebied van het waterschap.

Artikel 7: Weigeringsgronden

In aanvulling op de weigeringsgronden in artikel 4:35 Awb en artikel 1.7 van de Subsidie-verordening kan subsidie worden geweigerd als:

  • 1.

    De activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, geen betrekking hebben op het beheergebied van het waterschap, niet ten goede komen aan ingezetenen van het waterschap of niet op andere wijze het belang van het waterschap dienen;

  • 2.

    De activiteiten waarvoor een aanvraag wordt ingediend in strijd zijn met wet- of regelgeving of met onderdelen van het waterschapsbeleid, dan wel dat het subsidiëren van deze activiteiten in strijd is met wet- of regelgeving of met specifiek beleid van het waterschap;

  • 3.

    Voor zover de aanvrager naar het oordeel van het college op een andere manier de beschikking heeft of kan krijgen over de geldmiddelen die noodzakelijk zijn om de activiteiten op behoorlijke wijze te kunnen verrichten;

  • 4.

    De aanvrager een onderneming in moeilijkheden betreft, zoals bedoeld in artikel 2, lid 14 uit de Landbouwvrijstellingsverordening;

  • 5.

    De aanvrager in het kader van de subsidieaanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;

  • 6.

    Tegen de aanvrager een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerder besluit van de Europese Commissie waarin steun onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard;

  • 7.

    (Een deel van) de toegewezen subsidie uitgekeerd wordt aan individuele boeren;

  • 8.

    De activiteiten niet voldoen aan de toetsingscriteria vermeld in artikel 6; of

  • 9.

    Het subsidieplafond, zoals bedoeld in artikel 13, is bereikt.

Artikel 8: Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De hoogte van het subsidiepercentage bedraagt maximaal 100% voor activiteiten zoals genoemd in artikel 5 lid 3.

  • 2.

    Een aanvrager kan meerdere aanvragen indienen tot het maximum bedrag per deelplafond, zoals volgt uit artikel 13 van deze regeling.

Artikel 9: Subsidieverlening

  • 1.

    Op volgorde van binnenkomst worden de aanvragen beoordeeld.

  • 2.

    Indien op de dag dat het plafond wordt bereikt, er meerdere aanvragen worden ingediend, dan worden de op die dag nog resterende subsidiemiddelen via loting toegewezen aan de op die dag ontvangen en niet geweigerde aanvragen.

  • 3.

    Na positief beschikken wordt een voorschot van 40% van het subsidiebedrag uitgekeerd aan aanvrager. 40% van de daaropvolgende kosten wordt uitgekeerd op basis van werkelijk gemaakte kosten. De resterende 20% wordt overgemaakt na definitieve vaststelling van de subsidie.

Artikel 10: Beschikking subsidievaststelling: rekening en verantwoording

  • 1.

    Na afloop van de activiteiten dient de subsidieontvanger een inhoudelijk en financieel verslag in. Op basis hiervan stelt het waterschap de subsidie definitief vast.

  • 2.

    Het college stelt het bedrag van de subsidie in beginsel vast in overeenstemming met de beschikking tot subsidieverlening.

  • 3.

    Als niet is voldaan aan de voorwaarden gesteld in de beschikking tot subsidieverlening, kan in overeenstemming met artikel 4:46 Awb de subsidie lager of op nihil worden vastgesteld.

  • 4.

    Het subsidiebedrag wordt uitgekeerd exclusief BTW, tenzij deze bewijsbaar niet terugvorderbaar is door de subsidieontvanger.

Artikel 11: Intrekking, wijzigen en terugvorderen subsidie

Voor het intrekken, wijzigen en terugvorderen van de subsidie gelden de bepalingen uit de Awb en hoofdstuk 6 van de Subsidieverordening.

Artikel 12: Verplichtingen subsidieontvanger

De subsidieontvanger dient de opgedane ervaringen en kennis op verzoek van het waterschap te delen, binnen de grenzen van het redelijke.

Artikel 13: Subsidieplafond

  • 1.

    Voor de uitvoering van deze regeling is een subsidieplafond vastgesteld.

  • 2.

    Voor de jaren 2026 en 2027gezamenlijk geldt voor de uitvoering van deze regeling een gecumuleerd totaal plafond van € 299.016,-.

  • 3.

    Het plafond wordt als volgt verdeeld:

    • a.

      Voor het werkgebied van collectief Rijn, Vecht en Venen geldt een deelplafond van € 56.250,-;

    • b.

      Voor het werkgebied van collectief Rijn, Gouwe en Wiericke geldt een deelplafond van € 10.500,-;

    • c.

      Voor de overige gebieden geldt een deelplafond van € 232.266,-.

  • 4.

    Als op 30 juni 2027 het bedrag van één of meerdere deelplafond niet geheel aangevraagd is, komt het resterende bedrag beschikbaar voor het gehele werkgebied van het waterschap.

Artikel 14: Melding onvoorziene omstandigheden

De subsidieontvanger doet melding aan het college zodra aannemelijk is dat het project, waarvoor de subsidie is verleend, niet of niet geheel zal worden uitgevoerd of dat niet of niet geheel aan de verplichtingen voldaan kan worden die zijn opgelegd bij de verlening van de subsidie.

Artikel 15: Hardheidsclausule

Het college kan van deze regeling afwijken indien toepassing in een individueel geval leidt tot onevenredige onbillijkheid.

Artikel 16: Inwerkingtreding

Deze regeling kan worden aangehaald als Subsidieregeling Slotenplannen HDSR 2026-2027.

  • 1.

    Dit besluit treedt in werking op de achtste dag na bekendmaking op de wettelijk voorgeschreven wijze.

  • 2.

    Deze regeling vervalt op 31 december 2027.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college op 5 mei 2026

Dijkgraaf, J.C.H. Haan

Secretaris-directeur, C.H.M. Apeldoorn

Toelichting  

De Subsidieregeling Slotenplannen HDSR 2026-2027 is bedoeld om agrarische collectieven te ondersteunen bij het opstellen van slotenplannen voor individuele agrariërs. Met deze slotenplannen worden die agrariërs gestimuleerd om het slootbeheer in al hun sloten voor meerdere jaren zo ecologisch mogelijk uit te voeren. Tegelijkertijd beoogt de regeling om bij te dragen aan vergroting van de bewustwording onder agrariërs over de mogelijkheden die zij hebben om bij te dragen aan de doelen voor de niet-KRW-waterlichamen.

 

De opbouw van de hiervoor opgestelde subsidieregeling volgt zoveel mogelijk de tijdlijn van het subsidieverlenings- en subsidievaststellingsproces.

 

Hieronder wordt artikelsgewijs de regeling nader toegelicht. De toelichting heeft dezelfde rechtskracht als de regeling zelf.

 

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1: Begripsbepalingen

In de Algemene wet bestuursrecht (Awb) zijn algemene regels voor subsidies opgesteld. Deze subsidieregeling geeft een nadere invulling voor subsidies in het kader van slotenplannen. In aanvulling op de Algemene subsidieverordening worden in dit artikelen een aantal termen gedefinieerd.

 

Artikel 2: Doel subsidieregeling

Het grootste deel van het watersysteem in het landelijk gebied binnen het beheergebied van het waterschap zijn niet-KRW-waterlichamen (95% van alle wateren). Voor deze niet-KRW-waterlichamen zijn per gebied streefbeelden vastgesteld met vier (voor veen vijf) ambitieniveaus. Streven is dat in elk gebied gemiddeld het streefbeeld Levendig wordt behaald. Met de uitvoering van een slotenplan leveren agrariërs een substantiële bijdrage aan het realiseren van dit streefbeeld.

 

Het opnemen van slotenplannen in de bedrijfsvoering van agrariërs vereist een combinatie van bewustwording, ondersteuning en stimulans. Met bedrijfsspecifieke waterplannen worden agrariërs zich meer bewust van hun handelen en de effecten die ze met hun handelen hebben op het watersysteem, de agrariërs krijgen handvatten aangereikt om maatregelen te nemen die afgestemd zijn op hun eigen bedrijf en ze kunnen met deze plannen aantonen dat ze duurzamer werken.

 

Artikel 3: Doelgroep subsidieregeling

Deze subsidieregeling is bedoeld voor collectieven. Deze organisaties zijn bekend met het opstellen van slotenplannen, kennen de meeste agrariërs in hun gebied, kunnen de afgesproken plannen in hun administratie opnemen en kunnen op basis daarvan een deel van de Agrarische Natuur en Landschapsgelden uitkeren aan agrariërs.

 

Artikel 4: Subsidiabele activiteiten

Artikel 4 bevat een tamelijk ruime omschrijving van de activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen. Dat betekent echter niet dat alle kosten die in verband met de subsidiabele activiteit worden gemaakt, subsidiabel zijn. Onderscheid dient te worden gemaakt tussen subsidiabele activiteiten en subsidiabele kosten. Ook in de rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over subsidies wordt dit onderscheid gehanteerd. De subsidie is bedoeld als tegemoetkoming in activiteiten om slotenplannen op te stellen, te monitoren en te kunnen evalueren. De subsidie is niet bedoeld om de activiteiten uit het slotenplan uit te voeren. Dit betekent dat bijvoorbeeld het toelichten van het doel van slotenplannen bij agrariërs wel vergoed kan worden, maar het vergoeden van het beheer van sloten door agrariërs zelf niet.

 

Artikel 5: Subsidieaanvraag

Het is belangrijk dat er niet alleen een omschrijving van de activiteiten wordt aangeleverd, maar ook een begroting met de verwachte uitgaven. Uiteraard dient deze aanvraag ondertekend te zijn door een bevoegd persoon. De aanvraag kan per post worden opgestuurd, per email worden verstrekt of afgegeven worden.

 

Artikel 6: Toetsingscriteria

Dit artikel ziet toe op de te hanteren toetsingscriteria.

 

Artikel 7: Weigeringsgronden

In dit artikel zijn specifieke weigeringsgronden opgenomen. Ook de weigeringsgronden die zijn opgenomen in artikel 1.7 van de Subsidieverordening en artikel 4:35 van de Awb zijn van toepassing. Enkele specifieke weigeringsgronden in dit artikel kennen een overlap met die in de Subsidieverordening en de Awb. Deze overlap is opgenomen ten behoeve van het overzicht voor de subsidieverlener.

 

Artikel 8: Hoogte van de subsidie

Voor activiteiten zoals genoemd in artikel 5, derde lid, van de regeling komt op basis van deze regeling 100% voor vergoeding in aanmerking. Door een maximum bedrag per collectief te noemen met als aanvullende clausule dat als het maximum niet voor een bepaalde datum door de collectieven is aangevraagd het resterend bedrag op volgorde van binnenkomst aangevraagd en toegekend kan worden, wordt voorkomen dat het volledige subsidiebedrag binnen het waterschapsgebied door één collectief aangevraagd kan worden.

 

Artikel 9: Subsidieverlening

De aanvragen worden getoetst op ontvankelijkheid en compleetheid. Indien nodig, worden aanvragers in de gelegenheid gesteld om aanvullende informatie in te dienen. Dit kan leiden tot verzoeken om het verstrekken van aanvullende informatie. Als tijdstip voor ontvangst geldt het moment dat de aanvraag juist en volledig is.

 

Artikel 10: Subsidievaststelling

Voor alle aanvragen geldt dat de subsidie wordt vastgesteld aan de hand van een overzicht van de uitgevoerde activiteiten en de bijbehorende financiën. Uit dit overzicht moet blijken dat de aanvraag volgens de voorwaarden is uitgevoerd.

 

Artikel 11 tot en met 16

Deze artikelen behoeven geen toelichting.

Naar boven