Vergunningen-, toezicht- en handhaving uitvoeringsprogramma 2025

Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier;

 

gelezen het voorstel van 20 december 2024 met registratienummer 24.1077674 ;

 

b e s l u i t :

Het Vergunningen-, toezicht- en handhaving uitvoeringsprogramma 2025 vast te stellen.

 

1 Inleiding

In december 2024 heeft het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HNNK) het VTH-beleidsplan 2025-2029 vastgesteld (24.1043056). Het VTH-beleidsplan geeft inzicht in de wijze waarop HHNK in deze periode de instrumenten vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) wil inzetten om zijn beleidsdoelen te bereiken. In het plan zijn hiervoor strategieën opgenomen. Elk jaar wordt in een uitvoeringsprogramma uitgewerkt welke werkzaamheden en activiteiten dat jaar worden ingepland om een bijdrage te leveren aan de gestelde doelen.

 

In dit uitvoeringsprogramma voor 2025 (UP2025) geeft HHNK per taak concreet aan wat de planning is voor 2025 en op welke wijze dit een bijdrage levert aan de beleidsdoelen uit het VTH-beleidsplan. Voorafgaand hieraan wordt in hoofdstuk 2 het wettelijke kader van dit plan geschetst en worden in hoofdstuk 3 de actuele ontwikkelingen en aandachtspunten benoemd waarmee rekening is gehouden bij de planning van de activiteiten en werkzaamheden.

2 Kader

Het opstellen van een uitvoeringsprogramma maakt deel uit van de zogenaamde "Big-8 beleidscyclus". Vanuit het oogpunt van kwaliteitsbevordering heeft de centrale overheid in de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit een aantal wettelijke verplichtingen (kwaliteitscriteria) opgenomen met betrekking tot de uitvoering van de VTH-taken door overheden. Het verplichte proces dat doorlopen moet worden wordt ook wel de "Big-8"genoemd. In het plaatje hieronder wordt de (gekantelde) Big-8 schematisch weergegeven.

 

Figuur 1: Big-8

 

Op basis van de Big-8 wordt ongeveer elke vier jaar beleid vastgesteld voor de VTH uitvoerings- en handhavingstaken. In dit beleid worden beleidsdoelen en prioriteiten opgenomen en de strategie bepaald hoe binnen de gestelde termijn tot deze doelen te komen. In navolging hiervan heeft HHNK in december 2024 het VTH-beleidsplan 2025-2029 vastgesteld. Per jaar dient een uitvoeringsprogramma te worden opgesteld waarin aangegeven wordt hoe de middelen dat jaar worden ingezet om een bijdrage te leveren aan de in het beleid gestelde doelen. Met het opstellen van dit uitvoeringsprogramma geeft HHNK invulling aan deze wettelijke verplichting. Door de inzet van de medewerkers die zich bezighouden met de VTH-taken te monitoren kan het uitvoeringsprogramma en het beleid jaarlijks worden geëvalueerd. Hiervan wordt een rapportage opgesteld. Mocht uit de rapportage blijken dat de doelen, strategieën of prioriteiten moeten worden bijgesteld dan dient het beleid hierop aangepast te worden.

 

Naast het feit dat het opstellen van een uitvoeringsprogramma een wettelijke verplichting is, geeft het HHNK ook de mogelijkheid transparant te zijn over de wijze waarop zij dat jaar de VTH-instrumenten inzet. Hieruit kan ook een preventieve werking vloeien, doordat de inzet in 2025 zichtbaar en bekend wordt gemaakt.

 

3 Aandachtspunten en Ontwikkelingen

Bij het bepalen van de activiteiten en werkzaamheden van de VTH-organisatie voor het jaar 2025 zijn verschillende ontwikkelingen en aandachtspunten meegenomen. Het gaat daarbij om de volgende zaken:

 

Klimaatverandering

De klimaatverandering die gaande is zorgt ervoor dat Nederland te maken heeft met zowel perioden van extreme droogte als perioden met extreme regenval. Daarnaast stijgt de zeespiegel. Dit betekent dat onze watersystemen en waterkeringen op orde moeten zijn. De werking hiervan dient niet gehinderd worden door illegale activiteiten en bouwwerken die in deze systemen en/of de beschermingszones zijn uitgevoerd. Inzet van het VTH-instrumentarium kan hierin een grote rol betekenen. Daarnaast moeten, indien nodig, beregenings- en onttrekkingsverboden genomen worden die gehandhaafd moeten worden.

 

Naderen uiterlijke datum voldoen KRW-doelen

Uiterlijk in 2027 dienen de doelen die opgenomen zijn in de Kaderrichtlijn Water (KRW) behaald te zijn. Het behalen van deze doelen is niet alleen een taak voor het HHNK, maar ook voor alle andere betrokken overheden. In oktober 2024 heeft HHNK het impulsprogramma KRW 2024-2027 vastgesteld waarin maatregelen zijn opgenomen waarmee HHNK haar bijdrage kan doen aan het zo veel mogelijk behalen van deze doelen. Het betreft deels maatregelen in het kader van beheer en onderhoud en ook van de VTH-organisatie wordt in 2025 een inspanning verwacht. Zo dienen de verleende lozingsvergunningen beoordeeld te worden en, indien van toepassing, te worden geactualiseerd. Voor toezicht en handhaving zal de inzet met name bestaan uit de prioritering van taken. Daarnaast zal in 2025 voor het management en bestuur van HHNK een dashboard worden opgesteld zodat zij inzicht hebben in de voortgang van de uitvoering van de maatregelen. In 2025 zal een toetsingskader voor vergunningen, plannen en projecten worden ontwikkeld dat vanaf 2026 regulier kan worden toegepast. Ook worden maatwerkregels en -voorschriften ontwikkeld om vergunningen zoveel mogelijk KRW-proof te maken.

 

Wijzigingen in wet- en regelgeving

Eind 2024 zijn in de Waterschapsverordening wijzigen doorgevoerd. Zo is de vergunningplicht voor bouwwerken in waterkeringen en sommige beschermingszones uitgebreid. Er zijn nieuwe beperkingsgebieden aangewezen voor bijvoorbeeld natuurvriendelijke oevers en rietoevers. Ook zijn de mogelijkheden om maatwerkvoorschriften op te leggen verduidelijkt en verbreed. De vergunningplicht is komen te vervallen voor (onder andere) sommige drijvende bouwwerken, verschillende activiteiten en werkzaamheden op bepaalde delen van de hoge gronden en voor het aanbrengen van peilbuizen. Deze vallen nu onder een informatieplicht of algemene regelgeving. Deze wijzigingen hebben een effect op het aantal aanvragen en verzoeken die bij HHNK worden ingediend en op de wijze waarop toezicht wordt gehouden.

 

Op basis van de Omgevingswet die op 1 januari 2024 in werking is getreden, zijn complexe bedrijven verplicht om voor afstromend hemelwater een vergunning aan te vragen. Zij hebben twee jaar de tijd na de wetswijziging om hiervoor een aanvraag in te dienen. Daarnaast verandert de wet- en regelgeving op het gebied van zeer zorgwekkende stoffen (ZZS). Deze ontwikkelingen kunnen een effect hebben op de werkdruk van de VTH-organisatie.

 

Maatschappelijke ontwikkelingen

In Nederland wonen steeds meer mensen. Daarnaast wordt de samenleving mondiger en gaat sociale media een steeds grotere rol spelen wanneer het gaat om het innemen van een standpunt over allerlei zaken. Deze ontwikkeling is met name goed te zien aan de jaarlijkse toename van het aantal verzoeken op grond van de Wet open overheid dat bij het HHNK binnenkomt. Ook hebben met name toezichthouders te maken met toenemende strijdbaarheid van potentiële overtreders. Deze ontwikkelingen kunnen invloed hebben op de capaciteit en inzet van de VTH-organisatie aangezien er meer aandacht moet worden besteed aan voorlichting en administratieve taken. Daarnaast betekent dit dat hierdoor soms meerdere toezichthouders op een toezichtzaak gezet moeten worden in plaats van het afhandelen van de zaak door één toezichthouder.

 

Bovendien spelen het klimaat en de natuur bij het nemen van beslissingen een steeds grotere rol terwijl door de toename van het aantal inwoners er steeds meer vraag is naar het verstenen van de leefomgeving door onder andere woningbouw. De VTH-werkzaamheden worden hierdoor steeds complexer. Het betekent echter ook dat de inspanning die nodig is om deze taken goed uit te voeren toeneemt.

 

Technische ontwikkelingen

Door de toenemende technische ontwikkelingen komen er meer en meer toepassingen die ingezet kunnen worden voor ondersteuning van de werkzaamheden. HHNK zet zich in om de mogelijkheden voor deze toepassingen voor de organisatie te onderzoeken. Zo zal naar verwachting in 2025 een dashboard voor gewasbeschermingsmiddelen beschikbaar komen. Hiermee kunnen actuele meetgegevens op eenvoudige wijze worden ingezien. Deze gegevens kunnen meegenomen worden in de afstemming over de waterkwaliteitsopgaven met de landbouw/agrarische sector.

 

Op dit moment zijn de provincie Noord-Holland en Informatiehuis Water (IHW) bezig met het ontwikkelen van een dashboard voor de KRW. Met een dergelijk dashboard kan in beeld worden gebracht wat in een gebied de toestand en de trend is van alle KRW-parameters en stoffen. De resultaten van de monitoring kunnen gebruikt worden binnen de werkprocessen van beleid, beheer, vergunningen, toezicht en handhaving. Het is nog niet duidelijk of in 2025 al een dashboard beschikbaar zal zijn.

 

Sinds 2024 worden aanvragen om omgevingsvergunning, informatieplichten en meldingen via het Digitaal stelsel omgevingsrecht (DSO) bij HHNK ingediend. In 2025 zal dit systeem worden uitgebreid met een (aparte) mogelijkheid om concept plannen in te dienen.

 

Overname stedelijk water

Afgelopen jaren is ingezet op het overdragen van de wegen in het beheer van HHNK naar de verschillende gemeenten. Hierbij heeft het HHNK de taak van de gemeenten overgenomen voor het uitvoeren van het reguliere onderhoud aan wateren in alle stedelijke gebieden. Met de gemeenten waarvan dit onderhoud eind 2024 nog niet is overgenomen zijn afspraken gemaakt over het traject en moment van overname van het onderhoud. Overname van het onderhoud betekent dat er meer zicht is op het voldoen van deze wateren aan de onderhoudsverplichting.

 

Kwaliteitsdoelen

Om inzicht te krijgen of de kwaliteit van de VTH-organisatie, producten en werkwijze voldoet aan de daaraan te stellen eisen heeft in 2024 een toetsing plaatsgevonden aan de kwaliteitscriteria set zoals vastgelegd in het document "Samen sterk als Waterbeheerders!". Uit deze toetsing is onder andere naar voren gekomen dat HHNK nog niet beschikt over een integrale systematiek voor de kwaliteitszorg. Incidenteel worden kwaliteitstoetsen op sommige aspecten uitgevoerd. Er zijn echter geen eenduidige werkwijzen of toetsingskaders vastgelegd of afgesproken binnen de VTH-organisatie om de integrale kwaliteit te beoordelen. Ook is niet vastgelegd welk kwaliteitsniveau wordt nagestreefd. In 2025 zal deze systematiek worden vastgelegd en vervolgens worden toegepast.

 

Ontwikkelingen organisatie

In 2024 is een project gestart om toezicht en handhaving binnen HHNK effectiever in te richten. Met name het toezicht is verdeeld over verschillende afdelingen in de organisatie. Het project is erop gericht de taakverdeling te verduidelijken en de processen en werkwijzen te uniformiseren. Hiermee wordt de kwaliteit en de effectiviteit van het toezicht en de handhaving verhoogd.

4 Advies en preventie

HHNK zet zich in om door middel van informeren en adviseren begrip te creëren bij ingelanden, bedrijven en andere overheden omtrent hetgeen HHNK met de uitvoering van haar taken wil bereiken. De gedachte hierachter is dat door het vergroten van het bewustzijn begrip kan ontstaan voor het feit dat wanneer men activiteiten uitvoert waterbelangen hierbij een rol kunnen spelen en dat het belangrijk is met deze belangen rekening te houden. Ook is het informeren en adviseren gericht op het vergroten van het bewustzijn dat, om het waterbelang te beschermen, bepaalde regels gelden en dat het naleven van deze regels in het belang van eenieder is.

 

Door het vergroten van het bewustzijn beoogt HHNK het contentieus omgaan met het waterbelang bij ontwikkelingen en activiteiten en spontane naleving van wet- en regelgeving.

 

In 2025 zal met name worden ingezet op:

  • het aansluiten bij en organiseren van bijeenkomsten in het kader van toezicht;

  • Het betrekken van brancheorganisaties bij de voorbereiding van projectmatig toezicht;

  • het geven van voorlichting en het verstrekken van informatie tijdens toezichtmomenten;

  • het verstrekken van informatie op de website van HHNK over het geplande projectmatige toezicht;

  • het actief informeren over de regels bij overtredingen die vaak geconstateerd worden zoals het aanleggen van verhard oppervlak en het maken van greppels op agrarische percelen behoeve van een versnelde afvoer van hemelwater, en

  • het verduidelijken van de informatie op de website van HHNK over de producten van het cluster vergunningen en de activiteiten die gereguleerd zijn in de Waterschapsverordening.

Opgemerkt moet worden dat niet ieder toezichtmoment zich leent voor het inzetten van dit instrument. Niet altijd is een eigenaar van het perceel aanwezig ten tijde van het toezicht, is de eigenaar bekend of staat deze niet open voor het ontvangen van informatie.

5 Vergunningen

5.1 Algemeen

HHNK zet zich middels het instrument vergunningen in op het voorkomen van negatieve effecten van handelingen en activiteiten op watersystemen, waterkwaliteit en waterkeringen en bijbehorende beperkingen gebieden. Daarnaast wordt ingezet op het klimaatbestendig en waterrobuust inrichten van het beheergebied mede door mee te werken en bij te dragen aan water-inclusieve ruimtelijke ontwikkelingen. Verder is het uitgangspunt dat de dienstverlening en de producten die geleverd worden van voldoende kwaliteit zijn. Deze producten bestaan niet alleen uit omgevingsvergunningen maar ook maatwerk-voorschriften, het afdoen van meldingen, informatieplichten, adviesaanvragen, etc.

 

5.2 Verwachting aantal producten 2025

Het aantal producten dat in 2025 voor het instrument vergunningverlening zal worden geproduceerd is met name afhankelijk van het aantal aanvragen en verzoeken dat zal worden ingediend. De getallen in tabel 1 zijn daarom een inschatting op basis van voorgaande jaren. Daarbij moet worden opgemerkt dat pas één jaar is verstreken na de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de data daarmee beperkt is. In het overzicht zijn de vooroverleggen die gevoerd worden door taak afdelingen niet meegenomen. In de geraamde aantallen is een zo goed mogelijke inschatting gemaakt van het effect van de in hoofdstuk 3 beschreven ontwikkelingen en aandachtspunten. Verwacht wordt dat de meeste aanvragen om omgevingsvergunning in 2025 via de reguliere vergunningenprocedure kunnen worden afgerond. De prognose is dat zes aanvragen de uitgebreide procedure dienen te doorlopen.

 

Door de aanvragen en verzoeken aan de wet- en regelgeving te toetsen en hieraan, indien van toepassing, voorwaarden te verbinden worden negatieve gevolgen van de activiteiten en werkzaamheden op waterbelangen voorkomen. Door het mogelijk maken van vooroverleg kan voorgaand aan de aanvraag om omgevingsvergunning het waterbelang al geborgd worden of kunnen water-inclusieve ruimtelijke ontwikkelingen gestimuleerd worden.

 

Product

vergunningen

informatieplichten

verzoek vooroverleg

200

-

aanvraag totaal

1600

2.250

maatwerkvoorschrift (losse aanvraag)

15

-

gelijkwaardige voorziening (losse aanvraag)

1

-

aandachtgebied bodem

25

71

aandachtgebied grondwater

65

400

aandachtsgebied bagger

-

12

aandachtgebied oppervlaktewater

778

1300

aandachtgebied riolering

20

159

aandachtgebied primaire waterkeringen

258

85

aandachtgebied secundaire waterkeringen

804

220

aandachtsgebied vaarwegen

5

3

Meldingen Besluit activiteiten leefomgeving

3

-

Moor-melding

3400

-

Adviesverzoek andere overheden

875

-

Tabel 1: verwachte aantallen aanvragen en verzoeken. Opgemerkt wordt dat het totaal aantal verwachte aanvragen om omgevingsvergunning afwijkt van het totaal aantal aanvragen per aandachtgebied aangezien sommige aanvragen op meerdere aandachtsgebieden betrekking zullen hebben.

 

5.3 Aandachtspunten

Naast het afhandelen van de ingekomen aanvragen en verzoeken wordt in 2025 aan de volgende punten aandacht besteed. De eerste vier punten hebben mede tot doel de kwaliteit van dienstverlening en te leveren producten te bevorderen.

 

Actualiseren Kennisbank

In de kennisbank wordt informatie verzameld die een bijdrage kan leveren aan een juiste en uniforme afhandeling van de verschillende producten. Daarnaast vormt de kennisbank een hulpmiddel voor nieuwe medewerkers. De actualisatie van deze kennisbank zal in 2025 worden afgerond worden zodat deze aansluit op nieuwe werkwijzen en wet- regelgeving. De informatie in de kennisbank zal vervolgens actueel worden gehouden.

 

Kwaliteitsbevordering

In 2025 zal aandacht worden besteed aan het bevorderen van de kwaliteit van de producten. Beoogd wordt deze kwaliteit te verbeteren door te in te zetten op het voldoen aan de systematiek voor kwaliteitszorg wanneer deze voltooid is (zie hoofdstuk 9), het organiseren van themasessies en het gebruik maken van de aanwezige kennis van collega's. Daarnaast zal worden ingezet op het realiseren van een opleidingsplan om te borgen dat de medewerkers voldoende kennis verkrijgen om hun taken uit te kunnen voeren met de gewenste kwaliteit.

 

Versterken samenwerking andere afdelingen

Binnen HHNK is het proces van vergunningverlening afhankelijk van de advisering en andere input vanuit andere afdelingen/clusters. Andersom bestaat ook behoefte aan informatie bij andere afdelingen/clusters omtrent ingekomen aanvragen en verzoeken. In 2025 zal worden ingezet om inzicht te verkrijgen in de wederzijdse behoefte aan informatie/advisering en zover mogelijk tot een afstemming te komen hoe de informatie-uitwisseling en advisering te borgen. In 2025 wordt deze afstemming in ieder geval geborgd met het cluster Juridische zaken en Grondzaken van de afdeling VHIJG. Het gaat daarbij om een afstemming met betrekking tot aanvragen/verzoeken die grond in eigendom van HHNK raken.

 

Versterken samenwerking Rijkswaterstaat

Voor het plaatsen, behouden en weghalen van bouwwerken op het strand kan, op grond van de Waterschapschapsverordening, een omgevingsvergunning nodig zijn. HHNK vraagt, bij de behandeling van een dergelijke aanvraag om omgevingsvergunning, advies aan Rijkswaterstaat (RWS). Zij zijn namelijk het bevoegde gezag van de kuststrook. In het verleden vond regelmatig overleg plaats met RWS waarbij deze aanvragen werden afgestemd. De afgelopen jaren is dit overleg echter op een laag pitje komen te staan waardoor de afhandeling van de vergunningaanvragen stroever is gaan verlopen. In 2025 wil HHNK de samenwerking met RWS m.b.t. vergunningverlening weer versterken door aan te sluiten bij een reeds bestaand overleg met RWS vanuit afdeling Waterveiligheid. Hiermee wordt beoogd de aanvragen om omgevingsvergunning die toezien op plaatsen, behouden en weghalen van bouwwerken op het strand meer effectief en sneller af te handelen.

 

Inregeling Coördinatieregeling

Bij de behandeling van samenhangende besluiten kan de coördinatieregeling van toepassing zijn. Hiermee wordt geregeld dat deze besluiten één uniforme procedure voeren voor voorbereiding, totstandkoming en rechtsbescherming (bezwaar en beroep). Bevoegde gezagsorganen kunnen zelf besluiten de regeling toe te passen, maar de Omgevingswet bevat tevens de verplichting deze regeling toe te passen. Dit is onder andere het geval wanneer aanvragen om omgevings-vergunning voor een wateractiviteit gelijktijdig met een andere activiteit is ingediend en voor besluiten ter uitvoering van projectbesluiten met betrekking tot primaire waterkeringen. In 2025 zal HHNK deze coördinatieregeling vastleggen in de werkprocessen.

 

Bijdrage aan het KRW-impulsprogramma

In 2025 zal vanuit het oogpunt tot het behalen van de KRW-doelen een kader worden ontwikkeld voor het toetsen van vergunningen, plannen en projecten in het kader van de KRW. Daarnaast wordt gewerkt aan maatwerkregels en -voorschriften voor de rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi's) Dit toetsingskader zal uiteindelijk verwerkt worden in de Waterschapsverordening en de Richtlijn vergunningverlening waarna deze toegepast kan worden. Tot die tijd zal vanuit de taakafdelingen input gevraagd worden om deze wet- en regelgeving zo veel mogelijk af te stemmen en te optimaliseren. De aanscherping van de wet- en regelgeving, zoals een bodememissietoets vraagt om extra opleidingen voor de medewerkers en aanpassing van formats waarmee gewerkt wordt. In 2025 dienen alle adviseurs vergunningen en vergunningverleners de genoemde opleiding te hebben afgerond en zijn de werkformats aangepast.

 

In 2025 worden 80 lozingsvergunningen geactualiseerd zodat zij voldoen aan de best beschikbare technieken (BBT) en de milieuwetgeving. Daarnaast wordt geborgd dat de geactualiseerde vergunningen worden verleend voor een bepaalde tijd in plaats van onbepaalde tijd. Met dit aandachtspunt wordt ingezet op de beleidsdoelen met betrekking tot waterkwaliteit.

6 Toezicht

Het toezicht binnen HHNK is gericht op het voorkomen, beëindigen en, indien mogelijk, laten herstellen van de gevolgen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief gevolg hebben op de watersystemen, waterkwaliteit en waterkeringen in het beheergebied. Door hierop in te zetten wordt een bijdrage geleverd aan de beleidsdoelen uit het VTH-beleidsplan 2025-2029. In dit uitvoeringsprogramma zal per wettelijke taak (waterkwaliteit, waterkwantiteit, waterveiligheid en vaarwegen) aan worden gegeven hoe vorm wordt gegeven aan dit toezicht, welke werkzaamheden en activiteiten dit jaar zullen worden uitgevoerd en de bijdrage die daardoor aan de beleidsdoelen wordt geleverd.

 

6.1 Toezicht op waterkwaliteit

6.1.1 Algemeen

Het jaar 2027 komt steeds dichterbij. In dit jaar zal de waterkwaliteit in Nederland moeten voldoen aan de doelstellingen die gesteld zijn in de KRW. Daarnaast is een goede chemische en ecologische waterkwaliteit belangrijk voor zowel de natuur als de gezondheid van mensen. De kwaliteit van ons oppervlakte- en grondwater is en blijft daarmee een actueel thema. Door activiteiten en werkzaamheden kunnen echter stoffen in het water terecht komen die een negatief effect hebben op de waterkwaliteit. Het toezicht op waterkwaliteit wordt binnen HHNK uitgevoerd door de (senior) milieu inspecteurs (adviseurs handhaving) van cluster Handhaving van de afdeling VHIJG. Naast deze taak houden zij zich ook bezig met zowel strafrechtelijke als bestuursrechtelijke handhaving (zie hoofdstuk 7). Daarnaast voeren de gebiedsbeheerders van cluster Gebiedsbeheer (afdeling Waterveiligheid) signaaltoezicht uit op het effect waterkwaliteit. Het toezicht is met name gericht op de fysisch-chemische waterkwaliteit. De ecologische waterkwaliteit wordt meegenomen voor zover deze verband houdt met de geconstateerde overtredingen op grond van de fysisch-chemische kwaliteit.

 

Daarnaast draagt HHNK zorg voor het grondwater. Ook voor activiteiten/werkzaamheden die invloed kunnen hebben op het grondwater kan regelgeving gelden. Door te voldoen aan de regelgeving wordt het waterbelang voldoende gewaarborgd bij activiteiten/ werkzaamheden. HHNK houdt daarom toezicht op deze regelgeving. Aangezien grondwateronttrekkingen betrekking hebben op het onttrekken van grondwater en over het algemeen gepaard gaan met het lozen van water valt het toezicht hierop zowel onder waterkwantiteit (zie paragraaf 6.2) als waterkwaliteit.

6.1.2 Activiteiten en werkzaamheden

In deze paragraaf wordt aangegeven hoe de beschikbare capaciteit dit jaar zal worden verdeeld. Voor het effect waterkwaliteit zijn met name kwantitatieve doelen gesteld. De ervaring leert namelijk dat het lastig is om de toestand van een watersysteem te koppelen aan de controle van één of meerdere sectoren. Daardoor is het moeilijk om het effect van het toezicht te meten of conclusies te trekken. Waterverontreiniging kan verschillende oorzaken of bronnen hebben waardoor mogelijk de aanpak van één bron weinig verschil in de gemeten waarden zal laten zien. Uitgangspunt van alle werkzaamheden en activiteiten is het bijdragen aan het voorkomen, beëindigen en, indien mogelijk, laten herstellen van de gevolgen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief gevolg hebben op de waterkwaliteit. Dit houdt tevens in dat het toezicht een bijdrage levert aan de beleidsdoelen uit het VTH-beleidsplan 2025-2029; water met een goede chemische en ecologische waterkwaliteit en het leveren van een zo groot mogelijke bijdrage aan de KRW-doelen.

 

HHNK is voornemens om in 2025 de volgende activiteiten/ werkzaamheden in het kader van toezicht op waterkwaliteit uit te voeren.

 

Toezicht op vergunningen

Het toezicht op vergunningen in het kader van de waterkwaliteit bestaat uit inspecties bij bedrijven die beschikken over een omgevingsvergunning die het mogelijk maakt te lozen op oppervlaktewater. Het toezicht hierop wordt met name uitgevoerd in projecten/thema's. Verderop in deze paragraaf worden deze projecten/thema's toegelicht.

 

Calamiteiten, meldingen/klachten en verzoeken om handhaving

Zoals aangegeven in het VTH-beleidsplan 2025-2029 geeft HHNK de hoogste prioriteit bij toezicht aan incidenten en calamiteiten waarbij veiligheid in het geding komt. Het kan bijvoorbeeld gaan om incidenten waarbij de waterkwaliteit ernstig wordt aangetast zoals bij lozingen van verontreinigde stoffen. Dit toezicht is met name gericht op het beëindigen van de situatie die de waterkwaliteit aantast. Toezicht naar aanleiding van meldingen, klachten en verzoeken om handhaving heeft vervolgens de hoogste prioriteit. Dit toezicht heeft, naast het eerder genoemde doel, een dienstverlenende functie. Hierbij wordt de inbreng van de ingelanden gezien als een uitbreiding van het eigen signaal toezicht. Voor 2025 is, op grond van data uit voorgaande jaren, een urenplanning van 2.500 uur voor deze taken beoogd. Aangezien het toezicht afhankelijk is van inkomende signalen kan het aantal uren aan verandering onderhevig zijn. Gezien het feit dat het om de hoogste prioriteiten gaat zal een eventuele uitbreiding van uren ten kosten gaan van andere activiteiten.

 

Actief toezicht

Actief toezicht met betrekking tot overtredingen die gevolgen kunnen hebben voor de waterkwaliteit wordt over het algemeen uitgevoerd middels projectmatige controles op milieubelastende- en lozingsactiviteiten. De projectmatige controles bestaan met name uit aspect controles die zijn gericht op een bepaalde milieubelastende activiteit. De prioritering is daarbij gebaseerd op de risicoanalyse waterkwaliteit zoals opgenomen in het VTH-beleidsplan. De geplande projectmatige controles zijn onder het kopje projectmatig/thematisch toezicht opgenomen.

 

Tevens zal, op basis van de seizoensgebonden risico's, toezicht plaatsvinden tijdens de periode van het uitrijden van mest (maart), het spoelen van bloembollen (juli), en het ontsmetten van bloembollen en spoelen van lelies (oktober-november). Mocht in de zomermaanden de temperatuur van het oppervlaktewater oplopen dan zal risicogericht toezicht plaatsvinden bij bedrijven die koelwater lozen. Bij een eventueel inlaatverbod in deze maanden dat vanuit Rijkswaterstaat wordt uitgevaardigd en waarbij geen water uit het IJsselmeer en Markermeer mag worden ingelaten, zal toezicht ingezet worden aan de hand van het Uitvoeringsplan toezicht en handhaving onttrekkingsverbod.

 

Naast de projectmatige controles wordt er tevens signaaltoezicht gehouden mede door de toezichthouders van andere afdelingen. Voor 2025 is de verwachting dat vanuit het signaaltoezicht vanuit andere afdelingen 50 mogelijke overtredingen ter afhandeling worden aangeboden.

 

projectmatig/thematisch toezicht

Voor 2025 staat het volgende projectmatig/thematisch toezicht gepland. Daarbij zijn de eerste zes projecten/thema's gericht op de agrarische sector en vallen de andere zeven in de categorie "overig".

 

  • Veehouderijbedrijven

Vanwege het relatief grote aantal nieuwe medewerkers bij de milieu-inspecteurs is ervoor gekozen, in het kader van het opleiden van deze medewerkers, inspecties in te plannen bij veehouderijbedrijven. Controles bij deze bedrijven zijn relatief eenvoudig en overzichtelijk en vinden met name plaats buiten op het erf. Hierdoor zijn ze geschikt om ervaring op te doen in het toezicht op de waterkwaliteit.

 

De inspecties zullen met name gericht zijn op het voorkomen en (indien van toepassing) beëindigen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief gevolg hebben op de waterkwaliteit ten gevolge van nutriënten (mest en voedingsstoffen uit het voer) die vanaf het erf in het oppervlaktewater terecht komen. Totaal zijn er 1.680 veehouderij-bedrijven in het beheergebied gevestigd. Voor 2025 staan totaal 333 inspecties bij veehouderijbedrijven gepland. De nieuwe medewerkers zullen ieder 50 van deze inspecties uitvoeren waarbij zij de eerste maanden ondersteund worden door een ervaren milieu-inspecteur. Door middel van de inspecties krijgen de bedrijven tevens inzicht in de maatregelen die zij nog dienen te nemen om tot een emissieloos erf te komen in 2027.

 

 

  • Agrarisch loonwerkbedrijven

Inspecties bij loonwerkbedrijven zijn gericht op bedrijven met een omgevingsvergunning voor het lozen van afvalwater op oppervlaktewater via een olieafscheider. Loonwerkbedrijven hebben over het algemeen een olieafscheider nabij de wasplaats van het bedrijf. Vaak is hier ook de tankplaats gesitueerd. Deze bedrijven werken dikwijls met chemische bestrijdingsmiddelen die de olieafscheider niet kan filteren, waardoor deze in het oppervlaktewater terecht kunnen komen. De machines en voertuigen die daarvoor gebruikt worden, mogen daarom niet worden schoongemaakt op de wasplaats. De inspectie is daarom met name gericht op het controleren of de correcte werkprocessen worden aangehouden en of de olieafscheider deugdelijk wordt onderhouden.

 

Bij de inspectie wordt verder bekeken of er mogelijk andere stoffen op het erf (bijvoorbeeld mest) via de hemelwaterputten het schone hemelwater vervuilen. Bij compost of afvalhopen wordt gecontroleerd of het eventuele water dat zich hieromheen verzameld heeft tijdens regenval niet het oppervlaktewater kan instromen (al dan niet door het graven van greppels). Bij een nevenactiviteit in de vorm van een camping/groepsaccommodatie wordt gekeken of de wijze van afvoer van het afvalwater voldoet aan de regelgeving.

 

In 2024 zijn 31 van de 74 agrarische loonwerkbedrijven in het beheergebied bezocht. Het betrof de bedrijven die in bezit zijn van de eerder genoemde omgevingsvergunning. In 2025 zullen de daaruit voorgekomen acties naar aanleiding van geconstateerde overtredingen worden afgerond. Voor 28 bedrijven van de bezochte bedrijven zal worden onderzocht of een actualisatie van de vergunning nodig is middels maatwerkvoorschriften. Deze bedrijven zullen, na actualisatie van de vergunning, weer geïnspecteerd worden.

 

  • Glastuinbouwbedrijven

Sinds 2018 geldt voor glastuinbouwbedrijven een zuiveringsplicht voor nutriënten en gewasbeschermingsmiddelen. Dit betekent dat drainwater, drainagewater en spoelwater van filters van een waterdoserings-installatie dat gewasbeschermingsmiddelen bevat, voorafgaand aan het lozen op het oppervlaktewater, riool en bodem gezuiverd moet worden. Bij het zuiveren dient ten minste 95% van de werkzame stoffen verwijderd te worden. Het bedrijf kan er ook voor kiezen de meest belangrijke waterstromen te hergebruiken (de zogenaamde "nullozers").

 

Glastuinbouwbedrijven zijn jaarlijks verplicht om gegevens te rapporteren die betrekking hebben op het toepassen en lozen van nutriënten. In Nederland is afgesproken dat gedurende een periode van vijf jaar de omgevingsdiensten en Waterschappen elk 10% van de deze rapportages controleren. Op deze wijze zijn na deze periode alle bedrijven gecontroleerd. In 2025 zal HHNK bij 29 bedrijven de rapportages van glastuinbouwbedrijven controleren. Twee omgevingsdiensten controleren de andere 29 bedrijven (in het gebied van derde omgevingsdienst zijn reeds alle bedrijven gecontroleerd). Bij deze controle wordt direct meegenomen of gewasbeschermingsmiddelen kunnen worden geloosd. Door het monitoren van deze gegevens en de inspecties kan inzicht worden verkregen in de bron van mogelijke (on)bewuste lozingen.

 

 

  • Bloembollenbedrijven

Met de jaarlijkse controle op bloembollenbedrijven wil HHNK de toezichtsdruk op deze bedrijven continueren. Door het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen langs de watergang en eventuele resten van deze middelen op het erf, kan direct of door afspoeling het oppervlaktewater vervuild worden. Daarnaast bevatten het afvalwater en slib dat ontstaat na het spoelen van de bollen, resten van chemische gewasbeschermingsmiddelen. Van het afvalwater mag alleen het naspoelwater onder voorwaarden worden geloosd. Dit bij voorkeur door verspreiding over de landbouwgronden. Goed nalevingsgedrag van deze bedrijfstak is essentieel voor het behalen van de doelen van de KRW.

 

In 2025 zullen 150 van de totaal 536 bloembollenbedrijven in het beheergebied worden geïnspecteerd. Hierbij wordt gecontroleerd op de juiste (zuivering)technische voorzieningen, de juiste toepassing van gewasbeschermingsmiddelen en biociden en de wijze waarop landbouwmachines worden gereinigd. HHNK stemt hierbij af met de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit (NVWA) en brancheorganisaties zoals de KAVB. Daarnaast wordt ingezet op het geven van voorlichting op bijeenkomsten/voorlichtingsavonden.

 

 

  • Tulpenbroeiers

Tulpenbroeiers kweken tulpen in een kas door deze te "broeien" waardoor de bollen eerder tot bloei komen. Het broeien gebeurt over het algemeen op water. De bollen die gebroeid worden, bevatten echter gewasbeschermingsmiddelen die in het broeiwater terecht komen. Om te voorkomen dat deze middelen in het oppervlaktewater terecht komen is het niet toegestaan het broeiwater te lozen. In 2025 zal bij 40 tulpenbroeiers een controle worden gehouden die gericht is op de juiste afvoer van het broeiwater.

 

  • Teeltvrije zone/mestvrije zone

De teeltvrije zone bij bloembollen- en akkerbouwbedrijven is bedoeld om de drift van gewasbeschermingsmiddelen naar de sloot zoveel mogelijk te beperken. Daarnaast zorgt de zone ervoor dat er minder uit- en afspoeling naar de sloot plaatsvindt. De teeltvrije zone mag niet worden bemest waarmee voorkomen wordt dat sloten worden mee bemest. HHNK wil in 2025 150 bloembollenteelt- en akkerbouwbedrijven controleren op het juist gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen binnen de teeltvrije/mestvrije zone.

 

  • Industrie & bedrijven

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is het toezicht op bedrijven gewijzigd van toezicht op verschillende type inrichtingen (A,B,C) naar toezicht op milieubelastende activiteiten, lozingsactiviteiten en wateractiviteiten. Het toezicht op de bedrijven in het beheergebied wordt geprioriteerd op basis van de impact van een mogelijke overtreding van de regelgeving met betrekking tot een milieubelastende activiteit. Hiervoor vormt de risicoanalyse waterkwaliteit het uitgangspunt.

 

Uiteindelijk is het doel om alle bedrijven (130 stuks) die in het bezit zijn van een lozingsvergunning elk jaar een inspectie uit te voeren en te bemonsteren of de toegezonden analyseresultaten te beoordelen. Voor een deel van de 130 vergunningen dient echter nog onderzocht te worden of de activiteiten die daarmee vergund zijn onder de algemene regels van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) vallen of dat hiervoor een maatwerkvoorschrift moet worden verleend. Deze beoordeling zal in 2025 plaats vinden. De vergunningen die niet voldoen aan de wettelijke voorschriften dienen geactualiseerd te worden (zie hoofdstuk 5 "vergunningen").

 

Vanwege de instroom van relatief veel nieuwe milieu inspecteurs is voor 2025 de inspectie van minimaal 30 bedrijven beoogd. Naar verwachting is vanaf 2026 weer voldoende capaciteit beschikbaar om het uiteindelijke doel (jaarlijkse inspectie/bemonstering of beoordeling toegezonden analyseresultaten van de overige bedrijven) te behalen. Het toezicht is gericht op het voldoen aan de voorwaarden in de vergunning, het (mede)beoordelen of de vergunningsvoorwaarden bijdragen aan een goede kwaliteit van het oppervlaktewater en beoordelen of de lozingen van verontreinigende stoffen tot een minimum worden beperkt.

Voor de bedrijven in het beheergebied die onder de Seveso richtlijn vallen, is de inspectie bevoegdheid en advisering sinds 2015 ondergebracht bij Stichting Waternet. Zij voeren jaarlijks een controle uit op twee tot drie bedrijven. HHNK wil in 2025 meer inzicht verkrijgen op de wijze waarop deze controles worden uitgevoerd en de resultaten daarvan.

 

  • RWZI'S

In het beheergebied van HHNK zijn totaal 15 rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi's) die het rioolwater zo schoon maken dat het de natuur in kan. Wanneer het zuiveringsproces (mogelijk) niet optimaal verloopt, wordt door medewerkers van de rwzi's melding gedaan, waarna de toezichthouders een controle uitvoeren. Op basis van ervaringen uit voorgaande jaren wordt verwacht dat in 2025 naar aanleiding van totaal 30 systeemmeldingen een controle dient te worden gehouden.

 

Jaarlijks voert HHNK inspecties uit bij vier rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi's) van het Wetterskip Fryslân en vice versa. Op deze wijze wordt een onafhankelijk oordeel over de werking van deze installaties gevormd. Ook voor 2025 zijn vier inspecties ingepland in het beheergebied van Wetterskip Fryslân.

 

Drie van de rwzi's lozen op rijkswater waardoor Rijkswaterstaat het bevoegde gezag om controles uit te voeren. De overige acht rwzi's worden in 2025 gecontroleerd op het voldoen aan de (vergunning)voorschriften waarbij de nadruk ligt op de controle emissiegrenswaarden: BZV, CZV en onopgeloste stoffen uit paragraaf 4.49 Besluit activiteiten leefomgeving (BAL). Voor de rwzi's die als IPPC-installatie zijn aan te merken omdat daar afvalslib en/of afvalwater wordt verwerkt dat is aangevoerd via vrachtwagen of tankauto, wordt gecontroleerd op de voorschriften in de Omgevingsvergunning.

 

Tot slot wil cluster Handhaving in 2025 met afdeling Waterketen in gesprek in het kader van de voorbereiding op de landelijke uitwerking en toepassing van de herziening Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater en de gevolgen daarvan voor het toezicht op de rwzi's.

 

 

  • Vergisters

In het beheergebied zijn vier vergisters operationeel. In principe zijn de omgevingsdiensten belast met het toezicht op deze installaties aangezien er vanuit de vergisters niet geloosd mag worden op het oppervlaktewater en er derhalve geen waterbelang is waarop HHNK dient toe te zien. Aangezien de opslag van de vergiste producten en vergiste mest in deze installaties een ernstig effect kan hebben op de waterkwaliteit, zal HHNK in 2025 bij minimaal de helft van deze installaties een inspectie uitvoeren. Deze inspecties zijn gericht op het controleren of er mogelijk toch geloosd wordt.

 

  • Baggerdepots

HHNK beschikt over 21 eigen baggerdepots in het beheergebied. In 2025 zullen al deze depots gecontroleerd worden. De controle is gericht op de kwaliteit van het vrijkomende water en de aanwezigheid van verontreinigende stoffen in de bagger.

 

  • Microverontreinigingen/zeer zorgwekkende stoffen (ZZS)

Microverontreinigingen in het water beïnvloeden de waterkwaliteit, het aquatisch milieu en het behalen van de KRW-doelen. Het betreft stoffen zoals zware metalen (zink), plastics en medicijnresten. Sinds 1 mei 2024 wordt bij de proefzuivering in Wervershoof per uur 700 m3 uitstomend water (effluent) afkomstig uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie behandeld door middel van oxidatie met ozon. Door deze behandeling vindt met een hoog rendement omzetting plaats van organische microverontreinigingen. Tijdens het proces kan ook bromaat worden gevormd. Bromaat is aangemerkt als een zeer zorgwekkende stof waarvoor strenge regels gelden. Voor het lozen van het effluent afkomstig uit de proefinstallatie is een maatwerkvoorschrift verleend voor een periode drie jaar. Voor 2025 is 40 uur begroot voor het uitvoeren van controles om te beoordelen of de proefinstallatie voldoet aan de voorwaarden van het maatwerkvoorschrift.

 

  • Grondwaterontrekkingen >15.000 m3/maand

HHNK wil in 2025 controles uitvoeren op 25 vergunningen die verleend zijn voor het onttrekken van meer dan 15.000 m3/maand aan grondwater. Het gaat daarbij om bedrijfsmatige onttrekkingen. Deze onttrekkingen vinden vaak plaats in de zandige kustgebieden en kunnen grote risico's met zich mee brengen wanneer ze niet conform vergunningsvoorwaarden worden uitgevoerd. Te denken valt aan verzakkingen van huizen en het afsterven van bomen en gewassen. Naast het onttrekken van het grondwater wordt dit water na gebruik geloosd op de bodem of het oppervlaktewater. Dit moet conform de voorwaarden in de vergunning plaatsvinden. Het toezicht is gericht op de naleving van deze voorwaarden.

 

  • Hercontrole aansluiting woonboten

In 2024 is in de regio Alkmaar gecontroleerd of de woonboten die daar een ligplaats hebben aangesloten zijn op de riolering. In 65 gevallen was dat niet het geval. In 2025 zal gecontroleerd worden of de geconstateerde overtredingen zijn opgeheven.

 

  • antifouling

De regelgeving voor het gebruik van antifouling (anti-aangroeiverf) voor schepen is de afgelopen jaren aangescherpt vanwege de biociden die in deze verf wordt gebruikt. Deze kunnen belastend zijn voor de waterkwaliteit waardoor maar slechts een paar antifouling producten in Nederland mogen worden gebruikt. HHNK wil in 2025 inzetten op voorlichting over het gebruik van antifouling door deel te nemen aan de HISWA. Daarnaast zullen vijf jachthavens bezocht worden om voorlichting te geven en te controleren op het juiste gebruik van antifouling.

 

Tot slot zet HHNK zich in 2025 in om ervoor te zorgen dat de dossiers van toezicht gekoppeld zijn aan de vergunning waarop het toezicht betrekking heeft. Deze activiteit is als maatregel in het KRW-impulsprogramma opgenomen. In navolging van 2024 zal dit in 2025 als aandachtspunt worden opgepakt en geborgd worden in de werkprocessen.

6.1.3 Samenwerking en onvoorzien

Totaal is voor 2025 10% van de werkbare uren gereserveerd voor samenwerking in het toezicht met andere handhavingspartners zoals Nederlandse voedsel en warenautoriteit (NVWA), milieupolitie en omgevingsdiensten. De gedachte hierachter is dat door samenwerken zo effectief mogelijk uitvoering kan worden gegeven aan de gezamenlijke opgave tot het behalen van de waterkwaliteits- en KRW-doelen. Binnen deze uren vallen ook de advisering en bijdrage van de toezichthouders HHNK aan het programma Indirecte Lozingen van de drie omgevingsdiensten in het beheergebied.

 

Daarnaast wil HHNK enige flexibiliteit hebben om qua toezicht in te kunnen spelen op onvoorziene zaken, omstandigheden of bestuurlijke inzichten. Ook hiervoor wordt 10% van de werkbare uren gereserveerd. Op deze wijze kunnen deze zaken geen afbreuk doen op de geplande werkzaamheden en activiteiten.

 

6.2 Toezicht op waterkwantiteit

6.2.1 Algemeen

Om voldoende aan- en afvoer van water te garanderen moet HHNK zorgdragen voor een watersysteem dat functioneel en goed in balans is. HHNK doet dit deels door de watergangen en alle bijbehorende kunstwerken goed te onderhouden en te beheren. Het watersysteem is echter continu onderhevig aan veranderingen. Deze veranderingen worden door HHNK zelf uitgevoerd, maar ook derden maken gebruik van het watersysteem of willen hierin of in de nabijheid daarvan veranderingen aanbrengen. Afhankelijk van de activiteiten of werkzaamheden kan hiervoor een vergunning of informatieplicht nodig zijn of gelden algemene regels. Zoals in paragraaf 6.1 is aangegeven houdt HHNK ook toezicht op de regelgeving met betrekking tot grondwater.

 

Het VTH-toezicht op waterkwantiteit wordt met name uitgevoerd door de toezichthouders van cluster Gebiedsbeheer en wordt naast andere werkzaamheden uitgevoerd. Het VTH-toezicht is vooral gericht op de controle van de vergunningen die op basis van de Waterschaps-verordening Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (de Waterschapsverordening) zijn verleend. Daarnaast voeren zij een signaalfunctie uit op overtredingen op basis van de Waterschaps-verordening en de Onderhoudsverordening Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. De peilbeheerders van cluster Peilbeheer en gemalen voeren ook deels toezicht uit op waterkwantiteit en ondersteunen de gebiedsbeheerders hierin. Tot slot worden jaarlijks 88 tijdelijke schouwmeesters aangesteld ten behoeve van de najaars schouw.

 

6.2.2 Activiteiten en werkzaamheden

Het uitgangspunt van alle werkzaamheden en activiteiten die in het kader van toezicht worden uitgevoerd op het effect waterkwantiteit is dat deze bijdragen aan het voorkomen, beëindigen en, indien mogelijk, laten herstellen van de gevolgen van activiteiten en handelingen die een negatief gevolg hebben gehad op de watersystemen. Dit houdt tevens in dat het toezicht een bijdrage levert aan de beleidsdoelen uit het VTH-beleidsplan 2025-2029; niet te veel en niet te weinig water in normale en extreme weersomstandigheden.

 

HHNK is voornemens om in 2025 de volgende activiteiten/ werkzaamheden in het kader van toezicht op het effect waterkwantiteit uit te voeren.

 

Toezicht op vergunningen/ informatieplichten met een geo -component

Voor 2025 is het doel minstens 80% van de omgevingsvergunningen die worden uitgevoerd in 2025 te controleren. Het gaat daarbij om vergunningen die verleend worden op grond van de Waterschapsverordening en betrekking hebben op waterkwantiteit. Het toezicht is gericht op het beoordelen of de activiteiten/handelingen worden uitgevoerd conform de vergunning(voorschriften). Daarnaast wordt bij tenminste 95% van de informatieplichten met geo-component gecontroleerd of deze is uitgevoerd. Het betreft informatieplichten met betrekking tot het plaatsen, verwijderen of verbreden van een dam/duiker, het (ver) plaatsen van een brug, het dempen, graven of verplaatsen van een sloot, het aanleggen van natuurvriendelijke oevers en het realiseren van peilafwijkingen. De controle op deze informatieplichten is in de eerste plaats gericht op het actueel houden van de informatie in de Legger Wateren. Bij constatering van een evidente overtreding wordt vanuit de reguliere bewakende en controlerende taak het toezichttraject gestart.

 

Calamiteiten, meldingen/klachten en verzoeken om handhaving

De hoogste prioriteit van het toezicht ligt bij incidenten en calamiteiten waarbij veiligheid in het geding komt. Dit toezicht is met name gericht op het beëindigen of beperken van de gevolgen van de situatie die de functionaliteit en/of de balans van het watersysteem aantast. Vervolgens ligt de prioriteit van het toezicht bij de afhandeling van meldingen, klachten en verzoeken om handhaving. Zoals eerder aangegeven heeft dit toezicht tevens een dienstverlenende functie. Toezicht naar aanleiding van deze groep wordt altijd opgepakt. Naar verwachting zullen in 2025 ongeveer 2.000 zaken uit deze groep behandeld worden.

 

Actief toezicht

Bij waterkwantiteit wordt in het kader van actief toezicht met name ingezet op signaaltoezicht. Dat betekent dat tijdens het uitvoeren van andere werkzaamheden overtredingen worden gesignaleerd. Daarbij wordt in principe risicogericht gewerkt. Dat betekent dat aangesloten wordt bij de prioriteiten zoals deze in de risicoanalyse waterkwantiteit uit het VTH-beleidsplan zijn opgenomen. Voor 2025 betekent dit dat met name op overtredingen op het gebied van het aanbrengen van verharding, het dempen en of wijzigen van watergangen, het bouwen van bouwwerken en het niet voldoen aan de onderhoudsverplichting signaaltoezicht zal worden gehouden. Dit kunnen overtredingen zijn waarbij men zich niet houdt aan de algemene regels, de activiteiten/werkzaamheden niet conform de aangeleverde informatie in het kader van een informatieplicht uitvoert of activiteiten/werkzaamheden uitvoert waarvoor een vergunning nodig is terwijl deze niet verleend is. HHNK is voornemens om in 2025 voor het effect waterkwantiteit 2.000 toezicht zaken aan te leveren voor verdere afhandeling of te behandelen. Daarnaast zal in 2025 vier keer een thema controle van een week worden gehouden op de onderwerpen die het hoogste scoren in de risicoanalyse waterkwantiteit. Gedurende de thema controle zijn de toezichthouders, terwijl zij hun reguliere werkzaamheden uitvoeren, extra alert op overtredingen die het desbetreffende thema raken.

 

 

Het is van belang overtredingen te beëindigen aangezien deze van invloed kunnen zijn op de waterkwantiteit in een gebied. Zo kan het illegaal aanleggen van verharding leiden tot een aantasting van het waterbergend vermogen. Het negatieve effect daarvan wordt verhoogd als geen uitvoering wordt gegeven aan de compensatieplicht waarbij nieuw waterbergend vermogen gecreëerd wordt. Het dempen/wijzigen van watergangen en het bouwen van bouwwerken in strijd met de regelgeving en het niet voldoen aan de onderhoudsverplichting kunnen onder andere invloed hebben op de doorstroming van de watergangen waardoor wateroverlast of juist een tekort aan water kan ontstaan. Tot slot geldt dat, op basis van seizoensgebonden risico's, het toezicht tijdens perioden van extreme droogte of wateroverlast gericht zal zijn op overtredingen die deze situatie niet bevorderen.

 

Eigenaren van percelen die aan een sloot grenzen kunnen de plicht hebben deze te onderhouden. Het onderhoud moet erop gericht zijn dat de sloot een vastgestelde diepte en breedte behoudt. HHNK heeft jaarlijks vier verschillende schouwmomenten waarbij gekeken wordt of aan de onderhoudsplicht is voldaan. Tijdens de najaarsschouw maakt HHNK gebruik van tijdelijke schouwmeesters die in 2025 een controle zullen uitvoeren op alle sloten waar HHNK zelf geen onderhoudsplicht heeft en die meer dan één aanliggende eigenaar (belanghebbende) hebben. Wanneer eigenaren niet aan de onderhoudsplicht voldoen, wordt door de toezichthouders van cluster Gebiedsbeheer passende actie genomen. Mocht dit niet leiden tot het gewenste resultaat dan wordt middels een last onder bestuursdwang het onderhoud door HHNK uitgevoerd waarna de kosten verhaald worden op de eigenaar. Toezicht in het kader van de schouw wordt als thema/project uitgevoerd.

 

6.3 Toezicht op waterveiligheid

6.3.1 Algemeen

Veilige waterkeringen die voldoen aan de wettelijke eisen zijn cruciaal voor het beheergebied van HHNK. Het grootste gedeelte van het beheergebied van HHNK ligt immers onder zeeniveau. De staat van de waterkeringen wordt regelmatig gecontroleerd door medewerkers van HHNK waardoor deze intact blijven. Derden willen echter regelmatig werkzaamheden of activiteiten in, op of nabij de keringen uitvoeren. Te denken valt aan kabels en leidingen van netwerkproviders of energieleveranciers. Voor veel van deze werkzaamheden is een vergunning nodig of geldt een informatieplicht of algemene regels. Het niet volgen van de regelgeving bij werkzaamheden en activiteiten kan de waterkering aantasten waardoor deze mogelijk niet goed meer berekend is op zijn taak en de veiligheid in het geding komt.

 

6.3.2 Activiteiten en werkzaamheden

Binnen HHNK wordt het toezicht op de waterkeringen uitgevoerd door toezichthouders van cluster Onderhoud van de afdeling Waterveiligheid. Binnen het beheergebied is een onderverdeling gemaakt in vier gebieden waarbinnen één toezichthouder actief is. De toezichthouders houden zich naast het VTH-toezicht ook nog met andere projectmatige werkzaamheden bezig.

 

Uitgangspunt van het VTH-toezicht op het effect waterveiligheid is dat het bijdraagt aan het voorkomen, beëindigen en, indien mogelijk, laten herstellen van de gevolgen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief gevolg hebben op de waterkeringen en de bijbehorende beperkingsgebieden of een toename geven op de overstromingskans. Dit houdt tevens in dat het toezicht een bijdrage levert aan de beleidsdoelen uit het VTH-beleidsplan 2025-2029, te weten een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van het beheergebied in 2050.

 

HHNK is voornemens om in 2025 de volgende onderstaande activiteiten/werkzaamheden voor het effect waterveiligheid uit te voeren.

 

Toezicht op vergunningen

Het toezicht op vergunningen in het kader van de waterveiligheid bestaat uit inspecties bij werkzaamheden en activiteiten die uitgevoerd worden op basis van verleende vergunningen. Via het toezicht wordt gecontroleerd of de werkzaamheden volgens vergunningvoorschriften worden uitgevoerd. Voor 2025 is gepland dat de vier toezichthouders van cluster Onderhoud 4.000 uur aan deze werkzaamheden besteden. Aangezien binnen deze uren niet 100% van de verleende vergunningen kunnen worden gecontroleerd wordt risicogericht gewerkt. Hierbij wordt de prioritering uit de risicoanalyse waterveiligheid uit het VTH-beleidsplan 2025-2029 aangehouden. De hoogste prioriteit komt te liggen bij toezicht op vergunningen die betrekking hebben op het plaatsen bouwwerken op waterkering, het graven binnen beschermingszone voor kabels en leidingen en die betrekking hebben op kleine ontgravingen (bankjes, paaltjes, etc.).

 

 

Calamiteiten, meldingen/klachten en verzoeken om handhaving

Zoals bij de effecten waterveiligheid en waterkwantiteit is aangegeven heeft het VTH-toezicht op incidenten en calamiteiten waarbij veiligheid in het geding komt, klachten, meldingen en verzoeken om handhaving binnen HHNK de hoogste prioriteit. Voor 2025 worden, op grond van data uit voorgaande jaren, voor dit soort toezicht 250 zaken verwacht. Mochten meer signalen binnenkomen dan heeft dit toezicht prioriteit boven de andere werkzaamheden in het kader van VTH.

 

Actief toezicht

Actief toezicht met betrekking tot overtredingen die gevolgen kunnen hebben voor de waterveiligheid wordt uitgevoerd middels signaaltoezicht. Dat betekent dat tijdens het uitvoeren van andere werkzaamheden overtredingen worden gesignaleerd. Bij signaaltoezicht wordt de prioritering van de risicoanalyse waterveiligheid uit het VTH-beleidsplan 2025-2029 aangehouden (zie toezicht op vergunningen). In het voor- en najaar worden de dijken geschouwd waarbij wordt gecontroleerd of de waterkering nog voldoet aan de normen die voor de waterveiligheid zijn gesteld. Tijdens de voorjaarsschouw wordt ook gekeken naar mogelijke overtredingen. In het verleden ging het daarbij met name om het innemen van een ligplaats aan een dijk, het verplaatsen en aanbrengen van grond, het aanleggen van boogzinkers, terrassen, enz.. Voor 2025 wordt voor actief toezicht uitgegaan van totaal 300 toezicht zaken die aangeleverd zullen worden voor verdere afhandeling of behandeld worden door de toezichthouders.

 

 

6.4 Toezicht Vaarwater

HHNK heeft op grond van de provinciale Omgevingsverordening NH2022 de wettelijke bevoegdheid voor het beheer van om en nabij honderd kilometer aan vaarwegen in het beheergebied. HHNK dient zorg te dragen voor de instandhouding, bruikbaarheid en bescherming van deze vaarwegen en de daarbij behorende werken. Deze taak wordt door HHNK met name verricht door het uitvoeren van beheer- en onderhoudswerkzaamheden. Daarnaast is HHNK in de Omgevingsverordening aangewezen als nautisch beheerder van de eerder genoemde honderd kilometer vaarwegen én van 20.000 km "overig water" (waaronder onder andere boezem, polder- en stadswater). Het nautisch beheer is gericht op het bevorderen van een vlotte en veilige afwikkeling van het scheepvaartverkeer. Dit omvat onder andere het nemen van verkeersbesluiten, het plaatsen van borden en het actief en passief handhaven op deze bevoegdheid.

 

HHNK heeft als beleidsdoelstelling voor het effect vaarwater dat de vaarwegen veilig dienen te zijn en dat zij voldoen aan de wettelijk eisen en afspraken met de provincie Noord- Holland. De afspraken met de provincie Noord-Holland zijn gericht op vaarwegbeheer en zien daarom toe op onderhoud en beheer.

 

De activiteiten/werkzaamheden die HHNK in het kader van toezicht voor dit effect uitvoert zijn gericht op het bijdragen aan het veilig gebruik van de vaarwegen. HHNK heeft in 2025 niet de middelen om deze taak volledig uit te kunnen voeren. Het toezicht is daarom beperkt tot het afdoen van meldingen en beperkt signaaltoezicht. Het signaaltoezicht is risicogericht en sluit aan bij de risicoanalyse "vaarwater" zoals opgenomen in het VTH-beleidsplan 2025-2029. Dit betekent dat het toegespitst is op afgedankte boten en schepen en woonboten die zijn aangelegd en een veiligheidsrisico vormen voor het gebruik van de vaarwegen. Voor 2025 is er voor toezicht een inzet beoogd van 20 zaken.

7 Handhaving

7.1 Algemeen

Indien de inzet van toezicht niet leidt of kan leiden tot het gewenste resultaat dan zal HHNK overgaan tot het opleggen van sancties. Met het opleggen van sancties beoogt HHNK activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief effect hebben op de watersystemen, waterkwaliteit en waterkeringen in het beheergebied te beëindigen en, indien mogelijk, de gevolgen daarvan te laten herstellen. Door beëindiging van de overtredingen worden de negatieve effecten daarvan stopgezet.

 

7.2 Activiteiten en werkzaamheden

Binnen HHNK zijn de juridisch medewerkers van het cluster Handhaving verantwoordelijk voor de werkzaamheden met betrekking tot bestuursrechtelijke handhaving (uitgezonderd de schouwovertredingen). Ook de milieu inspecteurs besteden een deel van hun tijd aan deze taak. Daarnaast zijn zij aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) en leggen zij ook strafrechtelijke sancties op. Tot slot is het schouwteam van cluster Waterlopen van de afdeling Watersystemen verantwoordelijk voor de bestuursrechtelijke afwikkeling van de overtredingen die voort komen uit de schouwmomenten.

 

Op basis van producten zijn voor 2025 onder andere de volgende werkzaamheden/activiteiten ingepland.

 

  • Opstellen richtlijnen begunstigingstermijnen en dwangsommen

In 2025 zal een richtlijn opgesteld worden met betrekking de lengte van begunstigingstermijnen en de hoogte van dwangsommen voor de verschillende overtredingen. Met het opstellen van deze richtlijnen wordt beoogd meer duidelijkheid te scheppen aan (potentiële) overtreders welke consequenties het niet beëindigen een overtreding kan hebben. Naast het geven van transparantie zijn de richtlijnen ook bedoeld om consistent op te treden tegen vergelijkbare overtredingen. Tot slot kunnen de richtlijnen ondersteuning bieden bij het opstellen en toetsen van de brieven en besluiten.

 

  • Strafrechtelijke handhaving

Strafrechtelijke handhaving wordt ingezet wanneer er sprake is van een milieudelict. Het aantreffen van een dergelijke situatie kan voorkomen uit een toezichtmoment en is voorafgaand (vrijwel) niet te voorspellen. Op basis van ervaringen van voorgaande jaren wordt voor 2025 een voorzichtige schatting gemaakt van 15 zaken waarin HHNK of zelf strafrechtelijke handhaving inzet of hierbij betrokken is. Gezien de belangen die bij strafrechtelijke zaken betrokken zijn zullen andere werkzaamheden/activiteiten moeten wijken wanneer meer zaken zich gedurende 2025 aandienen.

 

  • Bestuursrechtelijke handhaving

Op basis van gegevens uit eerdere jaren en de uitbreiding van de capaciteit middels de functie van juridisch medewerker wordt verwacht dat in 2025 40 besluiten kunnen worden genomen. Het gaat daarbij om de last onder dwangsom, last onder bestuursdwang en invorderingsbesluiten en intrekkingsbesluiten.

 

  • Verzoeken om handhaving

Op basis van gegevens uit eerdere jaren wordt verwacht dat in 2025 15 verzoeken om handhaving dienen te worden afgehandeld. De afhandeling van deze verzoeken dient binnen een wettelijke termijn van orde te gebeuren. Dit betekent dat een hoger aantal verzoeken kan leiden tot een wijziging in de prioritering van de werkzaamheden.

 

  • Schouwteam

Het team dat zich bezighoudt met de handhaving van de overtredingen die tijdens één van de schouwmomenten worden geconstateerd heeft niet de beschikking over een zaaksysteem waaruit eenvoudig data kan worden gedestilleerd. Voor 2025 wordt daarom geen prognose gemaakt van de het aantal besluiten dat door dit team zal worden opgesteld. Voor 2025 is beoogd de producten van dit team dusdanig administratief te verwerken dat meer inzicht kan worden gekregen in de producten die worden gemaakt.

8 Mogelijke afwijkingen van planning

De toebedeelde uren/percentages gaan uit van een inschatting die met name gebaseerd is op data uit voorgaande jaren en een inschatting van het effect van verschillende ontwikkelingen. Ook wordt hierbij uitgegaan van een zekere beschikbaarheid van capaciteit binnen de VTH-organisatie waarbij een inschatting is gemaakt wanneer openstaande vacatures zijn ingevuld en gemiddelde ziekte- en verlofcijfers. Er kunnen zich echter gedurende 2025 omstandigheden voordoen die aanleiding geven tot het bijsturen van de geplande activiteiten en werkzaamheden.

 

Te denken valt aan:

  • meer meldingen, verzoeken om handhaving of calamiteiten die een inzet nodig hebben van toezicht en mogelijk handhaving. Deze activiteiten staan hoog in de prioritering en worden altijd opgevolgd. Als het aantal substantieel toeneemt, gaat dit ten koste van beschikbare tijd voor de andere geplande activiteiten;

  • tussentijdse wijzigingen in de bestuurlijke koers, zoals extra controles in het kader van de KRW. Dit kan in dat geval ten koste gaan van lager geprioriteerd toezicht;

  • impact op de beschikbare toezicht capaciteit door complexe handhavingszaken;

  • impact op de beschikbare vergunningverleningscapaciteit door complexe vergunning zaken;

  • vertrek of ziekte van medewerkers;

  • het niet opgevuld raken van openstaande vacatures;

  • onvoorziene restricties voor toezicht, bijvoorbeeld ten gevolge van vogelgriep of blauwtong;

  • meer inzet vereist is van medewerkers met een toezichthoudende taak in het kader van crisisbeheersing.

9 Kwaliteitscriteria

Op grond van de Omgevingswet geldt voor bestuursorganen die betrokken zijn bij een omgevingsdienst een zorgplicht voor een goede kwaliteit van de uitoefening van de uitvoeringstaak en de handhavingstaak. HHNK heeft geen taken weggelegd bij de omgevingsdiensten maar wil wel graag voldoen aan de zorgtaak en inzicht hebben in de kwaliteit van de VTH-organisatie, producten en werkwijze. Uit de analyse die is uitgevoerd in het kader van het VTH-beleidsplan is gebleken dat HHNK niet voldoet aan sommige zogenaamde kwaliteitscriteria. Middels het opstellen van het VTH-beleidsplan 2025-2029 en dit uitvoeringsprogramma wordt deels invulling gegeven aan de "procescriteria". De rapportage waarin dit uitvoeringsprogramma eind 2025/begin 2026 geëvalueerd wordt, geeft een verdere invulling op dit onderdeel.

 

In 2025 zal tevens een integrale systematiek voor de kwaliteitszorg worden opgesteld. Hierin zal de beoogde kwaliteit van de VTH-organisatie en de werkzaamheden worden vastgelegd en gekoppeld worden aan toetsingskaders. Nadat deze systematiek is vastgelegd, zal deze worden toegepast.

 

Bij het project om toezicht en handhaving binnen HHNK effectiever in te richten (zie hoofdstuk 3), zal aandacht worden besteed aan de relevante kwaliteitscriteria.

 

10 Borging middelen

HHNK dient over voldoende financiële en personele middelen te beschikken om de activiteiten en werkzaamheden die in dit uitvoeringsprogramma zijn opgenomen te realiseren. Deze middelen dienen tevens inzichtelijk te worden gemaakt en in de begroting te worden gewaarborgd. In dit hoofdstuk zal dit inzichtelijk worden gemaakt.

 

10.1 Personele middelen

De personele middelen die beschikbaar zijn voor de in dit uitvoeringsprogramma opgenomen activiteiten en werkzaamheden zijn opgenomen in tabel 2 en 3.

 

Vergunningen

 

Functie

Capaciteit fte

Beleidsadviseur

1,5

Adviseur vergunningen waterkeringen

1,9

Adviseur vergunningen watersystemen

2,5

Adviseur grondwater en lozingen

3,9

Vergunningverlener senior

3,3

Vergunningverlener junior

6,5

Afhandelen informatieplicht

0,3

Functioneel beheer zaaksysteem

0,5

Ondersteuning

2

Totaal

22,4

tabel 2: personele middelen vergunningen

 

Het cluster Vergunningen heeft (relatief) veel nieuwe medewerkers en meerdere vacatures in 2025. Dit heeft effect op de beschikbare tijd die kan worden ingezet voor werkzaamheden en activiteiten. Sommige medewerkers dienen nog gedeeltelijk ingewerkt te worden en/of opleidingen te volgen. Daarnaast betekent dit dat de meer complexe zaken terecht komen bij de ervaren medewerkers.

 

Toezicht en handhaving

Binnen HHNK zijn de medewerkers die zich bezighouden met het toezicht op het effect waterkwaliteit en bestuurs- en strafrechtelijke handhaving ondergebracht binnen het cluster Handhaving van de afdeling VHIJG. De meeste medewerkers voeren werkzaamheden uit die met beide aspecten te maken hebben. Dit betreft de ondersteunende functies, maar ook de functies van milieu-inspecteurs. De milieu-inspecteurs zijn tevens aangewezen als boa en zijn daarmee belast met de strafrechtelijke handhaving. Daarnaast besteden zij ongeveer 10% van hun werkbare uren aan bestuursrechtelijke handhaving.

 

 

Functie

Fte tot 1 juli 2025

Fte na 1 juli 2025

Beleidsadviseur

1,9

1

Data/kwaliteitsadviseur

0,8

0,8

Juridisch medewerker

1,9

1,9

Functioneel beheer PB

0,9

0,9

Senior milieu inspecteur

4,3

4

Milieu inspecteur

9

9

Ondersteuning

1,9

1,9

Toezichthouders cluster onderhoud

4000 uur/jaar

4000 uur/jaar

tabel 3: personele middelen toezicht en handhaving

 

Ook het cluster Handhaving heeft (relatief) veel nieuwe medewerkers in 2025. Twee milieu inspecteurs zijn in de tweede helft van 2024 gestart, twee zijn in januari 2025 begonnen en twee vacatures (senior milieu inspecteur en milieu inspecteur) waren bij het opstellen van dit uitvoeringsprogramma nog niet ingevuld. Dit heeft effect op de beschikbare tijd die kan worden ingezet voor werkzaamheden en activiteiten. Nieuwe medewerkers dienen opleidingen te volgen en bekend te raken met de organisatie, de werkzaamheden en procedures. De ervaren collega's zullen een deel van hun tijd dienen te besteden aan het begeleiden van de nieuwe medewerkers. Daarnaast zijn zij verantwoordelijk voor de meer complexe zaken die nog niet kunnen worden neergelegd bij de nieuwe medewerkers. Deze omstandigheden zijn verwerkt in het totaal aantal beschikbare toezichtsuren.

Voor het begeleiden van nieuwe collega's is bijvoorbeeld totaal 7% van de beschikbare toezichtsuren ingepland. De effectieve uren van de nieuwe collega's zijn aangepast op hun toenemende inzetbaarheid naarmate het jaar verder vordert. De juridisch medewerker functies zijn nieuw waardoor een inschatting is gemaakt wanneer de vacatures hiervoor zullen zijn opgevuld. Dit is verwerkt in de verwachtte aantallen producten bij handhaving.

 

Met cluster Onderhoud van de afdeling Waterveiligheid is overeengekomen dat de medewerkers in 2025 4.000 uur zullen besteden aan VTH-toezicht. Naast de bovenstaande uren, is er voor VTH-toezicht ook inzet vanuit cluster Gebiedsbeheer en cluster Peilbeheer en gemalen. Het betreft uren die naast de hoofdwerkzaamheden worden uitgevoerd. Deze uren kunnen variëren en zijn daarom niet opgenomen in bovenstaand overzicht. Ook de uren van adviseurs van andere afdelingen binnen HHNK zijn niet meegenomen.

 

10.2 Financiële middelen

In de begroting zijn posten opgenomen waarmee de capaciteit en middelen financieel zijn geborgd. In tabel 4 zijn de verschillende posten voor 2025 opgenomen. Het betreft het budget voor de afdeling VHIJG.

 

 

vergunningen

Toezicht en handhaving

Totaal fte

22,4

20,7

Personeelskosten

1.526.912

1.757.487

Andere middelen

72.656

52.618

Inhuur budget Impulsprogramma KRW

246.500

-

voor een nauwkeurig beeld in de posten met betrekking tot personeelskosten en middelen is een inflatiecorrectie toegepast. Dit in tegenstelling tot het MJP waar dit op centraal niveau gebeurt.

 

tabel 4: financiële middelen VTH

 

Onder de kosten voor "andere middelen" vallen de kosten voor het onderhoud van de software, kantoorartikelen en de kosten die gepaard gaan met de analyse van watermonsters bij het Waterproef laboratorium. De kosten voor de inzet van Stichting Waternet zijn verwerkt in een verzamelpost van het cluster Handhaving die in de begroting is opgenomen. De inzet van de toezichthouders van het cluster Onderhoud wordt ook geschreven op een dergelijke verzamelpost. Aangezien deze verzamelposten ook andere kosten dekken, worden de budgetten hiervan niet genoemd. De toezichthouders van andere afdelingen schrijven hun uren op posten van de taakafdelingen waarvoor toezicht wordt gehouden. Werkzaamheden met betrekking tot bezwaar en (hoger) beroep worden uitgevoerd door juristen van het cluster Juridische zaken& Grondzaken en zijn daar geborgd.

11 Monitoring

Om de prestaties en effecten van de in dit uitvoeringsprogramma werkzaamheden en activiteiten de VTH taken te kunnen beoordelen, wordt de informatie hierover voor de meeste taken vastgelegd in het zaaksysteem PowerBrowser. Indien van dit zaaksysteem geen gebruik kan worden gemaakt dan wordt de informatie via een ander systeem vastgelegd. Op deze wijze kunnen de uitgevoerde werkzaamheden en activiteiten gemonitord worden. Gedurende 2025 kan op deze wijze inzicht worden verkregen of de ingezette strategie leidt tot het doel dat gesteld is of hieraan een bijdrage levert. Mocht dit niet het geval zijn dan kan tussentijds worden bijgestuurd door de activiteiten en werkzaamheden aan te passen of te vervangen. Indien nodig vindt gedurende 2025 bijstelling van doelen en prioriteiten plaats. Bij grote wijzigingen zal het bestuur worden geraadpleegd. Eind van het jaar zal een rapportage worden opgesteld waarbij een evaluatie plaats vindt over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van de beleidsdoelen uit het VTH-Beleidsplan 2025-2029. Op basis van deze rapportage wordt beoordeeld of een actualisatie van het VTH-beleidsplan nodig is.

 

Bij de planning van de werkzaamheden en activiteiten voor het onderdeel toezicht is uitgegaan van de huidige inrichting en werkwijze. Het project gericht op de regie en inrichting van toezicht en handhaving binnen HHNK kan mogelijk leiden tot wijzigingen hierin. Wanneer dit tot gevolg heeft dat de huidige planning niet kan worden gehaald dan kan dit leiden tot aanpassing van dit uitvoeringsprogramma.

 

Aldus besloten in de vergadering van 11 februari 2025

van het college van dijkgraaf en hoogheemraden,

de secretaris,

M.J. Kuipers

de voorzitter,

ir. R.P.G. Bosma

Bijlage 1: Overzicht van activiteiten en werkzaamheden per beleidsdoel

 

In het overzicht zijn de geplande activiteiten en werkzaamheden voor 2025 gekoppeld aan het beleidsdoel waaraan een bijdrage wordt geleverd. Indien van toepassing wordt hierbij de SMART doelstelling vermeld.

 

Algemeen

 

De activiteiten en werkzaamheden die hier genoemd zijn leveren een bijdrage aan alle beleidsdoelen die betrekking hebben op alle wettelijke taken van HHNK. Het gaat daarbij om het volgende:

 

Werkzaamheden en activiteiten vergunningverlening en toezicht

  • Het versterken van het bewustzijn van ingelanden, bedrijven en organisaties waardoor het contentieus omgaan met het waterbelang bij ontwikkelingen en activiteiten en spontane naleving van wet- en regelgeving vergroot wordt door:

    • -

      het aansluiten bij en organiseren van bijeenkomsten in het kader van toezicht;

    • -

      Het betrekken van brancheorganisaties bij de voorbereiding van projectmatig toezicht;

    • -

      het geven van voorlichting en het verstrekken van informatie tijdens toezichtmomenten;

    • -

      het verstrekken van informatie op de website van HHNK over het geplande projectmatige toezicht;

    • -

      het actief informeren over de regels bij overtredingen die vaak geconstateerd worden zoals het aanleggen van verhard oppervlak en het maken van greppels op agrarische percelen behoeve van een versnelde afvoer van hemelwater, en

    • -

      het verduidelijken van de informatie op de website van HHNK over de producten van het cluster vergunningen en de activiteiten die gereguleerd zijn in de Waterschapsverordening.

  • Het voorkomen van negatieve gevolgen van de activiteiten en werkzaamheden op waterbelangen door de aanvragen en verzoeken aan de wet- en regelgeving te toetsen en hieraan, indien van toepassing, voorwaarden te verbinden.

  • Het voorafgaand aan de aanvraag om omgevingsvergunning borgen van het waterbelang en het stimuleren van water-inclusieve ruimtelijke ontwikkelingen door de mogelijkheid tot vooroverleg te bieden.

Werkzaamheden en activiteiten handhaving

  • Het behandelen van of betrokken zijn bij 15 strafrechtelijke handhavingszaken.

  • Het nemen van 40 besluiten in het kader van bestuursrechtelijke handhaving.

  • Het afhandelen van 15 verzoeken om handhaving.

Waterkwaliteit

 

De beleidsdoelen van het effect waterkwaliteit zijn als volgt:

  • Water met een goede chemische en ecologische waterkwaliteit;

  • Het leveren van een zo groot mogelijke bijdrage aan de KRW-doelen.

Een bijdrage aan deze doelen wordt bereikt door het uitvoeren van activiteiten en werkzaamheden die bijdragen aan het voorkomen en beëindigen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief effect hebben op de waterkwaliteit. Indien mogelijk wordt tevens herstel van de effecten nagestreefd.

 

Werkzaamheden en activiteiten vergunningverlening

Voor 2025 zijn de volgende werkzaamheden/activiteiten gepland die gericht zijn op het voorkomen van de bewuste activiteiten en handelingen.

 

  • Het leveren van een zo groot mogelijke bijdrage aan de KRW- doelen door:

    • -

      een kader te ontwikkelen voor het toetsen van vergunningen, plannen en projecten in het kader van de KRW;

    • -

      maatwerkregels en -voorschriften op te stellen voor de rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi's);

    • -

      bovenstaande acties af te stemmen en te optimaliseren door het betrekken van de betrokken afdelingen.

  • Het voorkomen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief effect hebben op de waterkwaliteit door het actualiseren van 80 lozingsvergunningen zodat deze voldoen aan de best beschikbare technieken (BBT) en de milieuwetgeving. Het borgen van de actualiteit van deze vergunningen door ze voor een bepaalde tijd te verlenen.

 

Werkzaamheden en activiteiten toezicht

Het toezicht is erop gericht op het voorkomen en beëindigen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief effect hebben op de waterkwaliteit. Indien mogelijk tevens herstel van de effecten. Hiervoor zijn de volgende activiteiten ingepland:

 

  • Het afhandelen van meldingen/klachten, het houden van controles naar aanleiding van verzoeken om handhaving en het leveren van inzet bij incidenten en calamiteiten: 2500 uur .

  • Het houden van toezicht middels surveillance/signaaltoezicht waarbij risicogericht wordt gewerkt: 50 mogelijke overtredingen ter afhandeling vanuit andere afdelingen (dan VHIJG).

  • Het houden van toezicht op verleende vergunningen die het mogelijk maken te lozen op oppervlaktewater. Dit toezicht is onderverdeeld in verschillende thema's/projecten.

  • Veehouderijbedrijven: het voorkomen en (indien van toepassing) beëindigen van activiteiten en handelingen die een (mogelijk) negatief gevolg hebben op de waterkwaliteit ten gevolge van nutriënten (mest en voedingsstoffen uit het voer) die vanaf het erf van veehouderijbedrijven in het oppervlaktewater terecht komen: controle van 333 bedrijven;

  • Agrarische loonwerkbedrijven:

    • -

      afronding van de geconstateerde overtredingen bij vier bedrijven uit 2024;

    • -

      beoordelen van de vergunning van 28 agrarische loonwerkbedrijven op de noodzaak tot actualisatie en hercontrole.

  • Glastuinbedrijven: controle rapportages en verkrijgen inzicht bron van mogelijke (on)bewuste lozingen: 29 bedrijven;

  • Bloembollenbedrijven: voorkomen en beëindigen overtredingen met betrekking tot gewasbeschermingsmiddelen door:

    • -

      controle 150 bedrijven;

    • -

      geven van voorlichting op bijeenkomsten/voorlichtingsavonden.

  • Tulpenbroeiers, controle op lozen broeiwater (gewasbeschermingsmiddelen): 40 bedrijven;

  • Teeltvrije zone/mestvrije zone: juist gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en meststoffen binnen de teeltvrije/mestvrije zone: 150 bloembollenteelt- en akkerbouwbedrijven.

  • Industrie & bedrijven:

    • -

      controle en bemonsteren en/of beoordelen toegezonden analyseresultaten: minimaal 30 bedrijven in bezit van lozingsvergunning;

    • -

      Bedrijven die onder de Seveso richtlijn: inzicht verkrijgen op de wijze waarop deze controles door Stichting Waternet worden uitgevoerd en de resultaten daarvan.

  • rwzi's: werkzaamheden gericht op het behoud/bevorderen van een goede chemische en ecologische waterkwaliteit door:

    • -

      controle naar aanleiding van naar verwachting totaal 30 meldingen;

    • -

      inspectie vier rwzi's in beheergebied Wetterskip Fryslân;

    • -

      controle acht rwzi's in beheergebied HHNK op het voldoen aan de (vergunning)voorschriften;

    • -

      voorbereiding op nieuwe wetgeving door overleg afdeling Waterketen.

  • Vergisters: inspectie illegale lozingen: minimaal 2 vergisters.

  • Baggerdepots: controle verontreinigende stoffen: 21 depots HHNK.

  • Microverontreinigingen/zeer zorgwekkende stoffen (ZZS): controle proefinstallatie aan voorwaarden maatwerkvoorschrift: 40 uur.

  • Grondwaterontrekkingen: controle naleving vergunning voorwaarden: 25 vergunningen >15.000 m3/maand.

  • Hercontrole aansluiting woonboten: hercontrole aansluiting riolering: 65 woonboten in regio Alkmaar.

  • Antifouling: voorkomen en beëindigen biociden in oppervlaktewater door:

    • -

      voorlichting gebruik van antifouling op de HISWA;

    • -

      voorlichting en controle juist gebruik anitifouling bij vijf 5 jachthavens.

  • Koppeling dossiers lozingsvergunningen/toezicht: de nog openstaande dossiers koppelen en koppeling borgen in werkprocessen.

  • Inzet van 10% van de werkbare uren voor samenwerking in het toezicht met andere handhavingspartners.

  • Inzet van 10% van de werkbare uren voor onvoorziene werkzaamheden.

Waterkwantiteit

Het beleidsdoel van het effect waterkwantiteit luidt: Niet te veel en niet te weinig water in normale en extreme weersomstandigheden.

Een bijdrage aan dit doel wordt bereikt door het uitvoeren van activiteiten en werkzaamheden die bijdragen aan het voorkomen en beëindigen van activiteiten en handelingen van derden die een (mogelijk) negatief effect hebben op de watersystemen of bijdragen aan water-inclusieve ruimtelijke ontwikkelingen. Daarnaast, indien mogelijk, tevens herstel van de negatieve effecten. Hiervoor zijn de volgende activiteiten ingepland:

 

Werkzaamheden en activiteiten toezicht

  • controle op tenminste 80% van de omgevingsvergunningen die in 2025 worden uitgevoerd op het voldoen aan voorwaarden in vergunning.

  • controle op tenminste 95% van de informatieplichten met geo-component of deze is uitgevoerd en starten toezicht traject bij evidente overtredingen.

  • afhandelen ongeveer 2000 meldingen/klachten, calamiteiten en uitvoeren werkzaamheden voortkomend uit verzoeken om handhaving.

  • aanleveren of behandelen 2.000 toezicht zaken op effect waterkwantiteit.

  • vier thema controles op onderwerpen hoogste score risicoanalyse waterkwantiteit.

  • het nemen van passende actie op overtredingen voortvloeiend uit de najaarsschouw.

Waterveiligheid

Het beleidsdoel van het effect waterveiligheid luidt: Een klimaatbestendige en waterrobuuste inrichting van het beheergebied in 2050. Een bijdrage aan dit doel wordt bereikt door activiteiten en werkzaamheden die bijdragen aan voorkomen en beëindigen van activiteiten en handelingen van derden die een (mogelijk) negatief effect hebben op de waterkeringen en de bijbehorende beperkingsgebieden of een toename geven op de overstromingskans. Tevens activiteiten formuleren die bijdragen aan het klimaatbestendig en waterrobuust inrichten van het beheergebied. Daarnaast, indien mogelijk, tevens herstel van de negatieve effecten. Hiervoor zijn de volgende activiteiten ingepland:

 

Werkzaamheden en activiteiten toezicht

  • toezicht op vergunningen: 4.000 uur

  • meldingen/klachten, calamiteiten, werkzaamheden i.v.m. verzoeken om handhaving: 250 zaken

  • actief toezicht: aanleveren of behandelen 300 toezicht zaken door de toezichthouders.

Vaarwegen

Het beleidsdoel van het effect waterveiligheid luidt: veilige vaarwegen die voldoen aan de wettelijk eisen en afspraken met de provincie Noord- Holland.

Een bijdrage aan dit doel wordt bereikt door het uitvoeren van activiteiten en werkzaamheden die bijdragen aan het veilig gebruik van de vaarwegen.

 

Werkzaamheden en activiteiten toezicht

  • Het afhandelen 20 meldingen m.b.t afgedankte boten en schepen en woonboten die zijn aangelegd en een veiligheidsrisico vormen voor het gebruik van de vaarwegen.

Organisatie

HHNK heeft als beleidsdoel voor de organisatie gesteld dat voldaan moet worden aan de zorgplicht met betrekking tot een goede kwaliteit van de uitoefening van de uitvoeringstaak en de handhavingstaak. Een bijdrage aan dit doel wordt bereikt door het uitvoeren van activiteiten en werkzaamheden die bijdragen aan het (blijven) voldoen aan de zorgplicht. Hiervoor zijn de volgende activiteiten ingepland:

 

Algemeen

  • het opstellen van een integrale systematiek voor de kwaliteitszorg waarmee de beoogde kwaliteit van de VTH-organisatie en de werkzaamheden worden vastgelegd en gekoppeld worden aan toetsingskaders. Nadat deze systematiek is vastgelegd, zal deze worden toegepast.

Werkzaamheden en activiteiten vergunningverlening

  • Het afronden van de actualisatie van de kennisbank vergunningen en het actueel houden hiervan. Hiermee wordt een bijdrage beoogd aan de juiste en uniforme afhandeling van de verschillende producten van vergunningen. Daarnaast kan de kennisbank ingezet worden als hulpmiddel/naslagwerk voor nieuwe medewerkers.

  • Het bevorderen van de kwaliteit van de producten door in te zetten op het voldoen aan de systematiek voor kwaliteitszorg wanneer deze voltooid is, het organiseren van themasessies, gebruik te maken aanwezige kennis van collega's en het realiseren van een opleidingsplan om te borgen dat de medewerkers voldoende kennis verkrijgen om hun taken uit te kunnen voeren met de gewenste kwaliteit.

  • Het versterken van de samenwerking Cluster vergunningen met andere afdelingen door:

    • -

      inzicht te krijgen in de wederzijdse behoefte aan informatie/advisering en zover mogelijk tot een afstemming te komen hoe de informatie-uitwisseling en advisering te borgen;

    • -

      afstemmen en borgen van aanvragen/verzoeken die grond in eigendom van HHNK raken met het cluster Juridische zaken en Grondzaken van de afdeling VHIJG.

  • Het vastleggen van de coördinatieregeling in de werkprocessen.

  • Het afronden van het opstellen van werkformats in verband met de invoering van een bodememissietoets. Tevens het afronden van de opleiding om deze toets te kunnen beoordelen door alle adviseurs vergunningen en vergunningverleners.

Werkzaamheden en activiteiten handhaving

  • Het opstellen van richtlijnen met betrekking tot begunstigingstermijnen en dwangsommen. Dit ter bevordering van de transparantie , het consistent op kunnen treden tegen vergelijkbare overtredingen en ter ondersteuning bij het opstellen en toetsen van de brieven en besluiten.

  • Het dusdanig administratief verwerken van de producten van het schouwteam dat inzicht kan worden gekregen in de aantal en soort producten die worden gemaakt.

Naar boven